Protocol Bodycams gemeente Westerkwartier

 

1. Inleiding

Onze toezichthouders Publiek domein / BOA domein I (hierna: handhavers) hebben bij het uitoefenen van hun taken regelmatig te maken met incidenten, variërend van verbale tot soms fysieke agressie. Uit meerdere onderzoeken is gebleken dat bodycams kunnen bijdragen aan de veiligheid en het veiligheidsgevoel van handhavers.

 

Als frontlijnwerkers zijn handhavers dagelijks in direct contact met burgers. Deze contacten zijn wisselend van aard naar gelang de werkzaamheden. Het is een gegeven dat de afgelopen jaren de positie van handhavers in de frontlijn steeds meer naar voren is verplaatst. Dit hangt samen met de terugtrekkende beweging van politie uit segmenten van de handhaving in de openbare ruimte. Werkzaamheden van handhavers worden hierdoor integraler en complexer.

 

Doordat het handhavend optreden mee is verschoven komen handhavers meer dan voorheen in situatie die tot meer spanningen kunnen leiden. Denk hierbij aan werken in het buitengebied, horecacontroles, evenementencontroles, etc. Het vergroten van de veiligheid en het veiligheidsgevoel van de handhavers wordt alleen maar crucialer.

 

Gezien bovenstaande is besloten dat de bodycam ook voor de handhavers in de gemeente Westerkwartier onderdeel wordt van de standaarduitrusting. Daarbovenop kan beeldmateriaal bijdragen aan de verdere doorontwikkeling, professionalisering en versterking van de handhavers.

2. Privacy

Het gebruik van bodycams valt onder het algemene regime van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG), omdat de verwerking van beeld- en geluidsmateriaal persoonsgegevens betreft. De bepalingen uit de ‘beleidsregels cameratoezicht’ van de Autoriteit Persoonsgegevens zijn eveneens van toepassing.

 

Artikel 6 van de AVG bevat een limitatieve opsomming van de gronden die een gegevensverwerking rechtvaardigen. Het artikel behelst bovendien dat bij elke verwerking moet zijn voldaan aan de beginselen van proportionaliteit en subsidiariteit. Het proportionaliteitsbeginsel houdt in dat de inbreuk op de belangen van de bij de verwerking van persoonsgegevens betrokkene niet onevenredig mag zijn in verhouding tot het met de verwerking te dienen doel.

 

Ingevolge het subsidiariteitsbeginsel mag het doel waarvoor de persoonsgegevens worden verwerkt in redelijkheid niet op een andere, voor de bij de verwerking van persoonsgegevens betrokkene minder nadelige wijze kunnen worden verwerkelijkt.

Bij de inzet van de bodycam is er sprake van een inbreuk op de persoonlijke levenssfeer. De gronden voor rechtvaardiging zijn:

  • a.

    De noodzaak voor een gerechtvaardigd belang van de verantwoordelijke of de goede vervulling van een publiekrechtelijke taak;

  • b.

    Uit een aparte belangenafweging blijkt dat de privacy-inbreuk proportioneel is;

  • c.

    De privacy-inbreuk voldoet aan de subsidiariteitseis;

  • d.

    Er maximaal rekening wordt gehouden met de privacy van de geobserveerde.

Gerechtvaardigd belang / goede vervulling van een publiekrechtelijke taak

Met de veiligheid van de handhaver in combinatie met de preventie van ongewenst gedrag tegen deze handhaver is een gerechtvaardigd belang gemoeid. Met de inzet van bodycams wordt gepoogd om incidenten en onrechtmatige gedragingen te voorkomen. Het gebruik van de bodycams heeft dus betrekking op de handhaving van de lokale veiligheid en leefbaarheid, een publiekrechtelijke taak van de handhaver.

 

Het belang van de werkgever is goed werkgeverschap en bescherming van personeel door de werkgever. Bovendien kunnen beelden van een bodycam worden gebruikt als bewijsmateriaal in een strafzaak en dienen als ondersteunend materiaal inzake bestuurlijke handhaving.

