Nota Reserves en Voorzieningen 2025 gemeente Bloemendaal

Samenvatting / raadsbesluit

 

Op basis van de weergave in deze nota en de daarin opgenomen adviezen voor iedere afzonderlijke reserve en/of voorziening, wordt de gemeenteraad voorgesteld overeenkomstig te besluiten:

 

Reserves

9 reserves te handhaven, 4 reserves op te heffen, te weten de Algemene reserve afbouw schulden, de bestemmingsreserves Energiebesparing, Gemeentelijk bomenfonds en Explosievenopruiming en één Algemene Reserve Onderwijshuisvesting in te stellen.

 

Voorzieningen

12 voorzieningen te handhaven en 1 voorziening op te heffen, te weten de Voorziening onderhoud bruggen/steigers.

 

Voor een nadere toelichting op vorengenoemd advies per reserve en voorziening wordt u verwezen naar de betreffende hoofdstukken in deze nota.

 

Op basis van de werkelijke stand per 1 januari 2025 resulteert er bij instemming met de voorstellen uit deze nota een vrijval aan reservegelden van € 19.071.920. Voorgesteld wordt deze gelden toe te voegen aan de Flexibele algemene reserve.

 

Daarnaast heeft instemming met de voorstellen een vrijval van voorzieninggelden van € 275.400 tot gevolg, hetgeen een eenmalige bate oplevert in het exploitatieresultaat van 2025.

 

Hoofdstuk 1 - Inleiding

De laatst vastgestelde nota Reserves en Voorzieningen van Bloemendaal is van 2017. Naar aanleiding van besluitvorming uit de jaren daarna, gewijzigde wetgeving en geformuleerde uitgangspunten in meerdere door de gemeenteraad vastgestelde financiële nota’s zijn de reserves en voorzieningen geactualiseerd. Het resultaat hiervan wordt u in deze nota Reserves en Voorzieningen 2025 ter vaststelling aangeboden.

 

Doel

Voor u als algemeen bestuur van de gemeente is een helder inzicht in noodzaak, ontwikkelingen en het verloop van reserves en voorzieningen belangrijk. Het is een onmisbare schakel in het te voeren beleid voor nu en in de toekomst.

 

Conclusies en advies

De nota omvat een herijking van de reserves en voorzieningen. Het totaal van de reserves bedraagt ca. € 46 miljoen. Daarmee komt Bloemendaal op een solvabiliteitsratio van circa 53% van het balanstotaal. Dat is ruim boven het landelijk gemiddelde van 40%. Een solvabiliteitsratio van meer dan 50% wordt door de provinciaal toezichthouders als “goed” of “minst risicovol” bestempeld.

 

Informatievereisten voor het instellen van reserves en voorzieningen

Teveel afzonderlijke reserves kunnen ertoe leiden dat grote gedeelten van de begroting min of meer automatisch verrekend worden met een daaraan gekoppelde reserve. Dat kan ten koste gaan van de integrale afweging die ten principale bij de gemeenteraad hoort te liggen. Dat is reden om weloverwogen om te gaan met het instellen van reserves (en voorzieningen). Ten opzichte van de nota uit 2017 is daarom in deze nota expliciet een aantal informatievereisten opgenomen voor het instellen van een reserve (en voorziening). Dit om te waarborgen dat de raad bij het instellen van een reserve voldoende informatie heeft om een afweging te maken om al dan niet te besluiten tot het instellen van een reserve.

 

Deze informatievereisten zijn ook opgenomen voor het instellen van een voorziening, hoewel een voorziening de facto een ander karakter heeft. Bij het instellen van een voorziening gaat het om het inschatten van een verwacht verlies of een risico waarvan de omvang nog onzeker is, maar wel redelijkerwijs in te schatten is. Bij het instellen van een voorziening is de accountant veel nadrukkelijker betrokken. Dat geldt ook voor de beoordeling van de vraag of een voorziening kan vrijvallen. Dit in tegenstelling tot het wijzigen van de bestemming van een reserve, wat primair de uitkomst is van een politieke afweging.

 

Afbouw schulden

Om weloverwogen het solvabiliteitspercentage te verhogen en de schuldpositie daarmee af te bouwen is de afgelopen jaren gewerkt met de reserve afbouw schulden ter uitvoering van de op 3 november 2016 vastgestelde nota Bloemendaal duurzaam financieel houdbaar. Ten opzichte van negen jaar geleden is het solvabiliteitspercentage gegroeid van ongeveer 38% naar de hiervoor genoemde 53%. Dit is o.a. bereikt door eenmalige baten uit vastgoedverkopen toe te voegen aan een afgezonderd deel van de algemene reserve: de reserve afbouw schulden. Daarnaast heeft ook de verkoopopbrengst van de Eneco-aandelen van enkele jaren geleden een positieve invloed gehad op de ontwikkeling van het solvabiliteitspercentage.

 

Moment om het beleid te normaliseren

De beschikking houden over een royale financiële buffer en terughoudendheid betrachten met het aangaan van vreemd vermogen blijft een belangrijke pijler van het financieel beleid. Gelet op de behaalde resultaten is het opportuun om dit beleid meer te normaliseren binnen het totaal van de algemene reserve en niet (meer) afzonderlijk te oormerken. De reserve afbouw schulden kan daarmee worden samengevoegd met de Flexibele algemene reserve.

 

Daarnaast wordt voorgesteld een paar kleinere reserves nu op te heffen en eveneens toe te voegen aan de Flexibele algemene reserve.

 

Tenslotte wordt in deze nota voorgesteld een Algemene Reserve Onderwijshuisvesting in te stellen zodat gecreëerde ruimte in de exploitatie uitsluitend bedoeld is voor de opvang van toekomstige (kapitaal)lasten onderwijshuisvesting en niet aan andere doeleinden wordt besteed.

 

Leeswijzer

De nota is als volgt opgebouwd. In hoofdstuk 2 wordt op hoofdlijnen de belangrijkste wet- en regelgeving geschetst die van toepassing is. In hoofdstuk 3 en 4 wordt dieper ingegaan op de reserves en voorzieningen: welke typen zijn er, met welke functie en welke kaders. In hoofdstuk 5 en 6 worden de reserves en voorzieningen geactualiseerd. Per reserve en voorziening wordt geëvalueerd en geadviseerd om deze te handhaven of op te heffen. Bijlage 1 bevat een overzicht van de stellige uitspraken en aanbevelingen van de commissie BBV die op de reserves en voorzieningen van toepassing zijn.

