Artikel 1 Begripsomschrijvingen
In deze subsidieregeling wordt verstaan onder:
- •
college: college van burgemeester en wethouders van de gemeente Eindhoven;
- •
economische spin-off: aantal bezoekers vermenigvuldigd met de verwachte uitgaven voor het type evenement, zoals weergegeven in de bijlage;
- •
evenement: georganiseerde gebeurtenis waarbij muziek, kunst, cultuur of sport centraal staat;
- •
evenementenvisie: de door de gemeenteraad vastgestelde visie op evenementen van de gemeente Eindhoven;
- •
side-events: maatschappelijke activiteiten gelieerd aan het hoofdevenement binnen de categorie strategische sporten die de impact en de reikwijdte van het hoofdevenement vergroten;
- •
strategische sporten: sporten zwemmen, voetbal, hockey en urban sports, genoemd in de door de gemeenteraad vastgestelde Sport- en beweegvisie 2021-2025;
- •
Kleinschalige evenementen: evenementen met een subsidieaanvraag tot maximaal €80.000,-;
- •
Grootschalige evenementen: evenementen met een subsidieaanvraag vanaf €80.000.-, een minimale totale jaarlijkse begroting voor het evenement van minimaal € 750.000,-, een prognose van minimaal 70.000 bezoekers én een economische spin-off van minimaal €1.000.000,-.
Artikel 2 Doel subsidieregeling
Deze subsidieregeling heeft als doel het stimuleren van stedelijke evenementen in de gemeente Eindhoven die een breed publiek aantrekken, maatschappelijk van betekenis zijn en passen binnen de kaders van de gemeentelijke evenementenvisie. Deze subsidieregeling richt zich op het ondersteunen van zowel grote als kleinschalige, niet-commerciële evenementen die bijdragen aan een gevarieerd en kwalitatief hoogstaand aanbod. Daarbij ligt de nadruk op continuïteit van bestaande waardevolle initiatieven én het mogelijk maken van nieuwe evenementen die bijdragen aan de sociale cohesie, culturele diversiteit en levendigheid van de stad.
Artikel 3 Subsidiabele evenementen
- 1.
Een subsidie kan uitsluitend worden verleend voor de organisatie van een kleinschalig of grootschalig evenement zonder winstoogmerk dat past binnen het doel van deze subsidieregeling en de evenementenvisie.
- 2.
De in het eerste lid bedoelde activiteiten hebben betrekking op: de voorbereiding, organisatie, uitvoering en afwikkeling van het desbetreffende evenement.
Artikel 4 Subsidieaanvrager
Subsidie wordt uitsluitend verstrekt aan rechtspersonen of natuurlijke personen die evenementen organiseren met aantoonbare maatschappelijke impact.
Artikel 5 Subsidievereisten
1. Om in aanmerking te komen voor subsidie, wordt voldaan aan de volgende subsidievereisten:
- a.
het evenement vindt in Eindhoven plaats;
- b.
het evenement is financieel gezien laagdrempelig toegankelijk;
- c.
het evenement genereert economisch rendement voor de stad Eindhoven;
- d.
het evenement is toegankelijk voor bezoekers; en
- e.
het evenement is maatschappelijk relevant.
Artikel 6 Subsidiehoogte en subsidiabele kosten
- 1.
Voor subsidie komen in aanmerking de in de evenementenbegroting opgenomen:
- a.
facilitaire kosten (onder meer podium, licht, geluid, toiletten, hekwerken);
- b.
organisatiekosten, die maximaal 50% van de begroting voor sportevenementen en 30% van de begroting voor overige evenementen bedragen;
- c.
kosten voor marketing en public relations;
- d.
kosten voor infrastructurele- en verkeersmaatregelen;
- e.
kosten voor veiligheid en beveiliging;
- f.
- 2.
- a.
voor kleinschalige evenementen:
- i.
50% van de subsidiabele kosten op de begroting voor zover het aangevraagde subsidiebedrag ten hoogste € 5.000,- bedraagt;
- ii.
Aanvullend op sub a, onderdeel i 7,5% van de subsidiabele kosten op de begroting voor het aangevraagde subsidiebedrag tussen € 5.000,- en ten hoogste € 10.000,-;
- iii.
Aanvullend op sub a, onderdeel ii 6,25% van de subsidiabele kosten op de begroting voor het aangevraagde subsidiebedrag tussen € 10.000,- en ten hoogste €80.000,-.
