Paragraaf 1 Algemene bepalingen
Artikel 1.1 Begripsomschrijvingen
In deze regeling wordt verstaan onder:
- a.
afkoppelen: hemelwater van een dakoppervlak aangesloten op het rioolstelsel via fysieke ingrepen loskoppelen;
- b.
Asv: Algemene subsidieverordening gemeente Kampen 2026;
- c.
Awb: Algemene wet bestuursrecht;
- d.
BAG: Basisregistraties Adressen en Gebouwen;
- e.
bijgebouw: losstaande of aansluitende gebouwen met een dak, zonder woon- of verblijfsbestemming. Hieronder vallen tuinhuisjes, schuren, garages, dierenverblijfplaatsen, fietsenhokken, etc.;
- f.
collectief: minimaal drie natuurlijke personen of rechtspersonen die eigenaar of gebruiker zijn van ten minste drie verschillende panden, waarvan één als penvoerder namens dit collectief optreedt. Aan een collectief worden gelijkgesteld een Vereniging van Eigenaren (VVE) en woningbouwcorporatie;
- g.
college: college van burgemeester en wethouders van de gemeente Kampen;
- h.
containerombouw: roerende zaak, ontworpen om vuilniscontainers netjes en uit het zicht te plaatsen;
- i.
dakoppervlak: horizontale gebouw projectie van een overdekking van een of een onderdeel daarvan;
- j.
gebruik hemelwater: buffering en filtering van hemelwater ten behoeve van laagwaardig gebruik ter vervanging van drinkwater, niet zijnde voor gebruik van consumptiedoeleinden;
- k.
groen dak: dak bestaande uit minimaal drie lagen, zijnde: een wortelkerende laag, een substraatlaag en een vegetatielaag, hoofdzakelijk bestaand uit levende planten, zeer traag groeiend en sterk ‘zelfvoorzienend’;
- l.
groene gevel: klimconstructie bevestigd aan een gevel voorzien van klimplanten in de volle grond op eigen terrein;
- m.
groene erfafscheiding: een afscheiding op of bij de erfgrens, die bestaat uit levende beplanting, al dan niet tegen een constructie groeiend, zoals een haag of klimplanten;
- n.
hemelwater: water dat uit de hemel valt zoals regen, sneeuw, hagel en dauw;
- o.
infiltratie: het op eigen terrein infiltreren van hemelwater in de bodem, door middel van bijvoorbeeld een infiltratiekrat of grindput;
- p.
infiltratiekrat/infiltratietoepassing: een geperforeerde en dus sterk waterdoorlatende box, met een interne structuur en bij voorkeur gemaakt van een natuurlijk materiaal, die in de grond wordt geplaatst om hemelwater op te vangen en geleidelijk te infiltreren in een waterdoorlatende bodem, of een daarmee te vergelijken systeem;
- q.
inwonersinitiatief: minimaal drie verschillende natuurlijke personen die eigenaar of gebruiker zijn van ten minste drie verschillende panden en waarvan één als penvoerder namens dit inwonersinitiatief optreedt, of een stichting of vereniging, die samen een idee bedenken en uitvoeren om klimaatadaptatiemaatregelen zoals beschreven in artikel 1.4 in de openbare ruimte te realiseren, zonder commercieel belang;
- r.
onderwijsinstelling: instantie waar onderwijs of kinderopvang wordt aangeboden, opgenomen in de Registratie Instellingen en Opleidingen of het Landelijk Register Kinderopvang (met uitzondering van gastoudervoorzieningen);
- s.
ontstenen: verwijderen van verharding in de vorm van asfalt, beton, steen of ander slecht waterdoorlatend materiaal;
- t.
openbare ruimte: ruimte tussen de particuliere kavels die in bezit is van de overheid en die voor iedereen vrij toegankelijk is;
- u.
oppervlaktewater: water dat zich boven de grond bevindt: het water in rivieren, sloten, kanalen, meren en dergelijke;
- v.
pand: gebouw inclusief aanbouw, uitbouw en bijgebouwen, alle met bijbehorend erf, tuin, terrein en ondergrond en opgenomen in de BAG en legaal gebouwd, niet zijnde openbare ruimte;
- w.
vergroenen: aanbrengen van een vruchtbare bodem en het planten van beplanting als gras, planten, struiken of bomen;
- x.
voorziening voor berging: een voorziening bestemd om hemelwater tijdelijk te bergen waarbij grond wordt verwijderd om de voorziening te plaatsen. Dit kan een wadi, infiltratiekratten of ondergrondse regenwatertank zijn;
- y.
wadi: verlaging op eigen terrein waar hemelwater naartoe geleid wordt om het tijdelijk te bergen, voorzien van waterdoorlatende, filterende bodem waardoor water langzaam in de bodem kan wegzakken. De toplaag bestaat uit beplante, verbeterde grond.
