Gemeenteblad van Bergen op Zoom
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Bergen op Zoom | Gemeenteblad 2025, 53551 | overige overheidsinformatie |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Bergen op Zoom | Gemeenteblad 2025, 53551 | overige overheidsinformatie |
Besluit van de gemeenteraad van Bergen op Zoom inhoudende REGIOVISIE BESCHERMD WONEN, MAATSCHAPPELIJKE OPVANG 2023-2028
De afgelopen jaren is er in onze regio hard gewerkt aan de doorontwikkeling van Beschermd Wonen en Maatschappelijk Opvang. In lijn met het advies van de commissie Dannenberg wordt in onze regio volop gewerkt aan sociale inclusie door mensen met een psychische kwetsbaarheid zoveel mogelijk te huisvesten in de wijk. Dit is onder andere gebeurd binnen de projecten: ‘De juiste ondersteuning op de juiste plek’ en ‘Preventie en voorkomen van dakloosheid’. Deze projecten zijn in samenwerking met zorgaanbieders, woningcorporaties en partners uit het werkveld vormgegeven. Want een goede samenwerking is de motor bij deze doorontwikkeling. De resultaten van deze projecten zijn het convenant: ‘Duurzame huisvesting en begeleiding van kwetsbare doelgroepen’ en de regiovisie die voor u ligt.
De overgang van Beschermd Wonen naar Beschermd Thuis is complex en vraagt geduld, dus we zijn er zeker nog niet. De ontwikkelingen ten aanzien van de zorg en huisvesting van kwetsbare mensen volgen elkaar snel op en zijn dynamisch en omvangrijk van aard. We hebben ook te maken met een wereld waarin van alles gebeurt en wetgeving die continu aan verandering onderhevig is. Met de regiovisie hebben we een richting en houden we een vinger aan de pols. Het vormt de basis voor een jaarlijks uitvoeringsprogramma, waarin we kijken waar we staan, onze ambities en ontwikkelingen concreet maken en kijken wat nodig is voor het komende jaar.
Namens alle wethouders van de samenwerkende gemeenten,
Wethouder J. van Aken (Bergen op Zoom)
Wethouder R. van Ginderen (Roosendaal)
Wethouder L. van der Beek (Woensdrecht)
Wethouder S. Breedveld- de Ruiter (Rucphen)
Wethouder N. Baali (Steenbergen)
In de regio werken we met zes gemeenten samen: Bergen op Zoom, Roosendaal, Woensdrecht, Steenbergen, Rucphen en Halderberge. Naast samenwerking tussen de zes gemeenten is ook samenwerking met - en tussen - de ketenpartners, woningcorporaties en zorgaanbieders een belangrijk uitgangspunt. Samen zijn wij verantwoordelijk voor de huisvesting en begeleiding van kwetsbare inwoners. Het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (MinVWS) en de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) hebben gemeenten gevraagd om een regiovisie voor Beschermd Wonen (BW) en Maatschappelijke Opvang (MO) op te stellen. Reden hiervoor is dat alle gemeenten zelf verantwoordelijk worden voor MO en BW. Na het formeel wegvallen van de Centrumgemeenteconstructie voor BW per 1 januari 2022, heeft de regio besloten de samenwerking te continueren.
Uitgangspunt voor de regiovisie is de Norm voor Opdrachtgeverschap (NvO). Een onderdeel van de NvO is de niet vrijblijvende samenwerking tussen gemeenten. Deze samenwerking is ook nodig om goede ondersteuning te kunnen blijven bieden aan inwoners die aangewezen zijn op BW en MO.
Conform de NvO komen onderstaande punten terug in de regiovisie:
- Bovenregionale inkoop en plaatsing
Deze regiovisie sluit aan op het advies van de Commissie Dannenberg 1. Hiermee bedoelen wij dat iedere inwoner recht heeft op wonen, zoveel als mogelijk in de eigen omgeving met de juiste ondersteuning en toezicht (in nabijheid en beschikbaar). Woonvormen zullen nodig blijven waar een 24/7 begeleiding in de directe nabijheid aanwezig is.
In de regio willen we gezamenlijk met onze partners ervoor zorgen dat alle inwoners kunnen deelnemen aan het dagelijks leven. We delen de ambitie om zo veel mogelijk kwetsbare inwoners in de wijk te laten wonen en hen daar zo goed mogelijk bij te ondersteunen. Ook de inwoners die nu ondersteuning ontvangen vanuit BW of MO. Gezamenlijk streven we naar een duurzame en passende woonoplossing en succesvolle (re-)integratie voor alle inwoners in de dorpen en steden van onze regio.
