Groenbeleid Rijswijk

 

Introductie

U bevindt zich in de viewer van het Groenbeleid van de gemeente Rijswijk. Met deze viewer geeft de gemeente Rijswijk aan welke groene structuren en gebieden in Rijswijk belangrijk zijn en hoe zij die verder wil ontwikkelen. Dit is een actualisatie van het Groenbeleidsplan BomeNatuuRecreatie dat in 2010 door de gemeenteraad is vastgesteld.

 

 

Rijswijk is een groene woon- en werkstad in de provincie Zuid-Holland. In de stad liggen twee grote regionale groengebieden. De landgoederenzone in het noorden en de stadsparkzone in het zuiden. Verspreid door/over de stad liggen bomenlanen, oude buitenplaatsen, wijkparken, buurtgroen, begraafplaatsen, singels, volkstuinen, verbindingszones, binnentuinen, losse groenelementen, natuurinclusieve gebouwen en monumentale bomen. Tezamen zijn dat groene structuren die de twee grote groengebieden met elkaar en met de stad verbinden. Alles tezamen vormen zij de groenstructuur van Rijswijk.

 

Al dat groen maakt Rijswijk tot een prettige leefomgeving voor mens, plant en dier. Het groen is belangrijk voor een gezond stadsklimaat met ruimte voor biodiversiteit.

 

Om een goede balans tussen verstedelijkte ruimte en groene ruimte in Rijswijk te kunnen behouden zijn de Rijswijkse groengebieden en groenstructuren belangrijk. Dit kan worden bereikt door de hoeveelheid groen in de stad op pijl te houden en tegelijkertijd de kwaliteit van datzelfde groen te versterken.

De groenstructuur van Rijswijk

De Rijswijkse groenstructuur bestaat uit drie groene lagen: de boomstructuur, de natuurstructuur en de recreatiestructuur. Dat zijn drie lagen die nauw met elkaar samenhangen. Bij de hoofd-groenstructuur kaarten zijn die lagen op drie afzonderlijke kaarten weergegeven. Bij de kaart van de groenstructuur van Rijswijk zijn alle verschillende onderdelen van de groenstructuren op één kaart bij elkaar gezet.

  • Hoofd-Boomstructuur

  • Hoofd-Natuurstructuur

  • Hoofd-Recreatiestructuur

  • Groenstructuur van Rijswijk

Themabladen

In deze viewer zijn naast de vier kaarten van de groenstructuur ook onderstaande themabladen opgenomen.

  • Groen ambities van Rijswijk

  • Groensferen van Rijswijk

  • Plekken voor bijzondere beplanting

  • Natuurverbindingszones

  • Versterken groene knooppunten

  • Natuurwaardenkaart

  • Groen kwaliteit en kwantiteit

Groen ambities Rijswijk

Groen is belangrijk voor de gezondheid van de inwoners, het zorgt voor meer biodiversiteit, het vermindert hittestress en verbetert wateropvang in de stad. Rijswijk zet nadrukkelijk in op behoud van de groene kwaliteiten van de stad. Maar ook op versterking daarvan bij alle ontwikkelingen waar Rijswijk mee te maken heeft.

 

Dit groenbeleid biedt daarvoor de informatie en inspiratie en vormt ook een afwegingskader voor beleidsbeslissingen over groen en groenontwikkelingen in de komende jaren.

 

 

Rijswijk maakt door de vele gebieds- en locatieontwikkelingen de komende jaren een grote groei door. Die groei kan plaatsvinden in combinatie met andere opgaven die belangrijk zijn voor een groene stad. Zoals: klimaatadaptatie, natuurinclusief bouwen; verbeteren van natuurwaarden en biodiversiteit; vergroten van variatie (diversiteit) in het groenareaal en verbeteren van groeiplaatsen.

 

Als gevolg van de gebieds- en locatieontwikkelingen groeit ook het aantal inwoners. Het is belangrijk om voor al die inwoners de leefomgeving groen te houden. Verdichting en gebiedsontwikkeling bieden kansen om extra groen aan Rijswijk toe te voegen. Met het oog op klimaatadaptatie zetten wij in op het verder vergroenen van de stad en het vergroten van de biodiversiteit. Een gezond en vitaal groenbestand helpt daar bij. Door het natuurinclusief inrichten van gebouwen en buitenruimte worden natuurwaarden in Rijswijk vergroot. Daardoor verbeteren deze natuurwaarden en ook de biodiversiteit. Dat is belangrijk, want ook de natuur maakt onderdeel uit van de stad. Door het verbeteren van groeiplaatsen en meer diversiteit aan groen (variatie aan bomen, heesters, planten) wordt het Rijswijks groenareaal vitaler en gezonder. Diversiteit vermindert ook de uitval van bomen door ziekten en plagen.

 

Om de verwachte bevolkingsgroei in Rijswijk op te vangen, wordt er evenredig geïnvesteerd in de uitbreiding en verbetering van groengebieden. De groei van de woningbouw gaat hand in hand met de groei van het groen, zodat de Rijswijkse identiteit behouden blijft. Daarom wordt het huidige groen in de stad uitgebreid, zodat de leefbaarheid en de balans tussen bebouwing en natuur gewaarborgd blijven.

