Gemeenteblad van Delft
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Delft | Gemeenteblad 2025, 535675 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Delft | Gemeenteblad 2025, 535675 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Verordening op de heffing en invordering van rioolheffing 2026
De raad van de gemeente Delft,
gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 23 september 2025,
gelet op artikel 228a van de Gemeentewet,
gezien het advies van de commissie Economie, Financiën en Bestuur,
besluit vast te stellen de volgende verordening:
Verordening op de heffing en invordering van rioolheffing 2026
Artikel 1. Aard van de belasting
Onder de naam rioolheffing wordt een directe belasting geheven ter bestrijding van de kosten die voor de gemeente verbonden zijn aan:
Artikel 2. Belastbaar feit en belastingplicht
Voor het eigenarendeel wordt, als het perceel een onroerende zaak is, als genothebbende krachtens eigendom, bezit of beperkt recht aangemerkt de persoon die bij het begin van het belastingjaar als zodanig in de basisregistratie kadaster is vermeld, tenzij blijkt dat deze persoon op dat tijdstip geen genothebbende krachtens eigendom, bezit of beperkt recht is.
Artikel 5. Maatstaf van heffing
Het aantal kubieke meters water dat wordt afgevoerd wordt gesteld op het aantal kubieke meters leidingwater, grondwater en oppervlaktewater dat in de aan het begin van het belastingjaar voorafgaande verbruiksperiode naar het perceel is toegevoerd of opgepompt. Als de verbruiksperiode niet gelijk is aan een periode van twaalf maanden, wordt de hoeveelheid water door herleiding naar tijdsgelang bepaald. Bij die herleiding wordt een gedeelte van een kalendermaand voor een volle maand gerekend.
Artikel 10. Termijnen van betaling
In afwijking van het eerste lid geldt, ingeval de verschuldigde bedragen door middel van automatische incasso kunnen worden afgeschreven volgens het “Reglement automatische incasso Regionale Belasting Groep”, dat de aanslagen moeten worden betaald in maximaal 10 termijnen. De eerste termijn vervalt een maand na de dagtekening van het aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen telkens een maand later.
De Verordening rioolheffing Delft 2025 wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 12, tweede lid, genoemde datum van ingang van de heffing, maar zij blijft van toepassing op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.
TOELICHTING bij de Verordening rioolheffing Delft 2026
Vorig jaar is de Verordening rioolheffing geactualiseerd en afgestemd op de nieuwe modelverordening van de VNG. Na inwerkingtreding bleek artikel 9 nieuw niet helemaal meer afgestemd op de systematiek van de RBG. De RBG rekent bij het ontstaan van de belastingplicht in dagen, waar het nieuwe artikel 9 in maanden rekende. In 2025 heeft de RBG de bestaande systematiek met berekening in dagen gehandhaafd. Er is daarmee geen nadeel ontstaan voor de belastingplichtigen. De verordening op dit punt weer aangepast.
In artikel 10 lid 2 is een verwijzing opgenomen naar het “Reglement automatische incasso Regionale Belasting Groep”. Dit is van toepassing bij automatische incasso.
De opbrengst van de rioolheffing is gebonden aan de toerekenbare kosten voor die specifieke taak en mag maximaal 100% kostendekkend zijn. Het uitgangspunt in Delft is om alle kosten die voor doorberekening in aanmerking komen ook door te berekenen in de tarieven. In de enige afwijking hiervan zijn de kosten voor oninbaarheid voor 70% doorberekend. De reden hiervoor is dat deze betrekking hebben op een periode van vijf jaar, waarbij op dit moment een licht dalende trend zichtbaar is bij de oninbaarheid. Hieronder staat de tabel met de geraamde toerekenbare kosten, de geraamde opbrengsten, de kostendekkendheid en de tariefvoorstellen op basis van de prognoses voor de aantallen huishoudens voor 2026.De aan de heffingen toerekenbare kosten en de aantallen huishoudens zijn geactualiseerd.
Bij de rioolheffing is een structurele verhoging van € 800.000 toegepast van de toevoeging aan de voorziening voor onderhoud en vervanging. Deze is noodzakelijk vanwege de stijgende kosten voor deze activiteiten. In 2024 is gestart met een reeks onttrekkingen aan de exploitatievoorziening voor demping van de tariefstijging. Deze bedroeg bij de start € 1.000.000. Dit bedrag loopt jaarlijks met € 200.000 terug. Dit betekent dat de onttrekking in 2026 € 600.000 bedraagt. Vanwege de stijging van de toevoeging aan de voorziening voor onderhoud en vervanging met € 800.000 is de onttrekking met hetzelfde bedrag verhoogd tot € 1.400.000. De tariefstijging wordt daarmee beperkt tot 1%, zonder de onttrekking uit de voorziening zou de noodzakelijke stijging in het voorstel op ongeveer 10% komen. De kostendekkendheid van de rioolheffing komt hiermee op 91,5%.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2025-535675.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.