Artikel 1.2 Toepasselijkheid Asv
De Asv is van toepassing, tenzij daarvan in deze subsidieregeling nadrukkelijk wordt afgeweken.
Artikel 1.3 Doel subsidie
Het doel van de regeling is om inwoners, bedrijven en organisaties te stimuleren zelf klimaatadaptatie- en biodiversiteitsversterkende maatregelen te treffen op of bij een pand.
Artikel 1.4 Subsidiabele activiteiten
Het college kan aan een aanvrager een stimuleringsbijdrage verstrekken voor de volgende activiteiten:
- a.
het planten van bomen - PB;
- b.
het ontstenen in combinatie met vergroenen - OV;
- c.
het aanleggen van een groen dak - GD;
- d.
het afkoppelen zonder voorziening voor berging of infiltratie - AZ;
- e.
het aanleggen van een voorziening voor berging en infiltratie voor afgekoppeld hemelwater - BI;
- f.
het plaatsen van een voorziening voor regenwateropslag - RW;
- g.
het aanleggen van een voorziening voor afgekoppeld hemelwater >250m² - AH;
- h.
het aanleggen van een installatie voor gebruik van hemelwater - IH;
- i.
het aanleggen van een groene gevel - GG;
- j.
het aanleggen van een groene geveltuin - GT;
- k.
het plaatsen van een groene erfafscheiding - GE;
- l.
klimaatadaptief inrichten van schoolpleinen;
- m.
inwonersinitiatief voor openbare ruimte;
Artikel 1.5 Aanvrager
- 1.
Subsidie als bedoeld in artikel 1.4, onder a tot en met k, wordt verstrekt aan een eigenaar, huurder of pachter van een pand of aan een collectief.
- 2.
Subsidie als bedoeld in artikel 1.4, onder l, wordt uitsluitend verstrekt aan een onderwijsinstelling.
- 3.
Subsidie als bedoeld in artikel 1.4, onder m, wordt uitsluitend verstrekt aan een inwonersinitiatief.
Artikel 1.6 Algemene criteria
Om voor subsidie als bedoeld in artikel 1.4 in aanmerking te komen wordt voldaan aan de volgende algemene criteria:
- a.
Een subsidie als bedoeld in artikel 1.4, sub a tot en met l, wordt slechts verstrekt als de activiteit plaatsvindt:
- i.
op of bij het pand van de aanvrager, gesitueerd in de gemeente Kampen;
- ii.
bij een collectief of inwonersinitiatief: op of bij het pand van de natuurlijke of rechtspersonen namens wie de penvoerder de aanvraag doet, gesitueerd in de gemeente Kampen.
Artikel 1.7 Algemene weigeringsgronden
In aanvulling op artikel 9, derde lid, onder f van de Asv wordt subsidie geweigerd als:
- a.
voor de activiteit, bedoeld in artikel 1.4, al subsidie is verstrekt voor het pand;
- b.
voor een vergelijkbare activiteit, als bedoeld in artikel 4 van de Subsidieregeling Klimaatadaptatie gemeente Kampen, al subsidie is verstrekt.
Artikel 1.8 Verplichtingen
In aanvulling op artikel 12 van de Asv wordt aan de subsidie de volgende verplichting(en) verbonden:
- a.
ontwerp, aanleg of installatie zijn volgens de gebruiksvoorschriften uitgevoerd;
- b.
de uit te voeren activiteit voldoet aan de geldende wet- en regelgeving ;
- c.
de aanvrager dient de uitgevoerde activiteit te onderhouden.
Artikel 1.9 Subsidieplafond en verdeelregels
- 1.
Het subsidieplafond bedraagt voor de tijdvakken 1 januari 2026 t/m 31 december 2026, 1 januari 2027 t/m 31 december 2027 en 1 januari 2028 t/m 31 december 2028, €90.000 per tijdvak.
- 2.