In het in 2020 vastgestelde uitvoeringsplan 2 zijn de visie, de beleidskaders en uitgangspunten opgenomen, die de basis vormen voor de invulling van BW/MO. Deze worden nog altijd onderschreven. De basis is immers de visie van de commissie Dannenberg: wonen in de eigen omgeving. We gaan in deze regio uit van de herstelvisie, inclusieve samenleving en dat je anders mag zijn. Herstelvisie betekent dat wij uitgaan van het vermogen, de talenten, de kwaliteiten en de wensen van de inwoner. Hij of zij heeft zelf de regie over een manier van herstellen die bij hem of haar past. Wij willen dat inwoners zoveel mogelijk hun eigen (zorg-) traject kunnen bepalen. Lotgenoten en opgeleide ervaringsdeskundigen -zowel ex-cliënten als betrokkenen – kunnen hierbij van grote meerwaarde zijn. Bij de OGGZdoelgroep gaat het enerzijds over zelfregie voeren en anderzijds ook overnemen waar het nodig is.
Verantwoordelijk voor een deel = medeverantwoordelijk voor het geheel
We willen de ambities van de Regiovisie ook vertalen naar de uitvoering. Daarom werken we met een uitvoeringsprogramma die met de tijd en ontwikkelingen meebeweegt binnen BW, MO, OGGZ en Verslavingszorg. Het uitvoeringsprogramma is een gedeelde verantwoordelijkheid en wordt daarom ook gezamenlijk opgesteld. In de keten is iedereen verantwoordelijk voor een deel en medeverantwoordelijk voor het geheel.
4 Samenwerking en totstandkoming regiovisie
Met de transformatie van BW en MO wordt beoogd kwetsbare inwoners in de wijk te kunnen laten wonen en hen daar zo goed mogelijk bij te ondersteunen. Om deze ambitie te realiseren is een breed draagvlak nodig vanuit gemeenten, woningcorporaties en zorgaanbieders in de regio West Brabant West en is goede samenwerking tussen deze partijen en partijen in het voorliggend veld essentieel.
In gezamenlijkheid is eind 2021 het convenant ‘Duurzame huisvesting en begeleiding van kwetsbare doelgroepen’ opgesteld‘. In dit convenant hebben alle betrokken partijen de leidende principes voor samenwerking vastgelegd zodat de gezamenlijk ambitie is gewaarborgd.
De leidende principes binnen het convenant zijn uitgewerkt in een zestal werkpakketten. De uitwerking van deze werkpakketten, samen met alle input vanuit de in 2020 en 2021 gestarte projecten ‘Juiste ondersteuning op de juiste plek’ en ‘huisvesting en voorkomen van dakloosheid’ zijn gebruikt voor het opstellen van deze regiovisie. De regiovisie is het resultaat van een intensief lopend traject waarin diverse bijeenkomsten en workshops zijn georganiseerd met vertegenwoordigers van gemeenten, zorg- en welzijnsaanbieders, woningcorporaties, het Zorg- en Veiligheidshuis, gemeenteraden en cliëntraden uit de regio. Ook is deze regiovisie voorgelegd aan de adviesraden en wmo-raden in de regio.
Vanuit bovengenoemde projecten is een samenwerkingsstructuur ingesteld om te werken aan de ambities uit het convenant. Deze samenwerkingsstructuur blijft bestaan om de samenwerking voort te zetten en een gezamenlijk uitvoeringsprogramma op te stellen. De samenwerkingsstructuur bestaat uit een stuurgroep met bestuurlijke vertegenwoordiging van aanbieders, gemeenten en woningbouwcorporaties, een kerngroep met beleidsmatige vertegenwoordiging en werkgroepen.
Binnen de gemeente wordt een integrale benadering steeds belangrijker. Dit betekent dat we vanuit het zorgdomein nog actiever de samenwerking en verbinding zoeken met werk, inkomen, volksgezondheid, veiligheid, welzijn en wonen.