 

Proportionaliteit

De bodycams worden pas aangezet wanneer de handhavers in situaties terechtkomen die dreigen te escaleren. De beelden worden versleuteld opgeslagen op een beveiligde server en kunnen niet zomaar worden uitgelezen. Hiervoor is een protocol opgesteld waarin onder meer wordt vermeld dat de beelden slechts na toestemming van de teammanager Veiligheid en Juridische zaken door een selecte groep, die is benoemd in het protocol inzage beelden bodycam, kunnen worden uitgelezen. De beelden mogen niet verspreid worden via internet of social media. Door de strikte voorwaarden die gesteld worden aan het gebruik van de bodycams, wordt voldaan aan het vereiste van proportionaliteit.

 

Subsidiariteit

De veiligheid van de handhavers heeft voortdurend bijzondere aandacht. Er wordt met regelmaat aandacht besteed aan de veiligheid van de handhavers en er worden maatregelen getroffen. De huidige uitrusting van de handhaver bevat geen middel dat op vergelijkbare wijze kan worden ingezet in escalerende situaties om de in de inleiding gestelde doelen te bereiken.

 

Privacy van geobserveerde

De bodycam wordt duidelijk herkenbaar gedragen. Ter waarborging van de privacy zijn een werkinstructie en een protocol inzage beelden bodycam opgesteld. De termijn voor het bewaren van de beelden is 28 dagen. Ten behoeve van leerdoeleinden staat het terugkijken van beelden vooral in het teken van reflectie. De genoemde termijn is hiervoor toereikend. Voor andere leersituaties is een “gespeelde” situatie het aangewezen instrument.

 

Mocht er naar aanleiding van een incident een verzoek tot inzage komen, dan wordt dit gedaan volgens het opgestelde protocol inzage beelden bodycam. Denk hierbij aan (ernstige) incidenten waarvan de handhaver aangifte doet bij de politie. Indien er vanuit de politie/justitie een verzoek tot inzage van de beelden komt op basis van een formeel strafvorderlijke vordering, worden de beelden ter beschikking gesteld. Een verzoek tot inzage kan schriftelijk worden aangevraagd. Hierbij gelden de voorwaarden dat de verzoeker een aantoonbaar belang heeft bij inzage van de beelden en dat het niet in strijd is met de bepalingen zoals opgenomen in de AVG.

 

De beelden zijn versleuteld. Bij ontvreemding van de bodycam kunnen de beelden niet zomaar worden uitgelezen.

 

Bijzondere persoonsgegevens

De AVG noemt in artikel 9 persoonsgegevens die als bijzonder moeten worden aangemerkt. Het betreft onder andere de gegevens over iemand godsdienst of levensovertuiging, ras, politieke gezindheid, gezondheid of seksuele leven. Als hoofdregel geldt dat de verwerking van bijzondere persoonsgegevens niet is toegestaan. Op camerabeelden van personen zijn de fysieke kenmerken van die personen zichtbaar. Zo is bijvoorbeeld zichtbaar of iemand een bril draagt -wat op visuele gezondheid zou kunnen duiden- of een hoofddoek -wat op godsdienstige overtuiging zou kunnen duiden.

 

De Autoriteit Persoonsgegevens beschouwt de camerabeelden van een persoon, ook om opportuniteitsredenen, niet als bijzonder persoonsgegeven, als:

  • 1.

    Het doeleinde van de verwerking niet gericht is op het verwerken van een bijzonder persoonsgegeven dan wel op het onderscheid maken op grond van een bijzonder persoonsgegeven;

  • 2.

    Het voor de verantwoordelijke redelijkerwijs niet voorzienbaar is dat de verwerking zal leiden tot het maken van een onderscheid op grond van een bijzonder persoonsgegeven;

  • 3.

    De verwerking van die bijzondere persoonsgegevens onvermijdelijk is bij die verwerking.

Indien de verwerking van de camerabeelden echter identificatie tot doel heeft, worden deze wel als ras-gegeven aangemerkt.

3. Doel en gebruik data

De bodycams zijn bedoeld voor de persoonlijke veiligheid van de handhavers. De data kunnen slechts voor enkele doelen worden gebruikt.

  • 1.

    Bewijsmateriaal bij agressie/klacht jegens de handhavers. Verstrekking alleen op verzoek/vordering van Politie en/of Openbaar Ministerie

  • 2.

    Uitsluitend op het verzoek van de handhaver zelf kunnen opnames gebruikt worden om het eigen handelen te evalueren. Dit mag op geen enkele wijze gebruikt worden voor het beoordelen dan wel evalueren van het optreden van de medewerker door de werkgever.

De bodycam en de daarbij behorende beelden mogen NIET gebruikt worden voor het beoordelen dan wel evalueren van de medewerker door de werkgever.

