Gemeenteblad van Doesburg
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Doesburg | Gemeenteblad 2025, 522185 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Doesburg | Gemeenteblad 2025, 522185 | beleidsregel |
Beleidsregels individuele bijzondere bijstand gemeente Doesburg
Hoofdstuk 1 – Algemene Bepalingen Bijzondere Bijstand
Voor de toepassing van deze regeling wordt verstaan onder:
voorliggende voorziening: een voorziening buiten de Participatiewet, zoals bedoeld in artikel 15 van die wet, waarop een persoon of gezin redelijkerwijs aanspraak kan maken of een beroep kan doen voor het verkrijgen van middelen of het bekostigen van specifieke uitgaven. Daaronder worden mede verstaan een lening bij een commerciële bank, Kredietbank Nederland of een betalingsregeling met een leverancier. De Wet langdurige zorg (Wlz), de Zorgverzekeringswet (Zvw) en de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) worden als passende en toereikende voorliggende voorzieningen beschouwd;
Artikel 4 – Hoogte van de bijzondere bijstand
De hoogte van de bijzondere bijstand bedraagt niet meer dan de kosten van de goedkoopste adequate voorziening, tenzij in deze beleidsregels anders is bepaald. Bij het vaststellen van de hoogte van de bijzondere bijstand worden de draagkrachtregels, zoals omschreven in de artikelen 7 en 8 van deze beleidsregels, toegepast.
Aflossing van leenbijstand geschiedt naar draagkracht. Voor belanghebbenden die een uitkering op grond van de Participatiewet ontvangen, geldt een aflossingspercentage van 5% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm inclusief vakantiegeld. Bedraagt het inkomen meer dan de bijstandsnorm, dan wordt het aflossingsbedrag verhoogd met het bedrag dat gelijk is aan de draagkracht.
Artikel 6 – Draagkrachtperiode
Artikel 7 – Draagkracht uit inkomen
Tot het inkomen wordt gerekend behaalde opbrengsten uit gokken. Er moet sprake zijn van een goede administratie die de inleg en de behaalde opbrengst aantoont per gokactiviteit. Indien de behaalde opbrengst hoger is dan de hoogte van de inleg wordt dit tot het inkomen gerekend. Indien er geen sprake is van een goede administratie die de inleg en de behaalde opbrengst aantoont per gokactiviteit worden de opbrengst en de inleggelden als inkomen aangemerkt, tenzij op dezelfde datum bij dezelfde gokinstelling zowel geld is ingelegd als uitbetaald. In dat geval wordt alleen de behaalde opbrengst als inkomen aangemerkt.
Artikel 8 – Draagkracht uit vermogen
In afwijking van het eerste lid wordt het vermogen geheel in aanmerking genomen in de volgende situaties:
Uitvaartkosten van een in de bijstand begrepen overleden gezinslid
Wanneer bijzondere bijstand wordt aangevraagd voor de uitvaartkosten van een gezinslid dat tot de bijstandsuitkering behoorde, wordt het aanwezige vermogen volledig in aanmerking genomen voor zover dit vermogen hoger is dan anderhalf keer de toepasselijke bijstandsnorm;
Hoofdstuk 2 – Bijzondere bijstand voor levensonderhoud
Artikel 10 – Kosten levensonderhoud voor 18, 19 en 20 jarigen niet in een inrichting
Indien en voor zover een uitwonende persoon van 18, 19 of 20 jaar die niet in een inrichting verblijft hogere algemeen noodzakelijke kosten van bestaan heeft dan voorzien in de norm van de Participatiewet, en de middelen van zijn ouders ontoereikend zijn of hij redelijkerwijs zijn onderhoudsrecht jegens zijn ouders niet kan verhalen, kan het college aanvullende bijzondere bijstand verstrekken.
Artikel 11 – Kosten levensonderhoud voor 18, 19 en 20 jarigen in een inrichting
Indien en voor zover een persoon van 18, 19 of 20 jaar, in een inrichting verblijft, hogere algemeen noodzakelijke kosten van bestaan heeft dan door de inrichting wordt gedekt, en de middelen van zijn ouders hiertoe ontoereikend zijn of hij redelijkerwijs zijn onderhoudsrecht jegens zijn ouders niet te gelde kan maken, kan het college voor deze kosten bijzondere bijstand verstrekken.
Bijzondere bijstand kan worden verstrekt voor de eigen bijdrage op grond van een toevoeging volgens de Wrb, voor griffierechten en voor andere door de wet of kantonrechter vastgestelde noodzakelijke kosten, mits een diagnosedocument van het Juridisch Loket of een vergelijkbaar bewijs wordt overgelegd.
Artikel 16 – Legeskosten regulier, legeskosten verblijfsvergunningen en naturalisatie
Er bestaat geen recht op bijzondere bijstand voor legeskosten, ook niet voor de kosten van het verlengen van verblijfsvergunning en naturalisatie.
Voor kosten die verband houden met schulden bestaat geen recht op bijzondere bijstand. Indien bijzondere bijstand voor deze kosten wordt aangevraagd, wordt de aanvrager doorverwezen naar de schulddienstverlening.
Artikel 18 – Vrijwillig budgetbeheer buiten schuldregelingstraject
Voor kosten die verband houden met vrijwillig budgetbeheer buiten een schuldregelingstraject bestaat geen recht op bijzondere bijstand. Belanghebbende kan hiervoor doorverwezen worden naar Kredietbank Nederland, waarmee de gemeente Doesburg samenwerkt. Deze vorm van budgetbeheer wordt door de gemeente Doesburg uitsluitend aan inwoners van Doesburg aangeboden via Kredietbank Nederland. Kredietbank Nederland beoordeelt of er sprake is van een noodzaak tot budgetbeheer. Indien deze noodzaak wordt vastgesteld en wordt voldaan aan de overige voorwaarden die zijn vastgelegd in de afspraken tussen de Kredietbank Nederland en de gemeente Doesburg, kan belanghebbende budgetbeheer buiten een schuldregelingstraject ontvangen.
