Verordening op de heffing en de invordering van toeristenbelasting 2026

De raad van de gemeente Ermelo;

 

gelezen het raadsvoorstel van het college van 7 oktober 2025, nr. 02330015064580;

gelet op artikel 224 Gemeentewet

 

b e s l u i t :

 

vast te stellen de navolgende

 

Verordening op de heffing en de invordering van toeristenbelasting 2026

Artikel 1 Begripsomschrijvingen

Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:

  • a.

    kampeerterrein: een terrein dat geheel of nagenoeg geheel bestaat uit plaatsen met of voor vakantie-onderkomens en/of mobiele kampeeronderkomens geheel of nagenoeg geheel ten behoeve van recreatief nachtverblijf;

  • b.

    vaartuig: een vaartuig dat in hoofdzaak is bestemd of wordt gebezigd voor vakantie- of andere recreatieve doeleinden;

  • c.

    lengte: de lengte over alles;

  • d.

    etmaal: een aaneengesloten tijdvak van 24 uren, aanvangend om 21.00 uur;

  • e.

    dag: kalenderdag

  • f.

    maand: een aaneengesloten tijdvak van minimaal 4 weken;

  • g.

    seizoen: het tijdvak van 1 april tot en met 31 oktober;

  • h.

    jaar: kalenderjaar

  • i.

    seizoen stand-/ligplaats: een terrein of terreingedeelte of ligplaats in het water, dat bestemd is voor het gedurende het seizoen plaatsen van eenzelfde mobiel kampeeronderkomen, stacaravan, vakantie-onderkomen of vaartuig, gebruikt door dezelfde perso(o)n(en);

  • j.

    jaar stand-/ligplaats: een terrein of terreingedeelte of ligplaats in het water, dat bestemd is voor het gedurende een jaar plaatsen van eenzelfde mobiel kampeeronderkomen, stacaravan, vakantie-onderkomen of vaartuig, gebruikt door dezelfde perso(o)n(en);

  • k.

    Georganiseerde groepsreis: verblijf onder leiding van een of meer meerderjarige begeleiders. Het betreft hier bijvoorbeeld scholen, sportverenigingen of scouting. Familie- en vriendengroepen vallen hier niet onder.

Artikel 2 Belastbaar feit

Oder de naam 'toeristenbelasting' wordt een directe belasting geheven voor:

  • 1.

    Het houden van verblijf binnen de gemeente tegen een vergoeding in welke vorm dan ook door personen die niet als ingezetene met een adres in de gemeente in de basisregistratie personen zijn ingeschreven.

  • 2.

    Het houden van verblijf binnen de gemeente door personen die niet als ingezetene met een adres in de gemeente in de basisregistratie personen zijn ingeschreven, indien deze personen gedurende hun verblijf beroeps- of bedrijfsmatige werkzaamheden verrichten voor of in opdracht van anderen.

Artikel 3 Belastingplicht

  • 1.

    Belastingplichtig is degene die gelegenheid biedt tot het houden van verblijf als bedoeld in artikel 2 in hem ter beschikking staande ruimten dan wel op hem ter beschikking staande terreinen of door het ter beschikking stellen van ligplaatsen en/of vaartuigen.

  • 2.

    De belastingplichtige is bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op degene, ter zake van wiens verblijf de belasting verschuldigd wordt.

  • 3.

    Indien met toepassing van het eerste lid geen belastingplichtige is aan te wijzen, is belastingplichtig degene die overeenkomstig het bepaalde in artikel 2 verblijf houdt.

  • 4.

    De belastingplichtige die gelegenheid biedt tot het houden van verblijf als bedoeld in artikel 2, in hem daartoe ter beschikking staande ruimten, dan wel ter beschikking staande terreinen of door het ter beschikking stellen van ligplaatsen of vaartuigen kan ter zake van elk van die ruimten, terreinen en/of ligplaatsen of vaartuigen afzonderlijk in de heffing worden betrokken.

Artikel 4 – Vrijstellingen

De belasting wordt niet geheven voor het verblijf:

  • 1.

    van degene die verblijft in een instelling als bedoeld in artikel 4 van de Wet toetreding zorgaanbieders;

  • 2.

    van een vreemdeling als bedoeld in artikel 29, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000, die rechtmatig in Nederland verblijft in de zin van artikel 8, letters c, d, f, g, h, van voornoemde wet, en voor zover deze persoon verblijf houdt als bedoeld in artikel 1 van de Verordening, onder verantwoordelijkheid van het Centraal Orgaanopvang Asielzoekers.

