Verordening op de heffing en invordering van marktgeld 2026

De raad van de gemeente Zuidplas;

 

gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 18 november 2025; gelet op artikel 149 van de Gemeentewet;

 

besluit vast te stellen de:

 

Verordening op de heffing en invordering van marktgeld 2026

Artikel 1 Begripsomschrijvingen

Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:

  • a.

    dag: een aaneengesloten periode van vierentwintig uren, aanvangend op 0:00 uur;

  • b.

    week: een aaneengesloten periode van zeven dagen;

  • c.

    maand: een kalendermaand;

  • d.

    kalenderkwartaal: een aaneengesloten periode van drie maanden;

  • e.

    kalenderhalfjaar: een aaneengesloten periode van zes maanden;

  • f.

    jaar: een kalenderjaar;

  • g.

    markt: een weekmarkt gehouden op het daarvoor aangewezen marktterrein, op een daarvoor aangewezen (markt-)dag.

Artikel 2 Belastbaar feit

Onder de naam marktgeld wordt een directe belasting geheven voor het door de gemeente ter beschikking stellen van een standplaats op de weekmarkt, op het daarvoor aangewezen marktterrein, op de daarvoor aangewezen dag.

Artikel 3 Belastingplicht

Het marktgeld Is verschuldigd door degene, aan wie een standplaats als bedoeld In artikel 2, ter beschikking Is gesteld.

Artikel 4 Maatstaf van heffing en belastingtarief

Ter beschikking stellen van een standplaats

  • 1.

    Voor het ter beschikking stellen van een standplaats op de markt per vierkante meter verkoopruimte, waaronder wordt verstaan het aantal vierkante meter oppervlakte dat als standplaats op de markt wordt ingenomen met een verkoopwagen, een kraam, of anderszins, waaronder tevens begrepen bijgeplaatste voertuigen met opslag van handelswaren.

     

     

    Tarief 2025

    Tarief 2026

    - per marktdag of gedeelte daarvan

    € 0,55 met een minimum van € 6,20

    € 0,60 met een minimum van € 6,40

    - per kalenderhalfjaar

    € 8,80 met een minimum van € 104,35

    € 8,85 met een minimum van € 104,85

Ter beschikking stellen van elektriciteit voor verlichting van de verkoopinrichting

  • 2.

    Voor het ter beschikking stellen van elektriciteit voor verlichting van de verkoopinrichting gedurende

     

    per verkoopeenheid

    Tarief 2025

    Tarief 2026

    - per marktdag of gedeelte daarvan

    € 0,55

    € 0,55

    - per kalenderhalfjaar

    € 4,60

    € 4,70

  • 3.

    Voor het ter beschikking stellen van een aansluiting op een gemeentelijke aansluitkast voor de levering van elektriciteit met een vermogen van:

     

    0 tot 0.5 kW:

    Tarief 2025

    Tarief 2026

    - per marktdag of gedeelte daarvan € 0,50

    € 0,55

    € 0,55

    - per kalenderhalfjaar

    € 5,25

    € 5,35

    0.5 tot 1.5 kW:

    Tarief 2025

    Tarief 2026

    - per marktdag of gedeelte daarvan € 0,50

    € 1,15

    € 1,15

    - per kalenderhalfjaar

    € 17,80

    € 18,25

    1,5 tot 3 kW:

    Tarief 2025

    Tarief 2026

    - per marktdag of gedeelte daarvan € 0,50

    € 2,35

    € 2,40

    - per kalenderhalfjaar

    € 36,00

    € 36,95

    3 tot 5 kW:

    Tarief 2025

    Tarief 2026

    - per marktdag of gedeelte daarvan € 0,50

    € 3,90

    € 4,00

    - per kalenderhalfjaar

    € 59,40

    € 61,00

  • 4.

    Promotiegeld

     

    Tarief 2025

    Tarief 2026

    Van ambulante handelaren op de weekmarkt Nieuwerkerk aan den IJssel wordt per kalender-halfjaar promotiegeld geheven

    € 101,55

    € 104.25

    voor het organiseren van activiteiten met als doel de weekmarkt van Nieuwerkerk aan den IJssel aantrekkelijker te maken en meer bekendheid te geven

Artikel 5 Wijze van heffing

Het marktgeld wordt geheven door middel van een gedagtekende schriftelijke kennisgeving.

Artikel 6 Termijn van betaling

In afwijking van artikel 9, eerste lid van de Invorderingswet 1990 moet het marktgeld worden betaald op het moment van uitreiking van de in artikel 5 bedoelde kennisgeving, dan wel ingeval toezending daarvan, binnen 10 dagen na de dag van dagtekening van de kennisgeving.

Artikel 7 Ontheffing

Indien een belastingplichtige door omstandigheden, onafhankelijk van zijn wil, geen gebruik meer kan maken van de beschikbaar gestelde standplaats waarvoor het marktgeld is voldaan, kan op verzoek, naar rato van het aantal volle kalendermaanden waarin geen gebruik is gemaakt van de standplaats, ontheffing worden verleend. Een verzoek om ontheffing dient binnen twee maanden na afloop van de beschikbaarstelling schriftelijk te worden ingediend.

Artikel 8 Overgangsrecht

De Marktgeldverordening 2016 vastgesteld op 3 november 2015 en zoals laatstelijk gewijzigd op 10 december 2024, wordt ingetrokken met ingang van 1 januari 2026, met dien verstande dat zij van toepassing blijven op de belastbare feiten die zich voor 1 januari 2026 hebben voorgedaan.

Artikel 10 Inwerkingtreding

Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2016. De datum van ingang van de heffing is eveneens 1 januari 2016.

Artikel 14 Citeerartikel

Deze verordening wordt aangehaald als Verordening op de heffing en invordering van marktgeld 2026.

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van 9 december 2025.

De raad voornoemd,

De griffier,

L.J. Ligtenberg

De voorzitter,

J.F. Weber

Naar boven