Aanpassing beleidsregels Terugvordering en Verhaal in het onderdeel ‘Verhaal op de onderhoudsbijdrage’

Besluit

 

Het college besluit conform advies:

In te stemmen met de gewijzigde beleidsregels voor Terugvordering en Verhaal in het onderdeel ‘Verhaal op de onderhoudsbijdrage’ en deze per 1 januari 2025 in werking te laten treden.

 

Hoofdstuk 3 - Verhaal

Artikel 14 – Verhaalsbevoegdheid

Het college maakt gebruik van de bevoegdheid om de kosten van bijstand te verhalen overeenkomstig het bepaalde in paragraaf 6.5 PW.

Artikel 15 - Afzien van verhaal

Het college ziet af van verhaal indien

  • a.

    het op te leggen verhaalsbedrag lager is dan € 50,00 per maand (als bedoeld in artikel 62 Pw)

  • b.

    de op te leggen onderhoudsbijdrage als bedoeld in artikel 62 van de wet in totaliteit minder bedraagt dan € 300,00 per jaar.

  • c.

    Het bruto-inkomen minder bedraagt dan € 1.600,00 bruto per maand.

  • d.

    Er naar het oordeel van het college dringende redenen aanwezig zijn. Gelet op de omstandigheden van degene op wie verhaal wordt gezocht of degene die een uitkering ontvangt of heeft ontvangen.

Artikel 16 - Hoogte van de onderhoudsbijdrage

  • 1.

    Het college onderzoekt periodiek de hoogte van de draagkracht voor het berekenen van een onderhoudsbijdrage. Ze houdt hierbij de Tremanorm aan.

  • 2.

    Het college stuurt een brief naar degene op wie verhaald wordt. In deze brief wordt gevraagd om inzicht te geven in zijn/haar financiële omstandigheden.

  • 3.

    Wanneer de onderhoudsplichtige, ondanks herhaald verzoek, geen gegevens over zijn financiële- en leefsituatie heeft verstrekt, stelt het college de onderhoudsbijdrage (ambtshalve) vast op basis van gegevens die bij het college bekend zijn.

Artikel 17 - Ingangsdatum en betaling onderhoudsbijdrage

  • 1.

    Met uitzondering van gevallen zoals aangegeven in artikel 62f onder a of b van de wet, vindt verhaal plaats met ingang van de 1e van de maand,

  • 2.

    Dit volgend op de datum van verzending van de brief waarin staat dat de gemeente van plan is de bijstand te verhalen.

Artikel 18 - Verhaal in rechte

  • 1.

    Indien belanghebbende de onderhoudsbijdrage, ook na aanmaning, niet voldoet, besluit het college tot verhaal in rechte.

  • 2.

    Het college ziet af van verhaal in rechte, indien het te verhalen bedrag van € 300,00 op jaarbasis niet te boven gaat.

  • 3.

    Als de onderhoudsplichtige niet bereid is de vastgestelde onderhoudsbijdrage die door de rechter is opgelegd te betalen, wordt die uitspraak tenuitvoergelegd door middel van executoriaal beslag overeenkomstig de artikelen 479b tot en met 479g, behoudens artikel 479e lid 2 Rv.

Artikel 19 - Heronderzoek naar draagkracht

  • 1.

    Als een onderhoudsbijdrage door het college op nihil is gesteld, vindt steeds na 12 maanden een heronderzoek naar de draagkracht vast. Indien gewijzigde omstandigheden daartoe aanleiding geven stelt het college als gevolg van dit onderzoek de onderhoudsbijdrage gewijzigd vast.

  • 2.

    24 maanden nadat het college de onderhoudsbijdrage heeft vastgesteld wordt de draagkracht opnieuw onderzocht.

  • 3.

    De onderhoudsbijdrage wordt verhoogd/verlaagd, wanneer de onderhoudsbijdrage meer dan € 50,00 per maand toeneemt/afneemt.

Artikel 20 - Tussentijdse vermindering van draagkracht

  • 1.

