Nadere regel Impulssubsidie Cultuur gemeente Utrecht

Burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht;

  • gelet op artikel 156 Gemeentewet;

  • gelet op artikel 3 lid 2 van de Algemene Subsidieverordening gemeente Utrecht;

Gezien:

Cultuurnota 2025-2028 Kleur Bekennen d.d. 21 september 2023; Cultuurvisie 2030 Cultuurvisie 2030 vastgesteld d.d. 15 oktober 2019 en de Nachtvisie van februari 2023.

Overwegende dat deze regeling een laagdrempelige en eenmalige impuls geeft aan culturele en artistieke projecten die van belang zijn voor de gemeente Utrecht.

Besluiten vast te stellen de volgende Nadere regel Impulssubsidie Cultuur gemeente Utrecht

Artikel 1 Definities

Deze nadere regel verstaat onder:

  • a.

    Asv: de Algemene subsidieverordening gemeente Utrecht.

  • b.

    Awb: Algemene wet bestuursrecht.

  • c.

    Burgemeester en wethouders: burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht.

  • d.

    Herziene aanvraag: een projectsubsidie aanvraag die eerder geen projectsubsidie heeft ontvangen en die inhoudelijk dezelfde strekking heeft als de eerder ingediende aanvraag of aangevuld is. 

  • e.

    Nachtcultuur: nachtclubs en muziekpodia met een eigen autonome muziekprogrammering in de nacht, vaak gerelateerd aan elektronische muziek. Dancefestivals met een programmering die kenmerkend is voor het nachtleven. Makers in de nacht zoals dj’s vormgevers, online radiomakers. 

  • f.

    Project: een activiteit of een samenhangend geheel van activiteiten met een duidelijk begin en een eind. In de begroting zijn alleen die kosten opgenomen die direct betrekking hebben op het project (activiteitenlasten). 

Artikel 2 Doel

Utrecht is de stad van ‘Gezond Stedelijk Leven voor Iedereen’ en daarbij is kunst en cultuur van groot belang. De gemeente Utrecht ondersteunt het culturele leven in de stad. De Cultuurvisie 2030 ‘Kunst kleurt de stad’ en daarop volgende nota’s vormen hierbij het inhoudelijke beleidskader. Een subsidieaanvraag dient een bijdrage te leveren aan de ambities en doelstellingen die in deze cultuurvisie zijn verwoord. 

De regeling Impulssubsidie Cultuur van de gemeente Utrecht heeft als doel een laagdrempelige en eenmalige impuls te geven aan culturele en artistieke projecten die van belang zijn voor de gemeente Utrecht, haar inwoners en/of de Utrechtse culturele sector. De activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd dienen bij te dragen aan de ontwikkeling van het talent van de aanvrager. Het project dient beschikbaar of openbaar toegankelijk te zijn voor Utrechts publiek.

Artikel 3 Eisen aan de subsidieaanvrager

De subsidie kan worden aangevraagd door:

  • a.

    een rechtspersoon met volledige rechtsbevoegdheid;

  • b.

    een natuurlijke persoon;

  • c.

    een natuurlijke persoon met een onderneming die in het handelsregister van de Kamer van Koophandel is ingeschreven;

Artikel 4 Vaststellen subsidieplafond

Burgemeester en wethouders stellen jaarlijks het subsidieplafond vast door middel van de subsidiestaat.

Artikel 5 Subsidiabele activiteiten

Om in te kunnen blijven spelen op nieuwe ontwikkelingen en actualiteiten op het gebied van de professionele kunsten en participatieve kunsten, stelt de gemeente subsidies beschikbaar voor projecten in Utrecht. Het kan hierbij gaan om projecten in alle kunstdisciplines en mengvormen daartussen. Naast de geldende criteria vormen samenwerkingen met verrassende partners, de artistieke ontwikkeling van talentvolle makers, inclusie en brede cultuurparticipatie hierbij aandachtspunten. 

Burgemeester en wethouders verlenen geen subsidie voor de volgende projecten:

  • 1.

    Projecten in het kader van of als onderdeel van een (kunstvak)opleiding waar de aanvrager studiepunten voor ontvangt en/of wanneer het project onderdeel is van het curriculum.   

  • 2.

    Projecten die aan het publiek gepresenteerd worden binnen 7 weken na aanvraagdatum. 

  • 3.

    Projecten die al gestart zijn voordat de aanvraag is ingediend. Voorbereidende activiteiten die uitgevoerd worden voordat het besluit is genomen zijn toegestaan maar voor eigen rekening en risico.  