Per tijdvak is voor elk van de in artikel 1.4 genoemde maatregelen een deelbedrag van maximaal €30.000 beschikbaar, zolang het totale subsidieplafond voor dat tijdvak niet overschreden wordt.
- 3.
Toekenning van subsidie vindt plaats op volgorde van binnenkomst van de subsidieaanvraag, waarbij de datum waarop de aanvraag volledig is, geldt als datum van binnenkomst.
- 4.
Voor zover door verstrekking van subsidie voor aanvragen, die op dezelfde dag zijn ontvangen, het subsidieplafond wordt overschreden, wordt de onderlinge rangschikking van die aanvragen vastgesteld door middel van loting.
Artikel 1.10 Subsidiabele kosten
- 1.
Voor subsidie voor een activiteit als bedoeld in artikel 1.4, onder a t/m k, komen de kosten in aanmerking die direct verbonden zijn met de uitvoering van de activiteit.
- 2.
Voor subsidie voor een activiteit als bedoeld in artikel 1.4, onder l en m, komen de werkelijk gemaakte kosten in aanmerking die direct verbonden zijn met de uitvoering van de activiteit.
- 3.
Niet tot de subsidiabele kosten behoren:
- a.
de kosten gerelateerd aan het indienen van de subsidieaanvraag;
- b.
BTW welke kan worden teruggevorderd of op enigerlei wijze kan worden gecompenseerd;
- c.
de kosten die verband houden met de aanvraag van de benodigde vergunningen voor de uitvoering of gemoeid met de aangebrachte voorziening.
Artikel 1.11 Aanvraag en aanvraagtermijn
- 1.
De aanvraag wordt, in afwijking van artikel 7, derde lid, van de Asv ingediend uiterlijk zes maanden na afronding van de activiteit.
- 2.
De aanvraag wordt ingediend op een door het college vastgesteld aanvraagformulier.
- 3.
In afwijking van artikel 6, derde lid, van de Asv overlegt de aanvrager bij aanvraag:
- a.
een factuur of aankoopbewijs met datum, waaruit de subsidiabele activiteit blijkt. Indien er geen materialen zijn gekocht, moet de aanvrager aantonen dat de maatregel binnen zes maanden voorafgaand aan de subsidieaanvraag is gerealiseerd.
- b.
minimaal twee foto’s, waarbij één foto de situatie voor en één foto de situatie na het realiseren van de subsidiabele activiteit laat zien.
- c.
als het een aanvraag betreft voor een activiteit als bedoeld in artikel 1.4, onder e en g: een berekening van de inhoud van de voorziening;
- d.
als deze is vereist voor de uitvoering van de activiteit de voor de realisatie van de activiteit benodigde vergunning;
- e.
schriftelijke toestemming van de eigenaar als de aanvrager een huurder of pachter is of toestemming van de gemeente als het om de openbare ruimte gaat;
- f.
schriftelijke toestemming van de buren als er sprake is van een activiteit welke plaatsvindt op een erfscheiding;
- g.
Bij een aanvraag door een collectief of een inwonersinitiatief met een penvoerder: een machtiging van de natuurlijke personen of rechtspersonen aan de penvoerder, waaruit blijkt dat de penvoerder gerechtigd is om de subsidieaanvraag te doen en alle overige correspondentie en communicatie over de aanvraag met het college te voeren.
Artikel 1.12 Beslissing op aanvraag
- 1.
In afwijking van artikel 8, tweede lid, beslist het college op een aanvraag om een subsidie binnen acht weken nadat de volledige aanvraag is ingediend.
- 2.
Het college kan deze termijn eenmalig met vier weken verlengen.
- 3.
In aanvulling op artikel 15, eerste lid, van de Asv wordt de subsidie door het college direct vastgesteld.
Artikel 1.13 Uitbetaling
Na vaststelling van de subsidie wordt, ingeval van een penvoerder bij een collectief of een inwonersinitiatief, de subsidie aan de penvoerder uitbetaald.
Paragraaf 2 het planten van bomen - PB
Artikel 2.1 Specifieke criteria
Om in aanmerking te komen voor subsidie als bedoeld in artikel 1.4, onderdeel a, gelden de volgende criteria:
- a.
de stamomtrek (gemeten op 1 m hoogte bij aanschaf) is minimaal 12 cm of de stam is minimaal 150 cm hoog, ten tijde van de aanvraag;
- b.
de boom staat in de volle grond.
