Artikel 1 Belastbaar feit
Onder de naam 'toeristenbelasting' wordt een directe belasting geheven voor het houden van verblijf met overnachting binnen de gemeente tegen een vergoeding in welke vorm dan ook door personen die niet als ingezetene met een adres in de gemeente in de basisregistratie personen zijn ingeschreven.
Artikel 2 Belastingplicht
- 1.
Belastingplichtig is degene die gelegenheid biedt tot verblijf als bedoeld in artikel 1 in hem ter beschikking staande ruimten dan wel op hem ter beschikking staande terreinen.
- 2.
De belastingplichtige is bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op degene die verblijf houdt.
- 3.
Indien met toepassing van het eerste lid geen belastingplichtige is aan te wijzen, is belastingplichtige degene die overeenkomstig het bepaalde in artikel 1 verblijf houdt.
Artikel 3 Vrijstellingen
De belasting wordt niet geheven ter zake van het verblijf:
- 1.
door degene die als verpleegde of verzorgde in een inrichting tot verpleging of verzorging van zieken, van gebrekkigen, van hulpbehoevenden of ouden van dagen verblijft;
- 2.
van een vreemdeling als bedoeld in artikel 29, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000, die rechtmatig in Nederland verblijft in de zin van artikel 8, letters c, d, f, g, h, van voornoemde wet, en voor zover deze persoon verblijf houdt in een gelegenheid als bedoeld in artikel 2 van de Verordening, onder verantwoordelijkheid van het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers.
Artikel 4 Maatstaf van heffing
De belasting wordt geheven naar het aantal overnachtingen.
Artikel 5 Belastingtarief
Het tarief bedraagt per persoon per overnachting € 3,46.
Artikel 6 Belastingjaar
Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar.
Artikel 7 Wijze van heffing
De belasting wordt bij wege van aanslag geheven.
Artikel 8 Termijnen van betaling
- 1.
In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de aanslagen worden betaald in twee gelijke termijnen waarvan de eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de tweede twee maanden later.
- 2.
De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijnen.
Artikel 9 Kwijtschelding
Bij de invordering van toeristenbelasting wordt geen kwijtschelding verleend.
Artikel 10 Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders
Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en invordering van de toeristenbelasting.
Artikel 11 Aanmeldplicht
De belastingplichtige, bedoeld in artikel 2, eerste lid, moet, voordat hij voor de eerste maal gelegenheid tot overnachten biedt, dit schriftelijk te melden aan de door het college van burgemeester en wethouders aangewezen gemeenteambtenaren, bedoeld in artikel 231, tweede lid, onderdelen b en d van de Gemeentewet.
Artikel 12 Registratieplicht
- 1.
De belastingplichtige is verplicht per belastingjaar een verblijfsregister bij te houden.
- 2.
De vorm van het verblijfregister is vrij, maar bevat tenminste, de volgende gegevens:
- a.
De naam, adres en woonplaats van de (hoofd)persoon die overnacht of verblijft;
- b.
Het aantal van het gezin of de groep waarmee men reist;
- c.
De datum van aankomst en datum van vertrek;
- d.
het aantal verblijven waarvoor de belasting verschuldigd is en het gehanteerde tarief en totaalbedrag dat aan toeristenbelasting is berekend voor het verblijf;
- e.
Het aantal verblijven waarvoor geen belasting is gerekend en de reden hiervan.
- 3.
Voor zover op grond van andere wet- of regelgeving geen langere termijn geldt, geldt voor het nachtverblijfregister een bewaartermijn van 5 jaar.
Artikel 13 Aangifteplicht
- 1.
De gemeente behoudt zich te allen tijde het recht een uitnodiging tot het doen van aangifte te verzenden.
- 2.
Indien niet of niet tijdig aangifte is gedaan wordt de grondslag voor de berekening van de toeristenbelasting ingeschat.
Artikel 14 Voorlopige aanslag
- 1.
De grondslag van de voorlopige belastingbedrag wordt op 80% van het aantal overnachtingen dat als grondslag van een voorgaand belastingjaar is vastgesteld.
- 2.
Indien geen grondslag beschikbaar is van een voorgaand belastingjaar wordt, in afwijking van het gestelde in het eerste lid, de grondslag vastgesteld op 50% van het totaal aantal mogelijke overnachtingen (totale capaciteit).
- 3.
De totale capaciteit van een verblijfsadres wordt bepaald aan de hand van het aantal verhuurbare objecten tegen het aantal slaapplaatsen dat redelijkerwijs hierin kan verblijven.
- 4.
De belastingplichtige kan verzoeken om herziening van een voorlopige aanslag.
- 5.
