Gemeenteblad van Westland
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Westland | Gemeenteblad 2025, 565939 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Westland | Gemeenteblad 2025, 565939 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Financiële verordening 2025 gemeente Westland
De raad van de gemeente Westland;
gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 4 november 2025.
gelet op het bepaalde in artikel 212 van de Gemeentewet;
gehoord het advies van de commissie Bestuur en Economie van 27 november 2025 en gehoord de beraadslagingen van onderhavige vergadering;
vast te stellen de volgende verordening:
Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen
In deze verordening wordt verstaan onder:
overheidsbedrijf: onderneming met privaatrechtelijke rechtspersoonlijkheid, niet zijnde een personenvennootschap met rechtspersoonlijkheid, waarin de gemeente, al dan niet tezamen met een of meer andere publiekrechtelijke rechtspersonen, in staat is het beleid te bepalen of een onderneming in de vorm van een personenvennootschap, waarin een publiekrechtelijke rechtspersoon deelneemt.
Hoofdstuk 2. Begroting en verantwoording
Artikel 3. Planning en controlcyclus
Voor de aanvang van een begrotingsjaar biedt het college een overzicht aan met daarin de data voor in ieder geval het aanbieden door het college van de jaarstukken, de begroting met de meerjarenraming en de eventueel nader te benoemen overige sturingsinformatie/rapportages.
Artikel 4. Inrichting begroting en jaarstukken
Bij de uiteenzetting van de financiële positie in de begroting wordt van de nieuwe investeringen per investering het benodigde investeringskrediet weergegeven en wordt van de lopende investeringen het geautoriseerde investeringskrediet en de raming van de uitputting van het investeringskrediet in het lopende boekjaar weergegeven.
Bij de uiteenzetting van de financiële positie in begroting wordt in aanvulling op het bepaalde in artikel 20 en artikel 21 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten inzicht gegeven in de ontwikkeling van de schuldpositie als gevolg van de begroting, de meerjarenraming, de investeringen en de grondexploitatie.
Het college biedt jaarlijks in overeenstemming met de in artikel 3 genoemde planning en controlcyclus aan de raad een nota aan met een voorstel voor het beleid en de financiële kaders van de begroting voor het volgende begrotingsjaar en de meerjarenraming. De raad behandelt deze nota eveneens in overeenstemming met de in artikel 3 genoemde planning en controlcyclus.
Artikel 6. Autorisatie begroting en investeringskredieten
Voor overige investeringen legt het college een voorstel voor het autoriseren van het investeringskrediet aan de raad voor. Dit gebeurt bij voorkeur tijdens het actualisatiemoment van het Meerjaren Investeringsplan (MIP). Indien dit niet mogelijk is, kan het college via een afzonderlijk raadsvoorstel op een ander moment goedkeuring vragen aan de raad.
Indien het college voorziet dat een geautoriseerd lastenbudget dreigt te worden overschreden dan wel de baten de geautoriseerde baten dreigen te onderschrijden, meldt het college dit aan de raad door middel van een separaat voorstel dan wel uiterlijk in het eerstvolgende specifieke rapportagemoment volgens de in artikel 3 genoemde P&C-cyclus, beide met inbegrip van een voorstel voor wijziging van het budget of voor bijstelling van het beleid.
Voor een investering die niet is opgenomen in de begroting en het MIP legt het college een voorstel voor het vaststellen van een investeringskrediet aan de raad voor. Dit gebeurt bij voorkeur tijdens het actualisatiemoment van het MIP. Indien dit niet mogelijk is, kan het college via een afzonderlijk raadsvoorstel op een ander moment goedkeuring vragen aan de raad.
Artikel 6a. Meerjaren Investeringsplanning (MIP)
Per investering wordt in het MIP inzicht geboden in de omvang van het investeringskrediet, waarbij het krediet bestaat uit zowel uitgaven als bijbehorende inkomsten die afzonderlijk door de raad moeten worden geautoriseerd, evenals de looptijd, de kapitaallasten en, per jaarschijf, de verwachte kasstromen voor de komende 4 jaar vanuit investeringsuitgaven, bijdragen van derden.
Het toevoegen van nieuwe projecten aan het MIP vindt in beginsel plaats bij de eerste actualisatie medio juli, gelijktijdig met de kadernota. Hierdoor kunnen college en raad een integrale afweging maken over prioritering, financiële ruimte en beleidsdoelen. In de kadernota worden de kapitaallasten van deze nieuwe meerjarig verwerkt.
Artikel 7. Tussentijdse rapportage
De tussenrapportages bevatten een uiteenzetting van de relevante ontwikkelingen en risico’s, de post onvoorzien conform artikel 5 lid 4, de financiële afwijkingen van het beleid en een overzicht met de bijstelling van de raming van:
In de tussentijdse rapportages en jaarstukken worden afwijkingen op de oorspronkelijke ramingen van de baten en lasten van producten en investeringskredieten in de begroting groter dan € 100.000 toegelicht.