Artikel 2.2 Weigeringsgrond
Subsidie wordt geweigerd:
- a.
indien de volwassen boom binnen 0,5 meter van de erfgrens is geplant;
- b.
de aangeplante boom op de zwarte lijst staat, zoals opgenomen in bijlage 1.
Artikel 2.3 Hoogte subsidie
- 1.
De subsidie voor het planten van bomen bedraagt € 35,- per boom met een maximum van € 175.
- 2.
Bij een aanvraag door een collectief is de subsidie 25% hoger dan de bedragen genoemd in het eerste lid van dit artikel.
Paragraaf 3 Het ontstenen in combinatie met vergroenen - OV
Artikel 3.1 Specifieke criteria
Om in aanmerking te komen voor subsidie als bedoeld in artikel 1.4, onderdeel b, gelden de volgende criteria:
- a.
de beplanting bestaat uit grassen, planten, struiken of bomen;
- b.
er is sprake van minimaal 5 m² ontstenen in combinatie met vergroenen.
Artikel 3.2 Weigeringsgrond
Subsidie wordt geweigerd:
- a.
indien de volwassen boom binnen 0,5 meter van de erfgrens is geplant;
- b.
de aangeplante boom op de zwarte lijst staat, zoals opgenomen in bijlage 1.
Artikel 3.3 Hoogte subsidie
- 1.
De subsidie bedraagt € 5,- per m² verwijderde verharding tot een maximum van € 500.
- 2.
Bij een aanvraag door een collectief is de subsidie 25% hoger dan de bedragen genoemd in het eerste lid van dit artikel.
Paragraaf 4 Het aanleggen van een groen dak - GD
Artikel 4.1 Specifieke criteria
Om in aanmerking te komen voor subsidie als bedoeld in artikel 1.4, onderdeel c, geldt het volgende criterium:
- a.
in aanvulling op artikel 1.6 kan de activiteit ook uitgevoerd worden op een containerombouw van de aanvrager.
Artikel 4.2 Hoogte subsidie
- 1.
De subsidie bedraagt € 20,- per m² aangelegd groen dak met een maximum van € 2.000,- per adres.
- 2.
Bij een aanvraag door een collectief is de subsidie 25% hoger dan de bedragen genoemd in het eerste lid van dit artikel.
Paragraaf 5 Het afkoppelen zonder voorziening voor berging of infiltratie - AZ
Artikel 5.1 Specifieke criteria
Om in aanmerking te komen voor subsidie als bedoeld in artikel 1.4, onderdeel d, gelden de volgende criteria:
- a.
Er moet sprake zijn van voldoende niet afgedekte bodem op eigen terrein die geschikt is voor infiltratie van regenwater, of het afgekoppelde hemelwater moet kunnen worden geloosd op het oppervlaktewater;
- b.
Het pand moet gesitueerd zijn binnen de bebouwde kom, zoals aangegeven op de gemeentekaart in bijlage 2.
Artikel 5.2 Hoogte subsidie
- 1.
De subsidie voor het afkoppelen zonder voorziening voor berging of infiltratie bedraagt € 60,- per pand.
- 2.
Bij een aanvraag door een collectief is de subsidie 25% hoger dan de bedragen genoemd in het eerste lid van dit artikel.
Paragraaf 6 Het aanleggen van een voorziening voor berging of infiltratie voor afgekoppeld hemelwater - BI
Artikel 6.1 Specifieke criteria
Om in aanmerking te komen voor subsidie als bedoeld in artikel 1.4, onderdeel e, gelden de volgende criteria:
- a.
In het geval het een voorziening voor infiltratie betreft is de infiltratiecapaciteit van de bodem groot genoeg om het afstromende water op eigen terrein te verwerken;
- b.
Het pand moet gesitueerd zijn binnen de bebouwde kom, zoals aangegeven op de gemeentekaart in bijlage 2.
Artikel 6.2 Weigeringsgrond
Subsidie wordt geweigerd als er sprake is van een afgekoppeld dakoppervlak van meer dan 250 m².
Artikel 6.3 Hoogte subsidie
- 1.
De subsidie bedraagt € 200,- per m3 waterberging van de aangelegde voorziening, met een maximum van € 500.
- 2.
Bij een aanvraag door een collectief is de subsidie 25% hoger dan de bedragen genoemd in het eerste lid van dit artikel.