De voorlopige aanslag wordt in zoveel termijnen betaald als er volle kalendermaanden in het belastingjaar resten. Met dien verstande dat voor een voorlopige aanslag die is opgelegd na het belastingjaar de betaaltermijnen gelden zoals gesteld in het eerste lid van artikel 10.
- 6.
Een voorlopige aanslag wordt verrekend met de (definitieve) aanslag.
Artikel 15 Overgangsbepaling, inwerkingtreding en citeertitel
- 1.
De Verordening toeristenbelasting Uithoorn 2025 vervalt met ingang waarop deze verordening in werking is getreden, met dien verstande dat zij van toepassing blijft:
- a.
op belastbare feiten die in het geldende tijdvak van de Verordening toeristenbelasting Uithoorn 2025 hebben plaatsgevonden of
- b.
zolang deze verordening geen rechtskracht heeft gekregen.
- 2.
Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking met dien verstande dat indien de bekendmaking vóór 1 januari 2026 plaatsvindt, de verordening niet eerder in werking treedt dan de in het derde lid genoemde datum.
- 3.
De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2026.
- 4.
Deze verordening kan worden aangehaald als “Verordening toeristenbelasting Uithoorn 2026”.
BIJLAGE 1. VERORDENING TOERISTENBELASTING UITHOORN 2026 IN EENVOUDIGE TAAL
De verordening in eenvoudige taal heeft als doel wetteksten meer begrijpelijk te maken. Deze tekst vervangt de wettelijke tekst niet.
Artikel 1: Wat is toeristenbelasting
Toeristenbelasting betaalt moet worden betaald als tegen betaling in de gemeente Uithoorn overnacht. Inwoners betalen geen toeristenbelasting.
Artikel 2: Wie moet betalen
Degene die de overnachtingsplek aanbiedt, moet de belasting betalen. Deze persoon mag de belasting doorberekenen aan zijn gasten.
Artikel 3: Vrijstellingen
Er hoeft geen toeristenbelasting te worden betaald als:
- a.
bewoner van een zorginstelling
- b.
Artikel 4: Hoeveel belasting
De belasting wordt berekend op basis van het aantal overnachtingen x het aantal personen.
Artikel 5: Tarief
Het tarief is € 3,46 per persoon per overnachting.
Artikel 6: Belastingjaar
Het belastingjaar is hetzelfde als het kalenderjaar.
Artikel 7: Hoe betalen
De belasting wordt via een aanslag betaald.
Artikel 8: Betalingstermijnen
De belasting moet in twee gelijke termijnen worden betaald.
Artikel 9: Geen kwijtschelding
U kunt geen kwijtschelding krijgen voor de toeristenbelasting.
Artikel 10 Aanmeldingsplicht
Degene die overnachtingen tegen betaling gaat aanbieden, moet dit schriftelijk melden aan de gemeente voordat hij begint.
Artikel 11 Registratieplicht
- 1.
U moet elk jaar een register bijhouden wie bij je verblijft.
- 2.
Het register moet minimaal de volgende gegevens bevatten:
- a.
Naam, adres en woonplaats van de persoon die verblijft.
- b.
Aantal personen in het gezin of groep.
- c.
Datum van aankomst en vertrek.
- d.
Aantal verblijven waarvoor belasting betaald moet worden, het tarief en totaalbedrag.
- e.
Aantal verblijven waarvoor geen belasting is betaald en de reden.
Artikel 12 Aangifteplicht
- 1.
De gemeente kan een uitnodiging sturen om aangifte te doen.
- 2.
U bent altijd verplicht de aangifte te doen. Ook als later blijkt dat u niet belastingplichtig bent.
- 3.
Als u niet of niet op tijd aangifte doet, wordt de belasting geschat. U kunt dan ook een boete krijgen.
Artikel 13 Voorlopige aanslag
- 1.
De voorlopige belasting wordt gebaseerd op 80% van het aantal overnachtingen van het vorige jaar.
- 2.
Als er geen gegevens van het vorige jaar zijn, wordt 50% van de totale capaciteit gebruikt.
- 3.
De totale capaciteit wordt bepaald door het aantal verhuurbare objecten met het aantal slaapplaatsen te vermenigvuldigen.
- 4.
U mag vragen om de voorlopige aanslag opnieuw te bekijken.
- 5.
De voorlopige aanslag heeft zoveel betaaltermijnen als er maanden in het jaar overblijven.
- 6.
De voorlopige aanslag wordt verrekend met de definitieve aanslag.
Artikel 14 Wanneer gaan deze regels in
Deze verordening vervangt de verordening van 2025 en gaat in op 1 januari 2026.