Nadere regels beheersverordening Algemene Begraafplaatsen Bloemendaal 2025

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Bloemendaal;

 

gelet op artikel 2, 14, 19, 23 en 30 van de Beheersverordening Algemene Begraafplaatsen Bloemendaal 2025;

 

en gelet op artikel 156 lid 3 van de Gemeentewet;

 

besluit:

 

vast te stellen de volgende:

 

Nadere regels op de Algemene begraafplaatsen Bloemendaal 2025

Artikel 1 Begripsbepaling

Deze nadere regels verstaan onder:

Beheersverordening

:

de Beheersverordening gemeentelijke begraafplaatsen gemeente Bloemendaal 2025

Gedenkteken

:

voorwerp op het graf voor het aanbrengen van opschriften of figuren, daaronder begrepen kettingen en hekwerken

Grafbedekking

:

Gedenkteken, steenslag en/of grafbeplanting op een graf/gedenkplaats of bij een verstrooiingsplaats

Grafbeplanting

:

eenjarige gewassen, winterharde grafbeplanting en andere blijvende beplanting die door de rechthebbende op het graf is aangebracht

Steenslag

:

Een type grafbedekking in de vorm van grind of kleine stenen

Voor de overige begrippen wordt verwezen naar artikel 1, van de Beheersverordening gemeentelijke begraafplaatsen gemeente Bloemendaal 2025.

Artikel 2 Openingstijden begraafplaatsen

  • 1.

    De begraafplaatsen zijn dagelijks voor bezoek opengesteld van 09.00 uur tot zonsondergang, doch niet later dan 21.00 uur.

  • 2.

    Voor motorvoertuigen is de Algemene begraafplaats in Bloemendaal op werkdagen van 09:00 uur tot 15:30 uur met toestemming van de beheerder opengesteld.

  • 3.

    Buiten de in het eerst genoemde openstellinguren is het verboden op de begraafplaatsen te gaan of zich te bevinden.

Artikel 3 Toestemming grafbedekking

  • 1.

    Het is verboden zonder toestemming van de beheerder grafbedekking op de particuliere of algemene graven aan te brengen.

  • 2.

    Het verzoek tot verkrijgen van toestemming wordt schriftelijk gedaan.

  • 3.

    Bij het schriftelijke verzoek tot het hebben van een grafbedekking behoort een werktekening te worden ingediend. Op deze werktekening dienen ten minste voor te komen:

    • a.

      een boven-, voor- en zijaanzicht met alle hoogte-, breedte-, dikte- en lengtematen;

    • b.

      de soort, kleur en bewerking van het te gebruiken materiaal;

    • c.

      de vermelding of de letters etc. ingehakt, opgehakt of van metaal zijn;

    • d.

      de woordindeling van het opschrift en de plaats van figuratie(s);

    • e.

      het materiaal van de fundering en de wijze van bevestiging van het gedenkteken daarop.

  • 4.

    De toestemming als bedoeld in het eerste lid kan worden ingetrokken, indien de daaraan verbonden voorwaarden en eisen niet worden nagekomen.

  • 5.

    De beslissing op het verzoek tot toestemming tot het aanbrengen van een grafbedekking wordt door de beheerder mondeling medegedeeld indien het ontwerp geen aanleiding geeft tot opmerkingen. Indien het ontwerp wel aanleiding geeft tot opmerkingen bespreekt de beheerder dit eerst schriftelijk met de aanvrager. Indien dit niet leidt tot overeenstemming beslist het college. Toestemming voor het aanbrengen van steenslag wordt alleen gegeven indien het steenslag wordt aangebracht op een betonnen dekplaat.

  • 6.

    Op een graf kunnen potplanten en bloemen in vazen worden geplaatst. Het is toegestaan op een graf losse bloemen te leggen. Op een graf mogen eenjarige gewassen worden geplant.

  • 7.

    De winterharde gewassen die op de graven worden geplant mogen bij volle wasdom de voor het graf beschikbare oppervlakte niet overschrijden of moeten door besnoeiing binnen de oppervlakte worden gehouden.

  • 8.

    Lid 6 en 7 is niet geldig voor een natuururnengraf. Op een natuururnengraf mogen alleen losse bloemen worden geplaatst.