Hoofdstuk 2 – Wet- en regelgeving op hoofdlijnen

De belangrijkste wet- en regelgeving die de kaders bieden voor de nota reserves en voorzieningen zijn het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) en de Verordening financieel beheer Bloemendaal.

 

In artikel 41 t/m 45 van het BBV is een aantal regels omtrent reserves en voorzieningen opgenomen. Daarnaast heeft de commissie BBV een aantal stellige uitspraken en aanbevelingen gedaan. Een overzicht van deze uitspraken en aanbevelingen zijn opgenomen in bijlage 1 van deze nota.

 

Reserves en voorzieningen zijn beide onderdeel van de balans. Het BBV maakt het volgende onderscheid in reserves en voorzieningen:

 

Reserve

Voorziening

Vermogensbestanddelen die via resultaatbestemming zijn ontstaan, door bestemming van overschotten of planmatige bestemmingen

Vermogensbestanddelen die verplicht zijn gevormd door het nemen van een last via de exploitatierekening

 

Moeten dekkend zijn voor de achterliggende verplichtingen of risico’s waarvoor ze zijn gevormd

Vrij besteedbaar

Verplicht bestedingsdoel

Onderdeel van eigen vermogen

Onderdeel van vreemd vermogen

 

Ter versterking van het verlangde inzicht, de eenvoud en de transparantie wordt volgens consistent financieel beleid geen rente aan reserves toegerekend. Dit is ook in overeenstemming met de aanbeveling van de commissie BBV.

De voorzieningen dienen zo goed mogelijk te worden geraamd c.q. ingeschat te worden zodat ze dekkend zijn voor de achterliggende verplichtingen of risico’s waarvoor ze zijn gevormd. Om die reden is rentetoerekening aan de voorzieningen niet toegestaan. Een uitzondering wordt gemaakt indien de voorziening tegen contante waarde is berekend. Bloemendaal kent geen voorzieningen tegen contante waarde en rekent daarmee geen rente toe aan voorzieningen.

 

In artikel 13 van de Verordening financieel beheer Bloemendaal 2025 is opgenomen dat het college de raad eens per raadsperiode een nota reserves en voorzieningen aanbiedt. Daarnaast is opgenomen wat in de nota dient te worden behandeld en een aantal kaders omtrent het instellen en opheffen van een reserve.

Hoofdstuk 3 - Reserves

Zoals in hoofdstuk 2 al aangegeven zijn reserves in de basis, in tegenstelling tot voorzieningen, vrij aanwendbaar. Dit betekent dat zij kunnen worden gebruikt voor de dekking van investeringsuitgaven, maar ook gebruikt kunnen worden om een sluitende begroting aan te kunnen bieden. Overigens zal dit laatste kritisch beoordeeld worden binnen de kaders van financieel toezicht dat op provinciaal niveau door gedeputeerde staten wordt uitgevoerd. Reserves zijn onderdeel van het eigen vermogen van de gemeente.

 

3.1 Typen reserves

Het BBV maakt onderscheid tussen algemene en bestemmingsreserves. Daarnaast bestaan ook stille reserves.

 

Algemene reserve

Een algemene reserve heeft een algemeen karakter en is vrij aanwendbaar door de raad. De gemeente Bloemendaal kent d.d. 2025 drie algemene reserves:

  • 1.

    Flexibele algemene reserve: Deze reserve kan worden ingezet als incidenteel dekkings- of bestedingsmiddel. Het saldo van de jaarrekening wordt met deze reserve geëgaliseerd.

  • 2.

    Algemene bufferreserve: ingesteld om risico’s met een incidenteel financieel effect, zoals opgenomen in de paragraaf Weerstandsvermogen en Risicobeheersing, te dekken.

  • 3.

    Algemene reserve afbouw schulden: Deze reserve is bedoeld om door middel van het vergroten van het eigen vermogen te komen tot een schuldreductie en is alleen aanwendbaar voor het aflossen van de schuldpositie.

Deze reserves worden verder per stuk toegelicht in hoofdstuk 5.

 

Bestemmingsreserves

Bestemmingsreserves zijn reserves waar vooraf door de gemeenteraad een bepaalde bestemming aan is gegeven. De hoogte van de bestemmingsreserve wordt bepaald door het doel waarvoor de reserve is ingesteld. Het staat de raad vrij om de aangegeven bestemming te wijzigen. Dat kan wel gevolgen hebben voor de exploitatie, bijvoorbeeld als de reserve een egalisatiefunctie heeft (zie Hoofdstuk 3.2). Ook bestemmingsreserves zijn vrij besteedbaar door de raad. De gemeente Bloemendaal kent d.d. 2025 tien bestemmingsreserves. Deze worden verder per stuk toegelicht in hoofdstuk 5. Het is noodzakelijk bestemmingsreserves periodiek op hun waarde te beoordelen.

 

Stille reserves

Stille reserves zijn een bijzondere categorie. Het zijn reserves waarvan de omvang en/of het bestaan niet uit de balans blijkt. Dit gaat in de regel om - niet voor de openbare dienst bestemd - gemeentelijk vastgoed (gebouwen/gronden) waarvan de waarde in het economisch verkeer hoger is dan de boekwaarde.

 

In deze nota wordt verder niet ingegaan op de stille reserves. Ze zijn wel van belang bij de berekening van het weerstandsvermogen van de gemeente, zie de nota Risicomanagement 2023, vastgesteld in de raad van 16 november 2023.

 

3.2 Functies van reserves

Reserves kunnen verschillende functies worden toegekend:

  • Financieringsfunctie: functie ter dekking van kapitaallasten van reeds uitgevoerde investeringen (afschrijvingslasten);

  • Bestedingsfunctie: functie waarmee wordt gespaard voor toekomstige uitgaven;

  • Inkomensfunctie: functie waarbij bespaarde rente van reserves wordt gebruikt ter dekking van structurele lasten;

  • Egalisatiefunctie: functie voor het opvangen van schommelingen binnen de jaarlijkse exploitatie voor taakvelden waarbij de jaarlijkse lasten kunnen fluctueren. Het verkleind daarmee schommelingen in het begrotingssaldo / resultaat;

  • Bufferfunctie: functie waarmee risico’s en exploitatietekorten worden opgevangen. Te denken valt aan financiële tegenvallers.

