Gemeenteblad van 's-Gravenhage
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| 's-Gravenhage | Gemeenteblad 2025, 555778 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| 's-Gravenhage | Gemeenteblad 2025, 555778 | beleidsregel |
Beleidsregel brede ondersteuning Wet hersteloperatie toeslagen Den Haag 2025
Bij een zeer groot aantal ouders is tussen 2005 en 2019 onterecht de kinderopvangtoeslag stopgezet door de Belastingdienst. Dat heeft voor die ouders, hun gezinnen, ex-toeslagpartners en nabestaanden enorme gevolgen gehad. Daardoor is hen ernstig onrecht aangedaan.
Gedupeerde ouders hebben vaak meer nodig dan alleen financieel herstel. Zij kunnen nog dagelijks gevolgen ondervinden van de manier waarop de terugvordering van de kinderopvangtoeslag plaatsvond. Zij hebben bijvoorbeeld ondersteuning nodig bij het vinden van passend werk, het oplossen van schulden of begeleiding bij gezondheidsproblemen. Om die reden is in de Wet hersteloperatie toeslagen geregeld dat het aan het college van burgemeester en wethouders is om brede ondersteuning te bieden aan personen die zijn getroffen door de toeslagenproblematiek. Sinds 2021 ontvangen Haagse gedupeerden van de kinderopvangtoeslag deze brede ondersteuning. In deze beleidsregel is vastgelegd langs welke kaders deze ondersteuning wordt gegeven.
Brede ondersteuning is niet gericht op financieel herstel en biedt geen compensatie voor schade uit het verleden. Het doel van de brede ondersteuning is dat het gedupeerden in staat stelt een nieuwe start te maken na de toeslagenproblematiek. De nieuwe start is gekoppeld aan doelstellingen die verband houden met de vijf leefgebieden die in de Wet hersteloperatie toeslagen zijn genoemd. De individuele situatie van de gedupeerde en het gezin op het moment van de aanvraag is hierbij het uitgangspunt. Met de geboden ondersteuning krijgen ouders en kinderen de mogelijkheid om vaardigheden te ontwikkelen, kennis op te doen en hulp te krijgen om zo de doelstellingen op de vijf leefgebieden te kunnen behalen.
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Den Haag,
besluit vast te stellen de Beleidsregel brede ondersteuning Wet hersteloperatie toeslagen Den Haag 2025.
Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen
Artikel 1:1 Begripsomschrijvingen
In deze beleidsregel wordt verstaan onder:
Artikel 1:2 Doel van de brede ondersteuning
De doelstellingen van de brede ondersteuning op de leefgebieden die de aanvrager in staat stellen een nieuwe start te maken zijn:
a. in staat zijn om een financieel gezonde huishouding te voeren;
b. samenleven en opgroeien in een veilige omgeving waarin kinderen zich kunnen ontwikkelen;
c. minimaal de beschikking hebben over een startkwalificatie of duurzaam kunnen participeren middels arbeid;
Artikel 1:3 Uitzonderingen brede ondersteuning
Geen onderdeel van de brede ondersteuning zijn:
a. vormen van algemene inkomensaanvulling of inkomensondersteuning;
b. ondersteuning op andere leefgebieden;
c. vergoeding van schade als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, van de wet;
d. betalen van schulden, tenzij het gaat om vergoeding van betalingsachterstanden in een bedreigende situatie en onder de voorwaarde dat er ook aanvullende voorzieningen worden ingezet om herhaling van een bedreigende situatie te voorkomen;
e. kosten voor voorzieningen die zijn gemaakt voordat een aanvraag is ingediend, tenzij sprake was van een bedreigende situatie; en
f. kosten voor een advocaat bij het ontvangen van vergoeding van schade als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, van de wet.
Artikel 1:4 Doelgroep brede ondersteuning
Het college kan ook toegang tot brede ondersteuning verlenen aan een aanvrager die valt onder de personenkring van artikel 2.21, eerste en tweede lid, van de wet, maar die geen inwoner is als sprake is van een verhuizing, detentie of andere bijzondere omstandigheden als bedoeld in artikel 2.21, derde lid, van de wet. De aanvrager wordt in dat geval gelijkgesteld met een inwoner.
Artikel 1:5 Brede ondersteuning voor een minderjarige
Hoofdstuk 2 Aanvraag, eerste gesprek en vaststelling hulpvraag
Artikel 2:1 Aanvraag brede ondersteuning
Indien een inwoner bij de UHT heeft aangegeven in aanmerking te willen komen voor brede ondersteuning, ontvangt het college de contactgegevens van de inwoner via het gegevensportaal van de UHT. De datum van ontvangst van de gegevens via het gegevensportaal van de UHT wordt gelijkgesteld met het indienen van de aanvraag.