 

Rijswijk heeft de ambitie om bij stadsontwikkeling, herinrichting en verdichting van de stad zowel de kwaliteit van het openbaar groen te verbeteren als de kwantiteit, namelijk voldoende m2 (openbaar) groen te behouden en/of te realiseren. Rijswijk gaat actief op zoek naar rijks-, en provinciale subsidies en andere geldstromen. Bij gebiedsontwikkelingen dragen de ontwikkelaars bij aan het realiseren van de inrichting van het groen in het gebied en helpen bij het realiseren van de groene ambities. Rijswijk evalueert ten minste elke twee jaar de voortgang op de groene ambities met periodieke rapportages op basis van meetbare indicatoren.

De kwaliteit van het openbaar groen verbeteren

De kwaliteitsverbetering van het Rijswijkse groen wordt op meerdere manieren gerealiseerd:

  • 1.

    De Rijswijkse straatbomen worden gezonder, groter en ouder door het vergroten van de boomspiegels en het toepassen van standplaatsverbetering.

  • 2.

    De levensduur van beplanting verbetert door beplanting te kiezen die het beste bij een bepaalde plek past. Daardoor neemt de waarde voor mens (belevingswaarde) en natuur (biodiversiteit) toe.

  • 3.

    De natuurkwaliteit van het Rijswijkse groen wordt hoger door voldoende variatie in beplantingshoogten;

  • 4.

    Bij gebiedsontwikkelingen worden er regels gesteld voor het natuurinclusief en duurzaam inrichten van gebouwen en de buitenruimte. Op deze manier wordt gezorgd dat de kwaliteit van de natuur (de natuurwaarden) in Rijswijk wordt vergroot;

De meer technische toelichting waarom dit van belang is en hoe deze ambities vorm te geven, staan in het themablad groen kwaliteit en kwantiteit

De kwantiteit (m2) van het groen behouden

Het op peil houden van de hoeveelheid (kwantiteit) groen in Rijswijk wordt op meerdere manieren gerealiseerd;

  • 1.

    Zorgen dat vanuit ieders directe woon- of werkomgeving groen van omvang zichtbaar is;

  • 2.

    Zorgen dat er in ieders directe woon- of werkomgeving een groene plek van enige omvang is;

  • 3.

    Zorgen dat ook bij stedelijke verdichting (zoals in de stads-as) groen behouden blijft of wordt toegevoegd.

  • 4.

    Bij het verwijderen van bomen en beplantingen door gebiedsontwikkelingen of noodzakelijk onderhoud wordt dit voldoende gecompenseerd binnen de gemeente, bijvoorbeeld gefaciliteerd met het oprichten van een Bomenfonds;

  • 5.

    Zorgen dat (indien mogelijk) groen met een ander functie wordt gecombineerd.

  • 6.

    Zorgen dat er genoeg groen en bomen in verschillende delen van Rijswijk zijn.

    • Bij herinrichtingen en herontwikkelingen in de stad wordt de 3-30-300 regel als richtlijn gehanteerd;

    • Bij gebiedsontwikkelingen of het verdichten van bebouwing worden de kansen benut om extra groen toe te voegen;

    • Naast het hanteren van de 3-30-300 richtlijn, wordt er geïnvesteerd in de landgoederenzone en de stadsparkzone. Deze investeringen zorgen voor de verdere ontwikkeling en verbetering van deze grote groengebieden, zodat de parken en bossen een kwaliteitsimpuls krijgen waardoor ze optimaal kunnen meegroeien met de stad.

De meer technische toelichting waarom dit van belang is en hoe deze ambities vorm te geven, staan in het themablad groen kwaliteit en kwantiteit.

Groene routes

Groene routes nodigen inwoners uit tot bewegen. Rijswijk heeft veel groen. In de landgoederenzone en de stadsparkzone ligt een netwerk van wandelpaden. Beide groengebieden zijn voor de meeste Rijswijkers vanaf huis per fiets of soms zelfs lopend bereikbaar.

 

Het doel is om door Rijswijk een netwerk van groene wandelpaden te realiseren. Dat kan door openbaar en besloten (terreinen van derden) wijkgroen via eenvoudige wandelpaadjes met elkaar te verbinden. Dat maakt het voor iedereen gemakkelijker om dicht bij huis een groen ommetje te maken. Of en hoe dit mogelijk is, wordt verder onderzocht.

 

Hoofd-Boomstructuur

De hoofd-boomstructuur van Rijswijk wordt gevormd door de hoofdassen uit het bomenraster, delen van de landgoederenzone en de stadsparkzone, specifieke locaties met veel bomen (buitenplaatsen en begraafplaatsen) en de monumentale bomen in de stad. De andere straatbomen zijn ook belangrijk voor de stad, maar maken geen onderdeel uit van de hoofd-boomstructuur.

 

Bij het aanklikken van een bomenrij op de kaart verschijnt een uitklapvenster met informatie over de boomstructuur en de (gewenste) boomsoort van de bomenrij. Overigens zijn de bolletjes op de kaart niet bedoeld om de exacte locatie van bestaande of nieuwe bomen aan te geven.

