1e wijziging Verordening op de raadscommissies 2022

De raad van de gemeente Stede Broec;

 

Onderwerp:

1e wijziging Verordening op de raadscommissies Stede Broec 2022

 

gelet op artikel 82, eerste lid, van de Gemeentewet

 

gelezen het voorstel van het presidium d.d. 23 september 2025

 

b e s l u i t :

 

De 1e wijziging Verordening op de raadscommissies 2022 vast te stellen.

Artikel 1. te wijzigen bepalingen

De hieronder opgenomen (leden van) artikelen in de Verordening op de raadscommissies Stede Broec 2022 worden gewijzigd in:

 

  • Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen

    Artikel 4. Samenstelling; benoeming commissievoorzitter

    • 1.

      De raad bepaalt hoeveel commissieleden per fractie kunnen worden benoemd. Hierbij wordt het volgende gehanteerd:

      • a.

        Alle grote fracties met 3 of meer raadsleden hebben drie vertegenwoordigers in een raadscommissie.

      • b.

        Alle kleine fracties met 1 of 2 raadsleden hebben twee vertegenwoordigers in een raadscommissie,

      • c.

        Voor grote fracties zijn er bij ieder agendapunt twee woordvoerders per fractie toegestaan en voor kleine fracties één.

  • Hoofdstuk 2. Vergaderingen

    Artikel 14. Advies; geen stemmingen

    • 3.

      Het advies van een raadscommissie houdt in dat een voorstel als hamerstuk, hamerstuk+ of als bespreekstuk wordt behandeld in een raadsvergadering.

  • Artikel 17. Spreekrecht burgers

    • 1.

      Elke persoon en/of groepering woonachtig of gevestigd in de gemeente Stede Broec heeft het recht om bij aanvang van de raadscommissievergadering gedurende maximaal 5 minuten het woord te voeren over zowel geagendeerde als niet-geagendeerde onderwerpen.

    • 3.

      Inspreken op een onderwerp is in de volgende situaties niet mogelijk:

      • -

        indien het een onderwerp betreft dat buiten de bevoegdheden van het college en de raad valt;

      • -

        indien het een besluit van het gemeentebestuur betreft waartegen bezwaar of beroep op de rechter openstaat of heeft opengestaan;

      • -

        indien het een zaak betreft waar op dat moment een juridische procedure (civiele, bestuursrechtelijke en/of strafprocedure) tegen loopt;

      • -

        indien het benoemingen, keuzen, voordrachten of aanbevelingen van personen betreft ;

      • -

        indien een klacht ex artikel 9:1 van de Algemene Wet Bestuursrecht kan of kon worden ingediend.

Artikel 2. Inwerkingtreding en citeertitel

  • 1.

    Deze verordening treedt in werking op de dag na bekendmaking.

  • 2.

    Deze verordening wordt aangehaald als: 1e wijziging Verordening op de raadscommissies gemeente Stede Broec 2022.

Aldus besloten door de raad van de gemeente Stede Broec in zijn openbare vergadering van 13 november 2025.

De raad voornoemd,

de griffier,

D.A. Langedijk

de voorzitter,

R.A.P. Wortelboer

Artikelsgewijze toelichting  

Artikel 4. Samenstelling; benoeming commissievoorzitter

De raad bepaalt de samenstelling van de raadscommissies. Wel schrijft artikel 82, derde lid, van de Gemeentewet voor dat de raad moet zorgen voor een evenwichtige vertegenwoordiging van de in de raad vertegenwoordigde politieke groeperingen. Daarom staat in dit artikel dat de raad bepaalt hoeveel commissieleden per fractie benoemd kunnen worden. Hierbij geldt dat alle grotere fracties van drie zetels of meer drie vertegenwoordigers in een raadscommissie hebben. Alle kleinere fracties van twee zetels of minder twee vertegenwoordigers hebben.

 

De commissieleden worden door de raad benoemd, op voordracht van de fracties. Dit houdt in dat het aan de fracties zelf is om te bepalen wie de betreffende fractie vertegenwoordigen in de verschillende commissies. Het is enkel mogelijk – overeenkomstig het derde lid zelfs verplicht - de benoeming van een voorgedragen lid te weigeren als het betreft een “niet-raadslid” niet voldoet aan de vereisten van de Gemeentewet (zie verder de toelichting op het derde lid).