Inwoners die gebruik maken van BW/MO of bekend zijn bij het OGGZ-team zijn zeer divers. Zij verschillen in levensgeschiedenis, leefsituatie, leeftijd en perspectief. Het gaat om inwoners die dakloos zijn en/of verslaafd zijn en/of een (ernstige) psychische kwetsbaarheid kennen en/of licht verstandelijk beperkt zijn en/of nazorg na detentie nodig hebben. Ze hebben daarnaast problemen op 1 of meerdere levensgebieden zoals gezondheid, financiën, wonen, dagbesteding en/of sociaal netwerk. Deze inwoners zijn onvoldoende zelfredzaam om deze problemen zelfstandig (of met hulp van de sociale omgeving) op te lossen en hebben specifieke combinaties van ondersteuning nodig. De inwoners hebben perspectief op meedoen en kunnen door- en uitstromen naar meer zelfstandige vormen van wonen en leven. Voor een kleine groep zal blijvende bescherming nodig zijn. Daarom onderscheiden we de volgende groepen:
1. Inwoners die tijdelijk moeten bijkomen van bijvoorbeeld echtscheiding, (huiselijk)geweld of verlies van een baan
2. Inwoners die zich niet kunnen redden in de maatschappij door diverse problemen
3. Inwoners die geen zorg aanvaarden (zorgmijders), die een langdurige geschiedenis hebben van overlast veroorzaken in woonwijken. Deze inwoners zijn niet-sociaal, onaangepast en soms agressief. Zij maken soms al jaren gebruik van de MO.
4. Inwoners met een combinatie van psychiatrie en verslaving en/of verstandelijke beperking. Deze inwoners hebben een langdurige geschiedenis van dak- en thuisloosheid, criminaliteit, veelvuldig wisselende hulpverlening en lichamelijk zeer zwakke gezondheid.
6 Waar zetten wij op in als regio?
Wij gaan ervan uit dat iedereen zijn leven naar vermogen zo veel mogelijk zelfstandig vormgeeft en daarbinnen oplossingen zoekt voor eigen problemen. De regie ligt bij de inwoner en waar nodig regelt de gemeente de ondersteuning. De ondersteuning en mate van zelfregie is maatwerk en moet zo dicht mogelijk bij én met de persoon georganiseerd worden.
Voor de verdere transformatie van BW en MO in onze regio wordt op een aantal bewegingen ingezet:
1. Normaliseren van wonen en zorg daar waar mogelijk.
Het gaat hier om het herstel van het gewone leven, waar problemen onderdeel van uitmaken. Dit betekent dat wonen ook voor kwetsbare inwoners zo veel mogelijk ingevuld wordt zoals dat voor iedereen geldt. Zoals bijvoorbeeld zelf kosten dragen voor huur, gedrag vertonen dat past bij een goede huurder, zinvolle dagbesteding hebben en een goede buur zijn.
2. De inwoner zo snel mogelijk naar de juiste plek begeleiden zodat deze niet vaker hoeft te verhuizen bijvoorbeeld vanwege de tijdelijkheid van een woning bij een zorgaanbieder.
Dit betekent dat inwoners waar mogelijk direct worden geplaatst op een plek waar ze kunnen blijven wonen na afloop BW of MO-traject (instroomwoningen).
3. Decentralisatie van voorzieningen en woonplekken.
Spreiding van (beschermde) woonplekken over de regio zodat inwoners kunnen wonen waar zij vandaan komen, hun netwerk hebben of het beste tot hun recht komen. Vanuit zowel de zorg als sociaal-maatschappelijke ontwikkeling kan het wenselijk zijn om zorg (toch) te concentreren.
4. Ruimte voor de professional.
Het ondersteunen van kwetsbare inwoners bij het oplossen van de eigen problemen vraagt om maatwerk, om flexibiliteit in plaats van uniformiteit: ‘Van iedere het gelijk naar ieder het zijne geven’. Dit vraagt om vertrouwen, regelvermindering, ontschotten van de financieringsstromen en regelruimte voor de professionals. Het uitgangspunt is en blijft: ‘één plan, één inwoner en één aanspreekpunt’.
5. Lokaal wat lokaal kan, regionaal wanneer het meerwaarde heeft.
Het wonen, voorzieningen en de ondersteuning wordt zo lokaal mogelijk dichtbij de inwoner georganiseerd. Voor de ondersteuning die zodanig schaars en specialistisch is dat lokaal aanbod onmogelijk of inefficiënt is, is er een regionaal aanbod.