- b.
voor grootschalige evenementen:
- i.
50% van de subsidiabele kosten op de begroting voor zover het aangevraagde subsidiebedrag ten hoogste € 80.000,- bedraagt;
- ii.
Aanvullend op sub b, onderdeel i 7,5% van de subsidiabele kosten op de begroting voor het aangevraagde subsidiebedrag tussen € 80.000,- en ten hoogste € 130.000,-;
- iii.
Aanvullend op sub b, onderdeel ii 6,25% van de aanvullende subsidiabele kosten op de begroting voor het aangevraagde subsidiebedrag tussen € 130.000,- en ten hoogste € 500.000,-.
3. Het op grond van het tweede lid, sub a, onderdeel ii en onderdeel iii of sub b, onderdeel ii en onderdeel iii, berekende subsidiebedrag kan worden verhoogd met onderstaande percentages indien:
- a.
- i.
stedelijk is, met 25 procent;
- i.
regionaal is, met 50 procent;
- ii.
bovenregionaal is, met 75 procent; of
- iii.
nationaal is, met 100 procent.
- b.
- i.
10.000 bezoekers trekt, met 25 procent;
- ii.
50.000 bezoekers trekt, met 50 procent;
- iii.
100.000 bezoekers trekt, met 75 procent; of
- iv.
1.000.000 bezoekers trekt, met 100 procent.
c. het evenement meer dan:
- i.
€ 100.000,- economische spin-off creëert, met 25 procent;
- ii.
€ 500.000,- economische spin-off creëert, met 50 procent;
- iii.
€ 750.000 economische spin-off creëert, met 75 procent; of
- iv.
€ 1.000.000,- economische spin-off creëert, met 100 procent;
waarbij het subsidiebedrag nooit meer dan 100% van de subsidiabele kosten bedraagt.
Artikel 7 Subsidieplafond en verdeelsleutel
- 1.
Het subsidieplafond voor het subsidiëren van evenementen, zoals bedoeld in deze subsidieregeling, wordt jaarlijks door het college vastgesteld voor:
- a.
kleinschalige evenementen voor:
- i.
- ii.
- iii.
- b.
grootschalige evenementen.
- 2.
Verstrekking van subsidie die is aangevraagd op uiterlijk 30 september voor evenementen die plaatsvinden in het daaropvolgende kalenderjaar vindt plaats in volgorde van de door het college aangebrachte rangschikking op grond van het vierde lid, totdat het voor de betrokken subsidie vastgestelde subsidieplafond is bereikt.
- 3.
In afwijking van het bepaalde in het tweede lid vindt verstrekking van subsidie voor grootschalige evenementen in het subsidiejaar 2026 en subsidie op grond van het vijfde lid, plaats op volgorde van ontvangst van complete aanvragen, totdat het voor de betrokken subsidie vastgestelde subsidieplafond is bereikt.
- 4.
Bij de rangschikking van de aanvragen kent het college punten toe aan de hand van de volgende aspecten en tot het daarbij vermelde aantal:
- a.
Het evenement is vernieuwend en/of
onderscheidend (
maximaal 10 punten);
- b.
Het evenement draagt bij aan het behouden en versterken van cultureel erfgoed (maximaal 10 punten);
- c.
Het evenement sluit aan bij het imago van
Eindhoven (
maximaal 10 punten);
- d.
Het evenement heeft een positieve maatschappelijke en economische spin-off (maximaal 20 punten);
- e.
Het evenement draagt bij aan duurzaamheid en de circulaire economie (maximaal 10 punten);
- f.
Het evenement streeft naar toegankelijkheid en inclusiviteit (maximaal 10 punten);
- g.
Het evenement vindt plaats met respect voor de fysieke leefomgeving (maximaal 10 punten).
- h.
Beoordeling op basis van eerdere ervaringen (negatief) (maximaal 10 punten)
- 5.
In het geval dat een deelplafond na beoordeling van de op tijd ingediende aanvragen niet bereikt is, kan het college besluiten het restant plafond te publiceren voor nieuwe aanvragen of deze toe te voegen aan een ander deelplafond. Wordt het restant plafond voor nieuwe aanvragen beschikbaar gesteld of aan een ander deelplafond toegevoegd dan geldt artikel 9, tweede lid voor de aanvraagtermijn en artikel 11, tweede lid voor de beslistermijn van nieuwe aanvragen.
