In afdeling 2.3 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is geregeld onder welke voorwaarden
elektronisch berichtenverkeer mogelijk is tussen burgers en bestuursorganen. Het is mogelijk
om (bestuurlijke ) berichten langs elektronische weg aan een bestuursorgaan te zenden; de
Algemene wet bestuursrecht bepaalt echter dat dit uitsluitend kan als het betreffende
bestuursorgaan uitdrukkelijk kenbaar heeft gemaakt dat deze weg is geopend.
Het besluit heeft betrekking op zienswijzen, bezwaarschriften en verzoeken op grond van de Wet
open overheid, die bij de raad, het college of de burgemeester kunnen worden ingediend,
uitgezonderd personele bezwaren.
Bezwaarschriften op het gebied van belastingen en inzake de Wet waardering onroerende zaken
(WOZ) vallen niet onder dit besluit; deze worden namelijk ingediend bij, en afgedaan door, de
Heffings- en Invorderingsambtenaar.
Openstelling van de elektronische weg betekent overigens niet dat bestuurlijke berichten niet
meer op de gebruikelijke wijze kunnen worden ingediend; deze berichten kunnen nog steeds –
naast elektronische indiening – schriftelijk worden ingediend.
In aanvulling op de regels die op grond van de Awb gelden voor elektronisch berichtenverkeer,
kan het bestuursorgaan nadere regels vaststellen omtrent het gebruik van de elektronische weg.
Gedacht kan dan worden aan regels omtrent het te gebruiken webformulier, ondertekening,
technische specificaties, etc. Hierdoor kunnen berichten die niet aan de voorgeschreven regels
voldoen, worden geweigerd.
Door middel van onderhavig besluit dragen de raad en de burgemeester hun bevoegdheid om
nadere regels vast te stellen over aan het college.
De onderhavige openstelling van de elektronische weg geldt niet voor aanvragen. Voor diverse
aanvragen geldt binnen de gemeente al dat deze via elektronische weg ingediend kunnen
worden; daarom zijn aanvragen buiten dit besluit gelaten.