Gemeenteblad van Meerssen
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Meerssen | Gemeenteblad 2025, 568328 | ander besluit van algemene strekking |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Meerssen | Gemeenteblad 2025, 568328 | ander besluit van algemene strekking |
Visie Subsidiebeleid Meerssen 2026
Dit document beschrijft de visie van de gemeente Meerssen met betrekking tot de inzet van het instrument subsidies.
De gemeente Meerssen vindt het belangrijk om met subsidies initiatieven mogelijk te maken die bijdragen aan het welzijn van haar inwoners en de realisatie van gemeentelijk beleid. In deze nota worden de uitgangspunten, doelen en procedures uiteengezet die de gemeente hanteert bij het verstrekken van subsidies.
Met dit visiedocument legt de gemeente Meerssen de inhoudelijke uitgangspunten vast voor de inzet van subsidies. De juridische borging vindt plaats via de Algemene Subsidieverordening (ASV) Meerssen 2026, die gelijktijdig door de gemeenteraad wordt vastgesteld. Samen vormen dit visiedocument en de ASV het fundament voor een transparant, uitvoerbaar en rechtmatig subsidiekader.
2 Aanleiding en Voorgeschiedenis
Voorafgaand aan de herijking van het subsidiebeleid zijn in de gemeente Meerssen diverse bijeenkomsten en presentaties georganiseerd om informatie op te halen uit de samenleving. Tijdens deze consultatieronde is breed verkend wat er leeft bij inwoners, verenigingen en organisaties ten aanzien van subsidies. Uit deze gesprekken zijn tien verbeterpunten naar voren gekomen die als belangrijke input hebben gediend voor de voorliggende nota. Het gaat daarbij om:
Deze opbrengsten vormen een belangrijke onderbouwing voor de keuzes en uitgangspunten die in dit subsidiebeleid zijn vastgelegd. De in deze nota opgenomen uitgangspunten en keuzes geven een concreet antwoord op deze verbeterpunten. Daarmee biedt dit nieuwe subsidiebeleid meer duidelijkheid, kortere doorlooptijden, een betere aansluiting bij gemeentelijke doelen, evenwichtige verantwoordingslast en een solide financiële basis.
Het subsidiebeleid heeft als doel het versterken van de maatschappelijke samenhang en sociale cohesie, het stimuleren van participatie, en het bevorderen van een rijk en gevarieerd aanbod op het gebied van cultuur, sport, welzijn, zorg en leefbaarheid. Daarbij streeft de gemeente ernaar organisaties zoveel mogelijk te ondersteunen in hun ontwikkeling naar zelfstandigheid, zodat zij op eigen kracht kunnen bijdragen aan het maatschappelijk leven. Subsidies zijn een belangrijk instrument om beleid te realiseren en samenwerking met maatschappelijke partners te versterken.
Uit de participatiebijeenkomsten is gebleken dat het vorige subsidiestelsel bestond uit veel verschillende vormen, die voor inwoners en organisaties niet altijd even duidelijk waren. Met dit beleidskader wordt daarom ingezet op vereenvoudiging en transparantie: minder varianten, beter herkenbare regelingen en duidelijke voorwaarden.
De gemeente Meerssen verstrekt de volgende typen subsidies, elk met een eigen functie binnen het subsidiebeleid:
De gemeente subsidieert activiteiten die passen binnen vastgestelde beleidsdoelen en een aantoonbaar maatschappelijk effect hebben. Activiteiten dienen toegankelijk te zijn voor inwoners van Meerssen en moeten bijdragen aan het algemeen belang, niet uitsluitend aan individueel of commercieel belang.
De Visie Subsidiebeleid vormt samen met de Algemene Subsidieverordening Meerssen het kader waarbinnen subsidies worden verstrekt: dit visiedocument beschrijft de inhoudelijke en beleidsmatige uitgangspunten, terwijl de ASV de juridische grondslag en procedurele regels bevat.
Subsidies worden zoveel mogelijk verstrekt binnen de kaders van gemeentelijk beleid. Voor de gemeente Meerssen zijn onder andere de volgende kaders richtinggevend:
Op basis van deze kaders kan de gemeente per jaar beleidsmatige prioriteiten vaststellen, die vervolgens leiden tot accenten in de subsidieverlening.