  • 4.

    Aanvragen waarvan het presentatiemoment niet plaatsvindt binnen twee jaar na aanvraagdatum. 

  • 5.

    Projecten waarvoor al eerder een subsidie uit het programma Cultuur van de gemeente Utrecht is verstrekt of waarvoor gelijktijdig een aanvraag voor een andere cultuursubsidie van de gemeente loopt.

  • Het is de verantwoordelijkheid van de aanvrager om aan te tonen dat de kosten waarvoor subsidie wordt aangevraagd niet op andere wijze door gemeente Utrecht zijn gesubsidieerd.  

  • 6.

    Aanvragen die een subsidieaanvrager betreffen die al eerder uit het programma Cultuur van gemeente Utrecht subsidie heeft gekregen. 

  • 7.

    Projecten waarvan uit de aanvraag onvoldoende blijkt dat de subsidie wordt gebruikt voor het organiseren van één of meerdere fysiek toegankelijke en openbare presentatiemomenten.

  • Uitzonderingen hierop zijn: 

    • a.

      schoolvoorstellingen in klassikale context. 

    • b.

      online activiteiten of publicaties, waarbij het passend is dat deze online worden gepresenteerd. Uit de aanvraag voor een online activiteit moeten voldoende Utrechtse aspecten blijken, zoals de mate waarin het project en maakproces zijn ingebed in een Utrechtse context, de mate waarin Utrechtse makers/ kunstenaars zijn betrokken, of er inhoudelijk (bijvoorbeeld thematisch) sprake is van een Utrechts belang.   

  • 8.

    Investeringen en niet-projectgebonden materiaalkosten. De aangevraagde subsidie kan slechts deels gebruikt worden voor aanschafkosten van middelen die de duur of functie van het project overstijgen, zoals apparatuur, hulpmiddelen (gereedschap) en software (licenties). Dit betreft maximaal 1/3 van de aanschafkosten. In de begroting moeten de volledige aanschafkosten worden opgenomen. In de toelichting van deze kostenpost breng je in beeld hoeveel Gemeente Utrecht hieraan bijdraagt. Uitgezonderd hiervan zijn muziekinstrumenten, hier draagt het Gemeente Utrecht in het geheel niet aan bij. 

  • 9.

    Aanvragen waarvan de begroting voor minimaal 50% is ingericht ten behoeve van onderzoek, reizen of artist-in-residency-programma’s.

Artikel 6 Eisen aan de aanvraag

  • 1.

    De aanvraag van de subsidie wordt ingediend met DigID en/of e-Herkenning via Subsidiehulp | gemeente Utrecht.

  • 2.

    Een rechtspersoon of een natuurlijke persoon met een onderneming die in het handelsregister van de Kamer van Koophandel is ingeschreven dient de aanvraag in met e-Herkenning.

  • Een natuurlijke persoon dient de aanvraag in met DigID. Dien de aanvraag via de juiste weg in, want als de indiening niet correct gebeurt dan wordt de aanvraag niet in behandeling genomen. 

  • 3.

    Als een aanvrager in de voorgaande drie jaar geen subsidie bij burgemeester en wethouders heeft aangevraagd of indien de onderstaande gegevens zijn gewijzigd, levert de aanvrager bij de aanvraag ook de volgende gegevens aan:

    • a.

      Kopie bankafschrift waarop in ieder geval het rekeningnummer en de naam van de aanvrager duidelijk zichtbaar zijn;

    • b.

      Een uittreksel uit het handelsregister van de Kamer van Koophandel;

    • c.

      De statuten of akte van oprichting, als de aanvrager een rechtspersoon met volledige rechtsbevoegdheid is.

  • 4.

    De aanvraag is ingediend door middel van een volledig en naar waarheid ingevuld en ondertekend digitaal aanvraagformulier via www.utrecht.nl/impulssubsidie.

  • 5.

    Bij de aanvraag worden de volgende documenten aangeleverd:

    • a.

      een sluitende begroting met toelichting. In de begroting geeft u een overzicht van de verwachte inkomsten en van de verwachte uitgaven. U specificeert de kostenposten en dekking van de kosten. De begroting is sluitend als de totale inkomsten en uitgaven gelijk zijn. Er mag geen tekort of overschot in de begroting zijn. 

    • b.

      Bij een aanvrager die Btw plichtig is dient de begroting exclusief Btw te worden ingediend. Geef duidelijk aan of u Btw plichtig bent. De begroting dient opgebouwd te zijn volgens de leidraad begroting, die als bijlage in deze nadere regel is opgenomen. 

