Gemeenteblad van Almere
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Almere | Gemeenteblad 2025, 549123 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Almere | Gemeenteblad 2025, 549123 | beleidsregel |
Beleidsregels Zoektermijn personen jonger dan 27 jaar
Het college van burgemeester en wethouders van Almere,
Gelet op de artikelen 7, 9, 13, 41 en 43 van de Participatiewet en de bepalingen van de Algemene wet bestuursrecht;
Overwegende dat het wenselijk is om inzichtelijk te maken welke inspanningen van jongeren van 18 tot en met 26 jaar worden verwacht gedurende de zoektermijn en in welke situaties een uitzondering op deze zoektermijn van toepassing is;
vast te stellen de navolgende Beleidsregels Zoektermijn personen jonger dan 27 jaar onder intrekking van de op 3 april 2023 vastgestelde beleidsregel ‘Zoekperiode personen jonger dan 27 jaar’.
Beleidsregels Zoektermijn personen jonger dan 27 jaar
De zoektermijn is bedoeld om jongeren te stimuleren eerst zelfstandig actief op zoek te gaan naar werk of onderwijs dat bekostigd wordt uit de rijkskas, voordat zij een bijstandsuitkering kunnen aanvragen. Deze periode duurt vier weken, waarin de jongere zijn of haar inspanningen aantoonbaar moet maken. Pas na afloop van deze periode kan de aanvraag definitief worden ingediend.
Er zijn situaties waarin de zoektermijn niet van toepassing is. Naast de wettelijke uitzonderingen kan in individuele gevallen worden afgeweken van de zoektermijn, bijvoorbeeld wanneer toepassing ervan niet effectief is. Dit vereist een zorgvuldige, op maat gemaakte beoordeling.
Het uitgangspunt is dat de jongere altijd eerst wordt uitgenodigd voor een gesprek voordat besloten wordt tot een uitzondering, tenzij er gegronde redenen zijn waardoor aanwezigheid niet mogelijk is. Op basis van dit persoonlijk contact wordt beoordeeld welke inspanningen redelijkerwijs van de jongere verwacht mogen worden en of (tijdelijk) kan worden afgezien van het opleggen van de zoektermijn.
Artikel 3. Samenvallen zoektermijn met eerdere termijn
Er zijn situaties waarin de zoektermijn kan samenvallen met een eerdere periode waarin al naar werk of scholing is gezocht. In dat geval is een nieuwe volledige zoektermijn van vier weken niet nodig. Of dit van toepassing is, wordt per individuele situatie beoordeeld, waarbij gekeken wordt of voldoende inspanningen zijn verricht.
Een jongere die uit ’s Rijks kas bekostigd onderwijs kan volgen en hiermee zijn arbeidskansen kan vergroten, heeft in beginsel een scholingsplicht. Het behalen van een startkwalificatie vergroot de arbeidskansen. Iedere jongere zonder startkwalificatie heeft daarom in beginsel de plicht uit 's Rijks kas bekostigd onderwijs te volgen.
Het college kan een uitzondering op de scholingsplicht maken wanneer een jongere geobjectiveerd aantoont dat regulier onderwijs niet gevolgd kan worden, of wanneer dit naar redelijke maatstaven (nog) niet van de jongere kan worden verlangd, rekening houdend met diens mogelijkheden en omstandigheden (redelijkheidstoets). Een uitzondering op de scholingsplicht wordt in ieder geval gemaakt als de jongere:
Jongeren die vallen onder de Wsnp hebben een sollicitatieplicht vanuit de Wsnp en krijgen in beginsel geen toestemming van de bewindvoerder en de rechter-commissaris om scholing met gebruik van Wsf te volgen. Ook de jongeren die een (minnelijk) schuldregeltraject gericht op een schuldenvrije toekomst bij een gemeentelijke schuldregelaar volgen mogen in beginsel geen studieschuld opbouwen. Aan deze jongeren kan wel de plicht opgelegd worden om een BBL-opleiding te gaan volgen.
Artikel 6. Beoordeling inspanningsverplichting
Indien de klantmanager tijdens het eindgesprek van de zoektermijn de inspanningen van de jongere niet kan beoordelen, wordt de beoordeling verplaatst naar het moment van de aanvraag om bijstand. Dit geldt ook indien er geen afspraken zijn gemaakt vanwege het niet verschijnen bij het intakegesprek.
Aldus vastgesteld,
Almere, 2 december 2025
Burgemeester en wethouders van Almere,
namens hen,
De afdelingsmanager Werk en Inkomen
T. Permentier
Bijlage 1. Toelichtingen op de beleidsregels
Een sollicitatie wordt niet als realistisch beschouwd wanneer duidelijk is dat de functie buiten de mogelijkheden van de jongere valt. Bijvoorbeeld:
De activiteiten die hieronder worden beschreven, staan op de website, worden bij de melding schriftelijk bevestigd en staan in de uitnodigingsbrief voor het intakegesprek.
Tijdens het gesprek wordt bepaald welke inspanningen redelijkerwijs van de jongere kunnen worden verwacht en in hoeverre, met toepassing van maatwerk, (voor een bepaalde periode) kan worden afgezien van de zoektermijn.
Wanneer de zoektermijn niet van toepassing is, wordt de jongere altijd geïnformeerd. De jongere (en/of gemachtigde) ontvangt per e-mail een brief met daarin een directe link (snellink) om de aanvraag voor algemene bijstand in te dienen. Op deze manier wordt ervoor gezorgd dat de jongere zo snel mogelijk toegang heeft tot de aanvraagprocedure, met inachtneming van de relevante termijnen zoals opgenomen in de Beleidsregels gegevens opvragen en verstrekken Participatiewet, IOAW en IOAZ Gemeente Almere.