Bij de beoordeling van subsidieaanvragen hanteert de gemeente zowel algemene als specifieke criteria. Algemene criteria zijn onder meer: doelmatigheid, effectiviteit, samenwerking met andere partijen en financiële onderbouwing. Specifieke criteria kunnen per categorie of regeling verschillen en worden opgenomen in nadere subsidieregels die worden uitgewerkt op basis van dit beleidskader.
De gemeente Meerssen streeft naar een samenhangend subsidiebeleid waarin aanvragen in onderlinge verbinding worden beoordeeld en samenwerking tussen instellingen wordt gestimuleerd. Daartoe wordt gebruikgemaakt van een integrale ambtelijke afstemming, waar aanvragen worden getoetst op hun bijdrage aan gemeentelijke beleidsdoelen, de kwaliteit van de activiteiten en de mate van samenwerking met andere partijen.
Voor organisaties die een kernpositie innemen binnen de sociale basisinfrastructuur hanteert de gemeente duidelijke subsidieplafonds per subsidiecategorie of taakveld. Binnen deze plafonds is ruimte voor flexibiliteit en maatwerk: onderbesteding op de ene taak kan, binnen de grenzen van het vastgestelde plafond, worden benut voor extra inzet bij een andere taak, mits passend binnen het beleid.
De gemeente houdt daarbij rekening met het gelijkheidsbeginsel en recente jurisprudentie van de Raad van State, waarin is benadrukt dat subsidies niet exclusief op naam van afzonderlijke organisaties mogen worden toegekend indien ook andere partijen in aanmerking zouden kunnen komen. In dergelijke gevallen maakt de gemeente een zorgvuldige afweging tussen het instrument subsidie en het instrument inkoop om te waarborgen dat zowel mededinging als beleidsdoelmatigheid worden gewaarborgd.
Daarnaast hecht de gemeente waarde aan goede afstemming met regiogemeenten. Wanneer activiteiten onderdeel uitmaken van regionale afspraken, wordt vooraf overleg gevoerd in het daartoe ingerichte regionale portefeuillehoudersoverleg of met betrokken gemeenten en instellingen. Hiermee wordt doublure voorkomen en wordt de beschikbare capaciteit zo efficiënt mogelijk ingezet.
9 Cofinanciering en eigen inbreng
De gemeente stimuleert organisaties om waar mogelijk zelf bij te dragen aan de financiering van hun activiteiten, bijvoorbeeld via eigen middelen, bijdragen van deelnemers of bijdragen van derden (zoals fondsen of sponsors). Cofinanciering versterkt de gezamenlijke verantwoordelijkheid en bevordert de duurzaamheid van maatschappelijke initiatieven.
De gemeente beoordeelt per aanvraag in hoeverre sprake is van een evenwichtige financieringsmix. Bij aanvragen zonder aantoonbare of substantiële eigen inbreng moet duidelijk worden gemotiveerd waarom cofinanciering niet haalbaar of wenselijk is. In de nadere subsidieregels kan het college dit uitgangspunt nader concretiseren, bijvoorbeeld door richtlijnen te geven over vormen van eigen bijdragen of de wijze waarop cofinanciering wordt meegewogen in de beoordeling.
10 Flexibiliteit en ruimte voor maatschappelijke dynamiek
Het subsidiebeleid van Meerssen is primair gericht op transparantie en rechtmatigheid en opereert zoveel mogelijk binnen de vastgestelde wettelijke kaders (ASV en Subsidieplafonds). Desondanks onderkent de gemeente dat flexibiliteit essentieel is voor innovatie en ontwikkeling. Deze dynamiek wordt via twee routes geborgd:
1. Ruimte voor Innovatie binnen de vastgestelde subsidieplafonds
De gemeente stimuleert organisaties om binnen de reguliere kaders te vernieuwen. Binnen de vastgestelde subsidieplafonds reserveert het College budgettaire ruimte specifiek voor innovatie en experiment. Dit is de voorkeursroute om organisaties te stimuleren af te wijken van traditionele activiteiten of nieuwe samenwerkingsverbanden te initiëren. Het College kan een deel van het reguliere subsidieplafond toewijzen aan dergelijke innovatieve aanvragen om te borgen dat de plafonds de ontwikkeling en vernieuwing actief faciliteren.