Er ontstaan mogelijkheden om tot doorontwikkeling van beleid te komen. Dit bijvoorbeeld door de historisch gecreëerde scheidslijn tussen Wmo-begeleiding en Begeleid wonen BW in de toekomst minder strikt en meer integraal invulling te geven.
Een groot deel van de inwoners die (psychische) zorg krijgt, staat niet erg stevig in de schoenen en kan wat extra support en begrip goed gebruiken. Hun leven is fijner en zinvoller (en hun kans op herstel groter) als zij in de samenleving niet langs de zijlijn staan, maar erbij horen. Het realiseren van laagdrempelige ontmoetingsplaatsen in de wijk, waar mensen met psychische problemen binnen kunnen lopen en andere mensen kunnen ontmoeten kan hierbij ondersteunend zijn. Professionele begeleiders hebben een taak om hun inwoners te helpen bij het opbouwen en onderhouden van een sociaal netwerk, waarbij wordt ingezet op het brede welzijn van zowel de inwoner als de omgeving/wijk. In sommige wijken zullen inwoners meer moeite hebben om (nieuwe) inwoners met een psychische kwetsbaarheid te accepteren en naar hen om te zien. We gaan samen met wijkteams, zorginstellingen, woningcorporaties en wijkagenten concretiseren hoe inwoners prettig samen kunnen leven in de buurt. Hierbij is aandacht voor het goed landen in de wijk en communicatie.
7. Ervaringsdeskundigheid en informele zorg.
De inzet van ervaringsdeskundigen en het eigen netwerk van de cliënt gaat een steeds grotere rol spelen bij het versterken van het zelfmanagement. Diverse partners in het veld maken al gebruik van ervaringsdeskundigen, maar hier moet nog meer op worden gestuurd. Ook op het gebied van informele zorg (het activeren van het netwerk van de cliënt) valt er nog veel te halen. Het verkennen van deze mogelijkheden is een vast onderdeel van het herstelplan dat met de cliënt wordt opgesteld.
Binnen BW kennen we binnen onze regio de volgende producten:
- Beschermd Thuis licht, midden en zwaar
Zoals te zien is op bovenstaande afbeelding zijn de meeste BW-voorzieningen gelegen in de gemeenten Bergen op Zoom en Roosendaal.
De ambitie vanuit BW is om inwoners met een psychische kwetsbaarheid zoveel mogelijk thuis of in de eigen woonplaats kunnen blijven wonen met ambulante ondersteuning.
- De ondersteuning is gericht op het bevorderen en herstel van zelfredzaamheid en participatie ;
- Doordecentralisatie: wonen in de eigen gemeente, vergroting van de kans op participatie, aansluiting bij de lokale situatie en preventief werken;
- Inwoners zo passend, licht en dichtbij als mogelijk te helpen;
- Integrale ondersteuning voor kwetsbare inwoners in de wijk;
- Van Beschermd Wonen naar Beschermd Thuis: inwoners niet beschermd laten wonen tot er geen behoefte meer is aan intensieve ondersteuning maar inwoners zorg laten ontvangen in hun woning wanneer het nodig is en afschalen zodra het kan;
- Normaliseren: zo normaal mogelijk wonen (met voldoende passende woonplekken) op de plek waar je het beste mee kan doen (regionale spreiding);
- Domeinoverstijgende afspraken tussen zorg, wonen en behandeling om de ondersteuning van inwoners zo goed mogelijk te kunnen organiseren.
Op dit moment staan we voor de volgende uitdagingen:
- Meer regionale spreiding van voorzieningen en passend woonaanbod;
- Onvoldoende passend woningaanbod;
- De kwetsbaarheid in de wijken neemt toe. Dit vraagt extra aandacht voor de omgeving bij de huisvesting van (groepen) kwetsbare inwoners;
- Versterking van de samenwerking tussen gespecialiseerde ondersteuning en voorliggend veld;
- Onvoldoende middelen om echt te kunnen investeren in voorzieningen;
- Onvoldoende flexibiliteit in het op- en afschalen van zorg;
- Onvoldoende specialistische plekken voor een doelgroep met ernstige multiproblematiek;
- Samenwerking tussen gemeenten, zorgaanbieders, zorgverzekeraars en zorgkantoren- om over de eigen grenzen heen te durven kijken en over schotten heen te werken;
- Een goede aansluiting op de WMO voor jongeren die uitstromen uit de jeugdwet. (Wat is er voor deze doelgroep voor de overgang naar een beschermd thuis).