3.3 Instellen, muteren en opheffen van reserves

De bevoegdheid tot het instellen en opheffen van een reserve is voorbehouden aan de gemeenteraad en vindt plaats door middel van een raadsbesluit. Dit geldt ook voor het doorvoeren van mutaties binnen een reserve en het wijzigen van een bestemming van een reserve.

 

In het verzoek aan de gemeenteraad om een reserve in te stellen moet worden aangegeven:

  • de naamstelling van de reserve;

  • de reden waarom gekozen wordt voor een reserve; zijn er bijvoorbeeld andere opties mogelijk en waarom is daar niet voor gekozen?

  • het beleidsdoel waarvoor de reserve wordt gevormd;

  • de gewenste of noodzakelijke, minimale en/of maximale omvang, inclusief onderbouwing;

  • de onderbouwing van stortingen en onttrekkingen;

  • de einddatum.

Als het doel waarvoor de reserve is ingesteld of de vastgestelde einddatum wordt bereikt, dan wordt de reserve opgeheven. Hierbij wordt rekening gehouden met de eventueel dan nog bestaande (financiële) verplichtingen. Opheffen vindt eveneens via een raadsbesluit plaats. Eventuele vrijvallende middelen worden toegevoegd aan de Flexibele algemene reserve. Als een verlenging van de reserve noodzakelijk is wordt een nieuw raadsbesluit opgehaald c.q. genomen.

Hoofdstuk 4 - Voorzieningen

Een voorziening geeft een schatting van voorzienbare lasten in verband met risico’s en verplichtingen, waarvan de omvang en/of het tijdstip van optreden per balansdatum min of meer onzeker is. De uitgave is onvermijdelijk en zal in de toekomst plaatsvinden, maar moet wel samenhangen met de periode voorafgaand aan de balansdatum. Een voorziening is in feite een verplichting waarover niet zonder meer op een andere wijze mag worden beschikt. Voorzieningen zijn onderdeel van het vreemd vermogen van de gemeente.

 

4.1 Typen voorzieningen

Er is een viertal categorieën voorzieningen, te weten:

 

  • 1.

    Voorzieningen voor verplichtingen en risico’s

    Een voorziening moet gevormd worden voor voorzienbare verplichtingen en risico’s, waarvan de mogelijke omvang redelijk te berekenen valt (BBV artikel 44 lid 1a en b).

  • 2.

    Voorzieningen ter egalisering van kosten

    Een voorziening mag gevormd worden ter egalisering van in de tijd onregelmatig gespreide kosten, zoals groot onderhoud. Het vormen hiervan is niet verplicht. Er kan ook voor gekozen worden de ongelijkmatig gespreide lasten in de komende begrotingsjaren te nemen als ze zich manifesteren (BBV artikel 44 lid 1c). De commissie BBV heeft hierover de stellige uitspraak gedaan: “Voorzieningen die vooraf worden gevormd om lasten van groot onderhoud gelijkmatig te verdelen over meerdere begrotingsjaren, kunnen alleen met instemming van de raad ingesteld en gevoed worden op basis van een recent beheerplan”, zie ook bijlage 1. In de paragraaf ‘Onderhoud kapitaalgoederen’ van de begroting en jaarrekening wordt het actuele beleid omtrent het hanteren van een voorziening bij de verschillende categorieën kapitaalgoederen opgenomen.

  • 3.

    Voorzieningen voor bijdragen aan toekomstige vervangingsinvesteringen, waarvoor een heffing wordt geheven

    Een voorziening moet gevormd worden voor bijdragen toekomstige vervangingsinvesteringen met een economisch nut, waarvoor ter bestrijding van de kosten een heffing kan worden geheven (BBV artikel 44 lid 1d).

  • 4.

    Voorzieningen voor middelen van derden waarvan de bestemming gebonden is

    Een voorziening moet gevormd worden voor van derden verkregen middelen die specifiek moeten worden besteed. Bijvoorbeeld voor ontvangen schenkingen met een bestedingsverplichting. Uitzondering hierop zijn van het Rijk ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren (BBV artikel 44 lid 2).

4.2 Instellen, muteren en opheffen van voorzieningen

Zoals aangegeven in hoofdstuk 2 is de vorming, voeding en aanwending van voorzieningen niet vrij. Tegenover voorzieningen staan namelijk verplichtingen. In het BBV is specifiek aangegeven in welke gevallen een voorziening moet worden gevormd. De gemeenteraad heeft dan ook veel minder beleidsmatige bewegingsvrijheid bij voorzieningen dan bij reserves. De bevoegdheid tot het instellen en opheffen van een voorziening is voorbehouden aan de gemeenteraad en vindt plaats door middel van een raadsbesluit.

 

Per voorziening moet voor zover van toepassing aangegeven worden:

  • de naamstelling van de voorziening;

  • de reden van instelling;

  • het doel waarvoor de voorziening wordt gevormd;

  • van elke (egalisatie) voorziening moet een financiële onderbouwing aanwezig zijn bijvoorbeeld in de vorm van een actueel beheerplan;

  • de omvang en de wijze van stortingen en bestedingen (structureel of incidenteel), inclusief onderbouwing daarvan;

  • noodzakelijkheid rentetoevoeging en de bepaling van de rente;

    Rentetoevoegingen aan voorzieningen zijn op basis van het BBV niet toegestaan. De noodzakelijke hoogte van de voorziening wordt namelijk jaarlijks geactualiseerd o.b.v. de onderliggende verplichting/risico. In de jaarrekening wordt de hoogte van de voorziening dan aangepast. In die situatie is de (rente)toevoeging feitelijk opgenomen (verdisconteerd) in de totale aanpassing van de voorziening.

    Wanneer voorzieningen met de methode van contante waarde in de balans van de gemeente zijn gewaardeerd, zal wel jaarlijks een toevoeging aan de voorziening moeten plaatsvinden voor het percentage (disconteringsvoet) waartegen de voorziening contant is gemaakt. Deze (rente)toevoeging is een last voor de exploitatie. Deze (rente)last zal in de begroting moeten worden geraamd. Voorzieningen uitgaande van contante waarde zijn in Bloemendaal niet aanwezig;

  • de verwachte looptijd.

Hoofdstuk 5 - Actualisatie reserves

In dit hoofdstuk worden de huidige reserves van de gemeente Bloemendaal geanalyseerd en wordt per reserve een advies opgenomen om te handhaven, op te heffen of in te stellen.

