Gemeenteblad van Kapelle
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Kapelle | Gemeenteblad 2025, 535765 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Kapelle | Gemeenteblad 2025, 535765 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Verordening op het beheer en het gebruik van de gemeentelijke begraafplaats(en) voor de gemeente Kapelle
De raad van de gemeente Kapelle,
gelezen het voorstel van het college van 23 september 2025, nummer D25.338936,
gelet de Wet op de lijkbezorging en artikel 147 en 149 van de Gemeentewet;
besluit vast te stellen de volgende verordening:
Verordening op het beheer en het gebruik van de gemeentelijke begraafplaats(en) voor de gemeente Kapelle.
HOOFDSTUK 1. INLEIDENDE BEPALINGEN
HOOFDSTUK 3. VOORSCHRIFTEN VOOR LIJKBEZORGING
Artikel 7. Kennisgeving begraven en asbezorging
Wie een begrafenis wil regelen, as wil laten bijzetten of as wil verstrooien, neemt uiterlijk drie werkdagen vóór de geplande dag contact op met de begraafplaatsadministratie om verdere afspraken te maken. Dit kan via de digitale formulieren die beschikbaar zijn op de website van de gemeente Kapelle. Hierbij worden zaterdagen, zondagen en algemeen erkende feestdagen niet als werkdagen meegeteld.
Artikel 8. Openen en sluiten graf of columbarium
Afwijking van artikel één is mogelijk na toestemming van de begraafplaatsadministratie en kan worden aangevraagd door nabestaanden of begrafenisondernemers. Zij mogen de werkzaamheden geheel of gedeeltelijk zelf uitvoeren onder toezicht van de beheerder, mits zij hun wens uiterlijk drie werkdagen vóór de betreffende dag schriftelijk aan de begraafplaatsadministratie hebben doorgegeven en de aanwijzingen van de beheerder opvolgen. Hierbij worden zaterdagen, zondagen en algemeen erkende feestdagen niet als werkdagen meegeteld.
Afwijking van artikel drie is mogelijk na toestemming van de begraafplaatsadministratie en kan worden aangevraagd door begrafenisondernemers. Zij mogen de plaatsing geheel zelf uitvoeren, mits zij hun wens drie werkdagen vóór de betreffende werkdag schriftelijk aan de begraafplaatsadministratie hebben doorgegeven en de aanwijzingen van de beheerder opvolgen. Hierbij worden zaterdagen, zondagen en algemeen erkende feestdagen niet als werkdagen meegeteld.
Artikel 9. Over te leggen stukken
Het registratiedocument bevat een registratienummer dat overeenkomt met het nummer op het lijkomhulsel. Het lijkomhulsel moet voorzien zijn van een duurzaam identiteitskenmerk. De gegevens van dit kenmerk moeten overeenstemmen met de administratie van de begraafplaats en worden voorgelegd aan de beheerder.
Als er een begrafenis plaatsvindt of as wordt bijgezet in een particulier graf, moet de begraafplaatsadministratie een schriftelijke toestemming (machtiging) ontvangen. Deze machtiging moet zijn ondertekend door de rechthebbende van het graf. Is de rechthebbende overleden, dan kan degene die de uitvaart regelt de machtiging ondertekenen.
Een tweede begrafenis in een particulier dubbelgraf kan alleen plaatsvinden als de huidige gebruiksperiode (uitgifte termijn) van het graf bijna is verlopen, terwijl deze periode nog binnen de wettelijke minimumgrafrusttermijn van 10 jaar valt. In dat geval moet de gebruiksperiode van het graf gelijktijdig worden verlengd, waarbij de verlenging minimaal gelijk moet zijn aan de wettelijke minimumgrafrusttermijn van 10 jaar. De verlenging van de gebruiksperiode moet worden aangevraagd door de rechthebbende.