Voor het realiseren van de ambitie, het behalen van de doelstellingen en het aanpakken van de uitdagingen, stellen wij een uitvoeringsprogramma op. Hierin maken we een doorkijk naar de komende jaren en spelen we zoveel als mogelijk in op de ontwikkelingen die op ons af komen.
In onze regio hebben we de volgende vormen van MO:
- Een opvanglocatie (herstelcentrum) en begeleiding in Bergen op Zoom;
- Een opvanglocatie (crisisopvang) en begeleiding in Roosendaal;
- Groepswoningen met begeleiding in tussen/doorstroomvoorzieningen verdeeld over de regio;
- Aanpak zwerfjongeren en een logeerhuis in Roosendaal;
- Koudweerregeling (opschaling in geval van winters weer);
Voor het aanbod vrouwenopvang hebben wij afspraken met gemeente Breda. Zij geven uitvoering aan vrouwenopvang voor deze regio.
De ambitie voor MO is samenwerking met alle betrokken partners, zo kort mogelijke opvang, welke gericht is op herstel door het vergroten van de zelfredzaamheid en wonen in de wijk.
- Voorkomen van instroom van de opvang: preventief, voorliggende voorzieningen en vroegsignalering;
- Mocht iemand toch een beroep doen op opvang, dan zo snel mogelijk uitstromen naar een passende plek in de wijk;
- Vergroten van de door- en uitstroom in de MO door het optimaal benutten van alle (zelfstandige) woonmogelijkheden in regio;
- Hulp is beschikbaar en dichtbij;
- De begeleiding / ondersteuning van de opvang is gericht op herstel en meedoen.
Op dit moment staan we voor de volgende uitdagingen:
- De kosten van de zorg groeien en er is een toename van het aantal dak- en thuislozen;
- De maatschappelijke verschillen worden groter;
- Doorstroomtijd is lang o.a. door drukte op de woningmarkt;
- Toenemende complexe problematiek;
- Ontbrekend aanbod voor een groep met gecombineerde problematiek die nu in de opvang verblijven.
In onze regio is de OGGZ in het westelijke deel van Noord-Brabant sinds 2016 gekoppeld aan het Zorg- en Veiligheidshuis De Markiezaten (ZVH). Er zijn twee OGGZ-teams. Naast de politie werken er hulpverleners vanuit GGZWNB, Novadic Kentron, Wijzijn Traverse Groep, Mozaïk en de GGD.
De OGGZ is een samenwerking tussen bovengenoemde instellingen en maakt deel uit van een netwerk van zorg(aanbieders) die op allerlei levensgebieden van sociaal kwetsbare inwoners een belangrijke rol spelen om de leefsituatie te verbeteren.
De aanpak van bemoeizorg kenmerkt zich door flexibiliteit en maatwerk dat snel kan worden op- en afgeschaald. Het loopvermogen van de bemoeizorg is groot en er is capaciteit om zorg te bieden, ook als die intensief is of afwijkende werktijden verlangt. Uitgangspunt is en blijft dat de bemoeizorg als tijdelijk vangnet fungeert voor die inwoners die tussen wal en schip vallen en kampen met een complexe problematiek.
In 2022 is de stap gezet om het OGGZ-team door te ontwikkelen en te komen tot vastgestelde samenwerkingsafspraken tussen de OGGZ-partners. En daarnaast wordt met de kernpartners en schilpartners een convenant opgesteld gericht op de samenwerking voor de OGGZ doelgroep met als ambitie: We leiden inwoners die het écht nodig hebben toe naar de juiste zorg en ondersteuning (bemoeizorg) en voeren regie op de snijvlakken van zorg en veiligheid. Dit betekent:
- Er zijn afspraken gemaakt over de afstemming tussen bemoeizorg en de lokale teams en het toeleiden naar passende zorg;
- De verantwoordelijkheid voor casuïstiek op het snijvlak van zorg en veiligheid is in elke regiogemeente belegd;
- De expertise op het gebied van zorg en veiligheid is gebundeld.
De samenwerking in de regio West-Brabant West richt zich op overleg en afstemming tussen de deelnemende gemeenten over BW en MO. Dit betreft onder andere de gebieden beleidsvorming (inclusief toegang), inkoop, bekostiging, financiële solidariteit en verdere voorbereiding op de door decentralisatie BW.