Voorbeelden van kwetsbare omstandigheden kunnen zijn:
Problematische schulden. Een schuld is in ieder geval problematisch wanneer er een terugbetalingsverplichting op rust en de termijn daarvan is overschreden.
Jongeren die al deelnemen aan een schuldregelingstraject of ondersteuning krijgen bij het oplossen van schulden, kunnen uitgesloten worden van de zoektermijn. Jongeren die nog geen hulp ontvangen, moeten zich aanmelden bij Verder. Zodra aanmelding aantoonbaar is gedaan, kan worden afgezien van de (resterende) zoektermijn;
Indien er sprake is van een gezamenlijke huishouding, en er voor één jongere geen zoektermijn geldt vanwege kwetsbare omstandigheden, blijft voor de andere jongere wel een zoektermijn gelden. De aanvraag kan wel direct in behandeling worden genomen.
Het besluit om de zoektermijn niet toe te passen wordt door het college gemotiveerd vastgelegd.
d. Zie beleidsregel, Vereenvoudiging aanvraagprocedure gemeente Almere 2026.
Bij een verhuizing van de jongere naar een andere gemeente wordt formeel het recht op bijstand beëindigd. Indien de aanvraag in de opvolgende gemeente binnen 30 dagen plaatsvindt (artikel 45, lid 3, Participatiewet), wordt het recht op bijstand feitelijk voortgezet en is er sprake van overname door de opvolgende gemeente. In deze situatie is het niet noodzakelijk om de zoektermijn opnieuw op te leggen. De jongere heeft de zoektermijn immers al doorlopen in de oorspronkelijke gemeente voorafgaand aan de aanvraag om bijstand. Het opnieuw laten starten van een zoektermijn zou bovendien leiden tot een ongewenst onderscheid met jongeren die binnen dezelfde gemeente verhuizen.
De Wsf wordt aangemerkt als een voorliggende voorziening die voor studerende jongeren passend en toereikend is. Hieronder valt tevens de mogelijkheid tot het verkrijgen van een lening. Dit betreft jongeren die aanspraak hebben op, dan wel aanspraak kunnen maken op, de Wsf.
De bepaling in artikel 13 lid 2, onder c van de Participatiewet is dwingend. Voor werk en inkomen bestaat hierin geen beleidsvrijheid. De wetgever heeft echter niet toegelicht wat precies wordt bedoeld met het “kunnen volgen” van door het rijk bekostigd onderwijs. Het begrip “kunnen volgen” kent twee dimensies: een technisch kunnen en een redelijkheidstoets. Enerzijds gaat het om de vraag of een jongere zich daadwerkelijk kan inschrijven en aanspraak kan maken op studiefinanciering. Anderzijds moet worden beoordeeld of het in redelijkheid van de jongere kan worden gevergd om onderwijs te volgen.
Bij die beoordeling kunnen omstandigheden zoals gezinsomstandigheden, fysieke of psychische beperkingen en de capaciteiten van de jongere een rol spelen. Als duidelijk is dat er nog mogelijkheden liggen binnen het reguliere onderwijs die onvoldoende zijn benut, moet werk en inkomen de aanvraag om bijstand weigeren.
Alleen het feit dat iemand bijvoorbeeld zwanger is, vormt op zichzelf geen reden om artikel 13, lid 2, onder c, Participatiewet niet toe te passen.
Wanneer er geen mogelijkheden meer zijn binnen het reguliere onderwijs, moet dit gemotiveerd worden vastgelegd. In dat geval staat bijstandsverlening niet in de weg. Voor deze beoordeling maakt werk en inkomen gebruik van het gemeentelijk beleid en van studiegegevens van de jongere die eventueel bij werk en inkomen bekend zijn en geraadpleegd kunnen worden.
Jongeren hebben een informatieplicht met betrekking tot de vraag in hoeverre het reguliere onderwijs nog mogelijkheden voor hen biedt. Bij de aanvraag voor bijstand dienen zij de documenten te overleggen die werk en inkomen nodig heeft om te beoordelen of het volgen van een door het rijk bekostigde opleiding mogelijk is. Deze verplichting vloeit voort uit artikel 41, lid 5, van de Participatiewet.
Een jongere die Vavo onderwijs volgt, heeft recht op Wtos en niet op Wsf. De jongere dient daarom te onderzoeken of en per wanneer aanspraak op Wsf kan worden gemaakt, zodat die per het eerstvolgende instroommoment kan overstappen naar een opleiding met aanspraak op Wsf, tenzij persoonlijke of andere relevante omstandigheden dit niet mogelijk maken.
Als de jongere een BBL-opleiding gaat volgen of volgt, moet er sprake zijn van een arbeidsovereenkomst tussen de (toekomstige) werkgever en de jongere.
Om de scholingsmogelijkheden van de jongere te beoordelen, is de jongere verplicht om uiterlijk bij het eindgesprek of bij het doen van de aanvraag de documenten te overleggen, zoals vastgelegd in het inspanningsplan. Indien er geen inspanningsplan is opgesteld, zijn de standaard scholingsactiviteiten van toepassing, zoals vermeld in de toelichting bij artikel 2 lid 2 (scholing).
Om de houding en het gedrag van de jongere ten aanzien van arbeidsverplichtingen van artikel 9 Participatiewet te beoordelen, is de jongere verplicht om uiterlijk bij het eindgesprek of bij het doen van de aanvraag de documenten te overleggen, zoals vermeld in de toelichting bij artikel 4, lid 1 (arbeid).
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2025-549123.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.