 

Samengevat is het advies als volgt:

 

Naam reserve

Saldo per 1-1-2025

Advies

1

Algemene bufferreserve

1.660.554

Handhaven

2

Flexibele algemene reserve

12.840.410

Handhaven

3

Algemene reserve afbouw schulden

18.911.526

Opheffen en overhevelen naar de Flexibele algemene reserve

4

Dekkingsreserve rioolvernieuwingen

3.664.749

Handhaven

5

Dekkingsreserve riolering buitengebied

349.135

Handhaven

6

Dekkingsreserve bergingscapaciteit riolering

1.818.693

Handhaven

7

Egalisatiereserve monumenten

44.199

Handhaven

8

Vereveningsfonds Sociale Woningbouw

6.140.269

Handhaven

9

Reserve energiebesparing

14.169

Opheffen en overhevelen naar de Flexibele algemene reserve

10

Gemeentelijk bomenfonds

23.189

Opheffen en overhevelen naar de Flexibele algemene reserve

11

Reserve explosievenopruiming

123.036

Opheffen en overhevelen naar de Flexibele algemene reserve

12

Reserve beschermd wonen

131.858

Handhaven

13

Reserve project Oldenhove

163.897

Handhaven

14

Algemene Reserve Onderwijshuisvesting

0

Instellen

 

Hieronder volgt de analyse per reserve.

 

Nummer en naam reserve

  • 01.

    Algemene bufferreserve

Soort reserve

Algemene reserve

Functie reserve

Buffer

Doel

Het opvangen van financiële risico’s, die een onderdeel vormen van de paragraaf Weerstandsvermogen en Risicobeheersing.

Startdatum

1-1-2009

Einddatum

Geen

Minimale omvang

90% van het berekende incidentele weerstandsvermogen conform de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing.

Maximale omvang

Geen

Voeding

Dotaties en onttrekkingen voor deze reserve verlopen via de Flexibele algemene reserve.

Evaluatie 2025

Het doel is nog steeds actueel.

Voorstel

Handhaven

 

Nummer en naam reserve

  • 02.

    Flexibele algemene reserve

Soort reserve

Algemene reserve

Functie reserve

Buffer, besteding, egalisatie

Doel

Vrij aanwendbaar als incidenteel dekkings- of bestedingsmiddel. Het saldo van de jaarrekening wordt met deze reserve geëgaliseerd.

Startdatum

1-1-2009

Einddatum

Geen

Minimale omvang

3% van het vastgestelde begrotingstotaal.

Maximale omvang

Geen

Voeding

Positief saldo jaarrekening.

Evaluatie 2025

Het doel is nog steeds actueel.

Voorstel

Handhaven

 

Nummer en naam reserve

  • 03.

    Algemene reserve afbouw schulden

Soort reserve

Algemene reserve

Functie reserve

Buffer

Doel

Sturen op schuld om de schuldpositie van de gemeente te verbeteren en dus schulden af te lossen.

Startdatum

3 november 2016

Einddatum

Geen

Minimale omvang

0

Maximale omvang

 

Voeding

Incidentele verkopen van gemeentelijke eigendommen (gronden en gebouwen).

Evaluatie 2025

Het betreft hier een deel van de algemene reserve die niet wordt aangewend. Deze reserve kan worden samengevoegd met de Flexibele algemene reserve eventueel in combinatie met een ondergrens.

Voorstel

Het voorstel is om de reserve op te heffen en het saldo over te hevelen naar de Flexibele algemene reserve.

 

Nummer en naam reserve

  • 04.

    Dekkingsreserve rioolvernieuwingen

Soort reserve

Bestemmingsreserve

Functie reserve

Financiering (bruto-methode)

Doel

Dekking voor afschrijvingslasten van een aantal gerealiseerde investeringen voor het vernieuwen van rioleringen.

Startdatum

1-1-2009

Einddatum

Het jaar volgend op het jaar dat de boekwaarde van de activa ‘nul’ is.

Minimale omvang

0

Maximale omvang

Totaal van de nog resterende afschrijvingslasten.

Voeding

N.v.t.

Evaluatie 2025

Het doel is nog steeds actueel.

Voorstel

Handhaven

 

Nummer en naam reserve

  • 05.

    Dekkingsreserve riolering buitengebied

Soort reserve

Bestemmingsreserve

Functie reserve

Financiering (bruto-methode)

Doel

Dekking voor afschrijvingslasten van een aantal gerealiseerde investeringen voor rioleringen in het buitengebied.

Startdatum

1-1-2009

Einddatum

Het jaar volgend op het jaar dat de boekwaarde van de activa ‘nul’ is.

Minimale omvang

0

Maximale omvang

Totaal van de nog resterende afschrijvingslasten.

Voeding

N.v.t.

Evaluatie 2025

Het doel is nog steeds actueel.

Voorstel

Handhaven

 

Nummer en naam reserve

  • 06.

    Dekkingsreserve bergingscapaciteit riolering

Soort reserve

Bestemmingsreserve

Functie reserve

Financiering (bruto-methode)

Doel

Dekking voor afschrijvingslasten van een aantal gerealiseerde investeringen voor bergingscapaciteit rioleringen.

Startdatum

1-1-2009

Einddatum

Het jaar volgend op het jaar dat de boekwaarde van de activa ‘nul’ is.

Minimale omvang

0

Maximale omvang

Totaal van de nog resterende afschrijvingslasten.

Voeding

N.v.t.

Evaluatie 2025

Het doel is nog steeds actueel.

Voorstel

Handhaven

 

Nummer en naam reserve

  • 07.

    Egalisatiereserve monumenten

Soort reserve

Bestemmingsreserve

Functie reserve

Egalisatie

Doel

Verstrekken van subsidie op aanvragen voor onderhoud en restauratie van monumenten.

Startdatum

1-1-2009

Einddatum

Geen

Minimale omvang

0

Maximale omvang

Geen

Voeding

Bij een positief saldo op het jaarlijks exploitatiebudget Monumenten wordt dit aan de reserve toegevoegd.

Evaluatie 2025

Het doel is nog steeds actueel.

Voorstel

Handhaven

 

Nummer en naam reserve

  • 08.

    Vereveningsfonds Sociale Woningbouw

Soort reserve

Bestemmingsreserve

Functie reserve

Besteding

Doel

Subsidiefunctie in het kader van het bevorderen van de toename voorraad sociale huurwoningen en verbetering kwaliteit (verbouw en renovatie) van het huidige bestand binnen de beleidskaders van de Verordening sociale woningbouw Bloemendaal 2019 overeenkomstig de vastgestelde Woonvisie 2023-2026.