Uitgangspunten voor regionale samenwerking zijn:
- Het in stand houden van 24 uurs- en specialistische voorzieningen en MO;
- (Financiële) risicospreiding;
- Meer keuzemogelijkheden inwoners;
- Bundeling van kennis en capaciteit.
Na het formeel wegvallen van de Centrumgemeenteconstructie BW per 1 januari 2022 heeft de regio besloten de samenwerking te continueren op basis van een convenant waarin de colleges van Halderberge, Roosendaal, Rucphen, Steenbergen en Woensdrecht mandaat hebben verleend aan het college van Bergen op Zoom om te beslissen op aanvragen voor een maatwerkvoorziening ten behoeve van BW en voor het aangaan van rechtsgeldige documenten / overeenkomsten ten behoeve van MO en BW namens de regiogemeenten.
De samenwerking wordt continu gemonitord om samenwerkingsafspraken (indien gewenst / noodzakelijk) aan te scherpen. Voor 2023 wordt gekeken of de huidige samenwerkingsconstructie nog het best passend is bij onderstaande geformuleerde uitgangspunten voor regionale samenwerking:
- Regionale inkoop / contratering van voorzieningen BW en MO;
- Regionale / gezamenlijke financiering op basis van solidariteit (komende drie jaar (2023 t/m 2025) wordt uitgegaan van financiële solidariteit waarbij de middelen die de samenwerkende gemeenten voor BW en MO ontvangen bij elkaar worden gelegd en waarmee de volledige uitvoering van BW en MO wordt bekostigd);
- Gezamenlijke voorbereiding van beleid;
- Gezamenlijke besluitvorming beleidsmatige zaken;
- Duidelijk afspraken over uitvoeringstaken tussen samenwerkende gemeenten;
- Lokale toegang beschermd wonen; administratieve afhandeling door gemeente Bergen op Zoom namens de regio;
- Realiseren/onderhouden basistakenpakket preventieve voorzieningen.
Om tot een besluit te komen of de huidige governance aangepast dient te worden, is er een impactanalyse uitgevoerd naar de diverse governancekeuzes die denkbaar zijn om de doordecentralisatie BW verder handen en voeten te geven.
Naast de geformuleerde uitgangspunten voor samenwerking is het wenselijk om de samenwerking zo licht als mogelijk en zo zwaar als nodig in te regelen. Dit om, zonder al te grote impact, te kunnen anticiperen op toekomstige ontwikkelingen, zoals inbedding van de MO (op termijn), toekomstige keuzes in regionale samenwerking (binnen het sociaal domein) of de uitkomst van de nadere landelijke uitwerking van de scenario’s in de doordecentralisatie.
Conclusie van de impactverkenning is dat het minimaal noodzakelijk is om de bestaande bestuurlijke samenwerking zoals deze er is (steviger) te regelen. Dit zou (minimaal) betekenen dat de bestaande overeenkomst een upgrade verdient.
8 Vertaalslag Norm van Opdrachtgeverschap (NVO)
Vertaalslag Norm voor Opdrachtgeverschap naar aanpak
De ontwikkelingen ten aanzien van de zorg en huisvesting van kwetsbare mensen volgen elkaar snel op en zijn omvangrijk van aard. Enerzijds worden verantwoordelijkheden steeds lokaler georganiseerd, anderzijds blijft de sturing vanuit het rijk groot. Dit leidt soms tot spanning tussen landelijke wetgeving en lokale uitvoering. Onze ambitie is:
De complexe financieringsstromen en bijbehorende verantwoordelijkheden maken dit in de praktijk soms ingewikkeld. Dit vraagt van alle partijen – gemeenten, zorgaanbieders, zorgverzekeraars en zorgkantoren – om over de eigen grenzen heen te durven kijken en over deze schotten heen te werken. Om deze ambitie goed vorm te geven, gebruiken we het uitvoeringsprogramma. Hierin maken we een doorkijk naar de komende jaren en spelen we zoveel als mogelijk in op de ontwikkelingen die op ons af komen.