Paragraaf 7 Het plaatsen van een voorziening voor regenwateropslag (regenton, -schutting of -zuil) - RW
Artikel 7.1 Specifieke criteria
Om in aanmerking te komen voor subsidie als bedoeld in artikel 1.4, onderdeel f, gelden de volgende criteria:
- a.
de regenwateropslag heeft een minimale capaciteit van 100 liter;
- b.
het regenwater moet via de regenpijp vanaf het dak in de voorziening voor regenwateropslag terechtkomen.
Artikel 7.2 Hoogte subsidie
- 1.
De subsidie voor het plaatsen van een voorziening voor regenwateropslag bedraagt, met een maximum van twee voorzieningen voor regenwateropslag:
- a.
€ 25,- per voorziening bij een opvangcapaciteit van 100 tot 200 liter.
- b.
€ 50,- per voorziening bij een opvangcapaciteit van 200 liter of meer.
- 2.
Bij een aanvraag door een collectief is de subsidie 25% hoger dan de bedragen genoemd in het eerste lid van dit artikel.
Paragraaf 8 Het aanleggen van een voorziening voor berging of infiltratie van afgekoppeld hemelwater >250m² - AH
Artikel 8.1 Specifieke criteria
Om in aanmerking te komen voor subsidie als bedoeld in artikel 1.4, onderdeel g, gelden de volgende criteria:
- a.
de voorziening heeft een minimale berging of infiltratie van 20 liter per afgekoppelde m² op privaat terrein;
- b.
Het pand moet gesitueerd zijn binnen de bebouwde kom, zoals aangegeven op de gemeentekaart in bijlage 2;
- c.
deze subsidie is niet stapelbaar met voorziening d en e, in artikel 1.4.
Artikel 8.2 Weigeringsgrond
Subsidie wordt geweigerd als er sprake is van een afgekoppeld dakoppervlak van minder dan 250 m².
Artikel 8.3 Hoogte subsidie
- 1.
De subsidie bedraagt €6,- per m² afgekoppeld dakoppervlak, met een maximum van € 3.000.
- 2.
Bij een aanvraag door een collectief is de subsidie 25% hoger dan de bedragen genoemd in het eerste lid van dit artikel .
Paragraaf 9 Het aanleggen van een installatie voor gebruik van hemelwater - IH
Artikel 9.1 Specifieke criteria
Om in aanmerking te komen voor subsidie als bedoeld in artikel 1.4, onderdeel h, gelden de volgende criteria:
- a.
de installatie, bestaande uit filters, pomp en waterverdeling is voldoende bereikbaar voor onderhoud en inspectie;
- b.
de installatie heeft een minimale capaciteit van 1000 liter.
Artikel 9.2 Hoogte subsidie
- 1.
De subsidie bedraagt €100,- per 1000 liter gebufferd hemelwater, met een maximum van € 1.000.
- 2.
Bij een aanvraag door een collectief is de subsidie 25% hoger dan de bedragen genoemd in het eerste lid van dit artikel.
Paragraaf 10 Het aanleggen van een groene gevel - GG
Artikel 10.1 Specifieke criteria
Om in aanmerking te komen voor subsidie als bedoeld in artikel 1.4, onderdeel i, gelden de volgende criteria:
- a.
de aanleg vindt plaats in de volle grond bij een pand;
- b.
de beplanting kan omhoog groeien via een daarvoor bestemde klimconstructie.
Artikel 10.2 Weigeringsgrond
Subsidie wordt geweigerd als de activiteit plaats vindt in de openbare ruimte.
Artikel 10.3 Hoogte subsidie
- 1.
De subsidie bedraagt € 30,- per m² klimconstructie, met een maximum van € 1.500.
- 2.
Bij een aanvraag door een collectief is de subsidie 25% hoger dan de bedragen genoemd in het eerste lid van dit artikel.
Paragraaf 11 Het aanleggen van een groene geveltuin - GT
Artikel 11.1 Specifieke criteria
Om in aanmerking te komen voor subsidie als bedoeld in artikel 1.4, onderdeel j, gelden de volgende criteria:
- a.
de groene geveltuin wordt gerealiseerd grenzend aan een pand;
- b.
de geveltuin wordt gerealiseerd in de openbare ruimte;
- c.
toestemming van de gemeente voor aanbrengen van deze voorziening is vereist.
Artikel 11.2 Hoogte subsidie
- 1.
