Nadere regels reclame 2025 gemeente Haarlem

Burgemeester en wethouders van de gemeente Haarlem,

 

Overwegende dat,

 

  • -

    De gemeenteraad in heeft gevraagd om het Reclamebeleid uit 2013 te herzien;

  • -

    De huidige regelgeving nog naar behoren functioneert;

  • -

    De tekst en structuur van de huidige algemene regels duidelijker kan;

Gelet op artikel 4:16, van de Algemene plaatselijke verordening gemeente Haarlem;

 

Besluit vast te stellen de Nadere regels reclame 2025 gemeente Haarlem

 

Nadere regels reclame 2025

Artikel 1  

Begrippenlijst:

 

  • a)

    bedrijf:

    Een onderneming gericht op het produceren, bewerken, herstellen, installeren of inzamelen van goederen, alsmede verhuur, opslag en distributie van goederen.

  • b)

    bedrijfsverzamelgebouw:

    een gebouw waarin twee of meer bedrijven zijn gevestigd;

  • c)

    culturele en/of educatieve inrichtingen:

    inrichtingen gericht op tentoonstellingen en podiumkunsten

  • d)

    dakreclame:

    verlichte of onverlichte voorwerpen aangebracht in goten of op daken van bouwwerken;

    hiertoe worden ook gerekend beschilderingen van dakvlakken of daarmee vergelijkbare reclamevormen;

  • e)

    dienstverlening:

    het bedrijfsmatig verlenen van diensten, met uitzondering van prostitutie, waarbij een onderscheid gemaakt kan worden in:

     

    • 1.

      administratieve, financiële en zakelijke dienstverlening e.d.: het verrichten van administratieve en daarmee gelijk te stellen werkzaamheden, als dan niet met daaraan ondergeschikte balie/loketwerkzaamheden;

    • 2.

      publieksgerichte dienstverlening: dienstverlening voor een bedrijf of instelling dat in hoofdzaak balie/loketwerkzaamheden verricht of andere diensten verleend

  • f)

    gebruiker:

    exploitant van het bedrijf ten behoeve waarvan reclame wordt gemaakt;

  • g)

    gelegenheden van bijzondere aard:

    grote evenementen zoals: de Sinterklaasintocht, Haarlem Jazz, Bloemencorso en dergelijke.

  • h)

    gevelreclame:

    reclame op of aan een gebouw niet zijnde kunstuitingen zonder reclame oogmerk op blinde muren;

  • i)

    hangende banier:

    zoals een staande banier maar dan zonder voet en bevestigd aan de gevel

  • j)

    horecapand :

    Een pand waarin een Openbare inrichting met alcoholvergunning is gevestigd in het kader van artikel 2.27 van de APV.

  • k)

    kantoren en bedrijfspanden: zie bedrijf.

  • l)

    lichtreclame of verlichte reclame:

    reclame voorzien van en/of aangelicht door een kunstlichtbron, anders dan openbare verlichting;

  • m)

    maatschappelijke voorzieningen:

    educatieve-, sociale-, culturele- en levensbeschouwelijke voorzieningen, (para)medische-, (sociaal)medische voorzieningen en andere maatschappelijke voorzieningen, met alle eventueel bijbehorende praktijkruimte, voorzieningen voor openbare dienstverlening, kinderdagverblijven, kinderopvang, peuterzalen, en bijbehorende (speel)voorzieningen. Drugsopvang is niet toegestaan;

  • n)

    parcelleringseenheid: de gevelbreedte van de architectuureenheid;

  • o)

    plat bord:

    • -

      een plat tegen een gevel van een bouwwerk of tegen een luifel aangebracht verlicht of onverlicht voorwerp met een maximum dikte, gemeten loodrecht op de gevel, of een daarmee overeenkomend samenstel van elementen;

    • -

      een met een plat bord overeenkomend samenstel van elementen:

      • 1.

        een bord met onderbrekingen gebaseerd op de gevelindeling;

      • 2.

        muurschilderingen;

  • p)

    penanten:

    verticale muurdelen of zogenaamde 'muurdammen' tussen de openingen voor bijv. deuren en ramen.

  • q)

    reclameobject:

    een voorwerp dat bedoeld is om reclame op aan te brengen, zoals op banieren en borden.