Startdatum

1-1-2009

Einddatum

Geen

Minimale omvang

0

Maximale omvang

Geen

Voeding

Maximale financiële bijdrage per woning, die geldt bij afkoop van de bouwverplichting van sociale woningen bij nieuwbouwprojecten volgens de Verordening sociale woningbouw Bloemendaal 2019.

Evaluatie 2025

Het doel is nog steeds actueel.

Voorstel

Handhaven

 

Nummer en naam reserve

  • 09.

    Reserve energiebesparing

Soort reserve

Bestemmingsreserve

Functie reserve

Besteding

Doel

Aanwending voor initiatieven voor energiebesparende maatregelen.

Startdatum

1-1-2009

Einddatum

Geen

Minimale omvang

0

Maximale omvang

Geen

Voeding

Eenmalige bijdrage uit meeropbrengst dividend Eneco.

Evaluatie 2025

Initiatieven maken onderdeel uit van de reguliere exploitatie ter uitvoering van het landelijk en gemeentelijk klimaat- en energiebeleid. De reserve is nagenoeg uitgeput (€ 14.169) en niet meer functioneel.

Voorstel

Het voorstel is om de reserve op te heffen en het saldo over te hevelen naar de Flexibele algemene reserve.

 

Nummer en naam reserve

  • 10.

    Gemeentelijk bomenfonds

Soort reserve

Bestemmingsreserve

Functie reserve

Besteding

Doel

Herplanten van gekapte bomen op het terrein van het Provinciaal Ziekenhuis.

Startdatum

1-1-2000

Einddatum

Geen

Minimale omvang

0

Maximale omvang

€ 23.189

Voeding

Eenmalige bijdrage uit legesopbrengst kapvergunningen.

Evaluatie 2025

Op diverse plekken heeft in Park Brederode herplant plaatsgevonden en de kosten zijn ten laste van de reguliere exploitatiebudgetten verantwoord. In de komende jaren zal er nog meer herplant plaatsvinden. Dit kan bekostigd worden uit reguliere exploitatiebudgetten.

Voorstel

Het voorstel is om de reserve op te heffen en het saldo over te hevelen naar de Flexibele algemene reserve.

 

Nummer en naam reserve

  • 11.

    Reserve explosievenopruiming

Soort reserve

Bestemmingsreserve

Functie reserve

Buffer

Doel

Financiering van het opsporen en eventueel ruimen van explosieven.

Startdatum

1-1-2010

Einddatum

Geen

Minimale omvang

0

Maximale omvang

Geen

Voeding

Bijdrage uit het gemeentefonds op declaratiebasis.

Evaluatie 2025

Vanaf 2023 zijn voor explosievenopruiming geen kosten meer gemaakt. Verwacht wordt dat ook de komende jaren geen kosten worden voorzien waarmee het doel van deze reserve zijn actualiteit verliest.

Voorstel

Het voorstel is om de reserve op te heffen en het saldo over te hevelen naar de Flexibele algemene reserve.

 

Nummer en naam reserve

  • 12.

    Reserve beschermd wonen

Soort reserve

Bestemmingsreserve

Functie reserve

Besteding

Doel

Financiering van de taken beschermd wonen en maatschappelijke opvang van zeer kwetsbare inwoners.

Startdatum

16-12-2021

Einddatum

Geen

Minimale omvang

0

Maximale omvang

Geen

Voeding

Door de centrum gemeente Haarlem ontvangen rijksbijdrage in de periode 2015-2021 voor beschermd wonen.

Evaluatie 2025

Het doel is nog steeds actueel.

Voorstel

Handhaven

 

Nummer en naam reserve

  • 13.

    Reserve project Oldenhove

Soort reserve

Bestemmingsreserve

Functie reserve

Besteding

Doel

Financiering locatie Oldenhove voor opvangkosten statushouders en andere kwetsbare doelgroepen.

Startdatum

5-7-2023

Einddatum

Einddatum huurcontract

Minimale omvang

0

Maximale omvang

Geen

Voeding

Rijksbijdrage stimuleringsregeling flex- en transformatiewoningen.

Evaluatie 2025

Het doel is nog steeds actueel.

Voorstel

Handhaven

 

Nummer en naam reserve

  • 14.

    Algemene Reserve Onderwijshuisvesting

Soort reserve

Algemene Reserve

Functie reserve

Besteding en buffer

Doel

Het reserveren van ruimte in de begroting voor het dekken van de kapitaallasten IHP

Startdatum

1-1-2026

Einddatum

Geen

Minimale omvang

0

Maximale omvang

Deze reserve heeft geen maximale omvang

Voeding

Positief saldo jaarrekening

Evaluatie 2025

N.v.t.

Voorstel

Instellen

Hoofdstuk 6 - Actualisatie voorzieningen

In dit hoofdstuk worden de huidige voorzieningen van de gemeente Bloemendaal geanalyseerd en wordt per voorziening een advies opgenomen om te handhaven of op te heffen.

 

Samengevat is het advies als volgt:

 

Naam voorziening

Saldo per 1-1-2025

Advies

15

Onderhoudsfonds gebouwen (MJOP)

332.099

Handhaven

16

Onderhoud bruggen en steigers

231.572

Opheffen ten gunste van exploitatieresultaat 2025

17

Egalisatievoorziening afvalstoffenheffing

0

Handhaven

18

Egalisatievoorziening begraafplaatsen

96.233

Handhaven

19

Rationeel wegbeheer

55.706

Handhaven

20

Risico's grondexploitatie

0

Handhaven

21

Egalisatievoorziening rioleringen

2.488.366

Handhaven

22

Investeringen reddingsbrigade

82.085

Handhaven

23

Spaarvoorziening riolering

630.000

Handhaven

24

Pensioengelden voormalige bestuurders

1.846.842

Handhaven

25

Verlofsparen

32.655

Handhaven

26

Achterstallig onderhoud Oldenhove

564.767

Handhaven

27

Regeling Vervroegd Uittreden (RVU)

170.235

Handhaven

 

Hieronder volgt de analyse per voorziening.

 

Nummer en naam voorziening

  • 15.

    Onderhoudsfonds gebouwen (MJOP)

Categorie voorziening

Egalisatie

Doel

Kosten groot onderhoud aan gemeentelijke woningen en gebouwen o.b.v. een meerjarenonderhoudsplan (MJOP) gelijkmatig verdelen per begrotingsjaar.