2. Buitenwettelijke subsidiëring:
Wanneer maatschappelijke initiatieven zich voordoen die door hun aard, omvang of urgentie echt niet kunnen worden gefaciliteerd binnen de bestaande regelingen of de gereserveerde innovatieruimte, behoudt het College de bevoegdheid om maatwerk te bieden. Dit geschiedt via de buitenwettelijke route op grond van artikel 4:23, lid 3, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
Deze bevoegdheid wordt enkel ingezet voor projecten van tijdelijke aard (maximaal vier jaar) die expliciet dienen om een pilot of experiment te faciliteren. Het College zal de toekenning motiveren en een succesvol buitenwettelijk project zal na de pilotfase altijd worden beoordeeld op verankering in de reguliere subsidieregels van Meerssen.
11 Maatwerk en hardheidsclausule
De gemeente Meerssen vindt het belangrijk dat het subsidiebeleid recht doet aan uiteenlopende situaties. Daarom is er ruimte voor maatwerk, mits dit goed gemotiveerd wordt. In uitzonderlijke gevallen kan het college afwijken van de bepalingen van dit beleid of van de nadere subsidieregels. Dit gebeurt alleen wanneer strikte toepassing voor de aanvrager of ontvanger zou leiden tot onevenredige gevolgen in verhouding tot het te dienen belang.
De hardheidsclausule biedt het college de mogelijkheid om in bijzondere omstandigheden een andere termijn of afwijkende bepaling vast te stellen, zodat redelijkheid en billijkheid in het subsidieproces zijn gewaarborgd.
12 Subsidieplafonds en methodiek
Het proces rond subsidieverlening kent een heldere, jaarlijkse methodiek. Aan het begin van het kalenderjaar stelt het college voorlopige subsidieplafonds op voor het daaropvolgende jaar. Deze voorlopige plafonds worden gebaseerd op de subsidietoekenningen en beleidsontwikkelingen van het voorgaande jaar, en vormen het uitgangspunt voor het subsidieproces. Uiterlijk op 1 juni worden deze voorlopige subsidieplafonds door het college formeel vastgesteld.
Vanaf 1 juli kunnen instellingen hun jaarlijkse subsidieaanvragen indienen op basis van deze voorlopige plafonds. Voor projectmatige activiteiten geldt dat de aanvraag uiterlijk 13 weken voorafgaand aan de activiteit moet zijn ingediend.
Specifiek voor evenementensubsidies wordt een onderscheid gemaakt op basis van het veiligheidsrisico. Voor evenementen met een laag of gemiddeld veiligheidsrisico (A- en B-evenementen) dient de aanvraag uiterlijk 16 weken voorafgaand aan het evenement of de activiteit te zijn ingediend. Voor evenementen met een hoog veiligheidsrisico (de zogenaamde C-evenementen), dient een aanvraag uiterlijk 24 weken voorafgaand aan het evenement te worden ingediend. Dit maakt een integrale afweging mogelijk waarbij aanvragen voor evenementensubsidies en de eventueel benodigde vergunningen gezamenlijk worden behandeld.
De beoordeling van aanvragen verloopt afhankelijk van de aard van de organisatie: bij professionele maatschappelijke organisaties vindt een integrale ambtelijke weging plaats, waarin aanvragen gezamenlijk worden beoordeeld op kwaliteit, beleidsmatige relevantie, financiële onderbouwing en samenwerking. Regionale afstemming maakt onderdeel uit van de beoordeling van deze subsidies (zie ook de paragraaf Samenhang en Samenwerking). Bij overige aanvragen wordt een lichtere, meer informele beoordeling toegepast, passend bij de schaal en omvang van de subsidie.