Artikel 4 Algemene regels grafbedekking begraafplaatsen Bloemendaal en Bennebroek

  • 1.

    Op een algemeen graf mag als gedenkteken een steen op een lessenaar worden geplaats met een maximale lengte van 40 centimeter, breedte van 50 centimeter en dikte van 8 centimeter.

  • 2.

    Op een algemeen graf geplaatste voorwerpen en/of beplantingen wordt 10 jaar na de ter aardebestelling verwijderd. Op een door de beheerder te bepalen tijdstip.

  • 3.

    Voor en tijdens een begrafenis of een bijzetting kan het zijn dat de beplanting of de grafbedekking tijdelijk verwijderd wordt van het bestaande of naast gelegen graf. Na de begrafenis wordt de situatie weer naar redelijkheid hersteld zoals de gemeente het heeft aangetroffen. De gemeente draagt geen verantwoordelijkheid voor de beplanting die terug is geplaatst.

  • 4.

    De gemeente kan nimmer aansprakelijk worden gesteld voor de schade bij het wegnemen en herplaatsen van de grafbedekkingen, op welke wijze ook, aangebracht.

Artikel 5 Regels grafbedekking Algemene begraafplaats Bloemendaal

  • 1.

    Op een particulier graf mag een gedenkteken worden geplaatst met een maximale lengte van 2.00 meter, breedte maximaal 1.00 meter, hoogte maximaal 1.00 meter en dikte minimaal 8 centimeter.

  • 2.

    Op een particulier kindergraf mag een gedenkteken worden geplaatst met een maximale lengte van 1,40 meter, breedte maximaal 0,70 meter, hoogte maximaal 0,75 meter en dikte minimaal 8 centimeter.

  • 3.

    Op een particulier urnengraf mag een gedenkplaat worden gelegd met een maximale lengte en breedte van 0.50 meter of een gedenkteken met een maximale hoogte van 1.00 meter en een maximale breedte van 0.40 meter.

  • 4.

    Op de herdenkingszuil mogen alleen door de gemeente te leveren en te bevestigen aluminium naamplaatjes bevestigd worden.

  • 5.

    Op een natuururnengraf mag een gedenkplaat worden gelegd. Deze moet rond zijn en mag een maximale diameter hebben van 40 cm met een maximale dikte van 5 cm. Het gedenkteken moet van onbehandeld inheems hout zijn en moet in zijn geheel composteerbaar zijn.

  • 6.

    De afmetingen van een grafkelder worden in overleg met de beheerder vastgesteld. Een kelder kan boven of beneden maaiveld geplaatst worden. De beheerder geeft de diepte of hoogte waarop de kelder met de bovenkant wordt geplaatst bij plaatsing aan. Het deksel moet één geheel zijn en deugdelijk van constructie. Voor kelders die beneden maaiveld geplaatst zijn gelden dezelfde mogelijkheden en maten voor grafmonumenten als bij particuliere graven.

  • 7.

    De beheerder kan ontheffing verlenen van het in de leden 1 tot en met 4 van dit artikel bepaalde.

  • 8.

    Het college kan de ontheffing weigeren, als bedoeld in het zevende lid van dit artikel, indien:

    • a.

      de grafbedekking afbreuk doet aan het aanzien van de begraafplaats of naburige graven;

    • b.

      de duurzaamheid van de materialen onvoldoende is.

    • c.

      de constructie ondeugdelijk is.

Artikel 6 Regels grafbedekking begraafplaats Bennebroek

  • 1.

    Op een particulier graf mag een gedenkteken worden geplaatst met een maximale lengte van 1.50 meter, breedte maximaal 0.70 meter, hoogte maximaal 1.00 meter en dikte minimaal 8 centimeter.

  • 2.

    De beheerder kan ontheffing verlenen van het in lid 1 van dit artikel bepaalde.

  • 3.

    Het college kan de ontheffing, als bedoeld in het tweede lid van dit artikel, weigeren indien:

    • a.

      de grafbedekking afbreuk doet aan het aanzien van de begraafplaats of naburige graven;

    • b.

      de duurzaamheid van de materialen onvoldoende is.

    • c.

      de constructie ondeugdelijk is.

Artikel 7 Materiaal gedenktekens; staande gedenktekens

  • 1.