    • c.

      De onvoorziene kosten mogen maximaal 5% van de totale begroting bedragen. 

  • 6.

    Alle aanvragen worden getoetst aan de formele vereisten zoals deze zijn opgenomen in de Algemene Subsidieverordening en in deze nadere regel.  Aanvragen die hier niet aan voldoen worden niet voorgelegd aan de adviescommissie en geweigerd.  

Artikel 7 Indiening aanvraag

  • 1.

    Alle aanvragen moeten worden ingediend bij het college van Burgemeester en wethouders via het daarvoor bestemde e-formulier (beschikbaar op www.utrecht.nl/impulssubsidie). 

  • 2.

    Aanvragen kunnen worden ingediend van 1 januari tot 1 juni en van 15 juli tot en met 31 december. Van 1 juni tot 15 juli kunnen er geen aanvragen ingediend worden. Dit betekent dat aanvragen die vanaf 15 juli worden ingediend het presentatiemoment niet eerder dan op 2 september kunnen hebben.

  • 3.

    De gemeente houdt de in de Algemene Subsidieverordening vermelde beslistermijn van 13 weken aan.

  • 4.

    Voor projecten die inhoudelijk zijn afgewezen, kan éénmaal een herziene aanvraag worden ingediend.  

Artikel 8 Maximale subsidie

  • 1.

    De aan te vragen subsidie bedraagt maximaal € 2.500,- per project. 

  • 2.

    De totale gemeentelijke subsidie bedraagt maximaal 100% van de totale kosten van het project; zowel op begrotingsbasis als bij verantwoording. Het staat aanvrager uiteraard vrij ook eigen inkomsten te genereren voor het project en minder dan 100% gemeentelijke subsidie aan te vragen.

Artikel 9 Beoordelingscriteria

Bij de beoordeling wordt het project getoetst aan de volgende criteria: 

  • 1.

    De ontwikkeling van het (organisatie)talent van de aanvrager; 

  • 2.

    De artistieke potentie van het project; 

  • 3.

    De aanvulling op het bestaande aanbod in de stad. 

Daarnaast wordt bij de beoordeling ook gelet op de criteria die gelden voor de Projectsubsidie Cultuur van de gemeente Utrecht, te weten: artistiek belang, betekenis voor de stad en ondernemerschap. 

Artikel 10 Besluitvorming

  • 1.

    De aanvragen worden op volgorde van binnenkomst behandeld. 

  • 2.

    De aanvragen zullen individueel worden getoetst aan de criteria uit artikel 9. De criteria wegen allen even zwaar. 

  • 3.

    De volgende puntensystematiek wordt gehanteerd: beoordeling vindt plaats per criterium met een score van 1(onvoldoende),2 (zwak), 3 (voldoende), 4 (goed) of 5 (uitstekend). Voor een verlening moet er op minimaal twee criteria voldoende worden gescoord. 

Score per criterium

Omschrijving

cijfer

uitstekend

Er zijn geen kritische kanttekeningen te plaatsen.

5

goed

Positief, met een aantal kritische kanttekeningen

4

voldoende

Nog wel positief, maar met een behoorlijk aantal punten van kritiek

3

zwak

Onder de maat; de kritische elementen hebben de overhand

2

onvoldoende

Er is vrijwel geen positief element te benoemen

1

  • 4.

    Onderdeel van de aanvraagprocedure is een mondelinge toelichting op de aanvraag. Een uitzondering wordt gevormd voor aanvragen die duidelijk niet voldoen aan de eisen en verplichtingen uit deze regeling en de algemene subsidieverordening. Die worden ambtelijk geweigerd zonder een gesprek met een adviseur. 

  • 5.

    Indien bij de laatste aanvraag vóór het plafond bereikt is niet het volledig aangevraagde bedrag kan worden toegekend, maar twee-derde of meer, wordt de aanvraag toegekend. In deze situatie zal het college de aanvrager vragen om een nieuwe, sluitende, begroting toe te sturen. Indien er een-derde of minder van het aangevraagde bedrag kan worden toegekend, wordt de aanvraag geweigerd.

  • 6.

    De aanvrager ontvangt het besluit uiterlijk 13 weken na het indienen van de aanvraag.