    Reclame is in tekst, foto of andere afdruk. Het reclameobject kan ook een afbeelding/model zijn van wat in de winkel /horecapand te koop is.

  • r)

    reclametoestel:

    een voorwerp dat bedoeld is om reclame op aan te brengen;

  • s)

    staande banier:

    Stuk doek of ander flexibel materiaal waarop tekens of decoratieve ontwerpen zijn geschilderd, geborduurd of gedrukt, om uit te stallen. Het banier heeft een voet met een doorsnede van maximaal 0,7 meter en aan de bovenzijde aan een horizontale stok bevestigd en aan de zijkant aan de draagstok.

  • t)

    toezicht:

    de ambtenaren, belast met het toezicht op de naleving van de reclamevoorschriften;

  • u)

    uithangbord:

    een loodrecht op de gevel van een bouwwerk aangebracht verlicht of onverlicht voorwerp;

  • v)

    winkel:

    Een pand waarbinnen en van waaruit detailhandel plaats vindt: het bedrijfsmatig te koop aanbieden, inclusief de uitstalling voor de verkoop, het verkopen en/of leveren van goederen aan personen anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit, met uitzondering van horeca.

Vergunningsvrije reclame

Artikel 2  

Niet-verlichte opschriften en aankondigingen betrekking hebbend op het beroep, de dienst, of het bedrijf dat in of op het bouwwerk wordt uitgeoefend of waarvoor dat is bestemd, en voorts op naamborden, mits deze opschriften, aankondigingen en naamborden gezamenlijk geen grotere oppervlakte hebben dan 0,50 m².

Artikel 3  

Niet-verlichte makelaarsborden bestemd voor de verkoop van onroerend goed, voor zover deze geen grotere oppervlakte hebben dan 1 m² per bord met een maximum van 2 borden.

Artikel 4  

Niet-verlichte opschriften betrekking hebbend op de naam en/of aard van in uitvoering zijnde bouwwerken en/of op de namen van degenen die bij het ontwerp en/of de uitvoering van het bouwwerk betrokken zijn, mits deze opschriften zijn aangebracht op borden bij of op de in uitvoering zijnde bouwwerken zelf, een maximum oppervlakte hebben van 0,50 m² per onderneming, en voor zolang zij feitelijke betekenis hebben.

Artikel 5  

Reclame aangebracht op de volant van zonneschermen en luifels middels losse geschilderde letters.

Artikel 6  

Vlaggen ter promotie van gelegenheden van bijzondere aard met een maximum van één per gebruiker en per gevel (parcelleringseenheid) voor zolang deze gelegenheid duurt.

Artikel 7  

Vlaggen binnen het beschermd stads- en dorpsgezicht alleen bij maatschappelijke voorzieningen en met een maximum van één per parcelleringseenheid.

Artikel 8  

Buiten het beschermd stads- en dorpsgezicht geldt voor vlaggen:

 

  • Maximaal één vlag en één per gebruiker en per parcelleringseenheid.

  • Op bedrijfspanden op bedrijventerreinen, kantoorgebouwen en dergelijke zijn meer vlaggen toegestaan.

Artikel 9  

Reclameborden op sportvelden van buitensport verenigingen, tenzij gericht op de openbare weg.

Artikel 10  

Opschriften, aankondigingen en reclame afbeeldingen die zijn aangebracht in het inwendige gedeelte van de onroerende zaak.

Artikel 11  

Tijdelijk aangebrachte spandoeken van ideële aard zoals de aankondigingstekst “kinderen weer naar school” mits aangebracht op een minimale hoogte van 4,2 meter boven de weg.

 

Nadere regels voor reclame voor een bepaalde tijd

Artikel 12  

Bij tijdelijke reclame geldt een termijn van ten hoogste de duur van drie jaar.

Artikel 13  

In het beschermd stads- en dorpsgezicht geldt voor:

 

  • a.

    niet-verlichte opschriften en aankondigingen betrekking hebbend op openbare verkoping, faillissement, aanbiedingen ter verkoop, verhuur of verpachting van onroerende zaken, alsmede voor gehele of gedeeltelijke als zodanig kenbare uitverkoop, voor zolang zij feitelijk betekenis hebben, mits deze opschriften en aankondigingen gezamenlijk geen grotere oppervlakte hebben dan 3 m² en geen van alle een grotere afmeting in één richting hebben dan 1,5 meter;

  • b.

    niet-verlichte opschriften en aankondigingen op afficheborden van maximaal 1,5 m² of dundoeken, plat tegen de gevel, betrekking hebbend op culturele voorstellingen en éénmalige tentoonstellingen.