Artikel 8. Wensen en bedenkingen over grote onderwerpen
Het college besluit, voor zover niet voorzien in de geautoriseerde begroting, niet over:
dan nadat de raad is geïnformeerd over het voornemen en hiertoe in de gelegenheid is gesteld zijn wensen en bedenkingen ter kennis van het college te brengen.
Als het Rijk de gemeente bericht dat alle gemeenten samen het collectieve aandeel van gemeenten in het EMU-tekort, bedoeld in artikel 3, zesde lid, van de Wet houdbare overheidsfinanciën, hebben overschreden, informeert het college de raad of een aanpassing van de begroting nodig is. Als het college een aanpassing nodig acht, doet het college een voorstel voor het wijzigen van de begroting als onderdeel van de reguliere P&C-cyclus.
Artikel 10. Overheveling programmabudget en resterende bestedingen reserves
Het college legt voorstellen voor budgetoverheveling en voor resterende bestedingen reserves bij tussentijdse rapportages en/of de jaarstukken ter vaststelling voor aan de raad. Voorstellen voor budgetoverheveling zijn getoetst aan de volgende criteria:
Na goedkeuring van de jaarstukken worden de over te hevelen budgetten via een begrotingswijziging toegevoegd aan het nieuwe begrotingsjaar.
Bij de vaststelling van de eerste bijstelling van het nieuwe begrotingsjaar in de vorm van een P&C-document wordt de actualisatie van de bestedingsplannen via een begrotingswijziging geraamd in het nieuwe begrotingsjaar.
Voor zover er voorafgaand aan bovenstaande begrotingsbijstellingen in het begin van het nieuwe begrotingsjaar activiteiten worden uitgevoerd zonder dat formeel de begroting door de raad is gewijzigd worden deze tijdelijke budgetoverschrijdingen geacht te passen binnen het beleid van de raad.
Hoofdstuk 3. Rechtmatigheidsverantwoording
Artikel 12. Voorwaardencriterium
Het voorwaardencriterium is het criterium van rechtmatigheid, dat betrekking heeft op de eisen die worden gesteld bij de uitvoering van de financiële beheershandelingen. De eisen/voorwaarden zijn afkomstig uit diverse wet- en regelgeving en hebben betrekking op aspecten als doelgroep, termijn, grondslag, administratieve bepalingen, normbedragen, bevoegdheden, bewijsstukken, recht, hoogte en duur.
Burgemeester en wethouders bieden de raad jaarlijks voor aanvang van de accountantscontrole op de jaarstukken ter vaststelling een normenkader rechtmatigheid aan. Dit kader bestaat uit alle relevante (interne) wet- en regelgeving waaruit financiële beheershandelingen kunnen voortvloeien. Burgemeester en wethouders operationaliseren dit normenkader in een toetsingskader voor de interne beheersing.
Artikel 13. Begrotingscriterium
Het begrotingscriterium is een criterium van rechtmatigheid dat betrekking heeft op de grenzen van de baten en lasten in de door de raad geautoriseerde begroting van exploitatie en investeringskredieten en de hiermee samenhangende programma’s, waarbinnen de financiële beheershandelingen tot stand moeten zijn gekomen.
Hoofdstuk 4. Financieel beleid
Artikel 17. Reserves en voorzieningen
Artikel 18. Kostprijsberekening
Voor het bepalen van de geraamde kostprijs van rechten en heffingen waarmee kosten in rekening worden gebracht, en van goederen, werken en diensten van de gemeente, die worden geleverd aan overheidsbedrijven en derden, wordt een extracomptabel systeem van kostentoerekening gehanteerd. Bij de kostentoerekening worden naast de directe kosten de overheadkosten en de rente van de inzet van vreemd vermogen, reserves en voorzieningen voor de financiering van de in gebruik zijnde activa betrokken.
Bij de directe kosten worden betrokken de bijdragen aan en onttrekkingen van voorzieningen voor de noodzakelijke vervanging van de betrokken activa en de afschrijvingskosten van de in gebruik zijnde activa. Voor de rechten en heffingen waarmee kosten in rekening worden gebracht, worden daarbij ook de compensabele belasting over de toegevoegde waarde (BTW) en de gederfde inkomsten van het kwijtscheldingsbeleid betrokken.
Voor de toerekening van de overheadkosten aan de kostprijs van rechten en heffingen waarmee kosten in rekening worden gebracht, en van goederen, werken en diensten, die worden geleverd aan overheidsbedrijven en derden, wordt uitgegaan van een tarief uitgedrukt door een aandeel in de totale toe te rekenen overheadkosten, gedeeld door de totale direct productieve uren.
Bij de begroting en de jaarstukken neemt het college in de paragraaf lokale heffingen naast de verplichte onderdelen op grond van artikel 10 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten in ieder geval op de kostentoerekening van de geraamde rentekosten en de geraamde overheadkosten aan de rechten en heffingen waarmee kosten in rekening worden gebracht.