Op basis van de beoordelingen stelt de gemeente een concept-subsidieprogramma op, waarin een integraal overzicht wordt gegeven van alle voorgenomen subsidietoekenningen. Dit programma wordt parallel aan het gemeentelijke begrotingsproces uitgewerkt, zodat het aansluit op de financiële kaders van de gemeente. Na de vaststelling van de gemeentelijke begroting door de gemeenteraad, doorgaans in november, stelt het college het definitieve subsidieprogramma vast. Dit programma bevat een overzicht van alle subsidies die worden verleend in het komende jaar, inclusief de definitieve plafonds. Indien nodig kunnen de plafonds in dit stadium nog worden aangepast. De individuele subsidiebeschikkingen worden uiterlijk op 31 december verstuurd aan de betrokken instellingen.
Deze werkwijze biedt duidelijkheid en voorspelbaarheid aan zowel subsidieaanvragers als gemeentelijke uitvoerders. Tegelijkertijd draagt de methodiek bij aan de beheersbaarheid van het totale subsidievolume, doordat aanvragen tijdig en binnen vastgestelde plafonds worden beoordeeld en onbedoelde groei van subsidielasten wordt voorkomen.
Zie hieronder voor een schematische weergave van het subsidieproces:
13 Voorbeeld indicatieve subsidieplafonds
Onderstaande indeling laat zien hoe de gemeente Meerssen werkt met subsidieplafonds per domein en categorie. De plafonds worden jaarlijks door het college vastgesteld binnen de door de raad vastgestelde begroting, waarbij er rekening wordt gehouden met beleidsprioriteiten en maatschappelijke ontwikkelingen.
14 Indexering en bijstelling van subsidieplafonds
De plafonds voor subsidies aan niet-professionele organisaties kunnen jaarlijks worden aangepast aan de ontwikkeling van prijzen. Dit wordt gedaan door het jaarlijks indexeren van de subsidieplafonds op basis van de consumentenprijsindex (CPI). Daarmee wordt geborgd dat de subsidie aansluit bij de reële kostenontwikkeling van organisaties en ontstaat er een voorspelbare lastendruk en een betrouwbare subsidieverstrekking.
Belangrijk is dat het college de mogelijkheid behoudt om gemotiveerd af te wijken van de indexeringssystematiek, bijvoorbeeld wanneer de financiële positie van de gemeente daartoe aanleiding geeft.
15 Verantwoording en vaststelling
Subsidies worden verstrekt op basis van vertrouwen. In beginsel gaan wij ervan uit dat activiteiten volgens afspraak worden uitgevoerd, tenzij er signalen zijn die op het tegendeel wijzen. Om dit vertrouwen te borgen, wordt steekproefsgewijs gecontroleerd op de naleving van subsidiebepalingen.
De verantwoordingslast wordt proportioneel afgestemd op de hoogte van de subsidie, conform de Algemene Subsidieverordening Meerssen:
Indien er vermoedens bestaan dat subsidies worden misbruikt of aangewend voor criminele activiteiten, kan de gemeente besluiten tot nader onderzoek, onder meer via toepassing van de Wet Bibob. Ook worden subsidieontvangers gehouden aan relevante wet- en regelgeving, waaronder de Wet normering topinkomens (WNT) en toepasselijke CAO’s. Bij niet-naleving volgen passende maatregelen, zoals terugvordering of – in ernstige gevallen – het doen van aangifte.
Door de verantwoordingslasten proportioneel te koppelen aan de hoogte van de subsidie, waarborgen we enerzijds de doelmatigheid en rechtmatigheid van de besteding van publieke middelen en beperken we anderzijds de administratieve lasten voor instellingen. Daarmee sluit de werkwijze aan bij de uitgangspunten van de gemeente Meerssen: vertrouwen, maatwerk en evenredigheid.
In deze paragraaf wordt de rol van de gemeenteraad, het college van burgemeester en wethouders en de ambtelijke organisatie van de gemeente Meerssen uiteengezet.
De gemeenteraad bepaalt de uitgangspunten voor het subsidiebeleid. Enerzijds gebeurt dit door het vaststellen van beleidsnota’s op verschillende beleidsterreinen, waarin maatschappelijke doelen en effecten worden benoemd. Daarbij kan de raad aangeven welke beleidsinstrumenten worden ingezet, zoals specifieke subsidieregelingen, om maatschappelijke partners in staat te stellen bij te dragen aan deze doelen. Anderzijds stelt de raad het beleid vast ten aanzien van de inzet van het instrument subsidie, zoals verwoord in deze nota, en de Algemene subsidieverordening (ASV). Ook stelt de raad de financiële kaders vast door middel van de jaarlijkse programmabegroting.