De subsidie voor het aanleggen van groene geveltuin bedraagt € 50,- per pand.
- 2.
Bij een aanvraag door een collectief is de subsidie 25% hoger dan het bedrag genoemd in het eerste lid van dit artikel.
Paragraaf 12 Het plaatsen van groene erfafscheiding - GE
Artikel 12.1 Specifieke criteria
Om in aanmerking te komen voor subsidie als bedoeld in artikel 1.4, onderdeel k, geldt het volgende criterium:
- a.
de beplanting staat in de volle grond.
Artikel 12.2 Hoogte subsidie
- 1.
De subsidie bedraagt €20 per strekkende meter groene erfafscheiding met een maximum van € 500,-.
- 2.
Bij een aanvraag door een collectief is de subsidie 25% hoger dan de bedragen genoemd in het eerste lid van dit artikel.
Paragraaf 13 Het klimaatadaptief inrichten van schoolpleinen
Artikel 13.1 Specifieke criteria
Om in aanmerking te komen voor subsidie als bedoeld in artikel 1.4, onderdeel l, gelden de volgende criteria:
- a.
de activiteit vindt plaats bij het pand van een onderwijsinstelling;
- b.
de activiteit betreft een combinatie van twee of meer activiteiten als bedoeld in 1.4; onder a tot en met k;
- c.
de specifieke criteria en weigeringsgronden van de uitgevoerde subsidiabele activiteiten, opgenomen in paragraaf 2 t/m 12 zijn van toepassing, voor zover ze niet strijdig zijn met de overige artikelleden van dit artikel.
Artikel 13.2 Weigeringsgrond
Subsidie wordt (deels) geweigerd als de aanvraag betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 1.4, onder a tot en met k, waarvoor aan aanvrager al subsidie is verleend.
Artikel 13.3 Hoogte subsidie
De subsidie bedraagt maximaal 50% van de subsidiabele kosten met een maximum van € 8.000,-.
Paragraaf 14 Inwonersinitiatief voor openbare ruimte
Artikel 14.1 Specifieke criteria
Om in aanmerking te komen voor subsidie als bedoeld in artikel 1.4, onderdeel m, gelden de volgende criteria:
- a.
de activiteit vindt plaats in de openbare ruimte;
- b.
de activiteit betreft een combinatie van twee of meer activiteiten als bedoeld in 1.4, onder a tot en met k;
- c.
toestemming van de grondeigenaar voor aanbrengen van deze voorziening is vereist;
- d.
de specifieke criteria en weigeringsgronden van de uitgevoerde subsidiabele activiteiten, opgenomen in paragraaf 2 t/m 12 zijn van toepassing, voor zover ze niet strijdig zijn met de overige artikelleden van dit artikel.
Artikel 14.2 Hoogte subsidie
De subsidie bedraagt:
- a.
bij een aanvraag tot en met € 1.000,-: 100% van de subsidiabele kosten van de maatregelen;
- b.
bij een aanvraag tussen € 1.000,- en € 10.000,-: 75% van de subsidiabele kosten van de maatregelen;
- c.
bij een aanvraag boven de € 10.000,-: 50% van de subsidiabele kosten van de maatregelen met een maximum van € 15.000,-.
Paragraaf 15 Slotbepalingen
Artikel 15.1 Onvoorziene gevallen en hardheidsclausule
- 1.
In gevallen waarin deze regeling niet voorziet, beslist het college.
- 2.
Het college kan in bijzondere omstandigheden afwijken van het bepaalde in deze regeling indien onverkorte toepassing zou leiden tot onbillijkheden van overwegende aard.
Artikel 15.2 Overgangsrecht
Op ingediende aanvragen, verleende subsidies en nog in te dienen verantwoordingen, aan te vragen subsidievaststellingen en daarop te nemen besluiten, alsmede in verband met voorgaande mogelijke bezwaar- en beroepsprocedures, blijft de Stimuleringsregeling klimaatadaptatie Gemeente Kampen 2025 van kracht.
Artikel 15.3 Inwerkingtreding en citeertitel
- 1.
De Subsidieregeling klimaat adaptatie maatregelen gemeente Kampen 2025 wordt ingetrokken.
- 2.
Deze regeling treedt in werking op 1 januari 2026.
- 3.
Deze regeling wordt aangehaald als ‘Subsidieregeling klimaatadaptatie maatregelen gemeente Kampen 2026’.