Bij de begroting en de jaarstukken neemt het college in de paragraaf Financiering in ieder geval op:
Artikel 27. Onderhoud kapitaalgoederen
Het college biedt de raad ten minste eens in de vier jaar een onderhoudsplan openbare ruimte aan. Het onderhoudsplan openbare ruimte geeft het kader weer voor het beoogde onderhoudsniveau, de planning van het onderhoud en de kosten van het onderhoud voor het openbaar groen, water, wegen, kunstwerken en straatmeubilair. De raad stelt het onderhoudsplan openbare ruimte vast.
Het college biedt de raad ten minste eens in de vier jaar een rioleringsplan aan. Het rioleringsplan geeft het kader weer voor het beheer van het watersysteem, waaronder het beoogde onderhoudsniveau, de planning van het onderhoud, de uitbreiding van de riolering en de kosten van het onderhoud. De raad stelt het rioleringsplan vast.
Bij de begroting en de jaarstukken doet het college in de paragraaf Bedrijfsvoering verslag van actuele en/of bijzondere onderwerpen die aandacht behoeven waaronder rechtmatigheid.
Bij de begroting en de jaarstukken doet het college verslag in de paragraaf Wet open overheid over de passieve openbaarmaking (= openbaar maken van documenten op verzoek) en de actieve openbaarmaking (= informatie uit eigen beweging openbaar maken).
Artikel 30. Verbonden partijen
Het college biedt, indien bijstelling nodig is, een geactualiseerde beleidsnota Verbonden partijen aan ter vaststelling door de raad. In deze nota wordt in ieder geval ingegaan op de uitgangspunten ten aanzien het openbaar - en financieel belang en de zeggenschap van de gemeente. De nota bevat ook de kaders voor het beleid over (het aangaan van nieuwe) participaties, taken, bevoegd- en verantwoordelijkheden, rollen en financiële condities.
Hoofdstuk 5. Financiële organisatie en financieel beheer
De administratie is zodanig van opzet en werking, dat zij in ieder geval dienstbaar is voor:
Artikel 33. Financiële organisatie
Het college draagt zorgt voor:
opdat aan de eisen van rechtmatigheid, controle en verantwoording wordt voldaan.
Het college zorgt ten behoeve van het getrouwe beeld van de jaarrekening en de rechtmatigheid van de baten en lasten en de balansmutaties, bedoeld in artikel 213, derde lid, onder a van de Gemeentewet, voor de jaarlijkse interne toetsing van de getrouwheid van de informatieverstrekking en de rechtmatigheid van de beheerhandelingen. Bij afwijkingen neemt het college maatregelen tot herstel.
Het college zorgt voor de systematische controle van de registratie en de ontwikkeling van de bezittingen en het vermogen van de gemeente met dien verstande dat de waardepapieren, de voorraden, de uitstaande leningen, de debiteurenvorderingen, de liquiditeiten, de opgenomen leningen, de kortlopende schulden en de vorderingen van crediteuren jaarlijks worden gecontroleerd en registergoederen en bedrijfsmiddelen (investeringen met een economisch nut) tenminste eenmaal in de 4 jaar. Bij afwijkingen in de registratie neemt het college maatregelen voor herstel van de tekortkomingen.
Artikel 35. Intrekken oude verordening en overgangsrecht
De Financiële verordening gemeente Westland 2023 wordt ingetrokken, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de jaarrekening en het jaarverslag en bijbehorende stukken van het begrotingsjaar voorafgaand aan het jaar waarin deze verordening in werking treedt en op de begroting, jaarrekening en jaarverslag en bijbehorende stukken van het begrotingsjaar dat samenvalt met het jaar waarin deze verordening in werking treedt.
Aldus besloten door de raad in zijn openbare vergadering van 10 december 2025,
de griffier,
P. van Oosten
de voorzitter,
B.R. Arends
BIJLAGE 1 TABEL AFSCHRIJVINGSTERMIJNEN VOOR INVESTERINGEN VANAF 2021
Ondergrens voor activeren (minimum investeringsbedrag) € 50.000, met uitzondering van voorbereidingskredieten (minimumbedrag € 25.000) en gronden en terreinen (geen minimum).
De afschrijvingsduur van immateriële activa is maximaal 5 jaar.
Materiële investeringen met een economisch nut
Ten aanzien van de materiële investeringen met een economisch nut gelden de navolgende afschrijvingstermijnen:
* Financieel worden de kunstgrasvelden in 10 jaar afgeschreven. Voorafgaand aan dat 10e jaar (dus in jaar 9) wordt bezien of het kunstgrasveld daadwerkelijk moet worden vervangen, of dat de gebruiksduur nog 1 of 2 jaar kan worden verlengd. Hiermee wordt voorkomen dat een automatisch recht op vervanging na 10 jaar ontstaat.
Materiële activa in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut
Als investeringen met een maatschappelijk nut worden in Westland doorgaans de volgende zaken geactiveerd (voor zover niet opgenomen in een grondexploitatie):
Materiële vaste activa in eigendom van derden
De afschrijvingstermijn bij een bijdrage aan materiële vaste activa in eigendom van derden wordt gelijk gesteld aan de termijn die bij eigen investeringen in materiële vaste activa gelden.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2025-565939.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.