Gemeenteblad van Beek
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Beek | Gemeenteblad 2025, 548374 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Beek | Gemeenteblad 2025, 548374 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Verordening op de heffing en invordering afvalstoffenheffing Beek 2026
Artikel 2. Aard van de belasting en belastbaar feit
De afvalstoffenheffing bedoeld in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel wordt naar afzonderlijke grondslagen geheven ter zake van het gebruik maken van een perceel ten aanzien waarvan krachtens de artikelen 10.21 en 10.22 van de Wet milieubeheer een verplichting tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt, dan wel het aanbieden van afvalstoffen bij het milieupark als bedoeld in hoofdstuk 1.3 van de tarieventabel behorende bij deze verordening.
Artikel 6. Reductie heffing medisch afval
Indien de belastingplichtige, als bedoeld in artikel 4, eerste lid, als gevolg van chronische ziekte of handicap dan wel chronische ziekte of handicap van personen die behoren tot zijn of haar huishouden, extra afval moet aanbieden aan de aangewezen inzameldienst komt de belastingplichtige aanmerking voor:
De belastingplichtige die in aanmerking wil komen voor vermindering op grond van het eerste lid, dient uiterlijk binnen 6 maanden na dagtekening van de opgelegde belasting, zoals bedoeld in het eerste lid, een daartoe strekkend verzoek in te dienen bij de heffingsambtenaar. Bij dit verzoek dient een schriftelijke verklaring van de huisarts, medisch specialist, ziektekostenverzekeraar, apotheker of medische groothandel te worden overlegd, waaruit blijkt dat als gevolg van een chronische ziekte of handicap extra afval wordt aangeboden en - indien van toepassing - de kennisgevingen (aankoopbonnen) van de afvalzakken.
Artikel 7. Maatstaf van heffing en belastingtarief
Indien tijdens een inzamelbeurt door een calamiteit of technische storing aan de wegende inzamelauto, de herkennings-, wegings- of registratieapparatuur of van de middelen waarmee de registratiegegevens van de geledigde containers worden opgeslagen, van een aangeboden container geen of een onjuiste automatische weging, herkenning, registratie of gegevensverwerking plaatsvindt, wordt voor de berekening van de belasting bij alle betrokken percelen, waar zich deze storing heeft voorgedaan, voor de betreffende inzamelbeurt een forfaitair gewicht per perceel vastgesteld. Het forfaitair gewicht wordt vastgesteld overeenkomstig het gestelde in de leden 6 en 7.
De belasting bedoeld in hoofdstuk 1.3 en hoofdstuk 1.4 van de tarieventabel wordt geheven door middel van een mondelinge dan wel een gedagtekende schriftelijke kennisgeving. Het gevorderde bedrag wordt mondeling, dan wel door toezending of uitreiking van de schriftelijke kennisgeving aan de belastingschuldige bekendgemaakt.
Artikel 9. Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang
Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt, is de belasting, als bedoeld in hoofdstuk 1.1 van de tarieventabel, verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voordat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.
Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt, bestaat, voor de belasting als bedoeld in hoofdstuk 1.1 van de tarieventabel, aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.
Artikel 10. Termijnen van betaling
In afwijking van artikel 9, eerste lid van de Invorderingswet 1990 moet een aanslag als worden betaald: in twee gelijke termijnen, waarvan de eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de tweede termijn een maand later.
In afwijking van het eerste lid geldt, in geval het totaalbedrag van een of meerdere op een aanslagbiljet vermelde aanslagen niet hoger is dan € 20.000 en zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische incasso kunnen worden afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in zoveel gelijke termijnen als er na de maand van dagtekening van het aanslagbiljet nog niet geëindigde maanden in het kalenderjaar overblijven, met dien verstande dat het aantal termijnen ten minste vier en ten hoogste tien bedraagt.
Artikel 10. Overdracht van Bevoegdheden
Het college van burgemeester en wethouders is bevoegd tot het vaststellen en wijzigen van de bij deze verordening behorende tarieventabel zoals bedoeld in artikel 7.
Bij de invordering van de afvalstoffenheffing kan alleen voor de belasting als bedoeld in hoofdstuk 1.1, onderdeel 1.1.1, van de tarieventabel gehele of gedeeltelijke kwijtschelding worden verleend, indien de belasting niet anders dan met buitengewoon bezwaar kan worden betaald.
Artikel 13. Forfaitaire heffing
Indien de gemeente buiten haar aansprakelijkheid – om wat voor reden dan ook – niet kan beschikken over de informatie die nu de basis vormt voor de gemeentelijke heffing, is de gemeente gerechtigd middels een forfaitaire heffing, conform artikel 7, leden 5, 6, en 7, toch de kosten bij de aanbieder van het huishoudelijk afval in rekening te brengen indien de dienstverlening toch heeft plaatsgevonden.
De “Verordening Afvalstoffenheffing Beek 2024” van 7 december 2023, of zoals laatstelijk gewijzigd, wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 15, tweede lid, genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2025-548374.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.