Verordening op de raadscommissies gemeente Putten 2021

De raad van de gemeente Putten;

 

gelezen het voorstel van het presidium van 23 september 2025 , nr. 2125197 ;

 

gelet op het bepaalde in artikel 82, eerste lid van de Gemeentewet;

 

besluit:

 

vast te stellen de tweede wijziging van de Verordening op de raadscommissies gemeente Putten 2021, vastgesteld bij besluit van de raad van 10 juni 2021 en gewijzigd bij besluit van de raad van 12 oktober 2023.

 

 

Artikel I – Samenstelling; benoeming commissievoorzitters

Artikel 4 wordt als volgt gewijzigd:

 

Artikel 4 Samenstelling raadscommissies en benoeming commissievoorzitters

 

  • 1.

    Een raadscommissie bestaat uit maximaal twee commissieleden per fractie.

  • 2.

    Een commissielid kan zowel een raadslid als een niet-raadslid zijn.

  • 3.

    De raad benoemt op voordracht van de fractie de niet-raadsleden.

    • a.

      Elke fractie mag maximaal zes niet-raadsleden voordragen die haar vertegenwoordigt in een raadscommissie.

    • b.

      De voorgedragen niet-raadsleden moeten zijn geplaatst op de kandidatenlijst van de desbetreffende partij bij de laatste gemeenteraadsverkiezingen.

  • 4.

    De artikelen 10, 11, 12, 13 en 15 van de Gemeentewet zijn van toepassing op commissieleden die geen raadslid zijn.

  • 5.

    Voordat een niet-raadslid zijn functie als commissielid mag uitoefenen, legt hij in het openbaar in handen van de burgemeester de volgende eed (verklaring of belofte) af: "Ik zweer (verklaar) dat ik, om tot lid van de raadscommissie benoemd te worden, rechtstreeks noch middellijk, onder welke naam of welk voorwendsel ook, enige gift of gunst heb gegeven of beloofd. Ik zweer (verklaar en beloof) dat ik, om iets in deze functie te doen of te laten, rechtstreeks noch middellijk enig geschenk of enige belofte heb aangenomen of zal aannemen. Ik zweer (beloof) dat ik getrouw zal zijn aan de Grondwet, dat ik de wetten zal nakomen en dat ik mijn plichten als lid van de commissie naar eer en geweten zal vervullen. Zo waarlijk helpe mij God Almachtig!" ("Dat verklaar en beloof ik!").

  • 6.

    De raad benoemt een poule van commissievoorzitters

 

Artikel II – Zittingsduur en vacatures

Artikel 5 wordt als volgt gewijzigd:

 

Artikel 5 Zittingsduur en vacatures

  • 1.

    De zittingsperiode van een commissielid en van een voorzitter eindigt in ieder geval aan het einde van de zittingsperiode van de raad.

  • 2.

    Het lidmaatschap van een commissielid eindigt als hij niet meer voldoet aan de in artikel 4, vierde lid, gestelde eisen.

  • 3.

    De raad kan een commissielid, zijnde niet-raadslid, ontslaan op voorstel van de fractie die het lid voor benoeming heeft voorgedragen.

  • 4.

    De raad kan een voorzitter ontslaan.

  • 5.

    Een commissielid, zijnde niet-raadslid, en een voorzitter kunnen op ieder moment ontslag nemen door middel van een schriftelijke mededeling aan de raad.

 

Artikel III – Inwerkingtreding

Deze wijziging van de verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van haar bekendmaking.

 

Aldus besloten in de openbare vergadering van 18 december 2025.

 

de griffier,

E.G. van Drie-Timmer

de voorzitter,

H.A. Lambooij

Naar boven