|
Paragraaf 2.1 Algemene bepalingen
|
|
|
|
|
|
Artkel 2.1 Definities
|
|
|
1.
|
Begripsbepalingen die zijn opgenomen in de bijlage bij de Omgevingswet, in bijlage I bij het Besluit activiteiten leefomgeving, bijlage I bij het Besluit bouwwerken leefomgeving, bijlage I bij het Besluit kwaliteit leefomgeving, bijlage I bij het Omgevingsbesluit en bijlage I bij de Omgevingsregeling en in de bijlagen bij het gemeentelijke omgevingsplan, zijn van toepassing op dit hoofdstuk, tenzij in de legesverordening of deze tarieventabel anders is bepaald.
|
|
|
2.
|
In dit hoofdstuk voorkomende begrippen die betrekking hebben op activiteiten waarvoor het toetsingskader in een ander dan een in het eerste lid bedoeld wettelijk voorschrift is uitgewerkt, hebben dezelfde betekenis als in dat wettelijk voorschrift bedoeld, tenzij in de legesverordening of deze tarieventabel anders is bepaald.
|
|
|
3.
|
In dit hoofdstuk wordt verstaan onder:
|
|
|
a.
|
binnenplanse omgevingsplanactiviteit: een activiteit waarvoor in het omgevingsplan is bepaald dat het is verboden deze zonder omgevingsvergunning te verrichten en die niet in strijd is met het omgevingsplan;
|
|
|
b.
|
binnenplanse omgevingsplanactiviteit bij wijzigingsbevoegdheid of uitwerkingsplicht: een activiteit waarvoor in het omgevingsplan is bepaald dat het is verboden deze zonder omgevingsvergunning te verrichten en die in strijd is met het omgevingsplan, maar die niet in strijd is met regels voor de toepassing van een wijzigingsbevoegdheid of het voldoen aan een uitwerkingsplicht in het tijdelijke deel van het omgevingsplan, bedoeld in artikel 22.1, aanhef en onder a, van de Omgevingswet;
|
|
|
c.
|
bouwkosten: de aannemingssom exclusief omzetbelasting, bedoeld in paragraaf 1, eerste lid, van de Uniforme Administratieve Voorwaarden voor de uitvoering van werken en van technische installatiewerken 2012 (UAV 2012; Stcrt. 2012, 1567), voor het uit te voeren werk, of voor zover deze ontbreekt een raming van de bouwkosten, exclusief omzetbelasting, bedoeld in het normblad NEN 2631, uitgave 1979, of zoals dit normblad laatstelijk is vervangen of gewijzigd. Indien het bouwen geheel of gedeeltelijk door zelfwerkzaamheid geschied, wordt onder bouwkosten verstaan: de prijs, exlusief omzetbelasting, die aan een derde in het economisch verkeer zou moeten worden betaald voor het tot stand brengen van het bouwwerk waarop de aanvraag betrekking heeft;
|
|
|
d.
|
kleine buitenplanse omgevingsactiviteit: de activiteiten die zijn benoemd in bijlage 2 van deze verordening.
|
|
|
Artikel 2.2 Dienstverlening en besluiten waarvoor leges worden geheven
|
|
|
Leges worden geheven voor het in behandeling nemen van een aanvraag om:
|
|
|
a.
|
een conceptaanvraag;
|
|
|
b.
|
een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 5.1 of artikel 22.8 van de Omgevingswet in samenhang met artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit;
|
|
|
c.
|
een of meer maatwerkvoorschriften als bedoeld in artikel 4.5 van de Omgevingswet;
|
|
|
d.
|
toestemming voor het treffen van een gelijkwaardige maatregel als bedoeld in artikel 4.7 van de Omgevingswet;
|
|
|
e.
|
een wijziging van voorschriften van een omgevingsvergunning;
|
|
|
f.
|
intrekking van een omgevingsvergunning;
|
|
|
g.
|
wijziging van een besluit als bedoeld in de onderdelen b, c en d;
|
|
|
h.
|
een besluit in het kader van de Omgevingswet, anders dan bedoeld in de onderdelen b tot en met g.
|
|
|
|
met g.
|
|
|
Artikel 2.3 Bepalen tarief
|
|
|
1.