Als er een tweede begrafenis plaats vindt in een particulier dubbelgraf of een bijzetting in een particulier graf en de huidige uitgifte termijn van het (eerste) graf bijna is verlopen, maar nog binnen de wettelijke rusttijd van 10 jaar valt, mag alleen begraven of bijgezet worden als de gebruiksperiode tegelijk verlengd wordt. Die verlenging moet minimaal 10 jaar (wettelijke minimum grafrusttermijn).
Artikel 10. Lijkomhulsels en lijkhoezen
Lijkhoezen moeten voldoen aan de regels die vermeld staan op ‘de witte lijst’ van de Landelijke Organisatie van Begraafplaatsen (LOB: www.begraafplaatsen.nl). Ongeschikte lijkhoezen kunnen ervoor zorgen dan de ontbinding stopt.
HOOFDSTUK 4. INDELING EN UITGIFTE VAN DE GRAVEN EN COLUMBARIA
Artikel 17. Termijnen asbestemming
In een particulier graf is het toegestaan om maximaal twee urnen of asbussen bij te zetten in een urnenkeldertje. De termijn voor de bijzetting begint op dezelfde datum als de uitgiftetermijn van het graf waarin reeds een overledene is begraven. Als er nog geen overledene in het graf is begraven, gaat de termijn voor bijzetting in op de datum van uitgifte van het particuliere graf.
Op een particulier graf waarin een overledene is begraven, is het toegestaan om maximaal twee urnen te plaatsen. De termijn voor de plaatsing van de urn loopt gelijk met de uitgiftetermijn van het graf waarin de overledene is begraven. Het plaatsen van een urn op een particulier graf waarin nog geen overledene is begraven, is niet toegestaan.
Artikel 22. Afstand doen van graven of columbarium
De rechthebbende kan schriftelijk afstand doen van het recht op een particulier graf of het gebruiksrecht van een columbarium, zonder recht op enige vergoeding. Het college bevestigt schriftelijk de ontvangst van deze verklaring aan de rechthebbende.
HOOFDSTUK 6. GRAFMONUMENTEN EN -BEDEKKINGEN
Artikel 23. Vergunning grafmonumenten en -bedekkingen
Het college kan nadere regels vaststellen voor de uitvoering van deze verordening, met betrekking tot voorschriften voor grafmonumenten en grafbedekkingen, zoals de wijze van aanvragen van de vergunning, de aard en de afmetingen van het grafmonument, het type grafbedekking en de wijze van aanbrengen.
Artikel 25. Geldigheidsduur vergunning voor grafmonumenten en -bedekkingen en gedenkplaat columbarium
Een vergunning, zoals bedoeld in artikel drieëntwintig, lid één, wordt verleend voor de duur van de uitgegeven graftermijn van 20 of 40 jaar, te rekenen vanaf de dag van de eerste begrafenis in het betreffende graf. Bij het verlenen van de vergunning is de rechthebbende verplicht het onderhoud voor af te kopen;
De gemeente kan niet aansprakelijk worden gesteld voor vandalisme, diefstal van of schade aan voorwerpen, die op de graven zijn geplaatst. Het herstel van dergelijke schade valt onder de verantwoordelijkheid van de vergunninghouder. De vergunninghouder dient zelf maatregelen te nemen om de schade te herstellen.
HOOFDSTUK 7. RUIMING VAN GRAVEN EN COLUMBARIUM
Artikel 32. Ruiming, bezorging van overblijfselen en as
Het college brengt de rechthebbende van een particulier graf of de belanghebbende van een algemeen graf ten minste één jaar vóór de geplande ruiming per brief op de hoogte van het voornemen om het graf te ruimen. Is het adres van de rechthebbende of belanghebbende niet bekend, dan maakt het college dit voornemen minstens één jaar voor de ruiming bekend door een bordje bij het graf te plaatsen en een mededeling op het mededelingenbord bij de ingang van de begraafplaats.
In afwijking van het derde lid kunnen nabestaanden van een overledene die begraven is in een particulier graf of algemeen graf, gedurende de in het eerste lid genoemde periode een verzoek indienen bij het college. Zij kunnen vragen om, indien mogelijk, bij de ruiming de menselijke resten bijeen te brengen voor een crematie of herbegraving op een andere locatie.