4. Beheer en logging

De huidige versie van het cameraprotocol is versie 1. Op pagina 1 staat de exacte datum wanneer dit protocol in werking is getreden. Iedere pagina heeft de versie in de voettekst.

 

Als er in de toekomst wijzigingen nodig zijn op het protocol vervalt deze versie. Dit moet dan ook duidelijk op deze versie worden vermeld. Het aangepaste document krijgt dan een nieuw versienummer, voorzien van een nieuwe datum.

 

Loglijst

De loglijst hieronder geeft inzicht in wie het cameraprotocol en de daarbij behorende instructie heeft ontvangen, en wie de inhoud van dit document kent. Alle handhavers (in eigen dienst en ingeleend) en de teammanager Veiligheid en Juridische zaken moeten dit protocol en de instructie ontvangen.

 

Naam

Protocol ontvangen

Instructie ontvangen

Datum / handtekening

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Werkinstructie gebruik bodycam

 

Uitgifte bodycam

Bij indiensttreding krijgt een handhaver een bodycam aangewezen. In het systeem wordt de bodycam met bijbehorende serienummer gekoppeld aan de handhaver. Zodoende valt altijd te registreren wie de opnames gemaakt heeft.

 

Gebruik bodycam

De handhaver draagt de bodycam duidelijk en zichtbaar. De bodycam blijft tijdens de dienst stand-by (preventieve werking). Door stand-by te staan neemt de bodycam 120 seconden van te voren op. Zo is een goed beeld te krijgen van de escalatie en de situatie.

 

De bodycam wordt op initiatief van de handhaver ingeschakeld/in functie gezet op het moment dat de handhaver dit voor zijn/haar veiligheid of voor de veiligheid van derden (collega en/of publiek) nodig acht.

 

De handhaver zal, indien mogelijk, van te voren een mondelinge waarschuwing geven dat bij het aanhouden van het getoonde gedrag de bodycam gaat opnemen. Dit geeft omstanders de kans om zich aan de verwerking te onttrekken en niet op beeld te komen. Bij aanhoudend gedrag zal de omgeving in het gezichtsveld van de handhaver gefilmd worden.

 

Opname geschiedt enkel in de openbare ruimte en openbare gebouwen. Bij 1-op-1 opname van individuen (bijvoorbeeld bij een staande houding) wordt altijd vooraf gewaarschuwd/gemeld (met een duidelijke, luide stem) dat er opnamen gemaakt gaan worden van het individu.

 

Nadat de dreigende situatie voorbij is of geen sprake is van escalatie, wordt de bodycam uitgezet.

 

Wanneer de bodycam gebruikt wordt voor opname dient bij situaties met agressie of onveiligheid altijd een registratie gemaakt te worden in het handhavingssysteem onder waarnemingen. Waar mogelijk worden hier ook de gegevens van betrokkene(n) ingevoerd.

 

Informeren

Via www.westerkwartier.nl kunnen burgers informatie opvragen over de werkwijze van de gemeente aangaande bodycams. De handhaver kan bij mogelijke vragen ter plekke de burger(s) informeren waar ze terecht kunnen voor informatie over de beelden en binnen welke termijn de beelden worden gewist.

 

Inname bodycam

Aan het einde van de dienst wordt de bodycam ingeleverd. De bodycam wordt in het dockingstation geplaatst om op te laden en om gemaakte opnames automatisch uit te lezen en op te slaan op de server.

 

Beheer beeldmateriaal

Volgens de AVG hebben personen het recht om binnen 28 dagen de beelden in te zien, dit maakt het noodzakelijk om de beelden minimaal 28 dagen te bewaren.

 

Opslag en beheer ligt bij de teammanager Veiligheid en Juridische zaken. Opgeslagen beelden zijn versleuteld en worden bewaard op een dedicated server. De bewaartermijn voor camerabeelden is 28 dagen. Als er in die periode geen verzoek tot inzage voor een incident is gekomen, worden de beelden verwijderd. Heeft een bodycam een bepaald incident opgenomen waarvoor een verzoek tot inzage is ontvangen, dan worden de beelden bewaard totdat er een definitief besluit is genomen op het verzoek tot inzage. Bij goedkeuring mag de opname bewaard worden totdat het incident is opgelost.