 

Uit het derde lid volgt dat de leden van een raadscommissie geen raadslid hoeven te zijn. Wel zijn het de fracties die de leden voordragen. Elke fractie heeft de mogelijkheid om maximaal vier niet-raadsleden voor benoeming voor te dragen. De niet-raadsleden moeten tijdens de laatste raadsverkiezing op de kandidatenlijst hebben gestaan, tenzij er sprake is van lijstuitputting.

 

Op grond van het derde lid moeten niet-raadsleden, evenals raadsleden, voldoen aan hetgeen is bepaald in de artikelen 10, 11, 12, 13 en 15 van de Gemeentewet. Dit betekent onder andere dat zij achttien jaar moeten zijn, over een geldige verblijfstitel moeten beschikken, hun nevenfuncties openbaar moeten maken, geen functie als bedoeld in artikel 13 mogen vervullen en niet in strijd mogen handelen met artikel 15. Om te beoordelen of wordt voldaan aan de eisen van de Gemeentewet, ligt het voor de hand om gebruik te maken van een geloofsbrievenonderzoek. Het verdient aanbeveling dit onderzoek uit te laten voeren door de commissie die voor raadsleden en wethouders het op basis van artikel V 4 van de Kieswet verplichte geloofsbrievenonderzoek uitvoert. De vereisten die onderzocht moeten worden zijn immers gelijk. Dit onderzoek (alleen naar de niet-raadsleden) gaat vooraf aan het raadsbesluit waarmee de niet-raadsleden benoemd worden.

 

Artikel 14. Advies; geen stemmingen

Het gebruik van het woord beslissen in het eerste lid kan de suggestie gewekt worden dat in de commissievergadering ook ‘echte’ Awb-besluiten kunnen worden genomen. Dit is echter niet het geval. Een raadscommissie neemt geen beslissingen maar bereidt de besluitvorming in de raad voor en overlegt met het college en de burgemeester. Alleen in de raadsvergadering kunnen besluiten worden genomen. Wel kan een raadscommissie gevraagd en ongevraagd advies uitbrengen aan de raad. Ten behoeve van het debat in de raad en om recht te doen aan de mening van alle fracties, inclusief minderheidsstandpunten, wordt in het advies de standpunten van alle fracties opgenomen. Het ligt voor de hand dat indien een lid het niet eens is met het fractiestandpunt, dat hier afzonderlijk melding van wordt gemaakt in het advies aan de raad.

 

De raadscommissie brengt advies uit aan de raad over de wijze van behandeling van het voorstel. . De fracties vormen in de commissie, door informatie-uitwisseling met het college en de fracties onderling, zich een beeld over het raadsvoorstel. Na behandeling in de commissie heeft een fractie (in principe) voldoende informatie om tot een goed oordeel te komen.

 

In de praktijk betekent dit dat de raadscommissie vier soorten adviezen aan de raad geeft:

  • a.

    Om een voorstel als hamerstuk te agenderen in de raad. Het voorstel is namelijk helemaal uitgediscussieerd. Alle meningen zijn duidelijk en de raad kan een besluit nemen. Er vinden in de raad geen beraadslagingen meer plaats over deze onderwerpen.

  • b.

    Om een voorstel als hamerstuk+ te agenderen in de raad. Bij een hamerstuk+ is het mogelijk een korte stemverklaring af te leggen.

  • c.

    Om een voorstel als bespreekstuk te agenderen in de raad. Over dit voorstel moet nog beraadslaagd worden. Dit gaat gepaard eventueel met het indienen van een raadsinstrument (motie of amendement).

  • d.

    Om een voorstel nog niet te behandelen. Bijvoorbeeld omdat de commissie het nog niet rijp acht voor besluitvorming of omdat er meer informatie nodig is voordat tot besluitvorming kan worden overgegaan.

Zie voor een verdere toelichting de artikelsgewijze toelichting in het Reglement van Orde van de raad van Stede Broec 2025.

Naar boven