Gemeenteblad van Súdwest-Fryslân
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Súdwest-Fryslân | Gemeenteblad 2025, 568977 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Súdwest-Fryslân | Gemeenteblad 2025, 568977 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Algemene subsidie Verordening 2026 gemeente Súdwest-Fryslân
Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen
In deze verordening en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
waarderingssubsidie: een subsidie die als blijk van waardering wordt verstrekt voor activiteiten die de inwoners van de gemeente ten goede komen. De activiteiten worden doorgaans uitgevoerd door vrijwilligers, zonder directe koppeling tussen de kosten van de activiteiten en de hoogte van de subsidie.
Deze verordening is van toepassing op de verstrekking van subsidies die bijdragen aan de doelen op de beleidsterreinen die in de programmabegroting zijn opgenomen.
Artikel 6 De aanvraag - algemeen
Bij een aanvraag om een budgetsubsidie kan het college aanvullend op de gegevens in lid 2 de aanvrager ook verplichten de volgende gegevens te overleggen:
een beschrijving van de doelen en resultaten die daarmee worden nagestreefd en hoe de activiteiten aan dat doel bijdragen. In bijzonder ook in welke mate de activiteiten gericht zijn op de gemeente of haar inwoners. Bij een subsidieaanvraag van meer dan € 150.000 worden de doelen ook weergegeven in kwantitatieve prestatie-indicatoren. De prestatie-indicatoren worden in overleg met de gemeente bepaald;
Het college beslist op een aanvraag om een incidentele subsidie binnen 13 weken na ontvangst van de volledige aanvraag, dan wel, indien een regeling daartoe de mogelijkheid biedt, binnen 13 weken na de uiterste indieningtermijn voor het aanvragen van de subsidie. Het college kan deze termijn eenmalig met 13 weken verlengen.
Hoofdstuk 3 Verplichtingen van de subsidieontvanger
Artikel 13 Tussentijdse rapportage
Bij subsidies die verleend worden voor activiteiten die minstens een jaar in beslag nemen, kan het college de verplichting opleggen tussentijds verantwoording af te leggen over de verrichte activiteiten en de daarbij horende uitgaven en inkomsten.
Artikel 17 Aan een subsidie te verbinden andere verplichtingen
Het college kan bij subsidieregeling of verleningsbeschikking een (inspannings)verplichting opleggen ten aanzien van inzet voor Social return. Het gaat hierbij om jaarlijkse of incidentele subsidies van meer dan € 250.000. De subsidieontvanger moet in dat geval minimaal 2% van de totale subsidie aanwenden om Social return te bevorderen. De inzet wordt door de subsidieontvanger geregistreerd op een in de verleningsbeschikking voorgeschreven wijze.
Het college kan van lid 3 afwijken als de activiteiten voortkomen uit een wettelijke taak of gefinancierd worden vanuit rijksgelden, provinciale gelden of als het gaat om het doorgeven van subsidie. Mocht het subsidiebedrag voor een deel uit niet gemeentelijke gelden bestaan, dan telt dit deel niet mee bij het bepalen of er een (inspannings)verplichting opgelegd kan worden.
In dit hoofdstuk en daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
de-minimisverordening: verordening (EU) nr. 1407/2013 van de Commissie van 18 december 2013 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag op de-minimissteun (PbEU L 352), verordening (EU) nr. 1408/2013 van de Commissie van 18 december 2013 inzake de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag op de-minimissteun in de landbouwproductiesector (PbEU L 352/9) en verordening (EU) nr. 717/2014 van de Commissie van 27 juni 2014 inzake de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag op de-minimissteun in de visserij- en aquacultuursector (PbEU L 190/45), dan wel later daarvoor in de plaats tredende Europese regelgeving;
Artikel 25 Beslistermijn staatssteun
Indien naar het oordeel van het college de subsidieverlening als staatssteun kan worden aangemerkt dan wel het risico met zich meebrengt dat de subsidieverlening als staatssteun kan worden aangemerkt, is de beslistermijn op de aanvraag maximaal drie maanden na ontvangst van de volledige aanvraag ten behoeve van onderzoek naar de ongeoorloofdheid van de steun.
Bij aanvragen om een subsidie die overeenkomstig artikel 108, lid 3 van het Verdrag worden aangemeld bij de Europese Commissie, wordt de termijn verdaagd totdat de Europese Commissie een eindbeslissing heeft genomen. Binnen vier weken na het oordeel van de Europese Commissie beslist het college definitief op de aanvraag.
Artikel 26 Weigering subsidie staatssteun
Het college trekt beschikkingen tot subsidieverlening of -vaststelling in of wijzigt deze ten nadele van de ontvanger indien de subsidieverlening of –vaststelling in strijd is met de artikelen 107, 108 en 109 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie betreffende staatssteun, daaruit voortvloeiende richtlijnen, of met een verplichting ingevolge een ander door de staat gesloten verdrag.
Artikel 29 Geen evaluatieverslag
Artikel 4:24 van de Algemene wet bestuursrecht is niet van toepassing voor subsidies die op basis van deze verordening zijn verleend.
Het overgangsrecht is niet van toepassing op artikel 15, lid 3, onder d, van de Algemene Subsidieverordening 2020 gemeente Súdwest-Fryslân. De grens voor het aanleveren van een controleverklaring wordt met de inwerkingtreding van de nieuwe Algemene Subsidieverordening gemeente Súdwest-Fryslân 2026 ook verruimd van € 50.000 tot € 150.000 voor subsidies die zijn verleend op grond van Algemene Subsidieverordening 2020 gemeente Súdwest-Fryslân en nog moeten worden vastgesteld.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2025-568977.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.