Gemeenteblad van Haarlem
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Haarlem | Gemeenteblad 2025, 569082 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Haarlem | Gemeenteblad 2025, 569082 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Nadere regels Woonurgentie Zuid-Kennemerland/IJmond: Haarlem 2026
Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen
In aanvulling op artikel 1 van de Huisvestingsverordening Zuid-Kennemerland/IJmond, Haarlem 2026 wordt in de nadere regels verstaan onder:
Wmo-instelling: een instelling voor kortdurende opvang, maatschappelijke opvang en beschermd wonen waar onderdak en de daarbij behorende toezicht en begeleiding wordt geboden aan personen die zich niet op eigen kracht kunnen handhaven in de samenleving, zonder dat sprake is van een directe huurrelatie, waarbij de ondersteuning van de aanbieder is gericht op het bevorderen van zelfredzaamheid en participatie.
Artikel 1.2.1 Benodigde gegevens en stukken voor de aanvraag
De aanvrager dient bij de aanvraag van de urgentiecategorie in ieder geval de volgende stukken in:
Omvang van en het aantal thuiswonende kinderen behorend tot het huishouden van de aanvrager. Bij de indeling in een urgentiecategorie wordt gekeken naar de samenstelling van het huishouden vóór of bij het ontstaan van het huisvestingsprobleem. Tot het huishouden worden de leden van het huishouden gerekend die op het moment van de aanvraag voldoen aan de volgende drie voorwaarden:
Hoofdstuk 2 Algemene weigeringsgronden urgentie
Artikel 2.1. Uitwerking weigeringsgrond artikel 2.3.11 eerste lid, onder a. HVV: Het huishouden voldoet niet aan de criteria voor vergunningverlening
De aanvraag voldoet niet aan de algemene criteria voor een huisvestingsvergunning als vastgelegd in artikel 2.1.2 van de verordening en wordt als gevolg daarvan afgewezen, indien:
Artikel 2.2 Uitwerking weigeringsgrond artikel 2.3.11, eerste lid, onder b HVV: Er is geen sprake van een urgent woonprobleem
Er is in ieder geval geen sprake van een urgent huisvestingsprobleem waarvoor indeling in een urgentiecategorie mogelijk is bij de volgende op zichzelf staande situaties:
Problemen gerelateerd aan het huishouden
Problemen met de huidige woonsituatie
Artikel 2.3 Uitwerking weigeringsgrond artikel 2.3.11, onder c. HVV: Het huishouden kon het probleem voorkomen of oplossen
Er is in ieder geval sprake van een huisvestingsprobleem dat redelijkerwijs te voorkomen is of op andere wijze op te lossen is, indien:
Problemen met de huidige woonsituatie
Problemen gerelateerd aan het huishouden
de aanvrager publieke voorzieningen op het gebied van zorg, hulp en ondersteuning kan inroepen, zoals het realiseren van een traplift of andere woningaanpassingen die de gemeente in het kader van de Wmo mogelijk maakt, hulp bij het huishouden of vervoersvoorzieningen, wijkverpleging, thuiszorg, maatschappelijk werk, schuldhulpverlening, geestelijke gezondheidszorg of jeugdhulp;
Artikel 2.4 Uitwerking weigeringsgrond artikel 2.3.11, onder d. HVV: Het huisvestingsprobleem is een gevolg van verwijtbaar doen of laten
Er is in ieder geval sprake van een huisvestingsprobleem dat als gevolg van een verwijtbaar doen is ontstaan, indien de aanvrager of een lid van zijn huishouden:
een passende woonruimte heeft aangeboden gekregen en dit woningaanbod geweigerd heeft in de periode dat aannemelijk werd dat er sprake was van een huisvestingsprobleem aangaande de huidige woonruimte, tot tenminste twee jaar voorafgaand aan het indienen van de aanvraag, tenzij hier aantoonbaar een goede reden voor is geweest;
Hoofdstuk 3 Urgentiecategorieën
Artikel 3.1 Uitwerking artikel 2.3.4 HVV: Wettelijke groepen
Om in aanmerking te komen voor een mantelzorgurgentie (artikel 2.3.4. lid 1 onder b Huisvestingsverordening) moet de mantelzorg voldoen aan de volgende voorwaarden:
de afstand tussen de woning van de mantelzorgontvanger en de mantelzorgverlener is groter dan wat reëel en haalbaar is om adequate mantelzorg te kunnen verlenen. Onder een redelijke en billijke afstand wordt verstaan een reisafstand tot 5 km bij 1 keer per dag hulpverlening. Bij een voortdurende zorgvraag kan de zorgvrager feitelijk niet alleen wonen. Een urgentie biedt dan geen oplossing.