  • c.

    bouwborden dat deze moeten passen in de schaal van het gebouw en de uitstraling van de omgeving.

Artikel 14  

Voor bouw- makelaars- en projectborden buiten het beschermd stadsgezicht geldt dat deze moeten passen in de schaal van het gebouw en uitstraling van de omgeving.

Artikel 15  

Tijdelijke reclame wordt niet toegestaan binnen 3 maanden na beëindiging van de termijn als bedoeld in artikel 12.

Artikel 16  

Steigerdoeken die zijn voorzien van reclame moeten voldoen aan de volgende algemene regels:

 

  • a)

    In het beschermd stads- en dorpsgezicht bevat het steigerdoek een afbeelding van de erachter gelegen gevel, waarbij maximaal 25% aan reclameruimte toegestaan is.

  • b)

    Voor organisaties zonder winstoogmerk kunnen burgemeester en wethouders de 25% regel in het beschermd stads- en dorpsgezicht versoepelen tot een maximum van 50% aan promotieruimte.

  • c)

    Buiten het beschermd stads- en dorpsgezicht mag de reclame het gehele steigerdoek beslaan.

  • d)

    Tussen 22.00 uur en 06.00 uur mag het steigerdoek niet verlicht zijn.

  • e)

    Steigerdoekreclame is slechts mogelijk tijdens de uitvoering van werkzaamheden aan de gevel van een gebouw waarvoor een steiger noodzakelijk is. Het reclamedoek moet werkelijk dienen ter vervanging van het gebruikelijke steigerdoek.

  • f)

    Als een pand is voorzien van een steigerdoek mag een ondernemer gevestigd in dat pand voor zolang als de werkzaamheden duren een reclamebord op het doek bevestigen van maximaal 1,5 m².

  • g)

    Een reclamedoek voorzien van verlichting, mag geen hinderlijk knipperend of bewegend licht verspreiden.

  • h)

    De reclamedoeken moeten in een goede kwaliteit en in een goede staat houden.

  • i)

    De reclameuiting moet passend zijn binnen de code van de reclamecodecommissie.

Toetsingskader voor omgevingsvergunningplichtige reclame:

Artikel 17  

Gebruik van kunstlicht is toegestaan, tenzij dit op grond van deze regels anders is geregeld;

Artikel 18  

Bij de plaatsing van reclame plat op de gevel moet worden uitgegaan van:

 

  • a.

    In het beschermd stads- en dorpsgezicht bij voorkeur een tekst in losse letters al dan niet ingepast tussen twee logo’s en geen lichtbakken binnen het beschermd stads- en dorpsgezicht;

  • b.

    een onderbroken lijn van reclame-uitingen, met onderbrekingen die gebaseerd zijn op de differentiatie in gevelindeling en parcellering;

  • c.

    plaatsing van de gehele reclame onder de eerste verdiepingsvloer/puizone, tenzij dit praktisch gezien niet mogelijk is;

  • d.

    een beperking van de hoogte door de voorwaarde dat geen afbreuk wordt gedaan aan de bestaande geveldifferentiatie en parcellering, met een maximum van 60 centimeter;

  • e.

    een beperking van de breedte door de voorwaarden dat de zijpenanten in de gevel worden vrijgehouden en geen afbreuk wordt gedaan aan de bestaande geveldifferentiatie en parcellering, niet breder dan 75% van de gevel met een maximum van 4 meter;

  • f.

    een beperking van de diepte door een maximale dikte of uitsteekmaat van 20 centimeter, inclusief ophangsysteem;

  • g.

    maximaal één reclame uiting per parcelleringseenheid;

Artikel 19  

Bij de plaatsing van een uithangbord dient te worden uitgegaan van:

 

  • a.

    een maximum afmeting van 0.70 m bij 0.50 m, tenzij de straat daarvoor te smal is. In een dergelijke situatie oordeelt het college hierover;