|
De in artikel 2.2 bedoelde leges worden geheven naar de tarieven zoals opgenomen in de volgende paragrafen van dit hoofdstuk.
|
|
|
2.
|
Als een aanvraag betrekking heeft op meerdere activiteiten, is het tarief opgebouwd uit de som van de verschuldigde leges behorend bij die activiteiten.
|
|
|
3.
|
Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag wordt in voorkomend geval verhoogd met het tarief voor een of meer modaliteiten bedoeld in paragraaf 2.12.
|
|
|
4.
|
Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag wordt in voorkomend geval verminderd overeenkomstig het bepaalde in paragraaf 2.13.
|
|
|
5.
|
Het tarief behorend bij een aanvraag om een maatwerkvoorschrift of bij een aanvraag om toestemming om een gelijkwaardige maatregel te treffen is niet van toepassing als het onderwerp waarop het maatwerkvoorschrift betrekking heeft of de gelijkwaardige maatregel onderdeel is van een aanvraag om een omgevingsvergunning.
|
|
|
6.
|
In afwijking van het tweede en derde lid kan ook per activiteit of andere grondslag een legesbedrag worden gevorderd.
|
|
|
|
|
|
Paragraaf 2.2 Voorfase
|
Tarief
|
|
|
|
|
Artikel 2.4 Informatieverzoek en conceptaanvraag
|
|
|
Wanneer, voordat een formele aanvraag om een besluit als bedoeld in de overige paragrafen van dit hoofdstuk wordt ingediend, een informatieverzoek of een conceptaanvraag wordt ingediend over een of meer activiteiten die gevolgen kunnen hebben voor de fysieke leefomgeving, bedraagt het tarief:
|
|
|
a.
|
voor een informatieverzoek
|
€ 0,00;
|
|
b.
|
voor een ambtelijk advies over de wenselijkheid van een initiatief
|
€ 0,00;
|
|
c.
|
voor een advies over de haalbaarheid van een initiatief (omgevingstafel over een conceptaanvraag)
|
€ 261,90.
|
|
|
|
|
Paragraaf 2.3 Activiteiten met betrekking tot bouwwerken
|
Tarief
|
|
|
|
|
Artikel 2.5 Bouwactiviteit (bouwtechnische deel)
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een bouwactiviteit als bedoeld in paragraaf 2.3.2 van het Besluit bouwwerken leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
|
|
|
a.
|
als de bouwkosten minder dan € 25.000,00 bedragen
|
0,78%
|
|
|
van de bouwkosten, met een minimum van
|
€ 72,75;
|
|
b.
|
als de bouwkosten € 25.000,00 tot € 50.000,00 bedragen
|
0,77%
|
|
|
van de bouwkosten, met een minimum van
|
€ 196,40;
|
|
c.
|
als de bouwkosten € 50.000,00 tot € 200.000,00 bedragen
|
0,76%
|
|
|
van de bouwkosten, met een minimum van
|
€ 387,60;
|
|
d.
|
als de bouwkosten € 200.000,00 tot € 750.000,00 bedragen
|
0,73%
|
|
|
van de bouwkosten, met een minimum van
|
€ 1.529,40;
|
|
e.
|
als de bouwkosten € 750.000,00 tot € 2.500.000,00 bedragen
|
0,68%
|
|
|
van de bouwkosten, met een minimum van
|
€ 5.499,60;
|
|
f.
|
als de bouwkosten € 2.500.000,00 of meer bedragen
|
0,61%
|
|
|
van de bouwkosten, met een minimum van
|
€ 17.022,50.
|
|
Artikel 2.6 Omgevingsplanactiviteit: bouwactiviteit (ruimtelijke deel)
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit een bouwactiviteit, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
|
|
|
a.
|
als de bouwkosten minder dan € 25.000,00 bedragen
|
2,35%
|
|
|
van de bouwkosten, met een minimum van
|
€ 218,30;
|
|
b.
|
als de bouwkosten € 25.000,00 tot € 50.000,00 bedragen
|
2,32%
|
|
|
van de bouwkosten, met een minimum van
|
€ 589,25;
|
|
c.
|
als de bouwkosten € 50.000,00 tot € 200.000,00 bedragen
|
2,30%
|
|
|
van de bouwkosten, met een minimum van
|
€ 1.162,75;
|
|
d.