Startdatum

1-1-2009

Einddatum

Geen

Minimale omvang

O.b.v. MJOP

Maximale omvang

O.b.v. MJOP

Voeding

Jaarlijkse dotatie conform het MJOP.

Evaluatie 2025

Het groot onderhoud aan de gemeentelijke woningen en gebouwen vindt plaats op basis van het vastgestelde Meerjaren onderhoudsplan gebouwen (MJOP). Dit plan wordt jaarlijks op activiteiten, uitvoering en financiële consequenties geactualiseerd. De jaarlijkse dotatie aan deze voorziening is op het MJOP afgestemd.

Voorstel

Handhaven

 

Nummer en naam voorziening

  • 16.

    Onderhoud bruggen en steigers

Categorie voorziening

Egalisatie

Doel

Kosten groot onderhoud aan bruggen en beschoeiingen o.b.v. het Beheerplan bruggen en beschoeiingen 2021-2024 gelijkmatig verdelen per begrotingsjaar.

Startdatum

1-1-2009

Einddatum

Geen

Minimale omvang

O.b.v. Beheerplan bruggen en beschoeiingen 2021-2024.

Maximale omvang

O.b.v. Beheerplan bruggen en beschoeiingen 2021-2024.

Voeding

Jaarlijkse dotatie conform het beheerplan.

Evaluatie 2025

De storting in de voorziening komt nagenoeg overeen met de dekking voor de kosten van het onderhoudswerk. Deze kosten kunnen dus direct uit de exploitatie worden betaald. Voor de vervanging van bruggen worden investeringskredieten beschikbaar gesteld.

Voorstel

Het voorstel is om de voorziening op te heffen ten gunste van het exploitatieresultaat van 2025.

 

Nummer en naam voorziening

  • 17.

    Egalisatievoorziening afvalstoffenheffing

Categorie voorziening

Egalisatie, derden middelen

Doel

Het voorkomen van fluctuaties in het tarief afvalstoffenheffing.

Startdatum

1-1-2009

Einddatum

Geen

Minimale omvang

0

Maximale omvang

Geen

Voeding

Saldoverrekening met budgetten afvalexploitatie.

Evaluatie 2025

Het doel is nog steeds actueel.

Voorstel

Handhaven

 

Nummer en naam voorziening

  • 18.

    Egalisatievoorziening begraafplaatsen

Categorie voorziening

Egalisatie

Doel

Egaliseren van jaarlijks fluctuerende onderhoudskosten.

Startdatum

1-1-2025

Einddatum

Geen

Minimale omvang

0

Maximale omvang

Geen

Voeding

Saldoverrekening met budgetten begraafplaatsen.

Evaluatie 2025

Door meer opbrengst begraafrechten in 2024 is er een voordeel ontstaan op taakveld 'Begraafplaatsen en crematoria'. Als gevolg van dit positieve exploitatieresultaat is deze nieuwe voorziening gevormd. De volledige meeropbrengst van 2024 is hierin gestort. Het doel is nog steeds actueel.

Voorstel

Handhaven

 

Nummer en naam voorziening

  • 19.

    Rationeel wegbeheer

Categorie voorziening

Egalisatie

Doel

Egaliseren van jaarlijks fluctuerende onderhoudskosten d.m.v. een vaste jaarlijkse dotatie.

Startdatum

1-1-2017

Einddatum

Geen

Minimale omvang

O.b.v. Wegbeheerplan MJP

Maximale omvang

O.b.v. Wegbeheerplan MJP

Voeding

Jaarlijkse dotatie conform Wegbeheerplan MJP 2023-2026

Evaluatie 2025

Het doel is nog steeds actueel.

Voorstel

Handhaven

 

Nummer en naam voorziening

  • 20.

    Risico’s grondexploitatie

Categorie voorziening

Verplichtingen en risico’s

Doel

Het opvangen van mogelijke tegenvallers in de grondexploitatie.

Startdatum

1-1-2010

Einddatum

Geen

Minimale omvang

0

Maximale omvang

Geen

Voeding

Bijdrage uit algemene middelen.

Evaluatie 2025

Op dit moment is het niet nodig een risicovoorziening te treffen voor de grondexploitaties. Voorziening staat op 0.

Voorstel

Handhaven

 

Nummer en naam voorziening

  • 21.

    Egalisatievoorziening rioleringen

Categorie voorziening

Egalisatie, derden middelen

Doel

Het voorkomen van fluctuaties in de tarieven rioolheffing.

Startdatum

1-1-2009

Einddatum

Geen

Minimale omvang

0

Maximale omvang

Geen

Voeding

Saldoverrekening met budgetten rioolexploitatie.

Evaluatie 2025

Het doel is nog steeds actueel.

Voorstel

Handhaven

 

Nummer en naam voorziening

  • 22.

    Investeringen reddingsbrigade

Categorie voorziening

Egalisatie

Doel

Het egaliseren van de jaarlijkse lasten aan investeringen door de reddingsbrigade Bloemendaal.

Startdatum

1-1-2021

Einddatum

Geen

Minimale omvang

O.b.v. meerjarig investeringsbegroting reddingsbrigade.

Maximale omvang

O.b.v. meerjarig investeringsbegroting reddingsbrigade.

Voeding

Jaarlijkse dotatie conform meerjarig investeringsbegroting materieel van Reddingsbrigade Bloemendaal.

Evaluatie 2025

Het doel is nog steeds actueel.

Voorstel

Handhaven

 

Nummer en naam voorziening

  • 23.

    Spaarvoorziening riolering

Categorie voorziening

Bijdrage aan toekomstige vervangingsinvesteringen, derden middelen

Doel

Sparen voor toekomstige vervangingsinvesteringen riolering.

Startdatum

16-12-2021

Einddatum

Geen

Minimale omvang

0

Maximale omvang

 

Voeding

Jaarlijkse dotatie conform Programma Water 2022 – 2026.

Evaluatie 2025

Het doel is nog steeds actueel.

Voorstel

Handhaven

 

Nummer en naam voorziening

  • 24.

    Pensioengelden voormalige bestuurders

Categorie voorziening

Verplichtingen en risico’s

Doel

Het dekken van kosten wachtgeld- en pensioenregelingen voor (voormalige) bestuurders op basis van de wet APPA (Algemene Pensioenwet Politieke Ambtsdragers).

