Gemeenteblad van Horst aan de Maas
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Horst aan de Maas | Gemeenteblad 2025, 522652 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Horst aan de Maas | Gemeenteblad 2025, 522652 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Financiële verordening Horst aan de Maas 2025
Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen
In deze verordening wordt verstaan onder:
Overheidsbedrijf: Onderneming met privaatrechtelijke rechtspersoonlijkheid, niet een personenvennootschap met rechtspersoonlijkheid, waarin een publiekrechtelijke rechtspersoon, al dan niet samen met een of meer andere publiekrechtelijke rechtspersonen, in staat is het beleid te bepalen of een onderneming in de vorm van een personenvennootschap, waarin een publiekrechtelijke rechtspersoon deelneemt.
Hoofdstuk 2. Begroting en verantwoording
Artikel 3. Inrichting begroting en jaarstukken
In de begroting geeft het College van de nieuwe investeringen per investering aan wat het benodigde (bruto) investeringskrediet is. Voor de lopende investeringen wordt het geautoriseerde investeringskrediet en de raming van de realisatie in het lopende boekjaar weergegeven. In de jaarrekening laat het College zien hoeveel, van het goedkeurde krediet, is gerealiseerd en wat de verwachte totale kosten en opbrengsten zijn van de investeringen.
Artikel 4. Kaders begroting en meerjarenraming
Het College biedt vóór 1 juli aan de Raad een kaderbrief aan die de gemeenteraad in staat stelt om een kaderstellend debat te voeren over de belangrijkste beleidsmatige speerpunten en geeft het college en de ambtelijke organisatie beleidsmatige richtlijnen en uitgangspunten mee voor het opstellen van de begroting. In de door de raad vastgestelde nota planning en control staat de opzet en inhoud van de kaderbrief beschreven.
Artikel 5. Autorisatie begroting en investeringskredieten
De in de begroting opgenomen personeelslasten kunnen via een budgettair neutrale begrotingswijziging worden herverdeeld over de verschillende programma’s binnen de begroting gedurende het jaar. Het afdelingshoofd wordt gemandateerd om deze budgettair neutrale wijziging door te voeren. Mocht de budgettair neutrale wijziging afdelingsoverstijgend zijn, dan wordt het DT gemandateerd.
Het College informeert de Raad via najaarsrapportage over de voortgang van de uitvoering van de budgetten uit de lopende (meerjaren)begroting en stelt de raad in de gelegenheid deze budgetten indien nodig aan te passen. In de door de raad vastgestelde nota planning en control staat de opzet en inhoud van de najaarsrapportage beschreven.
Tegelijk met de jaarstukken biedt het College de Raad ook het voorstel aan over de bestemming van het jaarrekeningresultaat.
Conform de nota Grondbeleid wordt de Raad bij strategische verwerving van onroerende zaken van € 500.000 of meer vooraf geïnformeerd via het senriorenconvent.
Als het Rijk aan de gemeente laat weten dat alle gemeenten samen te veel hebben uitgegeven volgens de EMU-norm (volgens artikel 3, lid 6 van de Wet houdbare overheidsfinanciën), informeert het College de Raad of een aanpassing van de begroting nodig is. Als een aanpassing nodig is, doet het College een voorstel om de begroting te wijzigen.
Hoofdstuk 3. Rechtmatigheidsverantwoording
Artikel 11. Voorwaardencriterium
Het voorwaardencriterium is het criterium van rechtmatigheid, dat betrekking heeft op de eisen die worden gesteld bij de uitvoering van de financiële beheershandelingen. De eisen/voorwaarden zijn afkomstig uit diverse wet- en regelgeving en hebben betrekking op aspecten als doelgroep, termijn, grondslag, administratieve bepalingen, normbedragen, bevoegdheden, bewijsstukken, recht, hoogte en duur. Alleen de aspecten recht, hoogte en duur zijn onderdeel van de financiële rechtmatigheidscontrole.
Artikel 12. Begrotingscriterium
Het begrotingscriterium is een criterium van rechtmatigheid dat betrekking heeft op de grenzen van de baten en lasten in de door de Raad geautoriseerde begroting van exploitatie en investeringskredieten en de hiermee samenhangende programma’s, waarbinnen de financiële beheershandelingen tot stand moeten zijn gekomen.
Begrotingsonrechtmatigheden die niet acceptabel zijn worden opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording (voor zover de verantwoordingsgrens voor afzonderlijke fouten of onduidelijkheden is overschreden). Deze niet acceptabele onrechtmatigheden worden toegelicht in de paragraaf bedrijfsvoering in de jaarrekening.
Hoofdstuk 4. Financieel beleid
Artikel 17. Kostprijsberekening
Voor het bepalen van de geraamde kostprijs van rechten en heffingen waarmee kosten in rekening worden gebracht, en van goederen, werken en diensten van de gemeente, die worden geleverd aan overheidsbedrijven en derden, wordt een systeem van kostentoerekening gehanteerd. Bij de kostentoerekening worden naast de directe kosten zoveel als mogelijk de indirecte kosten (overhead) betrokken, die samenhangen met de door de gemeente verleende diensten.