De raad stelt zowel de beleidsnota subsidiebeleid als de Algemene subsidieverordening (ASV) vast. Daarmee bepaalt de raad de inhoudelijke uitgangspunten én juridische kaders waarbinnen subsidies worden verleend.
Het college is verantwoordelijk voor de uitvoering van het subsidiebeleid. Dit omvat het opstellen en vaststellen van subsidieregelingen, het bepalen van subsidieplafonds, de behandeling en beoordeling van aanvragen, het toekennen of weigeren van subsidies en het vaststellen en controleren van de verantwoording.
Het college legt jaarlijks verantwoording af aan de gemeenteraad via de begroting en jaarrekening, waarin een aparte paragraaf over subsidies wordt opgenomen. Daarnaast publiceert de gemeente in een openbaar subsidieregister de verleende subsidies.
Het college mandateert een groot deel van de uitvoering van het subsidieproces aan de ambtelijke organisatie. De ambtelijke organisatie voert het proces uit binnen de kaders van de ASV en de nadere subsidieregelingen. Bij afwijkingen van beleid of regels besluit het college en informeert, indien nodig, de raad.
17 Indirecte vormen van ondersteuning
Naast financiële subsidies kan de gemeente ook op andere manieren bijdragen, bijvoorbeeld door inzet van gemeentelijke capaciteit (zoals de buitendienst die verkeersvoorzieningen plaatst bij evenementen). Dit soort bijdragen vallen in formele zin niet onder subsidie en maken daarom geen onderdeel uit van het beleidskader. Indien ambtelijke capaciteit nadrukkelijk onderdeel uitmaakt van een subsidiebeschikking, worden de uren en bijbehorende kosten expliciet meegenomen. Daarbij wordt rekening gehouden met de toepasselijke regels rond staatssteun.
18 Digitalisering en automatisering
De gemeente Meerssen onderkent de noodzaak van een helder proces voor subsidieverstrekking en een vlotte afhandeling van subsidieaanvragen. Subsidieaanvragers moeten eenvoudig en snel subsidie kunnen aanvragen en te allen tijde op de hoogte worden gehouden van de status van hun aanvraag. Hiervoor dient een toegankelijk digitaal loket te worden ingericht middels een daarop ingerichte digitale omgeving waarmee het proces van subsidieaanvraag tot subsidiebeschikking wordt geborgd en inzichtelijk wordt gemaakt. Hiermee komt de gemeente Meerssen haar verantwoordelijkheid voor een transparante en ordelijke uitvoering van het subsidiebeleid na.
Met deze beleidsnota geeft de gemeente Meerssen richting en duidelijkheid aan de wijze waarop subsidies worden ingezet, verdeeld en verantwoord. Het subsidiebeleid sluit aan bij de gemeentelijke beleidsdoelstellingen en draagt bij aan transparantie, voorspelbaarheid en beheersbaarheid van het subsidievolume. Dit visiedocument vormt daarmee de uitgangspunten voor het college en de gemeentelijke organisatie bij de uitvoering van subsidieregelingen, en biedt maatschappelijke partners een helder en betrouwbaar kader bij hun samenwerking met de gemeente.
Door het visiedocument en de Algemene subsidieverordening in samenhang vast te stellen, legt de gemeenteraad zowel de beleidsmatige uitgangspunten als de juridische borging van het subsidiebeleid vast. Zo wordt geborgd dat inhoud, uitvoering en verantwoording op elkaar aansluiten.
Dit visiedocument wordt in principe eens per raadsperiode geëvalueerd en, indien nodig, herzien. Daarbij wordt aangesloten bij de evaluatie van de Algemene Subsidieverordening, zodat beleidsmatige uitgangspunten en juridische instrumenten in samenhang kunnen worden bezien en geactualiseerd.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2025-568328.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.