Behoudens de in deze beleidsregels opgenomen uitzonderingen, zoals genoemd in artikel 21, bestaat geen recht op bijzondere bijstand voor extra kosten die verband houden met een chronische ziekte of handicap. De tegemoetkoming voor chronisch zieken en/of gehandicapten en de Zvw/Wlz worden als passende en toereikende voorliggende voorzieningen aangemerkt.
Artikel 21 – Meerkosten als gevolg van medische noodzaak of behoefte aan ondersteuning op één of meerdere leefgebieden
Het college kan voor de beoordeling van de noodzaak van de verstrekking van bijzondere bijstand voor medische kosten een extern medisch advies aanvragen. De belanghebbende dient hieraan zodanig medewerking te verlenen, dat de externe adviseur in staat is om tijdig en zorgvuldig een advies te geven aan het college.
Wanneer uit een medisch advies blijkt dat er sprake is van meerkosten als gevolg van medische noodzaak of behoefte aan ondersteuning op één of meerdere leefgebieden, en indien van toepassing de tegemoetkoming voor chronisch zieken en/of gehandicapten aantoonbaar ontoereikend is, kan bijzondere bijstand worden verstrekt voor de volgende kosten:
In geval van kostbare vervangingen van tanden en/of kiezen, die niet of slechts gedeeltelijk worden vergoed door de Zvw en, indien van toepassing, een aanvullende verzekering, wordt uitsluitend bijzondere bijstand verstrekt voor de kosten die verband houden met het plaatsen van een volledige gebitsprothese.
Hoofdstuk 5 – Woon, verhuis- en inrichtingskosten
Artikel 22 – Doorbetaling vaste lasten bij kortdurend verblijf in een inrichting
Bijzondere bijstand kan worden verstrekt voor het aanhouden van een huurwoning tijdens tijdelijke opname in een inrichting, niet zijnde een penitentiaire inrichting, voor een maximum van 90 dagen. De bijzondere bijstand wordt verstrekt vanaf het moment waarop de norm van de alleenstaande wordt gewijzigd naar de norm die geldt tijdens verblijf in een inrichting.
Artikel 24 – Woonkostentoeslag huurder
Het college kan bijzondere bijstand verlenen voor de woonkosten van een huurwoning, voor zover de belanghebbende geen of onvoldoende aanspraak kan maken op huurtoeslag op grond van de Wet op de huurtoeslag. Bijzondere bijstand kan tevens worden verleend wanneer de belanghebbende als gevolg van een substantiële inkomensdaling tijdelijk niet in staat is de vaste woonlasten van de huurwoning te voldoen.
De hoogte van de bijzondere bijstand wordt bepaald aan de hand van het in Grip op Participatiewet van Schulinck opgenomen berekeningsformulier. Voor zover de huur hoger is dan de maximale rekenhuurgrens (het bedrag dat bij de berekening van de huurtoeslag wordt gehanteerd), wordt de woonkostentoeslag berekend alsof de huur gelijk is aan de maximale rekenhuurgrens.
Artikel 26 – Inrichtingskosten
De kosten van duurzame gebruiksgoederen en stoffering behoren tot de incidenteel voorkomende algemeen noodzakelijke kosten van het bestaan. Deze kunnen worden voldaan uit inkomen door middel van reservering dan wel gespreide betaling achteraf. Dit betekent dat er geen bijstandsverlening mogelijk is voor deze kosten.
Er bestaat geen recht op bijzondere bijstand als er een beroep kan worden gedaan op een voorliggende voorziening, zoals een lening bij een commerciële bank, de Kredietbank Nederland, of een voorziening krachtens de Wet maatschappelijke ondersteuning (bijvoorbeeld bij woningaanpassingen of verhuizing om medische redenen).
De hoogte van de te verstrekken bijzondere bijstand, indien het niet gaat om een volledige woninginrichting, wordt bepaald aan de hand van de richtprijzen zoals opgenomen in de Nibud Prijzengids, waarbij maximaal 60% van de richtprijs wordt gehanteerd. Hierbij wordt ervan uitgegaan dat belanghebbende tweedehands goederen kan aanschaffen.
Voor leerlingen die onderwijs volgen aan een Internationale Schakelklas (ISK) kan bijzondere bijstand worden verstrekt voor noodzakelijke reiskosten, voor zover deze niet op een andere manier worden vergoed (zoals via leerlingenvervoer) en de afstand tot de school meer dan 10 kilometer bedraagt. De hoogte van vergoeding is op basis van de prijs van het Openbaar Vervoer.
Aanvragen om bijzondere bijstand die zijn ingediend vóór de inwerkingtreding van deze (nieuwe) beleidsregels worden beoordeeld op grond van de voorgaande beleidsregels te weten: de ‘Beleidsregels individuele bijzondere bijstand gemeente Doesburg’ vastgesteld op 27 maart 2018 en nadien op 10 november 2022 gewijzigd. Dit geldt ook voor bezwaarschriften die worden ingediend tegen besluiten die genomen zijn op grond van de (oude) Beleidsregels, tenzij de nieuwe Beleidsregels gunstiger zijn.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2025-522185.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.