 

In het themablad Groensferen van Rijswijk is aangegeven welke boomtypen voor die groensfeer typerend zijn. Verder is voor straatbomen een goede groeiplaats met ruime boomspiegels en goede grondverbetering belangrijk. Zie daarvoor ook de toelichting in het themablad Groen kwaliteit en kwantiteit. Bij boomkeuzes wordt gekozen voor meer diversiteit. Daardoor krijgt Rijswijk een bomenbestand met meer variatie in soorten en genetische eigenschappen. In de toekomst zorgt dat voor een gezonder bomenbestand met minder uitval door ziekten en plagen.

 

In de Rijswijkse boomstructuur komen rond kruispunten van wegen vaak grote gaten voor. Vanuit landschap en natuur zijn doorgaande groene lijnen gewenst. Hoe de groenstructuur bij kruispunten verlengt kan worden, is in het themablad Versterken groene knooppunten uitgewerkt.

 

In Rijswijk zijn veel bomen en bomenlanen aanwezig. Die bomen zijn belangrijk voor een aangenaam leefklimaat in de stad. Voor nieuwe aanplant van bomen is het uitgangspunt ‘de juiste boom op de juiste plaats’. In Rijswijk betekent dat meerdere dingen. Een boom uitkiezen die op de gekozen plek voldoende groeiruimte heeft om uit te groeien tot een volwassen exemplaar. Een boom kiezen die past bij de grondsoort, de grondwaterstand, de bezonningssituatie en de windbelasting. Een boomsoort kiezen die ook een bijdrage levert aan het verbeteren van de biodiversiteit. En bij die boomkeuze altijd kiezen voor zo groot mogelijke exemplaren. Wanneer er geen mogelijkheid is om bomen aan te planten dan worden andere vormen van groen aangeplant.

 

Hoofd-Natuurstructuur

De hoofd-natuurstructuur is opgebouwd uit de twee grote groengebieden (landgoederenzone en stadsparkzone), meerdere natuurverbindingszones en diverse groene stapstenen door de stad. Vanuit de landgoederenzone en de stadsparkzone verspreiden planten en dieren zich via de natuurverbindingszones en de groene stapstenen (wijk-/buurt-/pauzegroen) verder over Rijswijk en de omgeving. De Rijswijkse Landgoederenzone is namelijk onderdeel van de landgoederenreeks, die van Rijswijk (via Den Haag, Voorburg, Wassenaar en Voorschoten) tot aan Lisse loopt. De stadsparkzone is onderdeel van de Zweth-Vlietzone, die van de Nieuwe Waterweg tot aan de Vliet (Zwethzone) en van Delft tot aan Leiden (Vlietzone) loopt. In een aantal gebieden in de natuurstructuur ligt het hoofdaccent op natuur. Dat betekent dat in deze gebieden het natuurbelang echt boven andere groenbelangen gaat. Al het groen in Rijswijk vervult voor de stadsnatuur een belangrijke functie, maar maakt geen onderdeel uit van de hoofd-natuurstructuur

 

Bij het aanklikken van een natuurverbindingszone op de kaart verschijnt een uitklapvenster met meer informatie over die natuurverbindingszone. Informatie over de inrichtingseisen staan in het themablad Natuurverbindingszones.

 

De inrichtingseisen voor de natuurverbindingszones worden bepaald door de natuurdoelsoorten die van zo’n verbindingszone gebruik maken. In het themablad Natuurverbindingszones is hierover informatie opgenomen.

 

In Rijswijk zijn rond kruispunten van wegen vaak grote gaten in de groenstructuur. Vanuit natuur en landschap is dat ongewenst. Hoe de groenstructuur bij kruispunten verlengd kan worden, is in het themablad Versterken groene knooppunten uitgewerkt.

 

Rijswijk heeft voor de natuur in zijn geheel een belangrijke functie. Een functie die ook geldt buiten de natuurstructuur. Rijswijk is een natuurinclusieve stad met basiskwaliteit natuur en natuurbeleving direct naast de voordeur. Het themablad Natuurwaardenkaart bevat hierover al enige informatie. Dit onderdeel wordt later uitgewerkt.

 

Hoofd-Recreatiestructuur

De hoofd-recreatiestructuur bestaat uit de landgoederenzone en de stadsparkzone met daartussen de recreatieve hoofdverbindingen en alle wijkparken, het bedrijfspauzegroen, begraafplaatsen en volkstuinen. In Rijswijk is er nog meer recreatief groen, maar dat maakt geen onderdeel uit van de hoofd-recreatiestructuur.

 

Bij het aanklikken van een kleurvlak op de kaart verschijnt in een uitklapvenster de naam van: het grote groengebied, het wijkgroen, de begraafplaats of het volkstuincomplex.

 

In de omvang van het Rijswijkse groen zit veel variatie. Bijvoorbeeld: bomen, gevelgroen en kleine plantsoentjes in de eigen straat; wijkparken en speelplekken om de hoek en grote groengebieden op fietsafstand. Door de belevingswaarde te vergroten, verbetert de recreatieve waarde van al dat groen. Variatie in beplantingssoorten zorgt voor kleurvariatie gedurende het hele jaar. Ook verhoogt het de biodiversiteit en zorgt daarmee voor natuurbeleving van de inwoners vlak bij hun huis. Op bijzondere plekken in de stad kan de belevingswaarde nog extra worden verhoogd. Dat is uitgewerkt in het themablad Plekken met bijzondere beplanting.