HOOFDSTUK 10. INRICHTING REGISTER
De administratie bevat een openbaar register van personen die zijn begraven of waarvan de as is bijgezet. Dit register vermeldt de naam, geboortedatum en overlijdensdatum, evenals de grafaanduiding en de datum van begraving of bijzetting. Daarnaast bevat de administratie ook gegevens van de rechthebbenden en belanghebbenden van de graven, met hun namen en adressen. Dit gedeelte is niet openbaar.
Artikel 36. Intrekking oude regeling
De verordening op het beheer en het gebruik van de algemene begraafplaatsen in de gemeente Kapelle, vastgesteld op 24 mei 2005, wordt ingetrokken.
Als vóór de inwerkingtreding van deze verordening een vergunningaanvraag is ingediend op basis van de verordening voor het beheer en gebruik van algemene begraafplaatsen in de gemeente Kapelle, vastgesteld op 24 mei 2005, maar er vóór de inwerkingtreding nog geen besluit is genomen, dan wordt de aanvraag behandeld volgens de regels van deze nieuwe verordening.
Toelichting verordening op het beheer en het gebruik van de algemene begraafplaatsen in de gemeente Kapelle 2026
In dit artikel leggen we uit wat de gebruikte woorden en begrippen betekenen.
Artikel 2. Uitbreiding begrippen particulier graf
Voor een particulier enkel graf, particulier dubbelgraf, en columbarium gelden bijna dezelfde rechten en plichten.
Artikel 3. Openstelling begraafplaatsen
Dit artikel geeft de beheerder van de begraafplaats ook de mogelijk de begraafplaats helemaal geheel of gedeeltelijk af te sluiten als dit nodig is om graven te ruimen.
Artikel 4. Verboden en ordemaatregelen
De beheerverordening bevat regels voor hoe bezoekers zich op de begraafplaats moeten gedragen, zodat het er netjes, rustig en ordelijk blijft. Als iemand deze regels overtreedt, kunnen er straffen volgen, volgens artikel achtendertig. De politie kan dan ingrijpen en een proces-verbaal opmaken.
Steenhouwers, hoveniers of andere bedrijven of organisaties moeten altijd rekening houden met rouwenden en uitvaarten, omdat hun werk storend kan zijn. De beheerder heeft de bevoegdheid om mensen weg te sturen als ze zich niet aan de regels of aanwijzingen houden. Dit zorgt, samen met de verbodsbepalingen, voor genoeg mogelijkheden om ongewenst gedrag tegen te gaan.
Dit artikel wordt bedoeld om ervoor te zorgen dat plechtigheden ordelijk verlopen en moeten daarom in overleg met de beheerder plaatsvinden. De beheerder kan een plechtigheid verbieden, als deze overlast kan veroorzaken voor een geplande begrafenis of bijzetting. Uiterlijk 2 dagen vóór de plechtigheid geeft de beheerder uitsluitsel of de plechtigheid door kan gaan.
Artikel 6. Opgravingen en ruimingen
Het is duidelijk bepaald dat bij het opgraven van een lichaam of het ruimen van één of meer graven, alleen mensen aanwezig mogen zijn die verantwoordelijk zijn voor deze werkzaamheden.
Artikel 7. Kennisgeving begraven en asbezorging
Een schriftelijke aanvraag is nodig om precies vast te leggen welke type graf wordt aangevraagd.
Artikel 8. Openen en sluiten graf of columbarium
Als de nabestaanden bepaalde werkzaamheden zelf willen uitvoeren, is het, ook vanuit veiligheidsoverwegingen, noodzakelijk dat zij de instructies en ondersteuning van het begraafplaatspersoneel volgen. Dit betreft vooral het openen en sluiten van het graf. De werkzaamheden kunnen door de nabestaanden zelf of door het personeel van de begrafenisonderneming worden uitgevoerd. Zo kunnen de nabestaanden bijvoorbeeld een aanvang maken, waarna medewerkers van de gemeente de handelingen overnemen die ervaring vereisen of lichamelijk te belastend zijn voor de nabestaanden. Werkzaamheden zoals het plaatsen van grafranden ter ondersteuning van de grond rondom het geopende graf en het verwijderen daarvan voor het sluiten van het graf dienen door het personeel te worden uitgevoerd.
