Gemeenteblad van Rotterdam
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Rotterdam | Gemeenteblad 2025, 537377 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Rotterdam | Gemeenteblad 2025, 537377 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Verordening behandeling bezwaarschriften Rotterdam 2025
De Raad van de gemeente Rotterdam,
gelezen het raadsvoorstel van burgemeester en wethouders van 18 november 2025 (raadsvoorstel nr. 25bb008502/25bo008607);
gelet op de artikelen 84 en 149 van de Gemeentewet;
het wenselijk is een nieuwe verordening voor de behandeling van bezwaarschriften vast te stellen;
Artikel 2 Bevoegdheden (plaatsvervangend) secretaris
De bevoegdheden die op grond van deze verordening toekomen aan de secretaris komen tevens toe aan de plaatsvervangend secretaris.
Artikel 10 Uitoefening bevoegdheden
De volgende bevoegdheden worden uitgeoefend door de secretaris:
Artikel 12 Onpartijdigheid leden
De voorzitter en de leden van de commissie behandelen een bezwaarschrift niet indien daarbij hun onpartijdigheid in het geding kan zijn. Zij laten zich zo nodig tijdig vervangen.
Artikel 16 Intrekking en omhangbepaling
De (her)benoemingen van de voorzitters, de plaatsvervangend voorzitters en de leden op grond van artikel 5 van de Verordening behandeling bezwaarschriften Rotterdam gelden als (her)benoemingen op grond van artikel 9, derde lid, van deze verordening, met dien verstande dat de reeds verstreken termijn van het lidmaatschap wordt betrokken bij de bepaling van de termijn, bedoeld in artikel 9, vierde lid.
Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 4 december 2025.
De plv. griffier,
W. de Bel
De voorzitter,
C.J. Schouten
Aldus vastgesteld door het college in de vergadering van 18 november 2025.
De secretaris,
G.J.D. Wigmans
De burgemeester,
C.J. Schouten
Aldus vastgesteld door de burgemeester op 18 november 2025.
De burgemeester,
C.J. Schouten
Dit gemeenteblad ligt ook ter inzage bij het Concern Informatiecentrum Rotterdam (CIC): 010-267 2514 of bir@rotterdam.nl
Toelichting op de Verordening behandeling bezwaarschriften Rotterdam 2025
Deze verordening geeft een kader voor de behandeling van bezwaarschriften en vervangt de Verordening behandeling bezwaarschriften Rotterdam
Het hoofd van de afdeling Juridisch van het cluster Bestuurs- en Concernondersteuning is aangewezen als secretaris van de commissie. De secretaris is bevoegd om plaatsvervangende secretarissen aan te wijzen die dezelfde bevoegdheden toekomen als de secretaris.
Artikel 3 Ingediend bezwaarschrift
De registratie van het bezwaarschrift met datum van ontvangst is van belang. Artikel 6:14 van de Awb bepaalt dat de ontvangst schriftelijk dient te worden bevestigd. De Awb bepaalt dat de termijn voor het indienen van een bezwaar-of beroepschrift zes weken bedraagt. Deze termijn vangt aan met ingang van de dag na die waarop het (bestreden) besluit op voorgeschreven wijze bekend is gemaakt (zie de artikelen 6.7 en 6.8, eerste lid, van de Awb).
Het zo spoedig mogelijk na de ontvangst van het bezwaarschift contact leggen met de bezwaarmaker is zeer zinvol. Er kan dan aan bezwaarmaker en eventuele andere belanghebbenden inzicht in en uitleg over de vervolgprocedure worden gegeven. Op welke wijze contact wordt opgenomen wordt niet in de Awb geregeld. Dit is aan het bestuursorgaan zelf. De keuze die gemaakt wordt, kan afhangen van de inschatting wat de beste aanpak in het concrete geval zal zijn. Het kan zijn dat tijdens dit eerste contact al een passende informele oplossing op het bezwaarschrift wordt gevonden. Maar het is goed mogelijk dat hiervoor nog nader onderzoek en contact met de voorbereider(s) van het bestreden besluit is vereist. Dit wordt nader uitgewerkt in artikel 4.