|
als de bouwkosten € 200.000,00 tot € 750.000,00 bedragen
|
2,19%
|
|
|
van de bouwkosten, met een minimum van
|
€ 4.609,15;
|
|
e.
|
als de bouwkosten € 750.000,00 tot € 2.500.000,00 bedragen
|
2,03%
|
|
|
van de bouwkosten, met een minimum van
|
€ 16.420,20;
|
|
f.
|
als de bouwkosten € 2.500.000,00 of meer bedragen
|
1,81%
|
|
|
van de bouwkosten, met een minimum van
|
€ 50.805,70.
|
|
Artikel 2.6a Bouwactiviteit (duurzame maatregelen)
|
|
|
In afwijking van de artikelen 2.5 en 2.6 worden er geen leges berekend over het deel van de bouwkosten dat betrekking heeft op bouwwerkzaamheden die bestaan uit het treffen van duurzame voorzieningen voor eigen gebruik.
Als de bouwkosten alleen bestaan uit kosten voor het treffen van de duurzame voorzieningen voor eigen gebruik, bedraagt het tarief maximaal
|
€ 218,30.
|
|
Artikel 2.7 Omgevingsplanactiviteit: slopen van een bouwwerk
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit een sloopactiviteit, niet zijnde een sloopactiviteit met betrekking tot een monument of beschermd stads- en dorpsgezicht, als bedoeld in paragraaf 2.4, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten
|
€ 244,45.
|
|
|
|
|
Paragraaf 2.4 Activiteiten met betrekking tot cultureel erfgoed en werelderfgoed
|
Tarief
|
|
|
|
|
Artikel 2.8 Omgevingsplanactiviteit: monumenten
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in Hoofdstuk 20 van de Verordening Fysieke Leefomgeving Steenwijkerland, in samenhang met artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, met betrekking tot een gemeentelijk monument, provinciaal monument, voorbeschermd gemeentelijk monument of voorbeschermd provinciaal monument, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
|
|
|
a.
|
voor het slopen, verstoren, verplaatsen of wijzigen van een monument of voorbeschermd monument
|
€ 203,70;
|
|
b.
|
voor het herstellen of gebruiken van een monument of voorbeschermd monument op een wijze waardoor het wordt ontsierd of in gevaar gebracht
|
€ 203,70.
|
|
Artikel 2.9 Rijksmonumentenactiviteit
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een rijksmonumentenactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, met uitzondering van een rijksmonumentenactiviteit met betrekking tot een archeologisch monument, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
|
|
|
a.
|
voor het slopen, verstoren, verplaatsen of wijzigen van een monument of voorbeschermd monument
|
€ 203,70;
|
|
b.
|
voor het herstellen of gebruiken van een monument of voorbeschermd monument op een wijze waardoor het wordt ontsierd of in gevaar gebracht
|
€ 203,70.
|
|
Artikel 2.10 Omgevingsplanactiviteit: sloopactiviteit in beschermd stads- of dorpsgezicht
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit als bedoeld in Hoofdstuk 20 van de Verordening Fysieke Leefomgeving Steenwijkerland, in samenhang met artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit een sloopactiviteit in een rijksbeschermd, provinciaal beschermd of gemeentelijk beschermd stads- of dorpsgezicht, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten
|
€ 244,45.
|
|
Artikel 2.11 Gereserveerd
|
|
|
|
|
|
Paragraaf 2.5 Milieubelastende activiteiten
|
Tarief
|
|
|
|
|
Artikel 2.12 Omgevingsplanactiviteit: milieubelastende activiteit
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit een of meer milieubelastende activiteiten, bedraagt het tarief:
|
|
|
|
|
|
a.
|
voor een of meer activiteiten als bedoeld in paragraaf 22.3.26 van het tijdelijke deel van het omgevingsplan, zoals opgenomen in artikel 7.1 van het Invoeringsbesluit Omgevingswet (milieubelastende activiteit bruidsschat)
|
€ 4.600,00;
|
|
b.
|
voor een of meer activiteiten als bedoeld in paragraaf 22.3.26 van het tijdelijke deel van het omgevingsplan, zoals opgenomen in artikel 7.1 van het Invoeringsbesluit Omgevingswet, waarbij tevens afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is (uitgebreide procedure)
|
€ 7.130,00.