Startdatum

1-1-2022

Einddatum

Geen

Minimale omvang

0

Maximale omvang

 

Voeding

Bijdrage uit algemene middelen op basis van actuariële berekeningen pensioen-/wachtgeldverplichtingen per balansdatum.

Evaluatie 2025

Het doel is nog steeds actueel.

Voorstel

Handhaven

 

Nummer en naam voorziening

  • 25.

    Verlofsparen

Categorie voorziening

Verplichtingen en risico’s

Doel

Het dekken van kosten als gevolg van het feit dat medewerkers gebruik maken van de spaarverlofregeling bovenwettelijke vakantie-uren.

Startdatum

1-1-2022

Einddatum

Geen

Minimale omvang

0

Maximale omvang

 

Voeding

Bijdrage uit algemene middelen voor het inzetten van verlofuren of overwerkvergoeding voor verlof op een later moment.

Evaluatie 2025

Bovenwettelijke vakantie-uren verjaren niet. Deze bovenwettelijke vakantie-uren kunnen worden gespaard om in de tijd eerder met verlof te gaan. Het spaarsaldo wordt als verplichting aangemerkt waarvoor een voorziening moet worden genomen. Het doel is nog steeds actueel.

Voorstel

Handhaven

 

Nummer en naam voorziening

  • 26.

    Achterstallig onderhoud Oldenhove

Categorie voorziening

Verplichtingen en risico’s

Doel

Het dekken van kosten achterstallig onderhoud locatie Oldenhove.

Startdatum

1-1-2024

Einddatum

Einddatum huurcontract

Minimale omvang

0

Maximale omvang

 

Voeding

Bijdrage uit algemene middelen.

Evaluatie 2025

Uit een opgesteld MJOP 2024 bleek een post voor achterstallig onderhoud van € 250.000. Volgens een stellige uitspraak van de commissie Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) wordt in geval van achterstallig onderhoud, waarbij sprake is van kapitaalvernietiging en/of onveilige situaties, op basis van artikel 44 lid 1a BBV een voorziening gevormd. Het doel is nog steeds actueel.

Voorstel

Handhaven

 

Nummer en naam voorziening

  • 27.

    Regeling Vervroegd Uittreden (RVU)

Categorie voorziening

Verplichtingen en risico’s

Doel

Het dekken van kosten als gevolg van het feit dat medewerkers gebruik maken van de Regeling Vervroegd Uittreden.

Startdatum

1-1-2024

Einddatum

Geen

Minimale omvang

0

Maximale omvang

 

Voeding

Bijdrage uit algemene middelen.

Evaluatie 2025

Vanaf 1 januari 2024 kan voor maximaal 2 jaar voorafgaand aan de AOW-gerechtigde leeftijd gebruik worden gemaakt van de RVU. De hieruit voortvloeiende personeelslasten worden als verplichting aangemerkt waarvoor een voorziening moet worden genomen. Het doel is nog steeds actueel.

Voorstel

Handhaven

Bijlage 1 Stellige uitspraken en aanbevelingen commissie BBV d.d. 2025

 

Stellige uitspraken

Notitie lokale heffingen 2021

  • Indien een voorziening onderhoud (artikel 44, lid 1, sub c BBV) onvoldoende is onderbouwd dan komen deze gelden niet in een reserve maar in een voorziening ex. artikel 44, lid 2 BBV. Dit geldt ook voor de baten uit lokale heffingen die aan het einde van het belastingjaar niet zijn besteed omdat begrote investeringen en (onderhouds)werkzaamheden niet zijn uitgevoerd.

  • Als een gemeente spaart in het tarief voor toekomstige vervangingsinvesteringen in de voorziening toekomstige vervangingsinvesteringen ex artikel 44, lid 1, sub d BBV, dan mogen deze niet gebruikt worden om boekwaarden van eerdere, bestaande investeringen af te boeken.

  • Ook wanneer de jaarlijkse spaarbedragen voor de heffing gelijk zijn aan de jaarlijkse vervangingsinvesteringen (=ideaalcomplex) moeten de ‘spaarbedragen’ als last worden geboekt en wordt vervolgens de daarmee gevormde voorziening afgeboekt op de geactiveerde vervangingsinvesteringen.

  • Het is toegestaan om de bijdragen van derden (baten van de heffing) in te zetten ten behoeve van tariefegalisatie. De middelen worden dan op begrotingsbasis gedoteerd aan een voorziening ex artikel 44, lid 2 BBV. Er moet extracomptabel worden aangetoond dat deze middelen binnen een redelijke termijn ingezet worden ter bestrijding van de lasten waarvoor een heffing is opgelegd.

  • Indien baten van lokale heffingen in één jaar geraamd en gerealiseerd worden en de lasten zich over meerdere jaren uitstrekken, is het toegestaan deze te matchen. Hiertoe wordt gebruik gemaakt van een voorziening ex artikel 44, lid 2 BBV (baat gaat voor de last uit) of de balanspost ‘nog te verrekenen bedragen’ (last gaat voor de baat uit).

Notitie materiële vaste activa 2020

  • Voorzieningen die vooraf worden gevormd om lasten van groot onderhoud gelijkmatig te verdelen over meerdere begrotingsjaren, kunnen alleen met instemming van de raad ingesteld en gevoed worden op basis van een recent beheerplan.

  • In geval van achterstallig onderhoud, waarbij sprake is van kapitaalvernietiging en/of onveilige situaties, wordt er op basis van artikel 44 lid 1a BBV een voorziening gevormd.

Notitie rente 2023

  • Als er wel een rentevergoeding over het eigen vermogen en/of de voorzieningen wordt berekend, dan is deze vergoeding maximaal het rentepercentage dat is gebaseerd op het gewogen samenstel van de (bruto) externe rentelasten over het totaal van de lang en kort aangetrokken financieringsmiddelen.

Notitie grondbeleid 2023

  • Er moet jaarlijks een herziening van de grondexploitatiebegroting plaatsvinden. Actualisaties van het grondexploitatiecomplex en de grondexploitatiebegroting met planinhoudelijke wijzigingen, dan wel autonome wijzigingen met materiële financiële gevolgen, moeten opnieuw door de raad worden vastgesteld. Paragrafen 2.3 en 5.2.2.