Artikel 2:2 Eerste gesprek en vaststelling hulpvraag
Hoofdstuk 3 Besluit op de aanvraag en plan van aanpak
Artikel 3:1 Besluit op de aanvraag
Het college draagt zorg dat de aanvrager binnen acht weken na het eerste gesprek een besluit als bedoeld in artikel 2.21 vierde lid van de wet. De beschikking bevat:
Artikel 3:2 Het opstellen van het plan van aanpak
In het plan van aanpak wordt vastgelegd:
a. hoe stapsgewijs en integraal wordt toegewerkt naar de doelstellingen voor het maken van een nieuwe start door de aanvrager; en
b. indien van toepassing, welke voorzieningen worden toegekend om de aanvrager op passende, adequate en duurzame wijze in staat te stellen deze doelstellingen te bereiken.
Artikel 3:3 Aanvullend schuldhulpverleningsaanbod jongeren
Het plan van aanpak bevat een aanvullend schuldhulpverleningsaanbod, zoals bedoeld in artikel 3, vierde lid, van de Regeling specifieke uitkering gemeentelijke hulp aan gedupeerden kinderopvangtoeslagproblematiek 2021, als de aanvrager:
b. in aanmerking komt voor de kindregeling;
c. naar het oordeel van het college in een problematische schuldsituatie zit zoals bedoeld in de Beleidsregel Schuldhulpverlening Den Haag 2022; en
d. diens aanvraag aanvullend schuldhulpverleningsaanbod heeft ingediend binnen de termijn, bedoeld in artikel 3, vierde lid, Regeling specifieke uitkering gemeentelijke hulp aan gedupeerden kinderopvangtoeslagproblematiek 2021.
Artikel 3:4 Het wijzigen van het plan van aanpak
Hoofdstuk 4 Toekennen en verstrekken van voorzieningen
Bij het toekennen van de voorzieningen houdt het college onder andere rekening met:
a. de capaciteiten van de aanvrager;
b. de financiële draagkracht de aanvrager;
c. de omvang en de samenstelling van het huishouden van de aanvrager;
d. het duurzame karakter van de voorziening; en
e. de wijze waarop de voorziening de aanvrager in staat stelt om de doelstellingen uit het plan van aanpak te bereiken.
Artikel 4:2 Materiële voorzieningen
Het college kan materiële voorzieningen tot zes maanden na het eerste gesprek toekennen. De feitelijke verstrekking van toegekende voorzieningen kan na deze periode nog plaatsvinden.
Artikel 4:3 Immateriële voorzieningen
Het college kan immateriële voorzieningen tot twee jaar na het eerste gesprek toekennen. De feitelijke verstrekking van toegekende voorzieningen kan na deze periode nog plaatsvinden.
Artikel 4:4 Medewerking aanvrager
Het college kan, voordat de voorziening wordt toegekend in het plan van aanpak, de aanvrager om medewerking, zoals bedoeld artikel 4:2, tweede lid, van de Awb , vragen om te kunnen bepalen of een beoogde voorziening aan de artikelen 4:1, derde lid, 4:2 en 4:3 voldoet.
Artikel 4:5 Weigeren voorzieningen
Het college weigert het toekennen van een voorziening als:
a. de gevraagde voorziening al vóór het eerste gesprek is gerealiseerd of geaccepteerd, tenzij er na het indienen van de aanvraag maar vóór het eerste gesprek sprake was van een bedreigende situatie waarvoor de voorziening noodzakelijk was;
b. de voorziening niet aan de artikelen 4:1, derde lid, 4:2 en 4:3 voldoet;
c. de aanvrager niet de medewerking, bedoeld in artikel 4:4 heeft verleend en het college daardoor niet kan vaststellen of de beoogde voorziening aan de artikelen 4:1, tweede en derde lid, 4:2 en 4:3 voldoet; of
d. de aanvrager al eerder deze voorziening heeft ontvangen of uitgekeerd heeft gekregen in het kader van de brede ondersteuning zoals bedoeld in de wet.
Hoofdstuk 5 Beëindiging brede ondersteuning en overdracht
Artikel 5:1 Beëindiging van de brede ondersteuning
In aanvulling op artikel 2.21, vierde lid, onderdeel b, en zesde lid, van de wet eindigt de brede ondersteuning als de aanvrager:
a. om beëindiging van de brede ondersteuning verzoekt; of
b. niet binnen een vastgestelde redelijke termijn van de brede ondersteuning gebruik heeft gemaakt en niet reageert op een oproep van het college om hier alsnog gebruik van te maken.
Artikel 5:2 Overdracht van hulpverlening
Als de aanvrager bij de beëindiging van de brede ondersteuning de doelstellingen uit het plan van aanpak niet heeft bereikt en het plan van aanpak niet expliciet in een overdracht naar reguliere gemeentelijke ondersteuning binnen het sociaal domein voorziet, dan zorgt het college in samenspraak met de aanvrager alsnog voor een warme overdracht naar regulier ondersteuningsaanbod van de gemeente vanuit de brede ondersteuning.
Het college kan in bijzondere gevallen afwijken van de bepalingen in deze beleidsregels, indien strikte toepassing ervan zou leiden tot een onevenredige benadeling van een aanvrager of tot een uitkomst die kennelijk onredelijk is.
Deze beleidsregel treedt in werking op de dag na bekendmaking in het Gemeenteblad.
Deze beleidsregel wordt aangehaald als: Beleidsregel brede ondersteuning Wet hersteloperatie toeslagen Den Haag 2025.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2025-555778.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.