 

Groen in de woonomgeving is belangrijk, het stimuleert mensen om naar buiten te gaan, elkaar te ontmoeten, te ontspannen en te bewegen. Hierdoor heeft groen een positief effect op de gezondheid en herstel van stress. Door wijkparken en buurtgroen via groene wandelpaden met elkaar te verbinden, ontstaat er een aantrekkelijk groen wandelnetwerk door de stad. Hoe Rijswijk de groenstructuur wil behouden en verbeteren is in het themablad Groen kwaliteit en kwantiteit uitgewerkt.

 

Groenstructuur van Rijswijk

Alle verschillende onderdelen van de groenstructuur van Rijswijk komen op de kaart - groenstructuur van Rijswijk - bij elkaar.

 

In het begin zijn vooral de hoofd-groenstructuren op de kaart goed zichtbaar. Maar bij het inzoomen worden de groenstructuren op wijk-, en buurtniveau ook zichtbaar.

 

Op de kaart kan worden ingezoomd door op de + rechtsonder op de kaart te drukken. De kaart kan over het scherm worden verschoven door de linkermuisknop ingedrukt te houden en met de muis de kaart naar links, rechts, boven of beneden te bewegen.

 

Groensferen van Rijswijk

Introductie

Rijswijk kan op basis van bodemeigenschappen en stedelijke ontwikkeling in vieren worden gedeeld. Elk van die vier delen heeft groene kenmerken, waarmee het zich van de anderen onderscheidt. Dit is vertaald in vier helder omschreven groensferen met eigen groene karakteristieken. Om de groenwaarden van Rijswijk verder te ontwikkelen en versterken, zijn deze vier groensferen het uitgangspunt.

 

Groensferen van Rijswijk:

  • Het oude dorp en de landgoederenzone

  • 20e eeuwse woon- en werkgebieden

  • Het nieuwe centrum

  • 21ste eeuwse woon- en werkgebieden en de stadsparkzone

Groensfeer: het oude dorp en de landgoederenzone

Deze groensfeer ligt aan de noordkant van Rijswijk op een zandrug (strandwal) parallel aan de kustlijn. Door de hoge ligging ontstond hier in de middeleeuwen het dorp Rijswijk. Vanaf de 17e eeuw werden er landgoederen en buitenplaatsen aangelegd. De groensfeer bestaat uit buitenplaatsen, parken, villatuinen, lanen en oprijlanen en stenige straten met veel grote bomen. Door de lemige rijke bodem staat hier binnenduinbos bestaande uit drie lagen beplanting, namelijk kruiden, heesters en bomen.

 

 

De Hoofd-Boomstructuur bestaat hier uit linde, beuk, kastanje, inlandse eik en haagbeuk. Deze boomsoorten komen in bosachtige delen maar ook in smalle en brede straatprofielen voor. Daarnaast staan in de smalle straatprofielen ook bloeiende sierbomen. Onder invloed van de Engelse Landschapsstijl komen hier ook prachtige parkbomen voor zoals tulpenboom en walnoot. Mooi gevormde hagen van soorten als taxus, beuk en haagbeuk horen ook bij deze groensfeer.

 

De biotooptypes die in deze groensfeer voorkomen zijn stadsnatuur en bos- en parknatuur. De natuurwaarden van deze groensfeer zijn Eiken-beukenbos met gecultiveerde heesterbegroeiing, bos- en stinzeplanten en oude holle bomen. In deze bomen komen holenbroeders als bosuil voor en koloniën vleermuizen.

 

Groensfeer: 20e eeuwse woon- en werkgebieden

Deze groensfeer ligt in het midden van Rijswijk op de jonge zeeklei. Vanaf de middeleeuwen was dit gebied in gebruik als weidegebied. Vanaf 1950 ontstond hier het nieuwe Rijswijk. De eerste delen werden razendsnel gebouwd. Er ontstond een afwisseling van flats, portiekwoningen en eengezinswoningen. Vanuit de gedachte dat iedere wijk een kleine gemeenschap was, kwamen er ook voorzieningen in alle wijken. Deze groensfeer bestaat daardoor uit functionele wijken met buurtcentra, tuinstraten en buurtparkjes. Zeer kenmerkend voor deze groensfeer zijn de vele portiekflats met grote fraaie groene binnen ruimtes. Binnen deze groensfeer bevinden zich meerdere singels met een parkachtige, grazige sfeer.

 

 

De Hoofd-boomstructuur bestaat hier vaak uit linde, plataan, eik, esdoorn en berk. Er staan grotere bomen in de hoofdstraten en kleine (bloeiende) sierbomen in de andere straten. Langs de singels staan vaak treurwilgen, bloeiende sierbomen en dennen.

 

De biotooptypes die in deze groensfeer voorkomen zijn stadsnatuur, bos- en parknatuur en water- en moerasnatuur. De natuurwaarden die hierbij horen zijn openbaar wijkgroen en bomenrijen.

 

Groensfeer: Het nieuwe Centrum

Deze groensfeer ligt ook op de jonge zeeklei in het midden van Rijswijk. Het is het gebruiks-intensieve gebied van Bogaard Stadscentrum en het Stationsgebied. De groensfeer is kleurrijk en verzorgd met tuinachtige aspecten. Er is een grote variëteit aan bomen, heesters en vaste planten.