Mocht naar aanleiding van een voorval c.q. incident beelden ingezien moeten worden, dan wordt dit gedaan volgens het opgestelde protocol inzage beelden bodycam. Denk hierbij aan (ernstige) incidenten waarvan de handhaver aangifte doet bij de politie.

 

Beelden worden niet verder verspreid, ook niet op het internet of op social media. Beelden worden niet gebruikt voor commerciële doeleinden. Met de beheerder van de server zijn goede afspraken gemaakt over de opslag en het wissen van beelden.

 

De beelden zijn alleen toegankelijk via de daarvoor bestemde website en alleen de teammanager heeft inloggegevens. Elke (inter)actie met de website zal worden gelogd in het systeem. De gemeente neemt, conform artikel 24 AVG, organisatorische en technische maatregelen om op een zo veilig mogelijke manier met persoonsgegevens om te gaan.

 

Bij verlies of diefstal van een bodycam

Bij dit type bodycam kunnen bij verlies of diefstal de beelden niet worden uitgelezen door derden.

Verlies of diefstal moet worden aangemerkt als een beveiligingsincident.

Protocol inzage beelden bodycam

 

Het inzien van camerabeelden dient altijd goedgekeurd te worden door de teammanager van de handhavers. Op de webpagina www.westerkwartier.nl staat meer informatie over het gebruik van de bodycam en een verwijzing naar de procedure voor het bekijken van beelden. Een verzoek tot inzage gaat altijd via de Functionaris voor gegevensbescherming (FG). De FG zet het verzoek door naar de teammanager.

  • 1.

    Het proces start met een verzoek tot inzage

    • -

      Een verzoek dient aan volgende voorwaarden te voldoen:

      • Het wordt schriftelijk gedaan of per e-mail

      • Voorzien van NAW-gegevens en (mogelijk ook organisatie), telefoonnummer, e-mailadres

      • Aantoonbaar belang voor uitkijken beelden

      • Datum, tijdstip en plaats beelden

  • 2.

    De teammanager Veiligheid en Juridische zaken beoordeelt het verzoek en geeft wel/niet akkoord. Hierbij wordt uitgegaan van het principe: “Nee, tenzij er zwaarwegende argumenten zijn”. Het is niet toegestaan om persoonsgegevens verder te verwerken op een wijze die onverenigbaar is met de doelen waarvoor ze zijn verkregen. Lees hier meer over bij “verwerking en uitzonderingsgronden” hieronder. Uiterlijk vier weken na het verzoek volgt bericht over het wel of niet toe wijzen van de inzage.

  • 3.

    Wanneer het verzoek wordt ingewilligd wordt er door de teammanager Veiligheid en Juridische zaken een afspraak gemaakt met de betrokkene(n) om inzage te geven in de beelden. Derden die niet betrokken zijn worden geblurd.

  • 4.

    De teammanager Veiligheid en Juridische zaken kijkt samen met de handhaver naar de beelden.

  • 5.

    Een betrokkene die is gefilmd kan een verzoek om inzage van beelden indienen. Inzage wordt verleend door samen met de handhaver en teammanager Veiligheid en Juridische zaken de beelden in een daartoe ingerichte ruimte te bekijken.

  • 6.

    Tegen het besluit om niet te voldoen aan het verzoek kan verzoeker bezwaar en beroep instellen bij de juridisch afdeling van de gemeente Westerkwartier. Ook is het mogelijk om een klacht in te dienen bij de landelijke toezichthouder voor de privacy, de autoriteit Persoonsgegevens.

Verwerking en uitzonderingsgronden

Onder verwerking van persoonsgegevens valt ook het doorzenden, verspreiden, ter beschikking stellen, in verband brengen etc. Het is niet toegestaan om persoonsgegevens verder te verwerken op een wijze die onverenigbaar is met de doelen waarvoor de gegevens zijn verkregen. Bij de beoordeling of een verwerking onverenigbaar is als bedoeld, wordt in ieder geval rekening gehouden met:

  • a.

    De verwantschap tussen het doel van de beoogde verwerking en het doel waarvoor de gegevens zijn verkregen;

  • b.

    De aard van de betreffende gegevens;

  • c.

    De gevolgen van de beoogde verwerking voor de betrokkene;

  • d.

    De wijze waarop de gegevens zijn verkregen;

  • e.

    De mate waarin jegens de betrokkene wordt voorzien in passende waarborgen.

Naar boven