Retributieverordening Openbare werken 2026

De Raad van de gemeente Rotterdam,

 

gelezen het raadsvoorstel van burgemeester en wethouders van 16 september 2025

(raadsvoorstel nr. 25bb006556/25bo007415); 25bb006571;

 

gelet op de artikelen 216 en 229, eerste lid, aanhef en de onderdelen a en b, van de Gemeentewet;

 

overwegende dat:

de heffing en invordering van de retributie openbare werken bij verordening worden geregeld;

 

besluit:

Artikel 1 Belastbaar feit

Onder de naam rechten openbare werken worden rechten geheven voor:

  • a.

    het genot van, door of vanwege het gemeentebestuur verstrekte diensten;

  • b.

    het gebruik overeenkomstig de bestemming van voor de openbare dienst bestemde gemeentebezittingen of van voor de openbare dienst bestemde werken en inrichtingen die bij de gemeente in beheer of in onderhoud zijn.

Artikel 2 Belastingplicht

De rechten openbare werken worden geheven van:

  • a.

    degene die het genot heeft van de door of vanwege het gemeentebestuur verstrekte diensten als bedoeld in artikel 1, onderdeel a;

  • b.

    van degene die overeenkomstig de bestemming gebruik maakt van voor de openbare dienst bestemde gemeentebezittingen of van voor de openbare dienst bestemde werken of inrichtingen die bij de gemeente in beheer of in onderhoud zijn als bedoeld in artikel 1, onderdeel b.

Artikel 3 Maatstaf van heffing en belastingtarieven

  • 1.

    De rechten openbare werken worden berekend aan de hand van de tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel, met inachtneming van de in die tabel gegeven aanwijzingen.

  • 2.

    Gedeelten van de in de tarieventabel genoemde eenheden worden als een geheel gerekend.

Artikel 4 Heffingstijdvak

Het heffingstijdvak is het kalenderjaar of het kalenderkwartaal.

Artikel 5 Wijze van heffing

De rechten openbare werken worden geheven door middel van een gedagtekende schriftelijke kennisgeving.

Artikel 6 Ontstaan van de belastingschuld, termijn van betaling

  • 1.

    De rechten openbare werken zijn verschuldigd bij de aanvang van het belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht.

  • 2.

    In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 worden de rechten openbare werken betaald op het moment van uitreiking van de kennisgeving, bedoeld in artikel 5, dan wel ingeval van toezending daarvan, binnen veertien dagen na de dagtekening van deze kennisgeving.

  • 3.

    De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op het tweede lid.

Artikel 7 Intrekking en overgangsrecht

De Retributieverordening openbare werken 2025 wordt ingetrokken, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor 1 januari 2026 hebben voorgedaan.

Artikel 8 Inwerkingtreding

Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2026.

Artikel 9 Citeertitel

Deze verordening wordt aangehaald als: Retributieverordening openbare werken 2026.

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 11 en 13 november 2025.

De griffier,

I.C.M. Broeders

De voorzitter,

C.J. Schouten

Dit gemeenteblad ligt ook ter inzage bij het Concern Informatiecentrum Rotterdam (CIC): 010-267 2514 of bir@rotterdam.nl

Bijlage Tarieventabel als bedoeld in artikel 3 van de Retributieverordening openbare werken 2026

 

 

Diensten ter zake van parkeerplaatsen

Tarieven in €

1

Het aanleggen van een gehandicaptenparkeerplaats bij woon- werkadres, per aanleg

253,50

2

Het aanleggen van een gehandicaptenparkeerplaats bij woon- werkadres bij verhuizing, per aanleg

253,50

3

Het wijzigen van het kenteken op het bij een gehandicaptenparkeerplaats behorende bord, per wijziging

112,20

4

Het aanleggen van een gereserveerde parkeerplaats t.b.v. een stationbased deelauto, per aanleg

506,90

5

Het aanleggen van een gereserveerde parkeerplaats voor huisartsen en verloskundigen bij praktijk- of woonadres per aanleg

506,90

 

Toelichting op de Retributieverordening openbare werken 2026

Algemeen

De rechten openbare werken worden geheven op basis van artikel 229, eerste lid, aanhef, en onderdelen a en b, van de Gemeentewet. Gebruiksretributies worden geheven voor het gebruik overeenkomstig de bestemming van voor de openbare dienst bestemde gemeentebezittingen, -inrichtingen of -werken.