Na het eerste contact met de bezwaarmaker (zie artikel 3), zal vaak nadere informatie moeten worden ingewonnen over de achtergronden van het besluit en de reden waarom bezwaar is gemaakt. Hierbij wordt met zowel de bezwaarmaker als de voorbereider van het bestreden besluit contact opgenomen en wordt de mogelijkheid van een minnelijke oplossing van het bezwaar (verder) verkend. Het is van belang dat dit contact kort na binnenkomst van het bezwaarschrift wordt gelegd. Als al bij het eerste contact (zie artikel 3) een oplossing op het bezwaarschrift is gevonden dan hoeft (uiteraard) niet nog een keer contact te worden gezocht met de bezwaarmaker. Als een oplossing kan worden gevonden voor het probleem dat aanleiding was voor het bezwaarschrift dan hoeft het bezwaarschrift niet verder in behandeling te worden genomen en kan het informeel worden afgedaan. Indien er eventuele andere belanghebbenden zijn, dan wordt ook met hen in contact getreden als dit gewenst is voor de. informele afhandeling. Omdat de heroverweging van het bestreden besluit in bezwaar onbevooroordeeld moet gebeuren, is het wenselijk dat dit (ambtelijke) contact niet wordt gelegd door iemand die direct bij de voorbereiding van het bestreden besluit betrokken is geweest.
Artikel 5 Bevoegdheid ambtelijk horen
Het eerste lid voorziet in de mogelijkheid om bij bepaalde bezwaarschriften die zijn ingediend tegen besluiten van de genoemde bestuursorganen ambtelijk te horen. Deze soorten bezwaarschriften worden opgesomd. De secretaris is, volgens het tweede lid, bevoegd om te bepalen dat een bezwaarschrift (alsnog) wordt voorgelegd aan de commissie. Het derde lid bepaalt dat de secretaris het horen mag overdragen aan een medewerker van de afdeling Juridisch van het cluster Bestuurs- en Concernondersteuning. Van deze bepaling wordt in de dagelijkse praktijk gebruik gemaakt. Deze medewerker heeft dan dezelfde bevoegdheden als de voorzitter en de secretaris.
Artikel 6 Bevoegdheid commissie
De commissie is uitsluitend belast met het horen bij bezwaarschriften die zijn ingediend tegen besluiten van de raad, het college, de burgemeester of de leerplichtambtenaar. Dit betekent dat de commissie en de afdeling Juridisch van het cluster Bestuurs- en Concernondersteuning geen bezwaarschriften behandelen van andere bestuursorganen, zoals de heffingsambtenaar, de invorderingsambtenaar of de ambtenaar van de burgerlijke stand. In het tweede lid zijn criteria opgenomen voor behandeling door de commissie. Artikel 6, tweede lid, aanhef en onder d, geeft de secretaris beoordelingsruimte om te bepalen wat de meest geschikte manier van horen is. Als voorbeeld kan worden genoemd zaken van de leerplichtambtenaar. Deze besluiten worden niet in mandaat genomen, maar deze zaken lenen zich over het algemeen voor ambtelijk horen.
Artikel 12 Onpartijdigheid leden
Hoewel artikel 2:4 van de Awb een gebod van onpartijdigheid bevat voor bestuursorganen is in dit artikel nog uitdrukkelijk bepaald dat dit (ook) voor de commissie geldt.
Artikel 15 Raadkamer en advies
Omdat het van belang is dat de commissie in alle vrijheid kan beraadslagen en beslissen, is in het eerste lid bepaald dat dit achter gesloten deuren zal plaatsvinden. Een advies wordt, waar nodig, vastgesteld bij meerderheid van stemmen. Het minderheidsstandpunt wordt daarbij niet weergegeven in het advies.
Artikel 16 Intrekking en omhangbepaling
In het tweede lid van artikel 16 is een omhang bepaling opgenomen die regelt dat de benoemingen van de voorzitters, plaatsvervangend voorzitters en de leden op grond van de oude verordening gelden als benoemingen op grond van deze verordening. De reeds verstreken benoemingstermijn wordt betrokken bij de maximale termijn van acht jaar die is opgenomen in artikel 9, vierde lid. Dit betekent dat een lid dat is benoemd op grond van de oude verordening voor een periode van vier jaar, nog voor maximaal vier jaar kan worden benoemd. De totale benoemingstermijn kan niet langer zijn de maximale termijn van acht jaar.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2025-537377.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.