Artikel 9. Over te leggen stukken
De Wet op de Lijkbezorging vereist dat er een verlof tot begraven is, afgegeven door de ambtenaar van de burgerlijke stand. Sinds april 2016 is een digitale versie hiervan voldoende. Het is daarnaast wenselijk dat de begraafplaatsadministratie de bevoegdheid heeft om medewerking aan de lijkbezorging te weigeren als niet aan de wettelijke eisen is voldaan.
De uitvaartondernemer moet een registratiedocument overleggen met daarin het registratienummer van het lijkomhulsel en de gegevens van de overledene. Voor een asbus moet degene die de uitvaart regelt een crematieverklaring van het crematorium laten zien. De bezorging van as omvat zowel het bijzetten van een asbus als het verstrooien van as.
Artikel 10. Lijkomhulsels en lijkhoezen
Voor een goede ontbinding van een lichaam is het belangrijk dat lijkomhulsels goed doorlatend zijn. Hierdoor kan voldoende vocht en zuurstof bij het lichaam komen, wat nodig is voor het verteringsproces. Dit geldt zowel voor de kleding van de overledene als voor de kist of lijkhoes waarin deze begraven wordt.
Voor het gebruik van lijkhoezen gelden specifieke regels, die opgenomen zijn in het Besluit op de Lijkbezorging. Lijkhoezen die voldoen aan deze regels staan vermeld op de ‘witte lijst’ van de Landelijke Organisatie van Begraafplaatsen (LOB: www.begraafplaats.nl).
Het gebruik van ongeschikte lijkhoezen of slecht doorlatende materialen, zoals kunststof kleding of lijkwaden, kan ervoor zorgen dat de ontbinding stopt. Dit kan leiden tot milieuproblemen en ervoor zorgen dat graven niet opnieuw gebruikt kunnen worden.
In dit artikel is daarom ook bepaald dat er geen vervuilende of niet-afbreekbare voorwerpen, aan een graf mogen worden toegevoegd, en geen materialen die de ontbinding van het lichaam belemmeren of verhinderen.
Artikel 11. Tijden van begraving en asbezorging
De gemeente kan in haar verordening vastleggen dat er op iedere (werk)dag begraven, as bijgezet of as uitgestrooid kan worden binnen de door de gemeente vastgestelde tijden, behalve op zon- en erkende feestdagen. De gemeente mag zelf beslissen of begraven op zon- en feestdagen wel wordt toegestaan. Vaak zijn hier dan extra kosten aan verbonden.
Een uitzondering kan zich voordoen als de burgemeester toestemming geeft om een lichaam binnen 36 uur te begraven. Dit gebeurt soms op verzoek van nabestaanden om godsdienstige redenen. Ook kan er spoed nodig zijn, bijvoorbeeld bij de vondst van een lichaam.
Artikel 12. Indeling graven en asbestemming
Dit artikel beschrijft, naast de graven, ook de verschillende andere voorzieningen die op de begraafplaats aanwezig zijn.
Artikel 13. Aantal overleden in een graf of columbarium
In de gemeente Kapelle wordt gekozen voor begraven op één diepte, vanwege de grondwaterstand. Hierdoor kan slechts één persoon in een graf worden begraven. Bij een dubbelgraf worden daarom twee personen naast elkaar begraven in plaats van boven elkaar.
Artikel 14. Indeling vakken, graven en nummering
Artikel 15. Volgorde van uitgifte
Graven worden uitsluitend uitgegeven voor directe begraving. Deze regel is ingesteld om te voorkomen dat inwoners grafrechten aanvragen zonder dat er direct een overledene wordt begraven. Dit zou namelijk kunnen leiden tot een tekort aan beschikbare graven op de begraafplaats, wat nadelig is voor andere inwoners die op korte termijn een graf nodig hebben.