Artikel 11 Verplichtingen en vaststelling subsidie

Subsidies tot en met €2.500,- worden direct vastgesteld. Dat betekent dat de aanvrager geen verantwoording hoeft af te leggen over de kosten en de uitgevoerde activiteiten. Wel hangen aan de subsidie bepaalde verplichtingen. Het college kan steekproefsgewijs controles uitvoeren om na te gaan of deze verplichtingen zijn nagekomen en daadwerkelijk zijn uitgevoerd. De aanvrager is verplicht om aan deze steekproef mee te werken. Het niet meewerken aan de steekproef kan consequenties hebben voor de hoogte van het subsidiebedrag. De aanvrager zorgt voor een verslag in woord en beeld en voor een financiële verantwoording, die voldoet aan het controleprotocol van de gemeente Utrecht, op basis van de uitgangsbegroting. Hiervoor dient de aanvrager zijn of haar financiële administratie minimaal 3 maanden na afloop van de activiteiten te bewaren. 

Artikel 12 Evaluatie

De nadere regel Impulssubsidie Cultuur wordt een keer per jaar geëvalueerd. 

Artikel 13 Intrekking

De nadere regel Impulssubsidies Cultuur Nadere regel Impulssubsidies Cultuur gemeente Utrecht | Lokale wet- en regelgeving zoals vastgesteld op 15 december 2020 wordt ingetrokken.

Artikel 14 Overgangsbepalingen

De Nadere regel impulssubsidies cultuur zoals vastgesteld op 15 december 2020 blijft van toepassing op aanvragen die onder de werking van die nadere regel zijn ingediend en op subsidiebesluiten die onder de werking van die nadere regel zijn genomen.

Artikel 15 Inwerkingtreding

Deze nadere regel treedt in werking op 1 januari 2026.

Artikel 16 Citeertitel

Deze nadere regel wordt aangehaald als: Nadere regel Impulssubsidie cultuur.

Aldus vastgesteld door burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht, in de vergadering van 2 december 2025.

De burgemeester

Sharon A.M. Dijksma

De secretaris,

Michiel J. Ruis

Bijlage Leidraad begroting

Aandachtspunten: 

• De begroting (met dekkingsplan) en toelichting is maximaal 3 A4 in een pdf-bestand. 

• De begroting moet sluitend zijn. 

• Het subsidiebedrag is maximaal € 2.500,- 

• De subsidie is maximaal 100% van de totale kosten. 

• Bij een aanvrager die BTW plichtig is dient de begroting exclusief BTW te worden ingediend. 

• De onvoorziene kosten mogen maximaal 5% van de totale begroting bedragen. 

Kengetallen: 

Geef een overzicht van het: 

beoogd aantal activiteiten. 

beoogd aantal bezoekers. 

Begroting en dekkingsplan:

Maak een overzicht met de begroting en het dekkingsplan voor het project. Geef in ieder geval inzicht in de volgende inkomsten en uitgaven: 

Lasten en uitgaven 

 

Baten en inkomsten 

 

voorbereidingskosten 

organisatie, productie, uitvoerenden, huur zaal, materiële kosten 

publieksinkomsten 

kaartverkoop, uitkoop, partage etc. 

uitvoeringskosten 

organisatie, productie, uitvoerenden, huur zaal, materiële kosten 

eigen inkomsten 

horeca, verhuur, sponsoring, etc. 

publiciteit en marketing 

acties, materialen, onderzoek, opening/première 

bijdrage uit private middelen 

particulieren, bedrijven, private fondsen 

overige kosten 

Kantoor, administratie, verzekering, vergunningen, etc)  

subsidies 

andere overheden en publieke fondsen     

 

Onvoorziene kosten (max. 5%)  

 

Gevraagde subsidie (max. 100%) 

Totaal 

Het totaal van de lasten en uitgaven is gelijk aan het totaal van de baten. 

Totaal 

Het totaal van de baten is gelijk aan het totaal van de lasten en uitgaven. 

 

 

 

Toelichting begroting

 

Geef een toelichting bij de begroting waarin u de inkomsten en/of uitgaven verder specificeert of toelicht. Als u bijvoorbeeld een producent inhuurt laat u zien voor hoeveel uren of dagdelen u die inhuurt en voor welk bedrag. Licht toe waar u de subsidie voor inzet.

 

Ziet u een fout in deze regeling? 

Bent u van mening dat de inhoud niet juist is? Neem dan contact op met de organisatie die de regelgeving heeft gepubliceerd. Deze organisatie is namelijk zelf verantwoordelijk voor de inhoud van de regelgeving. De naam van de organisatie ziet u bovenaan de regelgeving. De contactgegevens van de organisatie kunt u hier opzoeken: organisaties.overheid.nl

 

Werkt de website of een link niet Stuur dan een e-mail naar regelgeving@overheid.nl  goed?

 

 

 

Naar boven