Gemeenteblad van Barneveld
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Barneveld | Gemeenteblad 2025, 537708 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Barneveld | Gemeenteblad 2025, 537708 | beleidsregel |
Beleidsregels kinderopvang en luchtkwaliteit gemeente Barneveld
Deze beleidsregels zijn van toepassing op de registratie van kinderopvanglocaties in het Landelijk Register Kinderopvang (LRK) en bij de verlening van een omgevingsvergunning voor kinderopvang.
Artikel 2 Begripsomschrijvingen
In deze beleidsregels wordt verstaan onder:
gastouderopvang: kinderopvang in de zin van artikel 1.1 lid 1 van de Wet Kinderopvang:
bestaande uit de gelijktijdige opvang van ten hoogste zes kinderen, waaronder begrepen de bloedverwant of aanverwant in de neergaande lijn van de gastouder of zijn partner, en op hetzelfde woonadres als de gastouder staat ingeschreven in de basisregistratie personen en de leeftijd van tien jaar nog niet heeft bereikt.
Hoofdstuk 2 Registratie kinderopvang in het LRK en luchtkwaliteit
Artikel 3. Gastouderopvang en luchtkwaliteit
Bij een negatief GGD-advies ten aanzien van luchtkwaliteit is registratie toch mogelijk als:
de opvang plaatsvindt bij de vraagouder zelf en alleen de eigen kinderen worden opgevangen. In dat geval geeft de GGD een positief advies voor de opvang van eigen kinderen. Wanneer de gastouder andere kinderen op deze locatie wil opvangen geldt de informatieplicht zoals genoemd in lid 4 van dit artikel.
Als het college, in afwijking van een negatief GGD-advies met betrekking tot de luchtkwaliteit, de gastouderopvang toch heeft geregistreerd in het LRK, zijn de aanbieders van de gastouderopvang verplicht om de ouders van de op te vangen kinderen te informeren over de door de GGD geadresseerde risico's middels gestandaardiseerde communicatie.
Artikel 4. Overige kinderopvang en luchtkwaliteit
Voor de aanvraag van registratie van overige kinderopvang in het LRK, wordt getoetst aan de eisen van de Wet kinderopvang. Bij een positief advies vindt registratie plaats. Bij een negatief advies ten aanzien van luchtkwaliteit wordt getoetst aan de wettelijke grenswaarden. Dit betreft overige opvang binnen en buiten de bebouwde kom.
Artikel 5 Kinderopvang en varkens- en pluimveehouderijen
Gastouderopvang of overige kinderopvang is niet toegestaan op varkenshouderijen en pluimveehouderijen.
Artikel 6 Kinderopvang en geitenhouderijen
Om geregistreerd te kunnen worden in het LRK moet een afstand van ten minste 500 meter aanwezig zijn tussen geitenhouderijen en een locatie waar gastouderopvang buiten de bebouwde kom plaatsvindt en tussen geitenhouderijen en locaties waar overige kinderopvang plaatsvindt.
Hoofdstuk 3 Kinderopvang en de afgifte van een omgevingsvergunning
Artikel 7 Kinderopvang en luchtkwaliteit
Bij de behandeling van een aanvraag voor een omgevingsvergunning voor overige kinderopvang wordt getoetst aan de wettelijke grenswaarden luchtkwaliteit.
Aldus vastgesteld op 2 december 2025,
Burgemeester en wethouders voornoemd,
W. Wieringa
Secretaris
J. van der Tak,
Burgemeester
Bij een aanvraag voor registratie van een kinderopvanglocatie in het Landelijk Register Kinderopvang (LRK) conform de Wet kinderopvang, brengt de GGD (als toezichthouder) een advies uit, onder meer over de luchtkwaliteit. Het college is het bevoegd gezag voor registratie in het LRK en weegt de adviezen van de GGD mee bij het nemen van een beslissing tot wel of niet registratie.
Voor een kinderdagverblijf, buitenschoolse opvang en agrarische kinderopvang is in het kader van de Omgevingswet een omgevingsvergunning nodig. Hierbij wordt getoetst aan een ‘evenwichtige toedeling van functies aan locaties’ (ETFAL).
Indien één van beide toetsingen door de gemeente (Wet kinderopvang en Omgevingswet) negatief uitvalt, is kinderopvang op de betreffende locatie niet toegestaan.
Dit artikel spreekt voor zich.
Artikel 2 Begripsomschrijvingen
Dit artikel spreekt voor zich.
Artikel 3. Gastouderopvang en luchtkwaliteit
Het is niet wenselijk voor kinderopvang strengere eisen te stellen aan de luchtkwaliteit dan de wettelijke grenswaarden. De vraag naar kinderopvang is al jaren hoog en het aanbod in onze gemeente te gering. Kinderopvangorganisaties hebben wachtlijsten. Dit is een onwenselijke situatie. De ouders van op te vangen kinderen moeten wel geïnformeerd worden over het advies van de GGD opdat zij een goede keuze kunnen maken om hun kinderen al dan niet te brengen naar een locatie waar een negatief GGD advies geldt. Hierbij wordt ook gecommuniceerd dat in afwijking van het GGD advies, de gemeente wel een positief besluit op de aanvraag tot registratie heeft genomen.
Artikel 4. Overige kinderopvang en luchtkwaliteit
Net als bij gastouderopvang is het niet wenselijk om bij overige kinderopvang (buitenschoolse opvang, kinderdagverblijf ed) strengere eisen te stellen aan de luchtkwaliteit dan de wettelijke grenswaarden. De vraag naar kinderopvang is al jaren hoog en het aanbod in onze gemeente te gering.
Artikel 5 Kinderopvang en varkens- en pluimveehouderijen
Bij pluimvee- en varkenshouderijen is er meer risico op negatieve gezondheidseffecten door endotoxines. Endotoxinen zijn celwandresten van bacteriën die bij mensen onder meer luchtwegklachten kunnen veroorzaken. Endotoxinen verspreiden zich via fijnstof uit stallen. Pluimvee en varkens zijn de belangrijkste bronnen.
Artikel 6 Kinderopvang en geitenhouderijen
Er is een verband aangetoond tussen wonen/verblijven in de buurt van geitenhouderijen en een verhoogd risico op longontsteking. De gezondheidsrisico’s zijn het hoogst in een zone van 500 m rondom geitenhouderijen.
Artikel 7 Kinderopvang en luchtkwaliteit
Bij een beslissing over een omgevingsvergunning voor kinderopvang wordt getoetst aan de wettelijke grenswaarden. Er worden geen strengere normen gehanteerd om de reden genoemd onder artikel 4.
Artikel 8 Kinderopvang en geurhinder
Of sprake is van een goed woon- en leefklimaat hangt bij geur af van de mate van hinder. De relatie tussen de mate van hinder en een bepaalde geurbelasting, is bij de specifieke doelgroep ‘kinderen op een agrarische kinderopvang’ niet bekend. Ouders maken zelf een afweging tussen de positieve aspecten van een agrarische omgeving en de negatieve aspecten (waaronder mogelijk geurhinder). Het personeel van de agrarische kinderopvang is functioneel verbonden aan het agrarische bedrijf waardoor de geurnormen niet van toepassing zijn voor geurbelasting van het eigen bedrijf.
Agrarische kinderopvang is een geurgevoelige functie. Daarom wordt in relatie tot het personeel van de kinderopvang wel getoetst op geurhinder door omliggende bedrijven.
Niet agrarische kinderopvang is een geurgevoelige functie. Daarom wordt in het kader van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties wel wordt getoetst op geurhinder. De GGD geeft daarvoor ook een advies af.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2025-537708.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.