Verordening tot wijziging van de Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Tilburg, 2025.3  

De raad van de gemeente Tilburg;

 

  • -

    gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders;

  • -

    gelet op artikel 149 Gemeentewet

Besluit

de volgende verordening vast te stellen:

 

Verordening tot wijziging van de Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Tilburg, 2025.3

Artikel I  

De Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Tilburg wordt als volgt gewijzigd:

 

  • A.

    Er wordt een nieuw artikel 15a vastgesteld. Dit artikel luidt als volgt:

Artikel 15a.

Aanleg van kabelgoten voor elektrische voertuigen.

  • 1.

    Een kabelgoot is een systeem dat wordt gebruikt om kabels te beschermen, te geleiden en te organiseren en wordt met behulp van speciaal ontwikkelde tegels opgenomen in het trottoir.

  • 2.

    Het is verboden zonder voorafgaande melding aan het college een kabelgoot ten behoeve van het opladen van een elektrisch voertuig aan te leggen in de weg.

  • 3.

    Het college kan gebieden aanwijzen waar geen kabelgoot wordt toegestaan.

  • 4.

    Bij de melding wordt een situatieschets overgelegd waarop de locatie van de perceelgrens, het trottoir en de beoogde ligging van de kabelgoot zijn aangegeven, alsmede een foto van de bestaande situatie.

  • 5.

    Het college kan aan de aanleg van een kabelgoot voorschriften verbinden.

  • 6.

    Het college kan de aanleg van een kabelgoot verbieden indien dit schade toebrengt aan de weg, gevaar oplevert voor de bruikbaarheid van de weg of voor het doelmatig of veilig gebruik daarvan, dan wel een belemmering kan vormen voor het doelmatig beheer en onderhoud van de weg.

  • B.

    Artikel 26a wordt gewijzigd en komt te luiden:

Artikel 26a.

Kennisgevingsevenementen.

  • 1.

    Geen vergunning als bedoeld in artikel 26, eerste lid, is vereist voor een kennisgevingsevenement indien de organisator deze uiterlijk 6 weken voordat deze zal plaatsvinden heeft gemeld bij de burgemeester door middel van het door de burgemeester vastgestelde kennisgevingsformulier.

  • 2.

    Van een kennisgevingsevenement is sprake indien:

    • a.

      Het bedrijfsfeesten op eigen locatie betreft

    • b.

      Het kleine activiteiten in de openbare ruimte betreft met de volgende voorwaarden:

      • Het is een evenement in de openlucht.

      • Maximaal 500 bezoekers en deelnemers.

      • Er worden geen dieren gebruikt, los van de dieren die onderdeel uitmaken van de dagelijkse bedrijfsvoering op de locatie van het evenement.

      • Geen alcohol geschonken bedrijfsmatig.

      • Geen tijdelijke ruimte waar 150 personen (of meer) gelijktijdig in aanwezig zijn.

      • Geen doorgaande wegen afgesloten. hoeven te worden.

      • De activiteit vindt tussen 8.00 - 24.00 uur plaats (voor zon- en feestdagen geldt een begintijd van niet eerder dan 13.00 uur vanwege de Zondagswet.

      • Het geluidsniveau niet meer bedraagt dan 70 dB(A) gemeten op 2 meter afstand van de dichtstbij zijnde gevels van woningen. Tot maximaal 22:00 uur, van 22:00 tot 24:00 uur geldt een norm van 50 dB(A).

      • Geen extra politiecapaciteit nodig is.

  • 3.

    De burgemeester bevestigt de ontvangst van het kennisgevingsformulier. De burgemeester kan binnen vier weken na ontvangst van het kennisgevingsformulier besluiten het organiseren van een kennisgevingsevenement te verbieden indien daardoor de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid of het milieu in gevaar komt.

  • 4.

    De organisator dient aan een toezichthouder op eerste verzoek een ontvangstbevestiging van het kennisgevingsformulier te tonen.

  • 5.

    Indien naar het oordeel van de burgemeester uit nieuwe feiten of omstandigheden na het verstrijken van de termijn als bedoeld in het derde lid, er vrees bestaat voor verstoring van de openbare orde of gevaar bestaat voor de openbare veiligheid, de volksgezondheid of het milieu, kan de burgemeester het organiseren van een kennisgevingsevenement verbieden.