 

Artikelsgewijs

 

Artikel 1 Belastbaar feit

Retributie kan geheven worden voor uiteenlopende diensten waarvoor rechten worden geheven. Er is daarom voor gekozen om in artikel 1 een algemene omschrijving van het belastbaar feit op te nemen. Naast deze algemene omschrijving is voor iedere dienst afzonderlijk een verdere omschrijving van het belastbare feit opgenomen in de tarieventabel in de bijlage bij deze verordening.

 

Artikel 2 Belastingplicht

Vanwege het uiteenlopende karakter van de verschillende diensten is gekozen voor een ruime omschrijving van de belastingplicht om te voorkomen dat in bepaalde situaties geen belastingplichtige aangewezen zou kunnen worden.

 

Artikel 3 Maatstaf van heffing en belastingtarieven

De hoogte van de verschuldigde rechten is afhankelijk van het type dienst of gebruik (bijvoorbeeld het aanleggen van een gehandicaptenparkeerplaats) en vastgelegd in een tarieventabel die bij de verordening hoort. Deze tarieventabel maakt het mogelijk om duidelijk en transparant te specificeren wat welke dienst kost. Als er sprake is van gedeelten van een eenheid (bijvoorbeeld een deel van een dienst die per stuk wordt gerekend), dan wordt dat afgerond naar boven.

 

Artikel 4 Heffingstijdvak

Dit artikel bepaalt over welke periode de rechten worden geheven voor het gebruik van gemeentelijke diensten of voorzieningen.

De gemeente kan kiezen om dit per jaar of per kwartaal te doen. Deze keuze is belangrijk omdat sommige diensten of voorzieningen doorlopend worden gebruikt (bijv. langdurig gereserveerde parkeerplaatsen) dan is het passender om een jaartarief te hanteren. Sommige diensten kunnen tijdelijk of projectmatig van aard zijn (bijv. een tijdelijke verkeersmaatregel of bouwvoorziening) dan is een kwartaalheffing logischer.

 

Artikel 5 Wijze van heffing

Dit artikel bepaalt hoe de gemeente kenbaar maakt dat iemand rechten moet betalen. Dit gebeurt via een schriftelijke kennisgeving, die voorzien is van een datum (dagtekening) en formeel geldt als het moment waarop de belastingschuld bekend wordt gemaakt aan de betrokkene. Het gaat hier dus niet om een formele belastingaanslag, maar om een kennisgeving van het verschuldigde bedrag. Deze vorm van heffing is gebruikelijk bij retributies, omdat het vaak gaat om vergoedingen voor een concrete dienst of gebruik van gemeentelijke voorzieningen, zoals het aanleggen van een parkeerplaats of het gebruik van een gemeentelijke inrichting.

 

Artikel 6 Ontstaan van de belastingschuld, termijn van betaling

De belastingschuld ontstaat aan het begin van het belastingjaar (bijv. 1 januari 2026), of op het moment dat het gebruik begint, als dat later is. De betalingstermijn is gekoppeld aan de kennisgeving (artikel 5), een officieel schriftelijk document van de gemeente waarin staat hoeveel je moet betalen. Wanneer de kennisgeving persoonlijk wordt ontvangen (uitreiking), dient er direct betaald te worden. Als de kennisgeving persoonlijk wordt ontvangen (uitreiking), moet direct worden betaald. Als de kennisgeving toegestuurd wordt, dient er binnen 14 dagen na de datum op de kennisgeving te worden betaald. De Algemene termijnenwet, die normaal zorgt voor het verschuiven van termijnen als een deadline in het weekend of op een feestdag valt, geldt hier niet. Dat betekent dat de 14 dagen termijn strikt wordt toegepast — ook als de laatste dag bijvoorbeeld op een zondag valt.

Naar boven