Bij de directe kosten worden betrokken de bijdragen aan en onttrekkingen van voorzieningen voor de noodzakelijke vervanging van de betrokken activa, de kapitaallasten van de in gebruik zijnde activa en voor rioolheffing en afvalstoffenheffing de compensabele belasting over de toegevoegde waarde (BTW).
De indirecte kosten van rechten en heffingen worden berekend door de personeelskosten die betrekking hebben op de genoemde rechten /heffingen te verhogen met een opslagpercentage voor overhead. Dit opslagpercentage wordt berekend door het saldo van baten en lasten van de overhead te delen door de totale personeelskosten (excl. overhead) van de gemeente.
Het percentage van de omslagrente voor de toerekening van rente voor de financiering van de in gebruik zijnde activa wordt jaarlijks met de begroting vastgesteld. Uitzondering hierop is de omslagrente die wordt toegerekend aan het taakveld riolering; hierbij wordt aansluiting gezocht bij het rentepercentage zoals is opgenomen in het kostendekkingsplan van het Gemeentelijk rioleringsplan (GRP), danwel het Programma Groen-Blauw-Klimaatadaptatie.
In afwijking van het zesde lid wordt bij een (door)verstrekte lening voor de bepaling van de rentekosten van de inzet van vreemd vermogen in de kostprijs uitgegaan van de rente van de lening die voor de financiering van de verstrekte lening is aangetrokken. Deze rente wordt verhoogd met een opslag voor het debiteurenrisico.
Artikel 18. Prijzen economische activiteiten
Voor de levering van goederen, diensten of werken aan overheidsbedrijven en derden en met welke bijbehorende activiteiten de gemeente in concurrentie met marktpartijen treedt, wordt tenminste de geraamde integrale kostprijs in rekening gebracht. Bij afwijking doet het College vooraf voor elk van deze activiteiten afzonderlijk een voorstel voor een raadsbesluit, waarin het publiek belang van de activiteit wordt gemotiveerd.
Bij het verstrekken van leningen of garanties aan overheidsbedrijven en derden brengt de gemeente de geraamde integrale kosten - eventueel met risico-opslag - in rekening. Bij afwijking doet het College vooraf een voorstel voor een raadsbesluit, waarin het publiek belang van de lening of garantie wordt gemotiveerd.
Bij het verstrekken van kapitaal door de gemeente aan overheidsbedrijven en derden gaat het College uit van een vergoeding van tenminste de geraamde integrale kosten van de verstrekte middelen. Bij afwijking doet het College vooraf een voorstel voor een raadsbesluit, waarin het publiek belang van de kapitaalverstrekking wordt gemotiveerd.
Artikel 19. Vaststelling hoogte belastingen, rechten, heffingen en prijzen
Het College doet de Raad jaarlijks een voorstel voor de hoogte van de gemeentelijke tarieven voor de belastingen en heffingen in het opvolgend jaar.
Hoofdstuk 6. Financiële organisatie en financieel beheer
De administratie is zodanig van opzet en werking, dat zij in ieder geval dienstbaar is voor:
Het College zorgt voor de jaarlijkse interne toetsing van de getrouwheid van de informatieverstrekking en de rechtmatigheid van de beheershandelingen. Bij afwijkingen rapporteert het College daarover in de rechtmatigheidsverantwoording en informeert het College de raad over genomen maatregelen tot herstel van de tekortkomingen in de paragraaf Bedrijfsvoering.
Het College zorgt voor de systematische controle van de administratie en de ontwikkeling van de bezittingen en het financieel vermogen van de gemeente met dien verstande dat de waardepapieren, de voorraden, de uitstaande leningen, de debiteurenvorderingen, de liquiditeiten, de opgenomen leningen, de kortlopende schulden en de vorderingen van crediteuren jaarlijks worden gecontroleerd. Bij afwijkingen in de administratie neemt het College maatregelen tot herstel van de tekortkomingen.
Aldus besloten in de openbare vergadering van 18 november 2025.
De raad voornoemd,
De voorzitter,
drs. R.F.I. Palmen
De griffier,
mr. R.J.M. Poels
Bijlage 1: Afschrijvingsbeleid bij de financiële verordening Horst aan de Maas 2025
Bij aankoop van onroerende zaken worden de ondergrond en de opstallen afzonderlijk geactiveerd. De enige uitzondering hierop is wanneer de opstallen onlosmakelijk zijn verbonden met de ondergrond en het zeer onwaarschijnlijk is dat de ondergrond ooit nog als afzonderlijk actief beschikbaar komt. Denk hierbij bijvoorbeeld aan wegen. Op gronden wordt niet afgeschreven. De opstallen worden afgeschreven conform de hierna volgende afschrijvingstermijnen.
Kosten voor onderzoek en ontwikkeling worden in maximaal 5 jaar afgeschreven.
Voorgesteld wordt om de materiële vaste activa met economisch nut, evenals de onder de immateriële vaste activa geactiveerde bijdragen in investeringen van derden, af te schrijven in maximaal:
Voorgesteld wordt om de materiële vaste activa met maatschappelijk nut, af te schrijven in maximaal:
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2025-522652.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.