  • b.

    een maximale uitsteekmaat buiten het gevelvlak van 0.90 meter inclusief bevestigingen, gemeten vanaf de gevel;

  • c.

    een maximale dikte van 0, 20 meter; plaatsing van de gehele reclame niet hoger dan de eerste verdiepingsvloer, echter indien dit praktisch gezien niet mogelijk is, niet hoger dan de onderdorpels van de ramen van de eerste verdieping;

  • d.

    een plaatsing niet lager dan 2,20 meter boven het voor voetgangers bestemde gedeelte van de openbare weg, gerekend vanaf de onderzijde van het bord;

  • e.

    maximaal één bord per parcelleringseenheid, met een maximum van twee per gebruiker per gevel.

Artikel 20  

Bij een hangende banier dient te worden uitgegaan van maximaal twee banieren per

parcelleringseenheid passende bij de schaalgrootte en indeling van het gebouw.

Artikel 21  

Bij een bedrijfsverzamelgebouw moet voor reclame uitingen maximaal 1 reclamezuil worden gebruikt met een maximale hoogte van 3 meter en maximaal 1 meter breed.

Artikel 22  

Op bedrijventerreinen en overige kantoor- en bedrijfspanden buiten het beschermd stads- en dorpsgezicht kan meer aan reclame worden toegestaan. De aanvragen worden per geval beoordeeld.

Artikel 23  

Maatafwijkingen

Afwijken van de gestelde maten is toegestaan met een maximum van tien procent van elk van de toegestane maten, mits wordt aangetoond dat door constructiewijze en materiaalgebruik het geheel voldoen aan de toegestane maten redelijkerwijs niet mogelijk is.

 

Afwijking

Het college van burgemeester en wethouders kan gemotiveerd afwijken van deze regels en toetsen aan de nota Ruimtelijke Kwaliteit. Dit vindt plaats bij plannen die niet voldoen aan de deze regels maar wel een positieve bijdrage leveren aan de visuele kwaliteit van de stad.

 

Weigeringsgronden voor omgevingsvergunningplichtige reclame

Artikel 24  

  • a.

    gevelreclame op blinde muren of delen daarvan;

  • b.

    bewegende (mechanische) reclame, lichtcouranten en lichtreclame met veranderlijk of knipperend licht en lichtprojecties, alsmede contourverlichting,

  • c.

    daglicht reflecterende reclame;

  • d.

    gevelreclame die niet loodrecht op of niet evenwijdig en vlak aan de gevel is geplaatst;

  • e.

    reclame aangebracht aan bouwlagen met een woonbestemming of bouwlagen met

  • a.

    bedrijfsbestemming zonder publieksfunctie, tenzij in dringende gevallen hiervan afgeweken moet worden met dien verstande dat de uitvoering welstandelijk gezien aanvaardbaar is;

  • f.

    uithangborden aangebracht op een plaats waar het uitzicht op de openbare ruimte vanuit woningen in belangrijke mate wordt belemmerd;

  • g.

    reclame op steigers en andere hulpconstructies voor bouw- of renovatiewerkzaamheden, anders dan bedoeld in artikel 28;

  • h.

    *vlaggen, wimpels, banieren en andere dundoeken, winkelwaren, voorwerpen of kleurvlakken, ook als zij geen afbeelding zijn en/of opschriften bevatten, die als reclame op of aan een bouwwerk zijn aangebracht;

  • i.

    dakreclame;

  • j.

    reclame op rolluiken;

  • *Uitgezonderd zijn vergunningsvrije vlaggen en banieren. Verder zijn d. en e. niet van toepassing op tijdelijke borden.

Artikel 25 Intrekking

Het Reclame- en uitstallingenbeleid 2013 wordt ingetrokken voorzover het de bevoegdheid van het college betreft.

Artikel 26  

Dit besluit treedt in werking na publicatie in het elektronisch gemeenteblad op overheid.nl.

Artikel 27  

Dit besluit wordt aangehaald als: Algemene regels reclame 2025 gemeente Haarlem.

Aldus besloten te Haarlem op 2 december 2025,

Het college van burgemeester en wethouders,

de secretaris,

mr. C.M. Lenstra

de burgemeester

drs. J. Wienen

Naar boven