  • C.

    Artikel 32 wordt gewijzigd en komt te luiden:

Artikel 32.

Sluitingsuur.

  • 1.

    Het is de houder van een inrichting als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onder a verboden deze voor bezoekers geopend te houden: op maandag tot en met donderdag van 02.00 tot 06.00 uur en op vrijdag, zaterdag en zondag van 03.00 tot 06.00 uur.

  • 2.

    Het is de houder van een inrichting als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onder a, sub 1, welke inrichting geheel is gelegen in het horecaconcentratiegebied, verboden deze voor bezoekers geopend te houden van 04.00 uur tot 06.00 uur. Het is verboden bezoekers nog toe te laten na 03.00 uur.

  • 3.

    Het is de houder van een inrichting als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onder a sub 2, welke inrichting geheel is gelegen in het horecaconcentratiegebied, verboden deze voor bezoekers geopend te houden van 05.00 tot 06.00 uur.

  • 4.

    Het is de houder van een inrichting als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onder a, waar enkel daghoreca is toegestaan verboden deze voor bezoekers geopend te houden van 23.00 tot 07.00 uur.

  • 5.

    Het is de houder van een inrichting als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onder a, gevestigd in of behorend bij een gebouw dat in hoofdzaak gebruikt wordt voor activiteiten van sportieve, sociaal-culturele, educatieve, levensbeschouwelijke of godsdienstige aard verboden deze voor bezoekers geopend te houden: op maandag tot en met donderdag van 00.00 uur tot 06.00 uur en op vrijdag, zaterdag en zondag van 01.00 tot 06.00 uur.

  • 6.

    De burgemeester kan aan individuele houders van een exploitatievergunning onder door hem te bepalen voorschriften, ontheffing verlenen van de verboden ingevolge het eerste tot en met het vijfde lid voor ten hoogste 8 maal per jaar.

  • 7.

    De burgemeester kan in bijzondere gevallen dan wel bij bijzondere gebeurtenissen van tijdelijke aard onder door hem te bepalen voorschriften, ontheffing verlenen van de verboden ingevolge het eerste tot en met het vijfde lid.

  • 8.

    De in het eerste tot en met derde lid opgenomen verboden gelden niet in de nacht van 31 december op 1 januari: er geldt dan geen sluitingsuur.

  • 9.

    De in het eerste en tweede lid opgenomen verboden gelden niet:

    • a.

      op de zondag tot en met de dinsdag waarop de openbare carnavalsviering plaatsvindt,

      op tweede paasdag,

      op Koningsdag en de dag daarna

      op Hemelvaartsdag

      op tweede Pinksterdag,

      op de dag na tweede Kerstdag:

      het verbod geldt dan tussen 04.00 uur en 06.00 uur.

    • b.

      in de nacht waarop de zomertijd ingaat:

      • 1)

        voor inrichtingen die geheel buiten het horecaconcentratiegebied zijn gelegen geldt het verbod dan tussen 04.00 en 06.00 uur;

      • 2)

        voor inrichtingen die geheel binnen het horecaconcentratiegebied zijn gelegen geldt het verbod dan tussen 05.00 en 06.00 uur.

  • 10.

    De in het tweede en derde lid opgenomen verboden gelden niet in de nacht waarin de Meimarkt plaatsvindt.

  • 11.

    Het in het derde lid opgenomen verbod geldt niet in de nacht waarop de zomertijd ingaat.

  • D.

    Paragraaf 2b ‘Exploitatievergunning waterpijpcafé/shishalounge’ van afdeling 3 ‘Toezicht op openbare inrichtingen’ van hoofdstuk 2 ‘Openbare orde’ van de APV met de artikelen 45aa t/m 45dd en de daarbij behorende toelichting wordt ingetrokken;

Artikel II  

Deze verordening treedt in werking daags na haar bekendmaking.

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van

de griffier,

In overeenstemming met het ondertekeningsmandaat raadsstukken worden raadsbesluiten alleen door de griffier ondertekend.

Naar boven