Verordening Marktgelden 2026

Vastgesteld bij raadsbesluit van 11 december 2025, zaak kenmerk Z.124675

 

De raad van de gemeente West Maas en Waal;

 

Gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 4 november 2025, zaak kenmerk Z.124675;

 

Gelet op artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdeel a, van de Gemeentewet;

 

 

Besluit vast te stellen de volgende verordening:

 

 

Verordening op de heffing en invordering van MARKTGELDEN 2026

 

 

 

 

 

Artikel 1 Belastbaar feit

 

Onder de naam van marktgeld wordt een recht geheven voor het gebruik van enig gedeelte van openbare gebouwen, terreinen, pleinen of straten, welke door het college van burgemeester en wethouders voor het houden van markten is aangewezen.

 

 

Artikel 2 Belastingplicht

 

Belastingplichtig is degene aan wie de in artikel 1 bedoelde standplaats is toegewezen, dan wel degene die de in artikel 1 bedoelde standplaats inneemt.

 

 

Artikel 3 Tarief

 

1. Het in artikel 1 bedoelde marktgeld bedraagt:

a. voor elke standplaats per keer per strekkende meter € 1,76

b. bij abonnement voor een kalenderkwartaal voor elke

standplaats, per strekkende meter € 21,-

2. Voor de berekening van het in het eerste lid bedoelde marktgeld wordt een gedeelte van een strekkende meter voor een gehele meter gerekend.

 

 

Artikel 4 Abonnementen

 

Aan een abonnementhouder, als bedoeld in artikel 3, lid 1, sub b, die door overmacht geen gebruik heeft kunnen maken van de hem toegewezen standplaats, wordt naar evenredigheid restitutie van het betaalde abonnementsgeld verleend, over het aantal volle kalendermaanden, waarin van de standplaats geen gebruik is gemaakt.

 

 

 

 

 

Artikel 5 Wijze van heffing

 

Het marktgeld wordt geheven door middel van een gedagtekende kennisgeving, waarop het gevorderde bedrag is vermeld.

 

 

Artikel 6 Termijn van betaling

1. Het marktgeld als bedoeld in artikel 3, lid 1 onderdeel a. moet worden voldaan op het tijdstip waarop een standplaats wordt ingenomen.

2. Het marktgeld als bedoeld in artikel 3, lid 1 onderdeel b. dient te worden voldaan gelijktijdig met het voor de eerste keer in het kalenderkwartaal innemen van de standplaats.

 

 

Artikel 7 Kwijtschelding

 

Bij de invordering van marktgelden wordt geen kwijtschelding verleend.

 

 

Artikel 8 Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders

 

Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van marktgelden.

 

 

Artikel 9 Overgangsbepaling

 

De "Verordening marktgelden 2025" van 12 december 2024, wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 10, tweede lid, genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.

 

 

Artikel 10 Inwerkingtreding

1. Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking.

2. De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2026.

 

 

Artikel 11 Citeertitel

 

Deze verordening wordt aangehaald als "Verordening marktgelden 2026".

 

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering op 11 december 2025.

 

De raad van West Maas en Waal

 

 

C. (Elles) Jansen-Bouwman

griffier

 

 

V.M. (Vincent) van Neerbos

voorzitter

 

 

Naar boven