- 6.
Als de aanvrager krachtens artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht in de gelegenheid is gesteld de aanvraag aan te vullen, geldt als datum van ontvangst van de aanvraag de datum waarop de aangevulde aanvraag is ontvangen
Artikel 8 Subsidieaanvraag
- 1.
De subsidieaanvraag wordt jaarlijks ingediend middels een daartoe door het college vastgesteld aanvraagformulier bij Eindhoven 247 B.V.
- 2.
Voor kleinschalige evenementen geldt dat deze subsidie jaarlijks dient te worden aangevraagd.
- 3.
Voor grootschalige evenementen mogen meerjarige subsidieaanvragen worden ingediend voor een periode van maximaal 2 jaar en maximaal €350.000 voor deze 2 jaar.
Artikel 9 Aanvraagtermijn Een aanvraag om een subsidie zoals bedoeld in artikel 7, vijfde lid:
- 1. Een aanvraag om subsidie voor een grootschalig evenement in 2026 vindt ten minste 13 weken voor aanvang van het evenement plaats.
- 2. Een aanvraag om subsidie zoals bedoeld in artikel 7, vijfde lid:
- a. voor kleinschalige evenementen, wordt in afwijking van artikel 7, tweede lid, van de ASV Eindhoven, tenminste 4 weken vóór aanvang van het evenement ingediend;
- b.
voor grootschalige evenementen ten minste 13 weken vóór aanvang van het evenement ingediend.
Artikel 10 Advies
- 1.
Alvorens het college beslist op de aanvraag, vraagt het college advies aan de frontoffice evenementen van Eindhoven 247 B.V. In geval dat de aanvraag betrekking heeft op cultuur, dan wordt Stichting Cultuur Eindhoven geraadpleegd door Eindhoven 247 B.V. om advies uit te brengen aan Eindhoven 247 B.V..
- 2.
De frontoffice evenementen van Eindhoven 247 B.V. adviseert binnen twee weken na binnenkomst van de aanvragen over de subsidievereisten, bedoeld in artikel 5, en de rangschikkingscriteria, bedoeld in artikel, 7, vierde lid, de weigeringsgronden, bedoeld in artikel 12 en artikel 9 van de ASV Eindhoven.
Artikel 11 Beslistermijn
In afwijking van artikel 8 van de ASV Eindhoven, wordt op een subsidieaanvraag die is ingediend:
- a.
uiterlijk op 30 september voor een evenement dat plaatsvindt in het daaropvolgende kalenderjaar uiterlijk op 31 december, voorafgaand aan het jaar waarin de subsidiabele activiteit wordt verricht, beslist;
- b.
voor een grootschalig evenement in 2026 binnen 8 weken na ontvangst van de volledige aanvraag beslist;
- c.
zoals bedoeld in artikel 7, vijfde lid, binnen 4 weken na ontvangst van de volledige aanvraag beslist.
Artikel 12 Weigeringsgronden
- 1.
In aanvulling op artikel 9 van de ASV Eindhoven weigert het college een subsidieaanvraag indien:
- a.
het evenement een commerciële doelstelling of winstoogmerk heeft;
- b.
het evenement niet in positieve zin bijdraagt aan het imago van Eindhoven en van generlei meerwaarde is voor de stad;
- c.
er geen sprake is van cofinanciering met behulp van middelen van andere overheden, het bedrijfsleven, dan wel eigen inbreng;
- d.
de aanvrager niet beschikt over, voor het evenement, relevante kennis en ervaring;
- e.
een goede doelenactie is gekoppeld aan de exploitatie van het evenement.
- f.
er geen locatie beschikbaar is voor het evenement.
- 2.
In aanvulling op het eerste lid, kan het college een subsidieaanvraag weigeren voor:
- a.
een kleinschalig evenement, in het geval:
- i.
het evenement geen publiciteit voor Eindhoven genereert;
- ii.
het evenement minder dan 150 bezoekers trekt;
- iii.
het evenement geen economische spin-off genereert.
- b.
een grootschalig evenement, in het geval:
- i.
i het evenement geen publiciteit voor Eindhoven genereert;
- ii.
ii het evenement minder dan 70.000 bezoekers trekt;
- iii.
iii het evenement geen economische spin-off genereert.
- 3.