 

 

De bomen in dit gebied begeleiden en verbinden de routes voor langzaam verkeer. De Hoofd-Boomstructuur van Rijswijk loopt langs en door dit gebied. Boomsoorten die bij deze groensfeer passen zijn linde, veldesdoorn, berk, valse christusdoorn, eik, amberboom en es. Door verschil in vorm, hoogte en dichtheid van de kroon, zorgen de bomen op straten en pleinen voor afwisseling in de uitstraling van dit centrumgebied.

 

Het biotooptype dat bij dit gebied hoort is stadsnatuur (de natuurinclusieve stad). De natuurwaarden die hierbij horen zijn sierlijke insectenvriendelijke vaste planten, groene elementen, plantenvakken en losse elementen.

 

Groensfeer: 21ste eeuwse woon- en werkgebieden en de stadsparkzone

Deze groensfeer bevindt zich in het zuiden van Rijswijk in het kleiige krekenlandschap van Vliet en Zweth. Na ontginning ontstond hier in de middeleeuwen een slagenlandschap (strokenlandschap). De stadsparkzone is vanaf de jaren 70 op voormalige vuilstorten aangelegd. Nu is het een afwisselend waterrijk bos- en parkgebied. Het opgaande bos bestaat uit drie lagen beplanting: kruiden, heesters en bomen. In deze groensfeer komen planten als populier, els, knotwilg, rijshout en riet voor.

 

Vanaf begin van de 21ste eeuw wordt ten zuiden van de stadsparkzone de nieuwbouw van RijswijkBuiten gebouwd. Kenmerken zijn de grondgebonden woningen en de afwisseling van groene woonstraten en straten met parkeerkoffers. Alle singels worden aangelegd met een natuurrijke oeverbeplanting.

 

 

De Hoofd-Boomstructuur bestaat in deze groensfeer uit Els, Es, Populier, (Knot-)wilg en Abeel. Deze boomsoorten komen in bosachtige delen maar ook in brede straatprofielen voor. Als singelbeplanting zijn ook soorten als sierkers, gewone vleugelnoot en trompetboom toegevoegd. Veel smalle straatprofielen zijn ingericht als buurtboomgaard met verschillende fruitbomen.

 

De biotooptypes die in deze groensfeer voorkomen zijn stadsnatuur, voedselrijk bos, water- en moerasnatuur.

 

Plekken met bijzondere beplanting

Een aantal plekken in Rijswijk waar veel mensen komen, krijgen bijzondere beplanting. Deze beplanting kan meer onderhoud vragen. Die beplanting trekt aandacht en heeft een hoge belevingswaarde. Daardoor krijgt de openbare ruimte op die plek een groen accent en wordt bijzonder.

 

Voorbeelden van bijzondere beplanting zijn: vaste planten met bloemen, grassen met siervormen, heesters met bloemen, bessen of opvallende (herfst)kleuren, éénjarigen, plantenbakken en solitaire bomen. Zoals overal wordt ook hier natuurinclusief gedacht. Zo wordt er bijvoorbeeld gekozen voor beplanting die bijen en/of andere insecten aantrekt.

 

Verdeeld over Rijswijk zijn vier grote plekken en een diverse kleine plekken voor bijzondere beplanting aangewezen (zie kaart). Het gaat om vier grotere plekken rond openbare voorzieningen: het centrum van oud Rijswijk, de omgeving van het Huis van de Stad en de Naald, het Bogaard Stadscentrum en de omgeving van het station. Ook is in elk deelgebied een plek voor bijzondere beplanting aangewezen, bijvoorbeeld bij een wijkpark, een buurtcentrum of een wijkentree.

 

Natuurverbindingszones

Via natuurverbindingszones kunnen planten en dieren zich veilig verspreiden en verplaatsen door Rijswijk. Dieren en insecten vinden er voedsel, beschutting en verblijfplaatsen. Planten kunnen er groeien en bloeien. Op de natuurstructuurkaart staan de verbindingszones van Rijswijk.

  • Waar wegen de natuurverbindingszones kruisen nemen we maatregelen, zodat dieren daar zo min mogelijk hinder van hebben (zie Themablad Versterken groene knooppunten).

  • De droge, natte of droog-nat gecombineerde inrichting van natuurverbindingszones biedt voedsel, schuilplekken en verblijfplaatsen voor planten en dieren. Zie de natuurwaardenkaart (in voorbereiding) voor de specifieke eisen van de inrichting.

  • In natuurverbindingszones wordt intensieve recreatie en verstoring (door bijvoorbeeld honden) beperkt of geweerd.

In een droge natuurverbindingszone wil Rijswijk een geleidelijke overgang van gras naar een boomgroep met bosschages ontwikkelen. Deze overgang bestaat uit een zoomvegetatie van kruidenrijk grasland en daarnaast een mantelvegetatie bestaande uit struiken of hakhout. Dit noemen we een mantel-zoomvegetatie.

 

 

De natuurstructuurkaart laat de bestaande en gewenste natuurverbindingszones van Rijswijk zien. De gewenste natuurverbindingszones wil Rijswijk in de toekomst realiseren. De kaart laat ook zien waar gewenste natuurverbindingszones aansluiten op natuurgebieden buiten de gemeente Rijswijk.

