|
Bijlage 1
Handhaving en excessenregeling
De gemeente zet in op het bewaken van de ruimtelijke kwaliteit. Een effectief welstandsbeleid kan niet zonder een consequente handhaving. Het team Vergunning, Toezicht en Handhaving (vth) is daarvoor de verantwoordelijke beleidsuitvoerende afdeling.
Repressieve welstandstoetsing
Indien het uiterlijk van een bouwwerk in ernstige mate in strijd is met redelijke eisen van welstand kunnen burgemeester en wethouders op grond van artikel 13a van de Woningwet, degene die tot het opheffen van die strijdigheid bevoegd is, aanschrijven om die strijdigheid op te heffen.
Een bouwwerk is in strijd met redelijke eisen van welstand indien sprake is van excessen, dat wil zeggen buitensporigheden in het uiterlijk die ook voor niet-deskundigen overduidelijk zijn. Vaak heeft dit betrekking op de manier waarop een bouwwerk zich – door de gekozen vormgeving – van zijn omgeving ‘afsluit’, het ontkennen of vernietigen van architectonische bijzonderheden, armoedig materiaalgebruik, toepassing van felle of contrasterende kleuren, te opdringerige reclames of een grove inbreuk op wat in de omgeving gebruikelijk of gewenst is, zoals verwoord in de gebiedsgerichte welstandscriteria.
De excessenregeling geldt ook voor omgevingsvergunningvrije bouwwerken.
|
Bijlage 1 Handhaving en excessenregeling
De gemeente zet in op het bewaken van de ruimtelijke kwaliteit. Een effectief welstandsbeleid kan niet zonder een consequente handhaving. Het team Vergunning, Toezicht en Handhaving (vth) is daarvoor de verantwoordelijke beleidsuitvoerende afdeling.
Repressieve welstandstoetsing
Indien het uiterlijk van een bouwwerk in ernstige mate in strijd is met redelijke eisen van welstand kunnen burgemeester en wethouders op grond van artikel 13a van de Woningwet, degene die tot het opheffen van die strijdigheid bevoegd is, aanschrijven om die strijdigheid op te heffen.
Een bouwwerk is in strijd met redelijke eisen van welstand indien sprake is van excessen, dat wil zeggen buitensporigheden in het uiterlijk die ook voor niet-deskundigen overduidelijk zijn. Vaak heeft dit betrekking op de manier waarop een bouwwerk zich – door de gekozen vormgeving – van zijn omgeving ‘afsluit’, het ontkennen of vernietigen van architectonische bijzonderheden, armoedig materiaalgebruik, toepassing van felle of contrasterende kleuren, te opdringerige reclames of een grove inbreuk op wat in de omgeving gebruikelijk of gewenst is, zoals verwoord in de gebiedsgerichte welstandscriteria.
Voor gebieden met een streng welstandsregime geldt dat kleine ingrepen al grote gevolgen kunnen hebben. In deze gebieden zal dan ook eerder al sprake zijn van een exces. Zo geldt bijvoorbeeld voor de Clusterwoningen (gebied 10) dat sprake is van een kwetsbaar gebied met een duidelijke karakteristiek, met name ook in de kleurstelling. Lichte(re) kleuren en/of afwijkende kleuren gevelbekleding die onvoldoende onderlinge samenhang hebben met het oorspronkelijke beeld worden in beginsel als exces aangemerkt. Dit geldt ook voor het ontbreken van een houtnerf-structuur of sponningdelen van een (te) afwijkende breedte.
De excessenregeling geldt ook voor omgevingsvergunningvrije bouwwerken.
|