In aanvulling op het eerste en tweede lid, kan het college een subsidieaanvraag weigeren indien voor hetzelfde evenement eerder subsidie is verstrekt en dat evenement negatief is geëvalueerd in het publieksonderzoek.
Artikel 13 Voorwaarde subsidieontvanger
De subsidie wordt verstrekt onder de opschortende voorwaarde dat voor het evenement de op basis van de APV Eindhoven vereiste vergunningen worden verkregen.
Artikel 14 Subsidieverplichting
Bij een grootschalig evenement is de subsidieontvanger verplicht om gedurende het evenement een professioneel publieksonderzoek te houden dat wordt uitgevoerd door een onderzoeksbureau of een instelling.
Artikel 15 Verantwoording en vaststelling subsidies
- 1.
Op grond van artikel 15 van de ASV Eindhoven worden subsidies tot en met € 15.000,- direct vastgesteld.
- 2.
In afwijking van de artikelen 16, eerste lid, en 17, eerste lid, van de ASV Eindhoven dient de subsidieontvanger indien de subsidieaanvraag meer dan € 15.000,-- bedraagt een aanvraag tot vaststelling in bij het college uiterlijk 13 weken nadat de activiteiten uiterlijk moeten zijn verricht.
- 3.
In aanvulling op artikel 17, tweede lid, van de ASV Eindhoven bevat de aanvraag tot vaststelling ook de resultaten van het publieksonderzoek, bedoeld in artikel 14.
Artikel 16 Hardheidsclausule
Het college kan in bijzondere gevallen een artikel of artikelen van deze regeling buiten toepassing laten of daarvan afwijken, voor zover toepassing voor aanvrager of subsidieontvanger leidt tot onbillijkheid van overwegende aard.
Artikel 17 Inwerkingtreding en overgangsbepaling
- 1.
De subsidieregeling evenementen off-brand Eindhoven 2021 vervalt zodra ze is uitgewerkt en blijft van toepassing op subsidies die reeds verleend zijn op grond van die subsidieregeling en aanvragen die zijn ingediend vóór de datum van inwerkingtreding van de subsidieregeling evenementen Eindhoven 2026.
- 2.
Deze subsidieregeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Gemeenteblad waarin zij wordt geplaatst en is van toepassing op de uitvoering van evenementen vanaf 1 januari 2026.
Artikel 18 Citeertitel
Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling evenementen Eindhoven 2026.
Toelichting
Algemeen
Het juridisch kader voor subsidieverlening voor evenementen wordt gevormd door de ASV Eindhoven en deze subsidieregeling. De ASV Eindhoven is van toepassing op alle gemeentelijke subsidies. De raad van de gemeente Eindhoven heeft in artikel 3, eerste lid, van de ASV Eindhoven de bevoegdheid om een subsidieregeling vast te stellen gedelegeerd aan het college. Aangezien deze subsidieregeling is vastgesteld op grond van de ASV Eindhoven, is een aantal aspecten van de subsidieverstrekking niet in deze subsidieregeling vastgelegd, maar in de ASV Eindhoven. In de ASV Eindhoven staan onder meer bepalingen over staatsteunregels, subsidieregelingen, het aanvragen, weigeren en terugvorderen van subsidie, verlening van subsidies, algemene en bijzondere verplichtingen voor de subsidieontvanger, vaststelling en verantwoording van subsidie alsmede slotbepalingen waaronder een hardheidsclausule. Voor een goed begrip van deze subsidieregeling is dus bestudering van de ASV Eindhoven noodzakelijk.
De aanleiding voor deze subsidieregeling is gelegen in het feit dat we het verstrekken van subsidie beter willen laten aansluiten op de praktijk. Om dit te doen wordt middels deze subsidieregeling mogelijk gemaakt om zowel voor kleine als voor grote evenementen subsidie aan te kunnen vragen. De subsidieregeling voldoet aan de uitgangspunten en criteria die het gemeentebestuur wenst te hanteren met betrekking tot het subsidiëren van evenementen. Juridisch sluit de regeling daarmee aan bij wat het bestuur beleidsmatig wenst.
Artikelsgewijs
Artikel 1 Begripsomschrijvingen
Een evenement wordt gedefinieerd als een georganiseerde gebeurtenis die voor iedereen toegankelijk is en waarbij muziek, kunst, cultuur of sport centraal staat.
