Regeling kwijtschelding gemeentelijke belastingen Bergen 2026

De raad van de gemeente Bergen,

 

gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 4 november 2025;

 

gelet op artikel 255 van de Gemeentewet, artikel 26 van de Invorderingswet 1990, de Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990 en de Regeling kwijtschelding belastingen medeoverheden;

 

overwegende dat het gewenst is om nadere regels te stellen voor het verlenen van kwijtschelding van gemeentelijke belastingen

 

Besluit

 

vast te stellen de volgende verordening:

 

Regeling kwijtschelding gemeentelijke belastingen Bergen 2026

Artikel 1. Uitgesloten van kwijtschelding

De gemeente verleent geen kwijtschelding voor belastingaanslagen:

  • rioolheffing;

  • forensenbelasting;

  • onroerende-zaakbelasting;

  • verblijfsbelasting;

  • waterverblijfsbelasting;

  • reclamebelasting.

Artikel 2. Beperkte kwijtschelding

Afvalstoffenheffing en reinigingsrechten.

Voor de afvalstoffenheffing is alleen kwijtschelding mogelijk van het vast bedrag per jaar als bedoeld in onderdeel 1.1 van hoofdstuk 1 van de tarieventabel behorende bij de vigerende verordening op de heffing en invordering van afvalstoffenheffing en reinigingsrechten. Bij de heffing op grond van de overige onderdelen van voornoemde tarieventabel wordt géén kwijtschelding verleend.

Artikel 3. Kosten van bestaan

  • 1.

    Bij de kwijtschelding bedoeld in artikel 2 wordt in afwijking van artikel 16, eerste en tweede lid, van de Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990 het percentage voor de berekening van de kosten van bestaan gesteld op 100 percent.

  • 2.

    Onverminderd het bepaalde in het eerste lid wordt overeenkomstig artikel 3 van de Regeling kwijtschelding belastingen medeoverheden voor de vaststelling van de kosten van bestaan van pensioengerechtigden in plaats van de bijstandsnorm het netto-ouderdomspensioen gehanteerd.

Artikel 4. Netto kosten kinderopvang

Als uitgaven als bedoeld in artikel 15, eerste lid, van de Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990 worden mede in aanmerking genomen de in artikel 28, derde lid, van genoemde regeling bedoelde netto kosten van kinderopvang.

Artikel 5.  

In afwijking van artikel 12, tweede lid, onderdeel d, van de Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990 wordt het totale bedrag aan financiële middelen, bedoeld in dat onderdeel, verhoogd met:

  • a.

    maximaal € 2.000 voor de belastingschuldige en zijn echtgenoot;

  • b.

    75% van het bedrag genoemd onder a voor een alleenstaande; en

  • c.

    90% van het bedrag genoemd onder a voor een alleenstaande ouder.

Artikel 6. Overgangsbepaling, inwerkingtreding en citeertitel

  • 1.

    De ‘Regeling Kwijtschelding gemeentelijke belastingen Bergen 2025’ van 17 december 2024, of zoals laatstelijk gewijzigd, wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op kwijtscheldingsverzoeken die voor die datum zijn ingediend.

  • 2.

    Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2026.

  • 3.

    De datum van ingang is 1 januari 2026.

  • 4.

    Deze verordening kan worden aangehaald als "Regeling kwijtschelding gemeentelijke belastingen Bergen (L) 2026".

Aldus besloten in de openbare raadsvergadering van de gemeente Bergen van 16 december 2025.

De griffier

I.C. van ’t Hof

De voorzitter

M.H.D. Rauner

Naar boven