  • 3.

    van degene die verblijf houdt in een gemeubileerde woning voor welk verblijf hij forensenbelasting is verschuldigd;

  • 4.

    van minderjarigen die in de gemeente verblijven als deelnemer aan een door een school, vereniging, scoutinggroep of andere vorm van vrijwilligersorganisatie georganiseerde groepsreis, onder leiding van een of meer meerderjarige begeleiders. De vrijstelling geldt ook voor de begeleiders.

Artikel 6 Maatstaf van heffing

  • 1.

    De belasting wordt, voor zover het verblijf wordt gehouden op vaartuigen die aanwezig zijn in wateren binnen de gemeente, geheven naar het aantal etmalen verblijf in het belastingtijdvak. Het aantal etmalen verblijf wordt gesteld op de som van het aantal etmalen dat elke in artikel 2 bedoelde persoon verblijf heeft gehouden. Voor de toepassing hiervan wordt een gedeelte van een etmaal voor een vol etmaal gerekend.

  • 2.

    In afwijking in zoverre van het eerste lid kan, op een bij de aangifte gedaan verzoek van de belastingplichtige, de belasting voor het houden van verblijf door dezelfde persoon of personen gedurende het gehele seizoen of jaar naar vaste bedragen per ligplaats worden geheven, zoals bepaald in de bij deze verordening behorende tarieventabel.

  • 3.

    De belasting wordt, voor zover het verblijf betreft dat niet wordt gehouden op vaartuigen die aanwezig zijn in wateren binnen de gemeente, geheven naar het aantal overnachtingen in het belastingjaar. Het aantal overnachtingen wordt gesteld op het aantal overnachtende personen vermenigvuldigd met het aantal nachten dat zij verblijf houden.

  • 4.

    In afwijking in zoverre van het derde lid kan, op een bij de aangifte gedaan verzoek van de belastingplichtige, de belasting voor het houden van verblijf op een kampeer- en recreatieterrein door dezelfde persoon of personen gedurende het gehele seizoen of jaar naar vaste bedragen per standplaats worden geheven, zoals bepaald in de bij deze verordening behorende tarieventabel.

  • 5.

    Bij de toepassing van het tweede en vierde lid worden slaaptentjes van kinderen die behoren tot het onderkomen waarin gelijktijdig ouders of verzorgers van die kinderen overnachten, niet als afzonderlijk onderkomen aangemerkt.

Artikel 7 Belastingtarief

De belasting wordt geheven naar de maatstaven en tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel. Delen van maatstaven of eenheden worden voor de toepassing van deze verordening en de bij de verordening behorende tarieventabel voor volle maatstaven of eenheden gerekend.

Artikel 8 Belastingjaar

Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar.

Artikel 9 Wijze van heffing

De belasting wordt bij wege van aanslag geheven.

Artikel 10 Aanslaggrens

Een belastingaanslag wordt niet opgelegd als de maatstaf van heffing in het belastingjaar minder dan tien heeft belopen.

Artikel 11 Termijn van betaling

  • 1.

    In afwijking van artikel 9, eerste lid van de Invorderingswet 1990 moeten de aanslagen worden betaald uiterlijk een maand na de dagtekening van het aanslagbiljet.

  • 2.

    Met betrekking tot een ingevolge artikel 2, tweede lid, onderdeel c, van de Invorderingswet 1990 met een belastingaanslag gelijkgestelde beschikking inzake een bestuurlijke boete is het eerste lid van overeenkomstige toepassing, voor zover deze gelijktijdig wordt opgelegd met de vaststelling van de aanslag.

  • 3.

    De algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste en tweede lid gestelde termijn.

Artikel 12 Kwijtschelding

Bij de invordering van de toeristenbelasting wordt geen kwijtschelding verleend.

Artikel 13 Aanmeldplicht

  • 1.

    De belastingplichtige bedoeld in artikel 3, eerste lid, is gehouden, voordat hij (voor de eerste maal) na het in werking treden van deze verordening gelegenheid biedt tot het houden van verblijf, zulks schriftelijk te melden aan de door het college van burgemeester en wethouders aangewezen gemeenteambtenaren, bedoeld in artikel 231, tweede lid, onderdelen b en d, van de Gemeentewet.

  • 2.

    De verplichting als bedoeld in het voorgaande lid geldt niet voor de belastingplichtige die met betrekking tot het jaar voorafgaand aan het belastingjaar in de heffing van de toeristenbelasting betrokken is.