Een side-event is een maatschappelijke activiteit die gekoppeld is aan het hoofdevenement die de impact en de reikwijdte van het hoofdevenement vergroot. Deze dienen verplicht te worden georganiseerd bij strategische sportevenementen. Doelstelling van side events is het verhogen van de maatschappelijke en/of sportieve participatie en vergroten van de cohesie. Het doel en de bijbehorende doelgroep moeten vooraf door de stakeholders gezamenlijk bepaald worden en aansluiten op de doelstellingen in de gemeentelijke sport- en beweegvisie. Het kan gaan om side events voorafgaand, tijdens en na het evenement waarmee het een koppeling heeft. Het is belangrijk dat de side events aansluiten bij de doelgroep van het evenement zodat de meeste impact kan worden behaald. Enkele voorbeelden zijn beweegactiviteiten voor kinderen en hun ouders, clinics door topsporters, integratie van parasport in het programma, crossovers met andere sporten die voor dezelfde doelgroep interessant zijn (bijvoorbeeld bmx of wedstrijd surplace bij een fietsevenement), seminars (bv over innovatie in de sport) of workshops (bijvoorbeeld over sporttechnische vaardigheden).
Artikel 6 Subsidiehoogte en subsidiabele kosten
De subsidies genoemd in het derde lid, sub a, b en c worden berekend over het totaalbedrag aan subsidie dat in lid 2 is vastgesteld. Deze percentages worden niet achter elkaar opgeteld, maar elk afzonderlijk toegepast op het basis-subsidiebedrag uit lid 2.
Artikel 7 Subsidieplafond en verdeelsleutel
Ingevolge het tweede lid van dit artikel vindt verstrekking van subsidie die is aangevraagd voor 1 oktober voor evenementen die plaatsvinden in het daaropvolgende kalenderjaar plaats in volgorde van de door het college aangebrachte rangschikking, totdat het voor de betrokken subsidie vastgestelde subsidieplafond is bereikt. De criteria zijn rechtstreeks verbonden met de gemeentelijke beleidskaders, zoals de Evenementenvisie, het horecabeleid, de binnenstadsvisie en de citymarketingstrategie, en aanverwant beleid op het gebied van duurzaamheid, toegankelijkheid, cultureel erfgoed, veiligheid en inclusiviteit
Ingevolge het vierde lid van dit artikel kent het college bij het rangschikken van de evenementen punten toe aan de hand van de volgende aspecten en tot het daarbij vermelde aantal:
a. De mate waarin het evenement vernieuwend en/of onderscheidend is.
Het evenement is vernieuwend en/of onderscheidend als:
- •
Het een nieuw concept, format of samenwerkingsvorm introduceert.
- •
Het evenement uniek is in zijn soort.
- •
Het aantoonbaar inspeelt op de veranderende vraag en interesses van (internationale) bewoners en bezoekers van Eindhoven.
Zeer veel – 10 punten;
Veel – 8 punten;
Een beetje – 5 punten;
Niet – 0 punten.
b. de mate waarin het evenement bijdraagt aan het behouden en versterken van cultureel erfgoed.
Een evenement draagt hieraan bij als:
- •
Het bestaande of nieuw ontstane tradities met culturele betekenis versterkt, voortzet of toegankelijk maakt voor een breed publiek.
- •
Het verbonden is met de identiteit, betekenis of symboliek van de locatie of de stad.
- •
Het bijdraagt aan de overdracht of zichtbaarheid van immaterieel erfgoed of culturele kennis;
- •
Het zich in de afgelopen jaren heeft ontwikkeld tot een terugkerend evenement met culturele of maatschappelijke waarde voor de stad, waarmee het inmiddels zelf onderdeel is geworden van het levend erfgoed van Eindhoven.
Zeer veel – 10 punten;
Veel – 8 punten;
Een beetje – 5 punten;
Niet – 0 punten.
c. De mate waarin het evenement aansluit bij het imago van Eindhoven.
Het evenement sluit aan bij het imago als:
- •
Het de kernwaarden en strategische doelen, zoals vastgelegd in de Evenementenvisie weerspiegelt.
- •
Het bij het innovatieve karakter van Eindhoven aansluit en ruimte biedt voor creatieve expressie en technologische vooruitgang.
- •
Het een bijdrage levert aan de creatie van saamhorigheid, verbondenheid en trots van de stad door de inzet van vrijwilligers.
Zeer veel – 10 punten;
Veel – 8 punten;
Een beetje – 5 punten;
Niet – 0 punten.
d. de mate waarin het evenement een positieve maatschappelijke en economische spin-off heeft.