 

De kaart hieronder laat zien waar knelpunten liggen in de primaire en secundaire natuurverbindingszones. Bij het aanklikken van de lijn wordt duidelijk om wat voor verbindingszone het gaat. Een voorbeeld van een knelpunt is een onderbreking van een bomenrij door een verkeersweg of kruispunt. Mogelijke oplossingen voor de knelpunten vind je in het tabblad Versterken groene knooppunten.

 

Versterken groene knooppunten

Op veel plekken in Rijswijk doorkruisen wegen de Hoofd-Boomstructuur en de Natuurverbindingszones van de Hoofd-Natuurstructuur. De kaart hieronder laat zien waar in Rijswijk het groen wordt onderbroken door wegen.

 

 

Planten en dieren kunnen het beste leven in grote aaneengesloten gebieden met bomen, groen en water. De uitwisseling van planten en dieren tussen verschillende gebieden is van belang. Voor zowel de planten en dieren als voor de aantrekkelijkheid van het groen moeten onderbrekingen tussen de groengebieden en het water zo klein mogelijk zijn. We houden bij de inrichting van kruispunten uiteraard rekening met goed zicht voor verkeer en een goede afwatering.

 

Hieronder staan vijf inrichtingsvoorstellen om de onderbrekingen van de bomenrijen te minimaliseren. Voorstel 1 heeft de meeste waarde voor de natuur. Als voorstel 1 niet mogelijk is, kies dan voorstel 2, enzovoort.

 

Sommige specifieke maatregelen zijn bij meerdere afbeeldingen opgenomen en toegelicht. Zo zijn de afbeeldingen ook onafhankelijk van elkaar goed te begrijpen.

 

Natuurwaardenkaart

De natuurwaardenkaart (in ontwikkeling) zal de vereiste omvang, samenhang en kwaliteitseisen van natuur, nu en in de toekomst, tonen. De natuurwaardenkaart bestaat uit: kerngebieden, stapstenen en natuurverbindingszones. In Rijswijk zijn twee kerngebieden voor natuur aanwezig: de Landgoederenzone en de Stadsparkzone. Deze twee zones vormen, samen met de stapstenen en de natuurverbindingszones, de natuurstructuur van Rijswijk. De natuurwaardenkaart helpt mee om de onderdelen ervan met elkaar te verbinden. Zo staan de kerngebieden in verbinding met elkaar en met gebieden buiten Rijswijk. Daarnaast ontwerpen en beheren we alle woon- en werkgebieden als Stadsnatuur.

Natuurtypes

Op een later moment worden kwalitatieve eisen voor natuur uitgewerkt in de vorm van natuurtypes die kenmerkend zijn voor Rijswijk. Een natuurtype is een uniform landschap waarin meerdere soorten planten en dieren kunnen leven. Deze aanpak richt zich niet op individuele soorten, maar op groepen van soorten en hun leefgebieden, De natuurtypes worden gekoppeld aan de kerngebieden, de stapstenen, de natuurverbindingszones en Rijswijk als stadsbiotoop. De toekomstige natuurwaardenkaart vormt bij ruimtelijke ontwikkelingen het programma van eisen voor de stadsnatuur. Dat programma van eisen bestaat uit eisen voor de inrichting, voor landschapselementen en voor het beheer. Op basis van dit soort gegevens kunnen de inrichtingsmaatregelen voor de natuur straks ook worden gemonitord. De natuurstructuur kan zo – stap voor stap –worden gerealiseerd. In Pasgeld en Havenkwartier wordt deze methode al toegepast.

 

Daarnaast zoekt Rijswijk hiervoor samenwerking met de provincie en de omliggende gemeentes. Bijvoorbeeld als het gaat om de Vlietzone, het realiseren van het Nationaal Park Hollandse Duinen en vergelijkbare regionale ontwikkelingen die groen en water beschermen. Rijswijk zal daarnaast de beschikbare tellingen van sleutelsoorten verzamelen. En Rijswijk gaat de effecten van beheermaatregelen en inrichtingsmaatregelen op de natuur monitoren.

 

 

Planten en dieren in natte natuurverbindingszones hebben in hun leefgebied gezond water, verblijfplaatsen en voedsel nodig. Elke doelsoort stelt eigen specifieke eisen aan het leefgebied. In de natuurtypes worden de eisen die verschillende doelsoorten aan een leefgebied stellen gecombineerd. Het gaat om de natuurtypes bos- en parknatuur (droog), water- en moerasnatuur (nat) en stadsnatuur. Stadsnatuur geeft onder andere uitgangspunten voor natuurinclusief bouwen. Door deze natuurtypes te gebruiken bij de inrichting en het beheer van de openbare ruimte en bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen, worden de leefomstandigheden voor de doelsoorten verbeterd.

