Besluit van de raad van de gemeente Noardeast-Fryslân tot intrekking van de verordening op de heffing en invordering van liggelden woonschepen en bedrijfsvaartuigen gemeente Noardeast-Fryslân 2025

De raad van de gemeente Noardeast-Fryslân,

 

gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 18 november 2025;

 

gelet op de artikelen 216, 219 en 229, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b van de Gemeentewet;

 

besluit vast te stellen de volgende verordening:

 

Verordening tot intrekking op de heffing en invordering van liggelden woonschepen en bedrijfsvaartuigen Noardeast-Fryslân 2025

Artikel 1 liggelden woonschepen en bedrijfsvaartuigen

De belastingsoort liggelden woonschepen en bedrijfsvaartuigen is met ingang van 1 januari 2026 opgenomen in de verordening lig- en staangeld. De verordening liggelden woonschepen en bedrijfsvaartuigen wordt daarom ingetrokken met ingang van 1 januari 2026.

Artikel 2 Intrekking, overgangsrecht en inwerkingtreding

  • 1.

    De “Verordening liggelden woonschepen en bedrijfsvaartuigen 2025”, van 19 december 2024, wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 13, tweede lid genoemde datum van ingang van heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.

  • 2.

    Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag na die van de bekendmaking.

     

Aldus vastgesteld door de raad van de gemeente Noardeast-Fryslân in zijn openbare vergadering

van 18 december 2025.

 

De Raad voornoemd,

 

de griffier,

mr. S.K. Dijkstra

de voorzitter,

mr. J.G. Kramer

Naar boven