Verordening hondenbelasting Ouder-Amstel 2026

De raad van de gemeente Ouder-Amstel,

 

gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 18 november 2025 met kenmerk 2025/70;

 

gelet op artikel 226 van de Gemeentewet;

 

B E S L U I T vast te stellen de:

 

VERORDENING HONDENBELASTING OUDER-AMSTEL 2026

Artikel 1. Belastbaar feit

Onder de naam “hondenbelasting” wordt een directe belasting geheven ter zake van het houden van een hond binnen de gemeente.

Artikel 2. Belastingplicht

  • 1.

    Belastingplichtig is de houder van een hond.

  • 2.

    Als houder wordt aangemerkt degene die onder welke titel dan ook een hond onder zich heeft, tenzij blijkt dat een ander de houder is.

  • 3.

    Het houden van een hond door een lid van het huishouden wordt aangemerkt als het houden van een hond door de in artikel 231, tweede lid, onderdeel b, van de Gemeentewet bedoelde gemeenteambtenaar aan te wijzen lid van dat huishouden.

Artikel 3. Vrijstellingen

De belasting wordt niet geheven ter zake van honden, die:

  • 1.

    uitsluitend dienen om blinde personen te leiden;

  • 2.

    door de “Stichting sociale honden voor gehandicapten Nederland”, de “Stichting Hulphond Nederland” of door een vergelijkbare instelling als gehandicaptenhond of als hulphond aan een gehandicapte ter beschikking zijn gesteld;

  • 3.

    in een hondenasiel verblijven als bedoeld in artikel 1, onderdeel c, van het Honden- en Kattenbesluit 1999, welk asiel is opgenomen in het centraal register bedoeld in artikel 5, tweede lid, van genoemd besluit;

  • 4.

    uitsluitend ten verkoop of aflevering in voorraad worden gehouden in een bedrijfsinrichting als bedoeld in artikel 1, onderdeel b, van het Honden- en Kattenbesluit 1999, welke inrichting is opgenomen in het centraal register bedoeld in artikel 5, tweede lid, van dat besluit;

  • 5.

    jonger zijn dan drie maanden, voor zover zij tezamen met de moederhond worden gehouden.

Artikel 4. Maatstaf van heffing

De belasting wordt geheven naar het aantal honden dat wordt gehouden.

Artikel 5. Belastingtarief

  • 1.

    De belasting bedraagt per belastingjaar per hond € 87,51.

  • 2.

    In afwijking van het voorgaande lid bedraagt de belasting voor honden, gehouden in kennels die zijn geregistreerd bij de Raad van beheer op kynologisch gebied in Nederland, per kennel € 517,23.

  • 3.

    Het tweede lid blijft buiten toepassing indien belastingplichtige schriftelijk verzoekt de verschuldigde belasting vast te stellen naar het werkelijke aantal honden indien blijkt dat dit bedrag lager is dan het op voet van het tweede lid bepaalde bedrag.

  • 4.

    Voor de toepassing van de vorige volzin wordt het totaal van op een aanslagbiljet verenigde verschuldigde bedragen hondenbelasting of andere heffingen aangemerkt als één belastingbedrag.

Artikel 6. Belastingjaar

Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar.

Artikel 7. Wijze van heffing

De belasting wordt bij wege van aanslag geheven.

Artikel 8. Aangifte

  • 1.

    De houder van een hond is verplicht binnen twee weken na het ontstaan van de belastingplicht dit te melden aan de heffingsambtenaar.

  • 2.

    Als het aantal gehouden honden toeneemt dient de houder dit binnen twee weken te melden aan de heffingsambtenaar.

  • 3.

    Melding gebeurt schriftelijk, of digitaal via de website van het Samenwerkingsverband Amstelland, www.gemeentebelastingenamstelland.nl.

Artikel 9. Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang

  • 1.

    De belasting is verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht.

  • 2.

    Als de belastingplicht in de loop van het jaar aanvangt, dan wel het aantal honden in de loop van het belastingjaar toeneemt, is de belasting, respectievelijk de hogere belasting ter zake van het toegenomen aantal honden, verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, respectievelijk de toename van het aantal honden, nog volle kalendermaanden overblijven.

  • 3.

    Als de belastingplicht in de loop van het jaar eindigt, dan wel het aantal honden in de loop van het belastingjaar vermindert, bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht respectievelijk de vermindering van het aantal honden, nog volle kalendermaanden overblijven.

Artikel 10. Termijnen van betaling

  • 1.

    In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de aanslagen worden betaald in twee gelijke termijnen waarvan de eerste termijn vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de tweede twee maanden later.

  • 2.

