Gemeenteblad van Barendrecht
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Barendrecht | Gemeenteblad 2025, 52697 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Barendrecht | Gemeenteblad 2025, 52697 | beleidsregel |
Beleidsregel Handhavingsarrangement horeca Barendrecht
De burgemeester van de gemeente Barendrecht;
Gelet op afdeling 4 toezicht openbare inrichtingen (artikelen 2:27 t/m 2:34) van de Algemene Plaatselijke Verordening Barendrecht 2020 en gelet op artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht.
De beleidsregel handhavingsarrangement horeca Barendrecht vast te stellen.
Toezicht en handhaving heeft tot doel de bescherming van de openbare orde en een veilig woon- en leefklimaat. In deze beleidsregel wordt vastgelegd op welke wijze de burgemeester handelt op overtredingen met betrekking tot horeca.
Proportionaliteit en subsidiariteit
Bestuursrechtelijke handhaving moet aan de eisen van proportionaliteit en subsidiariteit voldoen. Dit houdt in dat de maatregel niet verder mag strekken dan noodzakelijk en dat bij de keuze uit verschillende bevoegdheden geen zwaardere bevoegdheid wordt gebruikt dan de concrete situatie vereist. De feiten en omstandigheden van de situatie spelen dan ook een rol bij de beoordeling of een maatregel nodig is, en zo ja, welke maatregel.
Het kan zijn dat op bepaalde overtredingen meerdere bestuurlijke maatregelen van toepassing zijn.
Meerdere maatregelen kunnen tegelijktijdig getroffen worden. Bijvoorbeeld de sluiting van een openbare inrichting vanwege drugshandel (op basis van de Opiumwet) en eveneens intrekking van de exploitatievergunning.
Zowel het bestuursrecht als strafrecht kunnen gelijktijdig worden toegepast. Een bestuursrechtelijke maatregel heeft als doel om de openbare orde en veiligheid te herstellen. Een strafrechtelijke maatregel heeft als doel straffen bestaande uit het opleggen van een sanctie.
Het kan zijn dat een exploitant wordt belast met de ‘erfenis’ van zijn voorganger(s). Dit gebeurt bijvoorbeeld bij langdurige en/of terugkerende vormen van overlast of verstoringen van de openbare orde. Een maatregel kan ook gevolgen hebben voor meerdere openbare inrichtingen. Bijvoorbeeld wanneer een exploitant meerdere openbare inrichtingen heeft en hij in een van zijn openbare inrichtingen overlast of anderszins veroorzaakt.
Bij ernstige of acute verstoringen van de openbare orde volgt een spoedsluiting voor de duur van maximaal twee weken. Deze voorlopige sluiting dient om de openbare orde en veiligheid in en rond de openbare inrichting te herstellen. Deze periode is ook bedoeld om meer informatie te verkrijgen over de toedracht van het incident dat de openbare orde heeft verstoord. De burgemeester kan als gevolg daarvan besluiten om de exploitatievergunning in te trekken of treft een aanvullende maatregel indien er nog steeds een gevaar is en/of een kans op herhaling van een incident.
Schorsen en intrekken exploitatievergunning
Er wordt een onderscheid gemaakt tussen schorsing en intrekking van de exploitatievergunning. De burgemeester schorst de exploitatievergunning, wanneer een maatregel voor bepaalde tijd noodzakelijk is (als bijvoorbeeld voor twee weken niet mag worden geëxploiteerd). De burgemeester trekt de vergunning in als blijkt dat de exploitant strafbaar heeft gehandeld of omdat uit opeenvolgende incidenten blijkt dat de exploitant niet in staat is om zijn bedrijf zonder gevaar voor de openbare orde te exploiteren. Dit geldt dan voor onbepaalde tijd.
Er is sprake van schijnbeheer als blijkt dat niet de vergunninghouder feitelijk zeggenschap heeft over de openbare inrichting, maar een persoon die niet als zodanig op de vergunning staat vermeld.
Van een exploitant wordt verwacht dat deze niet in enig opzicht van slecht levensgedrag is. Wanneer wordt geconstateerd dat de exploitant of zijn beheerder in enig opzicht van slecht levensgedrag is, is dit reden om de exploitatievergunning in te trekken, dan wel te wijzigen door de beheerder hiervan te verwijderen.
Onder geweldsincidenten wordt verstaan de situatie waarin bijvoorbeeld een handgemeen plaatsvindt in de directe nabijheid van of vanuit de openbare inrichting. Als blijkt dat er vanuit de exploitant en zijn personeel geen sprake is van verwijtbaarheid zal niet worden overgegaan tot intrekking van de exploitatievergunning ofwel sluiting van de openbare inrichting.
Onder ernstige geweldsincidenten (in, vanuit of in de directe omgeving van de openbare inrichting) worden in ieder geval verstaan (niet limitatief):
Artikel 6 Strafbare feiten in of vanuit openbare inrichting
Onder strafbare feiten in of vanuit de openbare inrichting worden in ieder geval verstaan (niet limitatief):
Mede vanwege het georganiseerde en/of ondermijnende karakter van dergelijke strafbare feiten en de impact die dit heeft op de openbare orde en veiligheid en het woon- en leefklimaat, wordt in beginsel uitgegaan van een sluiting van 1 maand.
Artikel 7 Exploitatie zonder (geldige) vergunning
Exploiteren van een openbare inrichting mag alleen met een (geldige) vergunning. Er is in ieder geval sprake van verboden exploitatie als (niet limitatief):
Artikel 8 Wijzigen exploitatievorm zonder nieuwe vergunning
Uit de vergunning blijkt welke activiteiten in een openbare inrichting wel en niet zijn toegestaan.
Artikel 9 Niet-vergunde uitbreiding openbare inrichting
Wordt er geëxploiteerd binnen vertrekken of vierkante meters, die niet binnen de vergunning vallen, dan is sprake van een niet-vergunde uitbreiding.
Artikel 10 Wijzigen exploitant en/of rechtsvorm zonder melding
De exploitant is verplicht elke wijziging in de zeggenschap (bijvoorbeeld doordat een vennoot toetreedt tot de vennootschap of een eenmanszaak een BV wordt met aandeelhouders) door te geven en een nieuwe vergunning aan te vragen.
Artikel 11 Niet gecertificeerde portier
Schakelt de exploitant een portier in voor het bewaken van de orde aan de deur en in de openbare inrichting, dan moet deze portier beschikken over de juiste certificering.
Artikel 12 Afwezigheid exploitant of beheerder
De burgemeester stelt als voorschrift dat een op de vergunning genoemde exploitant of beheerder aanwezig is wanneer de openbare inrichting is geopend voor publiek.
Artikel 13 Overtreden sluitingstijden
Openbare inrichtingen zijn gebonden aan sluitingstijden die zijn opgenomen in de APV en de vergunning.
Artikel 14 Niet exploiteren conform de aan de vergunning verbonden voorschriften
Aan zowel de exploitatie- als eventuele terrasvergunning worden voorschriften verbonden.
Artikel 15 Niet-vergund terras
Voor het voeren van een terras bij een openbare inrichting is een vergunning nodig.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2025-52697.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.