Er is echter een uitzondering mogelijk: bij de uitgifte van een particulier graf waarin direct een overledene wordt begraven, kan ook een naastgelegen graf worden uitgegeven aan dezelfde rechthebbende, zelfs als er in dat naastgelegen graf niet direct wordt begraven. Deze uitzondering zorgt ervoor dat families de mogelijkheid hebben om graven naast elkaar te reserveren, zonder de beschikbaarheid van graven voor directe begraving te beperken.
De begraafplaatsadministratie kan van dit artikel afwijken, mits de uitgifte niet leidt tot een tekort aan begraafcapaciteit op de betreffende begraafplaats. Dit kan per begraafplaats verschillen of een afwijking van dit artikel mogelijk is.
Artikel 16 en 17. Termijnen particuliere graven en columbarium
In de Wet op de lijkbezorging staat dat een verlenging van de grafrechten of gebruiksrechten kan worden aangevraagd door de rechthebbende vanaf twee jaar voordat de huidige termijn afloopt.
Binnen het eerste jaar van deze periode moet het college de rechthebbende (de persoon die verantwoordelijk is voor het graf of columbarium) laten weten dat de termijn bijna afloopt.
Deze melding moet schriftelijk worden gedaan naar het adres van de rechthebbende, zoals dat bekend is bij de houder van de begraafplaats. Het is de verantwoordelijkheid van de rechthebbende om ervoor te zorgen dat het juiste adres bij de begraafplaats bekend is. De begraafplaatshouder hoeft alleen het adres uit zijn eigen administratie te gebruiken en hoeft geen gebruik te maken van andere bronnen, zoals het GBA-netwerk (de gemeentelijke basisadministratie).
Als de rechthebbende niet binnen drie maanden om verlenging van de grafrechten vraagt, moet de melding ook zichtbaar worden gemaakt bij het graf of columbarium zelf en bij de ingang van de begraafplaats. Dit blijft zo tot de periode voorbij is waarin de rechthebbende de verlenging kan aanvragen.
Artikel 18. Termijn algemene graven
Artikel 20. Overschrijven van verleende rechten
Het recht op een particulier graf wordt verleend door een besluit van het college. Hiermee krijgt de aanvrager het exclusieve recht om overledenen in een bepaald graf te begraven; de rechthebbende mag gebruik maken van een specifieke plek, maar kan dit recht niet verkopen. Wel kan het recht, op verzoek van de rechthebbende, worden overgeschreven op een ander.
Na het overlijden van een rechthebbende is het belangrijk dat een nieuwe rechthebbende wordt aangewezen. Deze persoon neemt de verantwoordelijkheid voor het graf en de bijbehorende kosten op zich. Nabestaanden hebben twaalf maanden de tijd om een aanvraag tot overschrijving te doen. Het college kan, indien nodig, van deze termijn afwijken.
Wanneer een rechthebbende overlijdt, moet de aanvraag tot overschrijving vóór de begraving of bijzetting worden gedaan. Meestal regelen nabestaanden dit soort zaken direct na een overlijden, waarbij ook het aanwijzen van een nieuwe rechthebbende wordt meegenomen.
Artikel 21. Vervallen grafrecht of gebruiksrecht columbarium
Dit artikel legt uit in welke situaties grafrechten automatisch vervallen en wanneer het college deze actief mag beëindigen, bijvoorbeeld bij nalatigheid van de rechthebbende of gebruiker. Het artikel geeft de gemeente meer bevoegdheden om op te treden tegen rechthebbenden of belanghebbende die hun verplichtingen volgens deze verordening niet nakomen of hiertegen in strijd handelen.
Artikel 22. Afstand doen van graven of columbarium
Dit artikel is opgenomen om duidelijk te maken dat de rechthebbende het recht op een graf of columbarium kan opgeven.