|
|
Artikel 2.12a Besluit activiteiten leefomgeving (BAL): milieubelastende activiteit
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit een of meer milieubelastende activiteiten, bedraagt het tarief:
|
|
|
a.
|
voor een of meer functioneel ondersteunende activiteiten (FOA) als bedoeld in hoofdstuk 3 en 4 van het Besluit activiteiten leefomgeving
|
€ 1.725,00;
|
|
b.
|
voor een of meer activiteiten die betrekking hebben op een gesloten bodemenergiesysteem als bedoeld in paragraaf 3.2.6 van het Besluit activiteiten leefomgeving
|
€ 1.725,00;
|
|
c.
|
voor een of meer niet in de onderdelen a en b genoemde activiteiten als bedoeld in hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, waarbij de reguliere procedure wordt gevolgd
|
€ 4.600,00;
|
|
d.
|
voor een of meer genoemde activiteiten als bedoeld in hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, waarbij tevens afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is (uitgebreide procedure)
|
€ 7.130,00.
|
|
Artikel 2.13 t/m Artikel 2.20 Gereserveerd
|
|
|
|
|
|
Paragraaf 2.6 Lozingsactiviteiten
|
Tarief
|
|
|
|
|
Artikel 2.21 Lozingsactiviteit niet afkomstig van milieubelastende activiteit
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een lozingsactiviteit op een oppervlaktewaterlichaam in beheer bij de gemeente, als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder c, onder 1, van de Omgevingswet, en het gaat niet om het lozen van water of stoffen afkomstig van een milieubelastende activiteit als bedoeld in hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten
|
€ 244,45.
|
|
Artikel 2.22 Lozingsactiviteit afkomstig van milieubelastende activiteit
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een lozingsactiviteit op een oppervlaktelichaam in beheer bij de gemeente, als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder c, onder 1, van de Omgevingswet, bestaande uit het lozen van afvalwater, koelwater of stoffen afkomstig van een milieubelastende activiteit als bedoeld in hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten
|
€ 488,95.
|
|
|
|
|
Paragraaf 2.7 Aanlegactiviteiten
|
Tarief
|
|
|
|
|
Artikel 2.23 t/m Artikel 2.27 Gereserveerd
|
|
|
Artikel 2.28 Omgevingsplanactiviteit: overige aanlegactiviteiten
|
|
|
1.
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of een werkzaamheid (aanlegactiviteit), niet zijnde een activiteit die in de voorgaande artikelen van deze paragraaf is benoemd, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten
|
€ 580,35
|
|
2.
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het vellen van een houtopstand op grond van het omgevingsplan (bestemmingsplan/beheersverordening), bedraagt het tarief twee maal het in artikel 2.30 genoemde bedrag.
|
|
|
|
|
|
Paragraaf 2.8 Overige activiteiten
|
Tarief
|
|
|
|
|
Artikel 2.29 Gereserveerd
|
|
|
Artikel 2.30 Omgevingsplanactiviteit: kappen van bomen of vellen van houtopstanden
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit het vellen van een houtopstand, bedoeld in hoofdstuk 8 van de Verordening Fysieke Leefomgeving Steenwijkerland, in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten
|
€ 145,45.
|
|
Artikel 2.31 t/m Artikel 2.33 Gereserveerd
|
|
|
Artikel 2.34 Andere activiteiten
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het verrichten van een andere activiteit dan in deze paragraaf en voorgaande paragrafen van dit hoofdstuk bedoeld, bedraagt het tarief
|
€ 104,80.
|
|
|
|
|
Paragraaf 2.9 Maatwerkvoorschriften
|
Tarief
|
|
|
|
|
Artikel 2.35 Maatwerkvoorschriften bij bouwactiviteiten
|
|
|
Als de aanvraag om een of meer maatwerkvoorschriften betrekking heeft op een bouwactiviteit, bedraagt het tarief:
|
|
|
a.
|
voor een maatwerkvoorschrift dat betrekking heeft op:
|
|
|
|
1. het in stand houden van een bestaand bouwwerk, bedoeld in artikel 3.1 van het Besluit bouwwerken leefomgeving;
|
|
|
|
2. bouwactiviteiten die het bouwen van nieuwe bouwwerken betreffen als bedoeld in artikel 4.1 van het Besluit bouwwerken leefomgeving;
|
|
|
|
3. het gebruik van een bouwwerk, bedoeld in artikel 6.1 van het Besluit bouwwerken leefomgeving; of
|
|
|
|
4. het verrichten van bouw- of sloopwerkzaamheden als bedoeld in artikel 7.1 van het Besluit bouwwerken leefomgeving;
|
|
|
|
per maatwerkvoorschrift
|
€ 916,60;
|
|
b.