    Op verzoek van de onderhoudsplichtige kan de onderhoudsbijdrage tussentijds worden verlaagd als verminderde draagkracht hiertoe aanleiding geeft, ook als deze onderhoudsbijdrage door de rechter is vastgesteld.

  • 2.

    Indien verlaging van de draagkracht de onderhoudsplichtige te verwijten is, wordt voorbijgegaan aan deze verlaging, met dien verstande dat de belanghebbende moet kunnen blijven beschikken over een inkomen ter hoogte van ten minste de beslagvrije voet.

  • 3.

    Het college zal als de situatie bedoeld in het eerste lid zich voordoet tijdelijk geheel afzien van verhaal.

Artikel 21 - Verhaal en schuldregeling

  • 1.

    Het college kan, op verzoek van degene op wie verhaald wordt, gedeeltelijk afzien van invordering voor zover het betreft verschuldigde onderhoudsbijdrage die op het moment van het besluit opeisbaar zijn, indien:

    • a.

      redelijkerwijs te voorzien is dat degene op wie wordt verhaald niet zal kunnen voortgaan met het betalen van zijn schulden;

    • b.

      redelijkerwijs te voorzien is dat een schuldregeling met betrekking tot vorderingen van de overige schuldeisers zonder een zodanig besluit niet tot stand zal komen, en;

    • c.

      de vordering van de gemeente wegens verhaal van bijstand tenminste zal worden voldaan naar evenredigheid met de vorderingen van de schuldeisers van gelijke rang.

  • 2.

    Het besluit tot het gedeeltelijk afzien van invordering treedt niet in werking voordat een schuldregeling als bedoeld in eerste lid, onderdeel b tot stand is gekomen.

  • 3.

    Het college trekt het besluit tot het gedeeltelijk afzien van invordering in of wijzigt dit ten nadele van de belanghebbende indien:

    • a.

      niet binnen twaalf maanden nadat dit besluit is bekendgemaakt, een schuldregeling tot stand is gekomen die voldoet aan de in het eerste lid genoemde voorwaarden, of

    • b.

      de belanghebbende zijn schuld aan de gemeente niet overeenkomstig de schuldregeling voldoet, of

    • c.

      onjuiste of onvolledige gegevens zijn verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een ander besluit zou hebben geleid.

Artikel 22 - Verhaal in verband met schenking

  • 1.

    Het college verhaalt de kosten van bijstand op degene aan wie de persoon die bijstand ontvangt of heeft ontvangen een schenking heeft gedaan, terwijl die persoon wist of kon weten dat hij door die schenking eerder, langer of voor een hoger bedrag beroep zou moeten doen op bijstand.

  • 2.

    De hoogte van de onderhoudsbijdrage is gelijk aan het bedrag van de schenking, voor zover de schenking het bij aanvang van de bijstand vastgestelde resterende vrij te laten vermogen overschrijdt.

  • 3.

    De onderhoudsbijdrage dient in beginsel ineens te worden voldaan.

  • 4.

    Verzoekt de persoon aan wie de schenking is gedaan om een betalingsregeling, dan gelden de regels betreffende de aflossingscapaciteit in hoofdstuk 2 van deze beleidsregels.

  • 5.

    Weigert de persoon aan wie de schenking is gedaan de onderhoudsbijdrage te voldoen, althans laat hij dit na, dan gaat het college over tot verhaal in rechte.

Artikel 23 - Verhaal op de nalatenschap

  • 1.

    Indien bijstand wordt teruggevorderd van een overledene, met inachtneming van artikel 7 en 8 van deze beleidsregels, wordt de vordering verhaald op de nalatenschap.

  • 2.

    De hoogte van de onderhoudsbijdrage is gelijk aan het bedrag van de vordering.

  • 3.

    De erven dienen de onderhoudsbijdrage in beginsel ineens te voldoen.

  • 4.

    Weigeren de erven de onderhoudsbijdrage uit de nalatenschap te voldoen dan gaat het college over tot verhaal in rechte.

Naar boven