    In afwijking van het eerste lid geldt, in geval het totaalbedrag van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen, of als het aanslagbiljet maar één aanslag bevat het bedrag daarvan, minder is dan € 10.000 en zolang de verschuldigde bedragen door een automatische betalingsincasso van de betaalrekening van de belastingschuldige kunnen worden afgeschreven in dat geval moeten de aanslagen worden betaald in negen opeenvolgende gelijke, met uitzondering van kleine afrondingsverschillen, maandelijkse termijnen. De eerste termijn vervalt één maand na de dagtekening van het aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen telkens een maand later.

  • 3.

    De Algemene Termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen.

Artikel 11. Kwijtschelding

  • 1.

    Bij de invordering van hondenbelasting wordt geen kwijtschelding verleend voor de belasting die wordt geheven voor het aantal honden dat boven het aantal van één wordt gehouden.

  • 2.

    Bij de invordering van hondenbelasting wordt in afwijking van de Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990 het percentage voor de berekening van de kosten van bestaan vastgesteld op 100 percent.

Artikel 12. Inwerkingtreding en citeertitel

  • 1.

    De Verordening hondenbelasting Ouder-Amstel 2025 vervalt met ingang waarop deze verordening in werking is getreden, met dien verstande dat zij van toepassing blijft:

    • a.

      op belastbare feiten die in het geldende tijdvak van de Verordening hondenbelasting Ouder-Amstel 2025 hebben plaatsgevonden of

    • b.

      zolang deze verordening geen rechtskracht heeft gekregen.

  • 2.

    Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag na die van bekendmaking maar niet eerder dan 1 januari 2026.

  • 3.

    De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2026.

  • 4.

    Deze verordening kan worden aangehaald als “Verordening hondenbelasting Ouder-Amstel 2026”.

De raad voornoemd, 18 december 2025,

de raadsgriffier,

L.W.F. Örsçek-Moolenaar

de voorzitter,

S.C.T. de Roy van Zuidewijn-Rive

VERORDENING HONDENBELASTING OUDER-AMSTEL 2026 IN EENVOUDIGE TAAL

 

De verordening in eenvoudige taal heeft als doel wetteksten meer begrijpelijk te maken. Deze tekst vervangt de wettelijke tekst niet.

 

Artikel 1. Wanneer betaalt u hondenbelasting

U betaalt hondenbelasting als u een hond heeft in de gemeente.

 

Artikel 2. Wie moet betalen

  • 1.

    Degene waarbij de hond is, ook tijdelijk. Tenzij u kunt bewijzen dat iemand anders de houder is.

  • 2.

    Woont u samen? Dan wijst de gemeente één persoon in het huishouden aan die verantwoordelijk is voor de belasting.

Artikel 3. Wanneer betaalt u geen hondenbelasting

U hoeft geen belasting te betalen voor:

  • blindengeleidehonden;

  • hulphonden zijn van erkende stichtingen voor gehandicapten;

  • honden in een hondenasiel;

  • honden in een erkende fokkerij en alleen voor verkoop worden gehouden;

  • honden jonger dan 3 maanden die bij hun moeder verblijven.

Artikel 4. Hoe wordt de hondenbelasting berekend

De belasting hangt af van het aantal honden dat u heeft.

 

Artikel 5. Hoeveel hondenbelasting moet u betalen

  • 1.

    U betaalt € 87,51 per jaar per hond.

  • 2.

    Heeft u een erkende kennel? Dan betaalt u € 517,23 per jaar.

  • 3.

    Is het goedkoper om per hond te betalen? Dan kunt u vragen om het lagere tarief te betalen. Alle bedragen op één aanslag worden samen als één bedrag gezien.

Artikel 6: Belastingjaar

Het belastingjaar is hetzelfde als het kalenderjaar.

 

Artikel 7: Hoe betaalt u

De belasting wordt via een aanslag betaald.

 

Artikel 8. Melding doen

  • 1.

    U moet binnen 2 weken melden dat u een hond heeft.

  • 2.

    Krijgt u extra honden? Meld dit ook binnen 2 weken.

  • 3.

    U kunt melden per post of via www.gemeentebelastingenamstelland.nl.

Artikel 9. Vanaf wanneer betaalt u hondenbelasting

  • 1.

    U betaalt vanaf het begin van het jaar of vanaf het moment dat u een hond krijgt.

  • 2.

    Krijgt u later in het jaar een hond of meer honden? Dan betaalt u alleen voor de maanden die nog over zijn.

  • 3.

    Doet u een hond weg? Dan krijgt u geld terug voor de maanden die nog over zijn.

Artikel 10: Betalingstermijnen

De belasting moet in twee gelijke delen worden betaald, behalve als u automatisch betaalt. Dan mag u in 9 keer betalen.

 

Artikel 11. Kwijtschelding

  • 1.

    U krijgt geen kwijtschelding voor hondenbelasting als u meer dan één hond heeft.

  • 2.

    Voor het berekenen van uw kosten van bestaan gebruikt de gemeente 100% van de norm.

Artikel 12: Vanaf wanneer gelden deze regels

Deze verordening vervangt de verordening van 2025 en gaat in op 1 januari 2026.

Naar boven