|
in andere gevallen dan bedoeld in onderdeel a, per maatwerkvoorschrift
|
€ 916,60.
|
|
Artikel 2.36 Maatwerkvoorschriften bij milieubelastende activiteiten
|
|
|
1.
|
Als de aanvraag om een of meer maatwerkvoorschriften betrekking heeft op een of meer milieubelastende activiteiten als bedoeld in hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief per maatwerkvoorschrift
|
€ 2.300,00.
|
|
2.
|
Als de aanvraag om een of meer maatwerkvoorschriften betrekking heeft op een andere milieubelastende activiteit dan bedoeld in het eerste lid, bedraagt het tarief per maatwerkvoorschrift
|
€ 2.300,00.
|
|
Artikel 2.37 Maatwerkvoorschriften bij overige activiteiten
|
|
|
Als de aanvraag om een of meer maatwerkvoorschriften betrekking heeft op een andere activiteit dan genoemd in de artikelen 2.35 en 2.36, bedraagt het tarief per maatwerkvoorschrift
|
€ 0,00.
|
|
|
|
|
Paragraaf 2.10 Gelijkwaardigheid
|
Tarief
|
|
|
|
|
Artikel 2.38 Gereserveerd
|
|
|
|
|
|
Paragraaf 2.11 Overige tarieven
|
Tarief
|
|
|
|
|
Artikel 2.39 Verlengen tijdelijke omgevingsvergunning bouwactiviteit
|
|
|
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om verlenging van de in een omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit gestelde termijn, bedoeld in artikel 10.23, tweede lid, van het Omgevingsbesluit
|
€ 131,00.
|
|
Artikel 2.40 Wijzigen omgevingsvergunning
|
|
|
Voor het in behandeling nemen van een aanvraag om wijziging van een omgevingsvergunning is hetzelfde tarief verschuldigd als op grond van dit hoofdstuk verschuldigd is voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een omgevingsvergunning voor de activiteit of activiteiten waarop de aanvraag tot wijziging betrekking heeft, met een minimum van
|
€ 145,45.
|
|
Artikel 2.40a Wijzigen tenaamstelling omgevingsvergunning
|
|
|
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot wijziging van de tenaamstelling van een verleende omgevingsvergunning
|
€ 89,40.
|
|
Artikel 2.41 Wijzigen voorschriften omgevingsvergunning
|
|
|
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om wijziging van voorschriften van een omgevingsvergunning
|
€ 131,00.
|
|
Artikel 2.42 Intrekken omgevingsvergunning
|
|
|
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om gehele of gedeeltelijke intrekking van een omgevingsvergunning, tenzij artikel 2.4 van toepassing is
|
€ 0,00.
|
|
Artikel 2.43 Gereserveerd
|
|
|
Artikel 2.44 Beoordeling onderzoeksrapporten
|
|
|
De in artikel 2.49 opgenomen tarieven zijn van overeenkomstige toepassing op het in behandeling nemen van een aanvraag tot het beoordelen van een onderzoeksrapport, zonder dat sprake is van een aanvraag om een omgevingsvergunning of ander besluit.
|
|
|
Artikel 2.45 Wijzigen van het omgevingsplan
|
|
|
1.
|
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het wijzigen van het omgevingsplan
|
€ 7.860,00.
|
|
2.
|
Het bepaalde in het vorige onderdeel is niet van toepassing als kostenverhaal op andere wijze met elkaar is overeengekomen.
|
|
|
Artikel 2.46 Niet genoemd besluit op aanvraag
|
|
|
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het nemen van een ander, in dit hoofdstuk niet benoemd besluit op grond van de Omgevingswet, de op die wet gebaseerde algemene maatregelen van bestuur of het omgevingsplan
|
€ 116,40.
|
|
|
|
|
Paragraaf 2.12 Modaliteiten
|
Tarief
|
|
|
|
|
Artikel 2.46a Planologische strijdigheid met het omgevingsplan
|
|
|
1.