    Voor de gedenktekens mogen alleen duurzame materialen worden gebruikt, zoals natuursteen, metaal, keramiek, glas, duurzame kunststoffen of een duurzame houtsoort.

  • 2.

    De lengte en de breedte van het gedenkteken mogen die van het graf niet overschrijden.

  • 3.

    De onderdelen moeten vast aan het gedenkteken zijn verbonden.

  • 4.

    Voor de begraafplaats te Bennebroek geldt dat een staand gedenkteken slechts uit de achterzijde van het graf mag worden opgericht, loodrecht staande, met de achterzijde op één lijn met de voorgaande stenen en geplaatst op een gewapende betonfundering uit een stuk, geconstrueerd in overeenstemming met haar dragende functie met een minimale dikte van of tenminste voor 1/3 van de lengte in de grond staan.

Artikel 8 Onderhoud door rechthebbende

  • 1.

    De rechthebbende is verplicht de grafbedekking behoorlijk te onderhouden of te herstellen, dit ter beoordeling van de beheerder.

  • 2.

    Het college kan de rechthebbende per aanschrijving verplichten onderhoud te plegen of een beschadiging aan de grafbedekking te herstellen binnen de door het college gestelde termijn indien het onderhoud of de beschadiging zodanig is dat deze naar het oordeel van het college het uiterlijk aanzien van de begraafplaats schaadt of indien de beschadiging van de grafbedekking gevaar oplevert voor derden. Wanneer het adres van de rechthebbende niet bekend is, wordt de rechthebbende met een op het graf geplaatste melding verzocht contact op te nemen met de gemeente. Wanneer aan dat verzoek geen gehoor wordt gegeven, wordt een melding op het graf geplaatst met de mededeling dat de grafbedekking binnen de door het college gestelde termijn wordt verwijderd.

  • 3.

    Als door een ondeugdelijke constructie een situatie ontstaat die gevaar oplevert voor het omvallen of inzakken van een grafmonument kan het college direct maatregelen treffen.

  • 4.

    Als binnen twee maanden na de dag van aanschrijving geen herstel of vernieuwing heeft plaatsgevonden, is het college bevoegd tot verwijdering en vernietiging van de gedenktekens of beplanting over te gaan, waarbij geldt dat zij voor deze handeling niet aansprakelijk kan worden gesteld, onverlet het recht van het college tot herstel of vernieuwing of opslag op kosten van de rechthebbende over te gaan.

Artikel 9 verwijdering gedenkteken en/of beplanting

  • 1.

    Voor en tijdens een begrafenis of een bijzetting kan het zijn dat de beplanting of de grafbedekking tijdelijk verwijderd wordt van het bestaande of naast gelegen graf. Na de begrafenis wordt de situatie weer naar redelijkheid hersteld zoals de gemeente het heeft aangetroffen. De gemeente draagt geen verantwoordelijkheid voor de beplanting die terug is geplaatst.

  • 2.

    De rechthebbende op een graf moet gedogen, dat een gedenkteken tijdelijk wordt weggenomen of verplaatst, indien dit ter begraving van lijken in de nabijheid van het graf, of om andere redenen noodzakelijk is.

  • 3.

    De op de graven geplaatste gedenktekens en aangebrachte beplantingen, moeten op eerste aanschrijven van het college door en voor rekening van de rechthebbende onmiddellijk worden verwijderd, indien zij zijn aangebracht of geplant in strijd met deze verordening of de verleende toestemming.

  • 4.

    Bij nalatigheid vindt verwijdering van gemeentewege plaats. Het verwijderde gedenkteken vervalt dan aan de gemeente. De gemeente kan hiervoor niet aansprakelijk worden gesteld en de kosten hiermee gemoeid zijn voor rekening van de rechthebbende.

Artikel 10 Slotbepalingen

  • 1.

    Deze nadere regels treden in werking met ingang van de dag na die van publicatie. Onder intrekking van het Uitvoeringsbesluit Algemene Begraafplaatsen Bloemendaal 2012.

  • 2.

    Zij kunnen worden aangehaald als: Nadere regels Beheersverordening Algemene Begraafplaatsen Bloemendaal 2025.

Aldus vastgesteld in de vergadering van burgemeester en wethouders van 9-12-2025

, burgemeester,

, secretaris

Naar boven