ARTIKEL I Wijziging verordening
De ‘Verordening tot wijziging van de Verordening op de heffing en invordering van Roerende woon- en bedrijfsruimtenbelasting Zaanstad 2025’ wordt als volgt gewijzigd:
A
Titel
De titel van de verordening wordt gewijzigd in ‘Verordening roerende woon- en bedrijfsruimtenbelasting Zaanstad 2026’
B
Artikel 7 Belastingtarieven
Lid 1 letter a ‘0,2433%’ te wijzigen in 0,2417%
Lid 1 letter b, I ‘0,0782% te wijzigen in 0,0743%
Lid 1 letter b, II ‘0,3227% te wijzigen in 0,3169%
C
Artikel 9 Termijnen van betaling
Lid 2 te wijzigen in:
- 2.
In afwijking van het bepaalde in het eerste lid, geldt dat zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische betalingsincasso kunnen worden afgeschreven dat de aanslag moeten worden betaald in maximaal tien en minimaal vier maandelijkse termijnen. De eerste termijn vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand, die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en elk van de volgende termijnen telkens een maand later.
Als de dagtekening van het aanslagbiljet in maart of later ligt, is het aantal incassotermijnen gelijk aan de nog in het desbetreffende belastingjaar overblijvende volle maanden, met een minimum van vier maandelijkse incassotermijnen. Het college kan nadere regels stellen in het Incassoreglement.
Lid 3, lid 4 en lid 5 komen te vervallen.
Lid 6 her te benoemen naar lid 3
D
Artikel 10 Overgangsrecht en citeertitel
Artikel 10 lid 3 te wijzigen in: De datum van ingang van heffing is 1 januari 2026.
Artikel 10 lid 4 te wijzigen in: De verordening kan worden aangehaald als ‘Verordening roerende woon- en bedrijfsruimtebelasting Zaanstad 2026’