|
Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief:
|
|
|
a.
|
voor het beoordelen of een omgevingsplanactiviteit in overeenstemming is met de regels voor de toepassing van een binnenplanse afwijkingsbevoegdheid, wijzigingsbevoegdheid of het voldoen aan een uitwerkingsplicht in het tijdelijke deel van het omgevingsplan, bedoeld in artikel 22.1, onder a, van de Omgevingswet
|
€ 523,75;
|
|
b.
|
voor een omgevingsplanactiviteit waarvoor in het omgevingsplan is bepaald dat het verboden is deze zonder omgevingsvergunning te verrichten en die in strijd is met het omgevingsplan (kleine buitenplanse omgevingsplanactiviteit)
|
€ 1.309,40;
|
|
c.
|
voor een omgevingsplanactiviteit waarvoor in het omgevingsplan is bepaald dat het verboden is deze zonder omgevingsvergunning te verrichten en die in strijd is met het omgevingsplan (buitenplanse omgevingsplanactiviteit)
|
€ 5.239,95.
|
|
2.
|
Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien artikel 5.36 van de Omgevingswet wordt toegepast (tijdelijke afwijking), in andere gevallen dan genoemd in het eerste lid
|
€ 582,15.
|
|
3.
|
Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien een aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het plaatsen van een schutting, tuinmeubilair en/of een carport
|
€ 291,05.
|
|
4.
|
Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien een aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het tijdelijk wonen in een recreatief nachtverblijf
|
€ 91,15.
|
|
5.
|
Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien een aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op duurzaamheidswerkzaamheden voor eigen gebruik
|
€ 523,75.
|
|
Artikel 2.47 Achteraf ingediende aanvraag
|
|
|
1.
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning voor een activiteit wordt ingediend na aanvang of gereedkomen van de activiteit, worden de op grond van de paragrafen 2.3 tot en met 2.9 verschuldigde leges verhoogd met
|
5,00%.
|
|
2.
|
In afwijking van het vorige onderdeel worden de op grond van de paragrafen 2.3 tot en met 2.9 verschuldigde leges verhoogd met
|
10,00%
|
|
|
indien door de gemeente een legalisatieonderzoek is uitgevoerd.
|
|
|
Artikel 2.48 Uitgebreide voorbereidingsprocedure
|
|
|
1.
|
Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is op de voorbereiding van het besluit:
|
|
|
a.
|
als sprake is van een buitenplanse omgevingsplanactiviteit
|
€ 0,00;
|
|
b.
|
als sprake is van een andere activiteit dan genoemd in het vorige onderdeel
|
€ 0,00.
|
|
2.
|
Het bepaalde in het eerste lid is niet van toepassing wanneer sprake is van een of meer milieubelastende activiteiten.
|
|
|
Artikel 2.49 Beoordeling onderzoeksrapporten
|
|
|
Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als krachtens wettelijk voorschrift voor de betreffende aanvraag een rapport moet worden beoordeeld:
|
|
|
a.
|
voor de beoordeling van een milieukundig bodemrapport
|
€ 291,05;
|
|
b.
|
voor de beoordeling van een archeologisch bodemrapport
|
€ 291,05;
|
|
c.
|
voor de beoordeling van een milieueffectrapportage (MER)
|
€ 582,10;
|
|
d.
|
voor de beoordeling van een niet in de voorgaande onderdelen genoemd rapport
|
€ 291,05.
|
|
Artikel 2.50 Advies
|
|
|
1.
|
Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als een daartoe aangewezen bestuursorgaan of andere instantie advies moet uitbrengen over de aanvraag om een omgevingsvergunning of een ander besluit op grond van de Omgevingswet:
|
|
|
a.
|
voor een advies van de gemeenteraad
|
€ 523,90;
|
|
b.
|
voor een advies in andere gevallen dan bedoeld in het vorige onderdeel:
|
|
|
|
het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.
|
|
|
2.
|
Als een begroting als bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.
|
|
|
Artikel 2.51 Instemming
|
|
|
1.