Uitstel woonplaatsbeginsel en het nieuwe verdeelmodel BW
In juni 2022 is besloten tot uitstel van de invoering van het woonplaatsbeginsel en het nieuwe objectieve verdeelmodel voor BW per 1 januari 2024. In onze regio heeft het uitstel woonplaatsbeginsel weinig invloed op de beweging naar de wijk die gevoerd wordt. De inhoudelijke doelen van de transitie naar een beschermd thuis blijven onverminderd van belang en worden voortgezet. Het uitstel van het nieuwe verdeelmodel betekent een voortzetting van de aanvullende compensatie voor de uitvoering van BW tot de inwerktreding van het nieuwe verdeelmodel.
Voor steeds meer mensen en door de toestroom van verschillende doelgroepen is het moeilijk een passende woning te vinden. De druk op de woningmarkt is enorm. Sommige mensen hebben nog minder kansen, omdat ze zich in een kwetsbare situatie bevinden. Het gaat om mensen die dak- en thuisloos zijn, die uitstromen uit een intramurale (zorg)instelling of detentie en diverse groepen mensen met sociale of medische urgentie, waaronder slachtoffers van huiselijk geweld. De doorstroom duurt te lang en mensen blijven hierdoor langer dan nodig in de opvang of in BW, waardoor de druk en wachttijden op MO en BW ook weer oplopen. Onlangs is het programma: ‘Een thuis voor iedereen’ op de nationale Woon-en Bouwagenda gezet. Dit programma heeft als doel te zorgen voor voldoende betaalbare woningen voor alle aandachtsgroepen met een evenwichtige verdeling over gemeenten en met de juiste zorg, ondersteuning en begeleiding.
De Wlz is per 1 januari 2021 opengesteld voor mensen met een psychische kwetsbaarheid van chronische aard. Landelijk zijn meer cliënten overgegaan van de Wmo naar Wlz. Dit betekent langere wachttijden. Landelijk wordt er een onderzoek uitgevoerd naar de gevolgen van deze transitie voor de doordecentralisatie van beschermd wonen. En een verdiepend onderzoek naar de beleidsmatige en financiële gevolgen van deze transitie.
De regio kampt met een probleem rond hoogcomplexe GGZ/ LVB cliënten. Veelal speelt er multiproblematiek, agressie dan wel zorgmijding. Vaak is er behoefte aan langdurig verblijf, maar door gebrek aan een Wlz-indicatie of door lange wachtlijsten geen mogelijkheid tot plaatsing. Daarnaast zijn er cliënten die reeds een Wlz-indicatie hebben, maar op een niet passende plek verblijven. Het huidige aanbod is niet voldoende passend en vanuit een gezamenlijke verantwoordelijkheid ligt er een opdracht om de hoogcomplexe cliënten (verstandelijke beperking, psychiatrisch ziektebeeld en/of verslaving) zoals boven omschreven passende zorg te bieden. Hierbij is het ook van belang dat er aandacht is voor de langdurige verantwoordelijkheid die moet worden aangegaan met de partijen die bij deze zorg betrokken zijn.
Zorg en ondersteuning moeten zoveel mogelijk in eigen omgeving plaatsvinden. Dit is het uitgangspunt van een nieuw landelijk Hoofdlijnenakkoord ambulantisering GGZ. Hierin is vastgelegd dat partijen zich maximaal inspannen om te zorgen dat mensen niet onnodig in een ggz-kliniek (Zvw gefinancierd) of beschermd woonplek (Wmo gefinancierd) hoeven te blijven. Een veilige woonomgeving staat voorop. Dit zorgt voor een grotere vraag richting de Wmo.
Reintegratie ex- gedetineerden
In het bestuurlijk akkoord (ministerie binnenlandse zaken, ministerie van justitie en veiligheid en VNG) Nazorg Ex-gedetineerden is opgenomen dat de gemeenten een belangrijke taak heeft bij het ondersteunen van gedetineerde bij het op orde krijgen van de basisvoorwaarden (ID, onderdak, werk & inkomen, schulden en zorg voor het sociaal netwerk). Uitgaande van de levensloopbenadering staan de gemeenten aan de lat om regie te voeren op het gehele proces van re-integratie naar ex-gedetineerden.4 In onze regio zien we dat ook voor deze groep er een tekort is op het moment dat een vorm van BW geïndiceerd is. Voor deze groep inwoners werken we intensief samen met het Zorg en Veiligheidshuis de Markiezaten.
TRANSVORMATIE grafisch ontwerp en vormgeving
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2025-53551.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.