Het evenement heeft een positieve maatschappelijke en toeristische spin-off als:
- •
Het economische waarde voor de stad genereert, bijvoorbeeld via bestedingen van bezoekers bij lokale ondernemers.
- •
De organisator afkomstig is uit de Brainportregio of aantoonbaar samenwerkt met lokale en/of maatschappelijke partners.
- •
Het bijdraagt aan maatschappelijke doelen van de stad, bijvoorbeeld via side events rond inclusie, duurzaamheid of gezondheid.
- •
Het nieuwe of minder bekende plekken in de stad activeert, en zo bijdraagt aan Eindhoven als een ‘place to be’.
- •
Het lokale werkgelegenheid stimuleert, bijvoorbeeld via inzet van lokale leveranciers, freelancers, makers of vrijwilligers.
- •
Het evenement wordt georganiseerd in een periode waarin relatief weinig andere evenementen plaatsvinden.
Zeer veel – 20 punten;
Veel – 16 punten;
Een beetje – 10 punten;
Niet – 0 punten.
e. de mate waarin het evenement bijdraagt aan duurzaamheid en de circulaire economie.
Het evenement draagt bij aan duurzaamheid en de circulaire economie als:
- •
Het duurzaam gedrag bij bezoekers stimuleert, bijvoorbeeld via communicatie, educatie of zichtbare duurzame keuzes.
- •
Het afvalstromen minimaliseert en actief inzet op hergebruik en recycling (reduce, reuse, recycle). Er worden zo veel mogelijk circulaire of herbruikbare materialen gebruikt.
- •
Het milieuvriendelijk vervoer voor bezoekers, personeel en toelevering stimuleert.
- •
Het energiegebruik wordt geminimaliseerd, met inzet op groene of efficiënte energievoorziening.
- •
Samenwerking met lokale partners die duurzaam produceren of circulaire oplossingen bieden.
- •
Het aanbod van eten en drinken toekomstbestendig is, met nadruk op gezond, lokaal, korte keten, weinig verspilling en duurzame herkomst.
Zeer veel – 10 punten
Veel – 8 punten;
Een beetje – 5 punten;
Niet – 0 punten.
f. de mate waarin het evenement streeft naar toegankelijkheid en inclusiviteit.
Het evenement streeft naar toegankelijkheid en inclusiviteit als:
- •
Het toegankelijk is voor een breed en divers publiek, ongeacht leeftijd, financiële situatie, nationaliteit, achtergrond of beperking.
- •
Het actief ontmoeting en verbinding stimuleert tussen mensen met verschillende sociale, culturele of fysieke achtergronden.
Zeer veel – 10 punten
Veel – 8 punten;
Een beetje – 5 punten;
Niet – 0 punten.
g. de mate waarin het evenement plaatsvindt met respect voor de fysieke leefomgeving.
Het evenement vindt met respect voor de omgeving plaats als:
- •
De organisatie aantoonbaar rekening houdt met de leefomgeving, natuur en dieren en maatregelen treft om deze te beschermen.
- •
Verstoring en mogelijke schade aan de omgeving aantoonbaar wordt beperkt.
- •
Overlast van welke vorm dan ook zoveel mogelijk wordt voorkomen of beperkt.
- •
Het evenement wordt georganiseerd in een periode waarin relatief weinig andere evenementen plaatsvinden.
Zeer veel – 10 punten
Veel – 8 punten;
Een beetje – 5 punten;
Niet – 0 punten.
h. de mate waarin het evenement eerder negatief is ervaren (negatieve score).
Minpunten worden toegekend indien uit eerdere ervaringen blijkt dat het evenement onvoldoende professioneel en veilig is georganiseerd, bijvoorbeeld door:
- •
Onvoldoende kwaliteit totale planvorming.
- •
Een onvoldoende doordacht plan.
- •
Onrealistische doelstellingen.
- •
Onvoldoende aandacht voor impact op de omgeving.
- •
Overtreden of negeren van vergunningsvoorschriften.
- •
Twijfel over de betrouwbaarheid van de organisator.
- •
Eerdere negatieve ervaringen met het evenement, zoals overlast of incidenten op het gebied van openbare orde en veiligheid.
Zeer veel – -10 punten
Veel – -8 punten;
Een beetje – -5 punten;
Niet – 0 punten.