|
Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als een aanvraag om een omgevingsvergunning of een ander besluit op grond van de Omgevingswet betrekking heeft op een activiteit waarvoor de beslissing op de aanvraag op grond van artikel 16.16 van de Omgevingswet instemming behoeft van een bestuursorgaan:
|
|
|
|
het bedrag dat dit bestuursorgaan aan rechten zou heffen als het voor de activiteit waarvoor instemming wordt verzocht zelf bevoegd gezag zou zijn.
|
|
|
2.
|
Het bedrag bedoeld in het eerste lid wordt voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag aan de aanvrager meegedeeld. De aanvraag wordt dan in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop het verschuldigde bedrag aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.
|
|
|
|
|
|
Paragraaf 2.13 Vermindering
|
Tarief
|
|
|
|
|
Artikel 2.52 en Artikel 2.53 Gereserveerd
|
|
|
|
|
|
Paragraaf 2.14 Teruggaaf
|
Tarief
|
|
|
|
|
Artikel 2.54 Teruggaaf bij aanvraag en oordeel geen omgevingsvergunning nodig
|
|
|
Als het college van burgemeester en wethouders op grond van een aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning oordeelt dat voor de voorgenomen activiteit geen omgevingsvergunning is vereist, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt
|
85,00%
|
|
van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is gedaan verschuldigde leges.
|
|
|
Artikel 2.55 Teruggaaf als aanvraag verder buiten behandeling wordt gelaten
|
|
|
Als na toepassing van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht een aanvraag buiten behandeling wordt gelaten, bestaat aanspraak op teruggaaf. De teruggaaf bedraagt
|
70,00%
|
|
van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is gedaan verschuldigde leges.
|
|
|
Artikel 2.56 Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag omgevingsvergunning of maatwerkvoorschrift
|
|
|
Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning of aanvraag om een maatwerkvoorschrift geheel of gedeeltelijk intrekt terwijl het college van burgemeester en wethouders daarover nog geen besluit heeft genomen, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt
|
70,00%
|
|
van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges.
|
|
|
Artikel 2.57 Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag omgevingsvergunning of maatwerkvoorschrift op verzoek
|
|
|
Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning of aanvraag om een maatwerkvoorschrift op schriftelijk verzoek van de gemeente (college van burgemeester en wethouders/budgethouder) intrekt terwijl het college van burgemeester en wethouders daarover nog geen besluit heeft genomen, bestaat aanspraak op teruggaaf van
|
100,00%
|
|
van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges.
|
|
|
Artikel 2.58 Teruggaaf als gevolg van intrekking verleende omgevingsvergunning voor bouw- of milieubelastende activiteiten
|
|
|
Als het college van burgemeester en wethouders een verleende omgevingsvergunning voor een bouw- of milieubelastende activiteit intrekt op aanvraag van de vergunninghouder, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges, mits deze aanvraag is ingediend binnen 12 maanden na verlening van de vergunning en van de vergunning geen gebruik is gemaakt. De teruggaaf bedraagt
|
25,00%
|
|
van de voor de activiteit waarvoor de vergunning is ingetrokken verschuldigde leges.
|
|
|
Artikel 2.59 Teruggaaf als gevolg van het weigeren van een omgevingsvergunning
|
|
|
a.
|
Als het college van burgemeester en wethouders een omgevingsvergunning weigert, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt
|
25,00%
|
|
|
van de voor de activiteit waarvoor een omgevingsvergunning is geweigerd verschuldigde leges.
|
|
|
b.
|
Onder een weigering bedoeld in onderdeel a wordt mede verstaan een vernietiging van de beschikking waarbij de vergunning is verleend bij rechterlijke uitspraak.
|
|
|
Artikel 2.60 Geen teruggaaf legesdeel modaliteiten
|
|
|
1.
|
In afwijking van de voorgaande artikelen van deze paragraaf wordt, wanneer een omgevingsvergunning is geweigerd, geen teruggaaf verleend van het legesdeel dat betrekking heeft op de modaliteiten genoemd in artikel 2.46a.
|
|
|
2.
|
In afwijking van de voorgaande artikelen van deze paragraaf wordt geen teruggaaf verleend van het legesdeel dat betrekking heeft op de modaliteiten genoemd in de artikelen 2.47 tot en met 2.51.
|
|
|
Artikel 2.61 Minimumbedrag voor teruggaaf
|
|
|
Een bedrag minder dan € 100,00 wordt niet teruggegeven.
|
|