 

Doelsoorten

De doelsoorten die van de kerngebieden, stapstenen en verbindingszones gebruik maken bepalen de inrichtingseisen voor de natuurstructuur. Deze doelsoort(groep)en zijn gebaseerd op de icoonsoorten van de provincie Zuid-Holland, Rijswijkse soorten en begeleidende soorten. Aan de hand van de vijf V’s voor de doelsoorten worden kwalitatieve eisen bepaald voor de inrichting en het beheer van natuurtypes. De 5 V’s zijn: Verblijfplaatsen, Voedsel, Veiligheid, Verbinding en Variatie. In elk natuurtype vinden meerdere doelsoorten hun leefgebied. Maatregelen die voor één bedreigde soort worden genomen, kunnen ook gunstig zijn voor andere soorten. Hieronder staan enkele voorbeelden voor de verschillende bouwstenen van de natuurwaardenkaart.

Kerngebied Landgoederenzone

Het kerngebied van de Landgoederenzone bestaat uit eiken-beukenbos met een gecultiveerde heesterbegroeiing, stinzeplanten, oude holle bomen, kruidenrijk en insectenrijk grasland en een zoete plas.

 

Icoonsoorten van de provincie Zuid-Holland die hier een leefgebied, of delen daarvan, vinden zijn egel, rosse vleermuis, meervleermuis, konijn, nachtegaal, blauwborst, merel, boomklever, argusvlinder, weidehommel, dotterbloem en wilde hyacint. Begeleidende soorten die ook in dit kerngebied en natuurtype Bos & parknatuur thuishoren zijn eekhoorn, blauwe reiger, boomvalk, fluiter, bosuil, gekraagde roodstaart, glanskop, grauwe vliegenvanger, houtsnip, kleine bonte specht, wielewaal, eikenpage, bruin blauwtje, bosanemoon, stinzeplanten, zomereik, franjestaart, grootoorvleermuis en watervleermuis.

 

Zie hieronder een voorbeeld van een programma van eisen voor Bos- en parknatuur. Op basis van de doelsoorten zijn maatregelen voorgesteld voor beheer en inrichting.

 

Kerngebied Stadsparkzone

Het Kerngebied van de Stadsparkzone bestaat uit elzenwilgenbeplanting met veel ondergroei van vlier, hazelaar en braam, ruigtekruiden, diverse paddenstoelen en veel watergebonden natuur.

 

Icoonsoorten van de provincie Zuid-Holland die hier hun leefgebied, of delen daarvan, vinden zijn meervleermuis, bittervoorn, rugstreeppad, argusvlinder, glassnijder, dotterbloem en rietorchis. Begeleidende soorten die je ook in dit kerngebied en natuurtype Water & moerasnatuur aantreft, zijn watervleermuis, blauwe reiger, fuut, kievit, lepelaar, ooievaar, bunzing, waterspitsmuis, driehoornige stekelbaars, kleine modderkruiper, kleine watersalamander. Ook de ransuil is een belangrijke soort voor dit kerngebied.

 

Hieronder staat een voorbeeld van een programma van eisen voor natuurtype Water & moerasnatuur. Op basis van de doelsoorten zijn maatregelen voorgesteld voor beheer en inrichting.

 

Natuurtype Stadsnatuur

Het landschap van het natuurtype stadsnatuur bestaat uit veel verschillende elementen. De belangrijkste elementen zijn: gebouwen, tuinen, openbare ruimte, losse bomen en bomenrijen, groene gevels, nestkasten, plantenbakken, sierheesters en groene en bruine daken.

 

Icoonsoorten van de provincie Zuid-Holland die in stadsnatuur hun leefgebied, of delen daarvan, vinden zijn gierzwaluw, huismus, merel, egel en weidehommel. Begeleidende soorten die je ook in stadsnatuur vindt zijn de gewone pad, slechtvalk, spreeuw, zanglijster, zwarte roodstaart, steenhommel, metselbijgroep, driedoornige stekelbaars, gewone en ruige dwergvleermuis en scholekster.

 

Hieronder staat een voorbeelduitwerking van een maatregelenpakket voor de merel (Bron: Havenkwartier) aan de hand van de vijf V’s. Deze kan gebruikt worden bij natuurinclusief bouwen.

 

Groen kwaliteit en kwantiteit

Gemeente Rijswijk zet in op het behouden en verbeteren van de groenstructuur in de stad, zowel in kwantiteit als in kwaliteit. Die groenstructuur bestaat uit de landgoederenzone en de stadsparkzone en het groene netwerk van bomenlanen, wijkparken, buurtgroen, begraafplaatsen, singels, volkstuinen, (natuur)verbindingszones, binnentuinen en losse natuur- en groenelementen. Door het optimaliseren van het groene netwerk wordt Rijswijk groen tot in de haarvaten. En kan daardoor functioneren als een belangrijk schakel in de groenstructuur van de Zuid-Hollandse kustregio.

 

 

Het is belangrijk om in Rijswijk een goede balans te houden tussen verstedelijkte ruimte en groene ruimte. Bij stadsontwikkeling, herinrichting en verdichting van de stad moeten daarom twee groene opgaven worden meegenomen: 1) de kwaliteit van het openbaar groen verbeteren en 2) voldoende m2 (openbaar) groen behouden en /of realiseren.

 

De kwaliteit van het openbaar groen verbeteren

  • 1.

    De Rijswijkse straatbomen worden gezonder, groter en ouder door het vergroten van de boomspiegels en het toepassen van standplaatsverbetering.