Artikel 14 Aangifteplicht

  • a)

    De belastingplichtige, bedoeld in artikel 3, eerste lid, is gehouden, indien hij niet binnen vier weken na afloop van het belastingjaar een uitnodiging heeft ontvangen tot het doen van aangifte, binnen twee weken na afloop van deze termijn schriftelijk aan de aangewezen ambtenaar, bedoeld in artikel 231, tweede lid, onderdeel b, van de Gemeentewet, te verzoeken tot een uitnodiging tot het doen van aangifte.

  • b)

    De gemeente behoudt zich te allen tijde het recht voor alsnog een uitnodiging tot het doen van aangifte te verzenden, dan wel, bij gebrek aan een aangifte door belastingplichtige, de grondslag voor de berekening van de toeristenbelasting ambtshalve te schatten en op basis daarvan een aanslag op te leggen.

Artikel 15. Registratieplicht

  • 1.

    De belastingplichtige bedoeld in artikel 3, eerste lid, is verplicht per belastingjaar een verblijfsregister bij te houden.

  • 2.

    De vorm van het nachtverblijfregister is vrij, maar bevat tenminste met betrekking tot een ieder aan wie gelegenheid tot overnachten wordt verschaft, de volgende gegevens:

    • a.

      naam, adres en woonplaats van de (hoofd)persoon die overnacht;

    • b.

      aantal van het gezin of de groep waarmee men reist;

    • c.

      datum van aankomst en datum van vertrek;

    • d.

      het aantal overnachtingen ter zake waarvan belasting verschuldigd is.

  • 3.

    De verplichting als bedoeld in de voorgaande leden geldt niet voor zover de belastingplichtige gebruikmaakt van het vaste tarief van de heffingsmaatstaf als bedoeld in artikel 6, lid 2 en lid 4 van deze verordening. In dit geval is de in het eerste lid genoemde verplichting beperkt tot de in het tweede lid onder sub a en c genoemde gegevens tezamen met de aanduiding (naam of nummer) van de standplaats waar wordt overnacht.

  • 4.

    Voor zover op grond van andere wet- of regelgeving geen langere termijn geldt, geldt voor het nachtverblijfregister een bewaartermijn van 5 jaar.

Artikel 16 Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders

Het college van burgemeester en wethouders is bevoegd tot het wijzigen van deze verordening indien deze wijzigingen van zuiver redactionele aard zijn.

Artikel 17 Inwerkingtreding en citeertitel

  • 1.

    De “Verordening toeristenbelasting Ermelo 2025” van 22 oktober 2024 wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.

  • 2.

    Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van bekendmaking.

  • 3.

    De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2026.

  • 4.

    Deze verordening wordt aangehaald als “Verordening toeristenbelasting Ermelo 2026”.

Ondertekening

Ermelo,

De raad van de gemeente Ermelo,

de griffier,

de voorzitter,

Bijlage I - Tarieventabel 2026

behorend bij de Verordening toeristenbelasting Ermelo 2026

 

Hoofstuk 1 – Tarieven basis

Tarief 2026

1. Het tarief voor de belasting als bedoeld in artikel 6, derde lid, bedraagt 

 € 3,30

2. In afwijking van het onder 1 genoemde tarief bedraagt het tarief bij verblijf op een kampeer- en recreatieterrein:

 

  • a.

    Waarbij gasten hun eigen slaapvoorziening meenemen. Bijvoorbeeld een tent, caravan of camper.

€ 2,05

  • b.

    Waarbij de slaapvoorziening door de verhuurder ter beschikking wordt gesteld. Bijvoorbeeld glampingtenten, trekkershutten etc.

€ 2,30

3. Het tarief voor de belasting als bedoeld in artikel 6, eerste lid, bedraagt

 

  • a.

    Bij een verblijf op het water, per persoon per etmaal

€ 2,05

Hoofdstuk 2 – Vaste bedragen

 

4. Arrangementen ligplaatsen

 

  • a.

    Artikel 6 lid 2; Seizoen- jaar ligplaatsen

€ 61,10

 

 

5. Artikel 6 lid 4; Arrangementen standplaatsen

 

  • a.

    Seizoen- en jaarplaats

€ 349,35

 

 

Ondertekening

 

Vastgesteld in de openbare vergadering

van 17 december 2025

 

griffier,

 

voorzitter,

Naar boven