Artikel 23. Vergunning grafmonumenten en grafbedekkingen
Zonder regels voor grafmonumenten en grafbedekkingen kan de uitstraling van begraafplaatsen chaotisch worden. Daarnaast spelen ook veiligheidsoverwegingen een rol. Tegelijkertijd is het belangrijk om te voorkomen dat strikte regels persoonlijke of creatieve uitingen volledig beperken. Deze beheerverordening biedt daarom de nodige vrijheid, maar stelt wel minimumeisen aan de grafmonumenten en grafbedekkingen Voor grafmonumenten en grafbedekkingen op graven is een vergunning vereist, waarbij wordt getoetst aan deze minimumeisen. De exacte voorwaarden kunnen worden vastgelegd in de nadere regels voor grafmonumenten en grafbedekkingen.
Op de begraafplaats zijn columbariumplekken aanwezig voor het bijzetten van as. Het plaatsen van eigen elementen is niet toegestaan. De rechthebbende ontvangt een gedenkplaat voor het columbarium, waarop een inscriptie kan worden aangebracht. Voor het aanbrengen van deze inscriptie is een vergunning vereist.
Artikel 25. Geldigheidsduur vergunning grafmonument en grafbedekking en gedenkplaat columbarium
Artikel 26. Onderhoud door de gemeente
In dit artikel staat duidelijk beschreven welke onderhoudstaken door de gemeente worden uitgevoerd. Dit onderhoud is minimaal en bedoeld om ervoor te zorgen dat de begraafplaats er als geheel netjes en verzorgd uitziet.
Artikel 27. Onderhoud door rechthebbende of belanghebbende
In dit artikel staan de rechten en plichten beschreven van de rechthebbende, of in het geval van algemene graven, van de belanghebbende met betrekking tot het grafmonument en grafbedekking. Volgens de Wet op de Lijkbezorging ligt de eigendom, en daarmee ook de risicoaansprakelijkheid, van wat op het graf is geplaatst bij de vergunninghouder. Er is geen sprake van natrekking zolang het graf niet geruimd mag worden.
Artikel 28. Niet-blijvende grafbeplanting
In de praktijk ontstaan er soms problemen over het verwijderen van bloemen en eenjarige planten. Omdat deze eigendom zijn van de rechthebbenden of belanghebbenden, is het belangrijk om te waarschuwen. Het is echter onpraktisch om deze personen steeds per brief te informeren over het verwijderen van verwaarloosde planten of verwelkte bloemen. Daarom is het aan te raden om het beleid hierover te delen bij het verstrekken van de vergunning voor een grafbedekking en om dit beleid te vermelden op het mededelingenbord op de begraafplaats.
Dit artikel legt de verantwoordelijkheid voor het plaatsen, aanbrengen en herstellen van het grafmonument en grafbedekking nadrukkelijk bij vergunninghouder van het grafmonument. Het verplicht hen ook om schade te herstellen zodra het college hierom vraagt. Tegelijkertijd blijft de gemeente verantwoordelijk voor het direct aanpakken van gevaarlijke situaties die worden geconstateerd. Met dit artikel krijgt de gemeente de mogelijkheid om in te grijpen om onveilige situaties te voorkomen of op te lossen, waarbij de kosten op de vergunninghouder worden verhaald.
Artikel 30. Tijdelijke verwijdering
Dit artikel maakt duidelijk dat de kosten voor het verwijderen van een grafmonument en/of grafbedekking, bijvoorbeeld bij een bijzetting of begraving in het graf, voor rekening en risico van de rechthebbende zijn. Deze kosten komen niet voor rekening van de gemeente als beheerder van de begraafplaats.
Artikel 31. Verwijdering grafmonument en grafbedekking na verstrijken van de termijn
Dit artikel beschrijft de procedure die gevolgd moet worden voordat een grafmonument en grafbedekking wordt verwijderd. Het bepaalt dat het college bevoegd is om een grafbedekking weg te nemen wanneer de termijn van het grafrecht is verlopen.