    • Om te zorgen dat boomwortels meer voeding, lucht en water kunnen opnemen, worden boomspiegels zo groot mogelijk gemaakt. Door grotere boomspiegels komt er ook ruimte beschikbaar voor onderbeplanting (dat maakt de straten ook weer groener).

    • Door standplaatsverbetering verbetert de gezondheid van bomen en krijgen bomen een betere conditie. Voor standplaatsverbetering bij de aanplant van bomen van 1e & 2e grootte geldt een groeiplaatsverbetering van 25-40 m3 doorwortelbaar volume. Bij aanplant van bomen 3e grootte geldt een groeiplaatsverbetering van >25 m3. Het streven is een maximale hoeveelheid van 40 m3 doorwortelbaar volume per boom.

  • 2.

    De levensduur van beplanting verbetert door beplanting te kiezen die het beste bij een bepaalde plek past. Daardoor neemt de waarde voor mens (belevingswaarde) en natuur (biodiversiteit) toe.

    • Beplanting groeit beter als die past bij de natuurlijke omstandigheden van de standplaats, zoals grondsoort, hoogste grondwaterstand en wind- en zonbelasting.

    • Beplanting kan ook een bijdrage aan de biodiversiteit leveren, wanneer rekening wordt gehouden met de betekenis van die beplanting voor de stadsnatuur.

    • De beplanting levert een extra bijdrage aan de groenkwaliteit van de stad als de keuze van die beplanting past bij de groensfeer van het deelgebied.

  • 3.

    De natuurkwaliteit van het Rijswijkse groen wordt hoger door voldoende variatie in beplantingshoogten;

    • Hoogteverschillen in het groen zijn belangrijk voor het verbeteren van de biodiversiteit. De verdeling: 25% hoge beplanting (bomen), 15% middelhoge beplanting (heesters, vaste planten) en 20% lage beplanting (gras en kruipende vaste planten) is optimaal voor natuur in de stad. In Rijswijk is die verhouding momenteel 24 - 4 - 30%. Bij aanleg en omvorming van plantvakken kan deze gelaagdheid verder worden verbeterd.

De kwantiteit (m2) van het groen behouden

Het op peil houden van de hoeveelheid (kwantiteit) groen in Rijswijk wordt op meerdere manieren gerealiseerd;

  • 1.

    Zorgen dat vanuit ieders directe woon- of werkomgeving groen van omvang zichtbaar is;

    • Het zichtbare groen bestaat uit: de straatbomen, al het buurtgroen en wijkgroen maar ook gevelgroen en groene daken.

    • Elke straat in Rijswijk heeft straatbomen' blijft daarom voor Rijswijk een belangrijk uitgangspunt.

    • Wijdvertakt over Rijswijk ligt een groen netwerk, met onder andere wijkparken, buurtgroen en groene singels. Dat groene netwerk zorgt voor zichtbaar groen.

    • Ook gevelgroen en dakgroen kunnen een aandeel leveren in het zichtbaar vergroenen van de stad.

  • 2.

    Zorgen dat er in ieders directe woon- of werkomgeving een groene plek van enige omvang is;

    • Zo’n groene plek is een wijkpark of buurtgroen dat op 5 à 10 minuten lopen vanaf een woning/bedrijfsgebouw te bereiken is.

    • Die groene plek is bedoeld om even tot rust te kunnen komen of te kunnen recreëren.

  • 3.

    Zorgen dat ook bij stedelijke verdichting (zoals in de stads-as) groen behouden blijft of wordt toegevoegd.

    • Indien de ruimte op maaiveldniveau te beperkt is om groen toe te voegen, wordt groen op een ander niveau toegevoegd. Bijvoorbeeld groen langs wanden (gevelgroen) en groene of bruine daken.

  • 4.

    Zorgen dat (indien mogelijk) groen met een ander functie wordt gecombineerd.

    • Bijvoorbeeld door te kiezen voor doorwortelbare parkeervakken.

  • 5.

    Zorgen dat er genoeg groen en bomen in verschillende delen van Rijswijk zijn. Bij herinrichtingen en herontwikkelingen in de stad zal daarbij de 3-30-300-regel als hulpmiddel worden gehanteerd:

    • de 3-regel: dicht bij elke woning, school of werkplek staan minimaal 3 volwassen bomen. Hoewel er in Rijswijk veel bomen staan, ontbreekt bij die bomen regelmatig de groeiruimte om uit te groeien tot volwassen exemplaren.

    • de 30-regel: elke buurt heeft minstens 30% boomkronen en daardoor schaduw. En dat zorgt voor een koelere buurt. In Rijswijk zijn er op het gebied van de ‘30’ regel uitdagingen. Soms staan er namelijk weinig bomen in een straat of wijk (dat raakt ook de 3-regel). Ook komt het voor dat er genoeg bomen staan, maar zijn de boomkronen klein. Dat komt doordat de bomen nog jong zijn, er een te kleine boomgrootte is aangeplant of de groeiomstandigheden van de bomen niet goed zijn.

    • de 300-regel: vanuit iedere woning, school of werkplek is er binnen 300 m buurtgroen of een wijkparkje om te verblijven of te recreëren. Voor de 300-regel geldt dat het grootste deel van Rijswijk daaraan voldoet.

Vastgesteld door de gemeenteraad op 28 januari 2025

Naar boven