  • Het is niet toegestaan om dotaties te doen aan een voorziening voor bovenwijkse voorzieningen. Sparen voor bovenwijkse voorzieningen die na het afsluiten van een grondexploitatie zullen worden aangelegd, is wel mogelijk via een door de raad in te stellen bestemmingsreserve. Toevoegingen aan deze bestemmingsreserve kunnen alleen plaatsvinden via resultaatbestemming of via een ander specifiek daartoe door de raad genomen besluit. Paragraaf 5.3.1.

  • Het activeren van voorbereidingskosten voor grondexploitaties als kosten van onderzoek en ontwikkeling onder de immateriële vaste activa is toegestaan onder de volgende voorwaarden (Paragraaf 5.3.2):

     

    • 1.

      de voorbereidingskosten moeten passen binnen de kostensoortenlijst van bijlage IV bij het Omgevingsbesluit (overeenkomstig stellige uitspraak D); en

    • 2.

      de voorbereidingskosten mogen maximaal 5 jaar geactiveerd blijven staan onder de immateriële vaste activa; na maximaal 5 jaar moeten de kosten hebben geleid tot een actieve grondexploitatie en kunnen dan worden overgeboekt naar de desbetreffende BIE, dan wel worden afgeboekt ten laste van het jaarresultaat of moet een voorziening worden getroffen; en

    • 3.

      plannen tot ontwikkeling van de grond waarvoor de voorbereidingskosten worden gemaakt, moeten bestuurlijke instemming hebben, blijkend uit een raadsbesluit.

  • De disconteringsvoet die moet worden gehanteerd in de berekening van de contante waarde ten behoeve van het treffen van een verliesvoorziening voor negatieve grondexploitaties wordt voor alle gemeenten bepaald op 2% zijnde het maximale meerjarige streefpercentage van de Europese Centrale Bank (ECB) voor inflatie binnen de Eurozone. Paragraaf 5.5.

  • Het is niet toegestaan om gelden uit eigen middelen (reserves) in mindering te brengen op de onderhanden werk positie van de bouwgronden in exploitatie. Paragraaf 5.7.

  • Alle baten en lasten die verband houden met grondexploitaties worden in de exploitatie verantwoord en via een tegenboeking (onderhanden werk) naar de balans gemuteerd. Paragraaf 5.7.

  • Volgens het realisatiebeginsel dient in de situatie dat voldoende zekerheid bestaat over de tussentijdse winstneming, de winst te worden genomen. Op grond van het voorzichtigheidsprincipe is de commissie BBV van oordeel dat tussentijdse winstneming niet verantwoord is bij een grondexploitatie met een looptijd van meer dan tien (10) jaar. Voor de tussentijdse winstneming dient de Percentage of Completion methode te worden gevolgd. Paragraaf 6.2.

  • Er is volgens het realisatiebeginsel sprake van winst op een grondexploitatie indien wordt voldaan aan de volgende voorwaarden (Paragraaf 6.2):

     

    • 1.

      de resterende looptijd van de grondexploitatie is tien (10) jaar of minder; én

    • 2.

      het resultaat op de grondexploitatie kan betrouwbaar worden ingeschat; én

    • 3.

      de grond (of het deelperceel) moet zijn verkocht; én

    • 4.

      de kosten zijn gerealiseerd (winst wordt naar rato van de realisatie genomen).

  • De presentatie van de te verwachten resultaten in de paragraaf grondbeleid en de toelichting op de balans dient te gebeuren op eindwaarde. Wanneer bij de waardering van de voorziening voor verliesgevende grondexploitaties niet wordt geopteerd voor de nominale waarde maar voor de contante waarde, dan moet het effect hiervan op de te verwachten resultaten voor de negatieve grondexploitaties worden toegelicht in de paragraaf grondbeleid. Paragraaf 6.4.

  • Als er sprake is van een voorziening ingericht ter bestrijding van de (verwachte) tekorten in grondexploitaties, dan moet die maximaal voor de boekwaarde van het onderhanden werk van betreffende bouwgrond in exploitatie worden gepresenteerd als een waardecorrectie op de post bouwgrond in exploitatie. Deze wijze van verantwoording is naar analogie van de voorziening voor dubieuze debiteuren. Paragraaf 6.4.

Aanbevelingen

Notitie lokale heffingen 2021

  • De commissie BBV adviseert om periodiek een analyse uit te voeren op de begrote en gerealiseerde lasten en baten van de lokale heffingen. Het inzichtelijk maken van de opbouw van de voorzieningen ex artikel 44, lid 1, sub c, lid 1, sub d, en lid 2 BBV vormt een expliciet onderdeel van deze analyse.

Notitie rente 2023

  • Alhoewel in het BBV de mogelijkheid vooralsnog blijft bestaan om een rentevergoeding (of een vergoeding voor de inflatie) over het eigen vermogen en de voorzieningen te berekenen en deze door te belasten aan de taakvelden, adviseert de Commissie BBV vanwege het verlangde inzicht, de eenvoud en transparantie deze systematiek niet (meer) toe te passen.

Notitie grondbeleid 2023

  • De commissie BBV adviseert om de wijze waarop met de toerekening van bovenwijkse voorzieningen wordt omgegaan, vast te leggen in een nota grondbeleid, of de financiële verordening op grond van artikel 212 Gemw. Paragraaf 5.3.1.

  • De commissie BBV adviseert om de wijze waarop met conjuncturele risico’s en de omvang van het weerstandsvermogen wordt omgegaan uit te werken in bijvoorbeeld de nota grondbeleid of weerstandsvermogen en risico’s of de financiële verordening. Paragraaf 6.1.

  • De commissie BBV adviseert om tussentijdse winstneming te presenteren in een bestemmingsreserve. Paragraaf 6.2.

  • De commissie BBV adviseert om het beleid met betrekking tot de manier waarop met (projectspecifieke) risico’s wordt omgegaan bij het bepalen van de tussentijdse winstneming en de omvang van het weerstandsvermogen uit te werken in bijvoorbeeld de nota grondbeleid en/of weerstandsvermogen en risico’s, of de financiële verordening. Paragraaf 6.3.

  • De commissie BBV adviseert om de keuze om de voorziening voor verliesgevende grondexploitaties tegen nominale waarde of tegen contante waarde te waarderen, vast te leggen in de financiële verordening. Paragraaf 6.4.

Kadernota Rechtmatigheid 2024

  • De commissie BBV adviseert om kaders op te nemen in de financiële verordening (ex artikel 212 Gemeentewet) indien specifieke budgetten bij onderuitputting op jaareinde in bestemmingsreserves worden opgenomen. Zie paragraaf 4.2.4.

Naar boven