Het eigendom van een grafbedekking wordt in het algemeen geregeld in het Burgerlijk Wetboek (artikel 20, eerste lid, aanhef en onder e en f, van Boek 5). In de aangepaste Wet op de Lijkbezorging (van kracht sinds 1 januari 2010) is echter bepaald dat tijdens de periode waarin een graf niet mag worden geruimd, deze regels uit het Burgerlijk Wetboek niet gelden voor wat op het graf is geplaatst. Hierdoor blijft het gedenkteken eigendom van de rechthebbende of gebruiker, zolang het grafrecht van kracht is. Dit uitgangspunt is ook opgenomen in dit artikel van de beheerverordening.
Artikel 32. Ruiming, bezorging van overblijfselen en as
Dit artikel beschrijft de werkwijze die wordt gevolgd voordat de grafrechten of gebruikstermijnen aflopen en, indien nodig, graven worden geruimd. Hiermee wordt voldaan aan de wettelijke eisen. Rechthebbenden van particuliere graven en gebruikers van algemene graven krijgen een melding dat de termijn van het grafrecht of gebruikstermijn bijna verloopt. Deze melding gaat vaak gepaard met de mededeling dat het college voornemens is algemene graven te ruimen of bij particuliere graven als er geen verlenging plaatsvindt.
De rechthebbenden op een graf worden geïnformeerd over hun recht om verlenging van de graftermijn aan te vragen, zoals beschreven de Wet op de Lijkbezorging. Belanghebbende van een bestaand algemeen graf krijgen de mogelijkheid om de stoffelijke resten laten herbegraven in een nieuw particulier graf, als zij dat willen. Dit gebeurt op kosten van de belanghebbende.
Artikel 34. Luiden van de klok
Dit artikel legt uit aan welke eisen de administratie volgens de wet moet voldoen en hoe deze toegankelijk moet zijn. Daarnaast wordt aangegeven welke voorwaarden gelden bij het wijzigen van de NAW-gegevens van rechthebbenden, gebruikers en andere belanghebbenden.
Artikel 36. Intrekking oude regeling
Dit artikel bepaalt dat de huidige verordening met ingang van een nader te bepalen datum niet meer van kracht is, behalve voor graven met grafrechten die er nog onder vallen. Oude verordeningen blijven van toepassing op grafrechten die in het verleden zijn verleend. Deze grafrechten blijven onderworpen aan de verplichtingen, vereisten en bepalingen uit de verordening die gold op het moment van de uitgifte, tenzij deze inmiddels in strijd zijn met de wet.
Wijzigingen in sommige verplichtingen kunnen alleen plaatsvinden door grafrechten te verlengen. Dit kan bijvoorbeeld betrekking hebben op de mogelijkheid tot afkoop van onderhoud of het toepassen van een nieuw begraaftarief. De rechten zelf blijven ongewijzigd. Daarom kunnen oude beheerverordeningen niet volledig ongeldig worden verklaard.
Artikel 37. Overgangsmaatregelen
Dit artikel bevestigt de intentie van artikel 36; oude besluiten blijven van kracht, mits ze niet in strijd zijn met de huidige wet, en behouden hun rechtsgeldigheid alsof ze zijn genomen op basis van de nieuwe verordening. Daarnaast worden alle nog lopende vergunningsaanvragen uitsluitend behandeld volgens de regels van de nieuwe verordening.
Als rechthebbenden aanspraak maken op oude rechten die niet terug te vinden zijn in de begraafplaatsadministratie, moeten zij zelf bewijs leveren, bijvoorbeeld door middel van akten of betaalbewijzen. Het college heeft de bevoegdheid om, bij onduidelijkheid over oude rechten, een coulanceregeling aan te bieden.
Dit artikel is essentieel om de verboden die in de verordening zijn opgenomen te kunnen handhaven en sanctioneren. Hiervoor is eerst een terugkoppeling met het arrondissement waarin de gemeente valt noodzakelijk.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2025-535765.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.