Artikel 3.2 Uitwerking artikel 2.3.5 HVV: Medische redenen
Om in aanmerking te komen voor een urgentie op grond van medische redenen moet voldaan worden aan de volgende voorwaarden:
De situatie is niet als zodanig dat de aanvrager meer gebaat is bij de inzet van een voorliggende voorziening (zoals medische of psychische zorg, of begeleiding). Hiervan is in ieder geval sprake als de aanvrager beschikt over een beschikking voor een maatwerkvoorziening voor opvang of beschermd wonen.
Artikel 3.3 Uitwerking artikel 2.3.5 HVV: Sociale redenen
Indien onder lid 1, onder b. scheiding of verbroken partnerschap de achterliggende oorzaak is achter de aanvraag van urgentie, gelden de volgende aanvullende voorwaarden:
indien na relatiebreuk één van de ouders over passende woonruimte beschikt – ongeacht gemaakte afspraken over de verdeling van de kinderen -, worden de kinderen niet als dakloos beschouwd, tenzij de ouder die over woonruimte beschikt via een gerechtelijke uitspraak het ouderlijk gezag is ontnomen of de kinderen niet heeft erkend of als de veiligheid van het kind aantoonbaar in het geding is.
Indien onder 3.3.1 onder c. geweld of ernstige bedreiging de oorzaak is achter de aanvraag voor een urgentie, gelden de volgende aanvullende voorwaarden:
Woningzoekende heeft te maken met woonomstandigheden die niet langer dan drie maanden kunnen voortduren:
in geval van geweld of bedreiging door een ander dan een ex-partner of huisgenoot, dient de aanvrager een verklaring te overhandigen waaruit blijkt dat de aanvrager uit veiligheidsredenen niet langer in de eigen woning kan verblijven, ook niet na een opgelegd of eventueel op te leggen straatverbod of contactverbod. De gemeente zal een rapport bij de politie opvragen voor controle van de verklaring;
Artikel 3.4 Uitwerking artikel 2.3.6 HVV: Stadsvernieuwingsurgentie
Om in aanmerking te komen voor een stadsvernieuwingsurgentie moet voldaan worden aan de volgende voorwaarden:
aanvragers die woonruimte in corporatiebezit huren met een huurovereenkomst voor onbepaalde tijd en deze minimaal 1 jaar geleden zijn aangegaan, die de betreffende woonruimte als hoofdverblijf hebben en rechtmatig bewonen, komen in aanmerking voor de stadsvernieuwingsurgentie na afgifte van het peildatumbesluit van het college. Het peildatumbesluit bevat de datum waarop de stadsvernieuwingsurgentie ingaat.
Artikel 3.5 Uitwerking artikel 2.3.7 HVV: Uitstroomregeling Pact
Indien de aanvrager in aanmerking komt voor een uitstroomurgentie ontvangt deze een driehoekscontract waarbij de woningzoekende direct van de woningcorporatie huurt. In de huurovereenkomst is een koppelbeding met minimaal twee jaar verplichte woonbegeleiding opgenomen met een zorgorganisatie die partij is bij het convenant Uitstroomregeling Pact voor Uitstroom.
Indien binnen de ondersteuningsvraag van de aanvrager de slagingskans richting zelfstandig wonen hoger lijkt door de inzet van intermediaire verhuur verhuurt de woningcorporatie de woning die wordt aangeboden op basis van de urgentieverklaring, in eerste instantie aan de zorgorganisatie. De zorgorganisatie stelt de woning ter beschikking aan de aanvrager. Bij deze intermediaire verhuur geldt een koppelbeding met minimaal twee jaar verplichte woonbegeleiding met een zorgorganisatie die partij is bij het convenant Uitstroomregeling Pact voor Uitstroom.
Artikel 3.6 Uitwerking artikel 2.3.8 HVV – Overig
Om in aanmerking te komen voor een urgentie op grond van het definitief moeten verlaten van diens woonruimte door natuurgeweld of een niet door eigen opzet ontstane calamiteit (bijv. brand, ernstige waterschade, explosie of acuut ernstige funderingsgebreken) (artikel 2.3.8, eerste lid onder a, HVV) moet voldaan worden aan de volgende voorwaarden:
Artikel 3.7 Uitwerking artikel 2.3.9 HVV: Inschrijftijdverlenging.
Op grond van artikel 2.3.9 HVV kan de inschrijftijd van aanvragers die voldoen artikel 2.3.9 lid 1 en 2 en 5 van de HVV verhoogd worden. Het college bepaalt op advies van de beleidscommissie woonruimteverdeling, waarin gemeenten en woningcorporatie zitting hebben, jaarlijks voor 1 juli de inschrijftijd waarnaar wordt verhoogd. (Tot 1 juli 2026 wordt de inschrijftijd verlengt naar 8 jaar).
Wanneer urgentie wordt verkregen, wordt een zoekprofiel opgesteld die is gebaseerd op een vergelijkbare situatie als de huidige woonsituatie met dien verstande dat het leidt tot de meest sobere oplossing voor de urgente woonsituatie, waarbij in beginsel geen recht op nieuwbouw en een eengezinswoning wordt verkregen.
Artikel 4.2 Het vinden van een woning
In beginsel zoeken aanvragers met een urgentieverklaring zelf via Woonservice naar een woning die past binnen het zoekprofiel (artikel 2.3.3. lid 11 van de Huisvestingsverordening), met uitzondering van statushouders (artikel 2.3.8 onder b Huisvestingsverordening, uitstromers uit instellingen (artikel 2.3.7 Huisvestingsverordening en, indien het sociaal statuut daar aanleiding voor geeft, stadsvernieuwingsurgenten (finaal aanbod).
Statushouders en uitstromers uit instellingen worden bemiddeld door de woningcorporatie naar passende woonruimte.
Bezitters van een urgentieverklaring, als bedoeld in artikel 4.2. kunnen zelf via Woonservice zoeken en gedurende 26 weken, vanaf de datum van afgifte, met voorrang boven andere woningzoekenden in aanmerking komen voor een passende woning binnen het toegewezen zoekprofiel. Stadsvernieuwingsurgenten kunnen met voorrang zoeken gedurende 78 weken vanaf de datum van afgifte. Deze termijnen kunnen eenmalig met 26 weken worden verlengd, indien geen passende woonruimte is vrijgekomen.
Hoofdstuk 5 Overige bepalingen
Op grond van artikel 4.2.2 van de HVV is het college bevoegd in gevallen waarin de toepassing van deze nadere regels naar hun oordeel tot een bijzondere hardheid leidt ten gunste van de aanvrager af te wijken van deze nadere regels.
Aldus vastgesteld in de vergadering van 18 november 2025,
de secretaris,
mr. C.M. Lenstra
de burgemeester,
drs. J. Wienen
Het college heeft de uitvoering van urgentieverlening in een apart mandaatbesluit uitbesteed aan Woonservice. Woningnet verzorgt de eerste intake voorafgaand aan een aanvraag urgentieverklaring zelfstandige woonruimte. Als een woningzoekende daarna kiest om een urgentie aan te vragen, wordt een aanvraagformulier ingevuld en ingenomen (artikel 2.3.10 lid 1 Huisvestingsverordening). Woonservice controleert de gegevens en stukken die de aanvrager bij de ingediende aanvraag heeft aangeleverd en zorgt voor dossiervorming.
Woonservice kan in mandaat van het college een deskundig advies inwinnen om vast te stellen of de aanvraag aan alle criteria voldoet. Indien bij de beoordeling van de aanvraag door de toetsingscommissie blijkt dat er sprake is van medische of sociale omstandigheden die een rol spelen bij de aanvraag voor urgentie kan Woonservice in mandaat van het collegeadvies vragen aan een medisch of sociaal adviseur.
In afwijking van lid 1 t/m 5 wordt een aanvraag voor stadsvernieuwingsurgentie ingediend bij het college door de woningcorporatie. Het college toetst of bewoners van complexen in verband met sloop of ingrijpende renovatie of herstructurering van het gebied waarin de complexen zijn gelegen, redelijkerwijze niet langer dan twee jaar meer kan bewonen. Het college bepaalt de peildatum waarop een stadsvernieuwingsurgentie ingaat.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2025-569082.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.