|
HOOFDSTUK 2 DIENSTVERLENING EN BESLUITEN IN HET KADER VAN DE OMGEVINGSWET
|
|
|
Paragraaf 2.1 Algemene bepalingen
|
|
|
|
Artikel 2.1 Algemene bepalingen
|
|
|
1.
|
|
Begripsbepalingen die zijn opgenomen in de bijlage bij de Omgevingswet, in bijlage I bij het Besluit activiteiten leefomgeving, bijlage I bij het Besluit bouwwerken leefomgeving, bijlage I bij het Besluit kwaliteit leefomgeving, bijlage I bij het Omgevingsbesluit en bijlage I bij de Omgevingsregeling en in de bijlagen bij het gemeentelijke omgevingsplan, zijn van toepassing op dit hoofdstuk, tenzij in de legesverordening of deze tarieventabel anders is bepaald.
|
|
|
2.
|
|
In dit hoofdstuk voorkomende begrippen die betrekking hebben op activiteiten waarvoor het toetsingskader in een ander dan een in het eerste lid bedoeld wettelijk voorschrift is uitgewerkt, hebben dezelfde betekenis als in dat wettelijk voorschrift bedoeld, tenzij in de legesverordening of deze tarieventabel anders is bepaald.
|
|
|
3.
|
|
In dit hoofdstuk wordt verstaan onder:
|
|
|
a.
|
binnenplanse omgevingsplanactiviteit: een activiteit waarvoor in het omgevingsplan is bepaald dat het is verboden deze zonder omgevingsvergunning te verrichten en die niet in strijd is met het omgevingsplan;
|
|
|
b.
|
binnenplanse omgevingsplanactiviteit bij wijzigingsbevoegdheid of uitwerkingsplicht:: een activiteit waarvoor in het omgevingsplan is bepaald dat het is verboden deze zonder omgevingsvergunning te verrichten en die in strijd is met het omgevingsplan, maar die niet in strijd is met regels voor de toepassing van een wijzigingsbevoegdheid of het voldoen aan een uitwerkingsplicht in het tijdelijke deel van het omgevingsplan, bedoeld in artikel 22.1, aanhef en onder a, van de Omgevingswet;
|
|
|
4.
|
|
In aanvulling op de in bijlage I bij de Omgevingsregeling opgenomen omschrijving van het begrip ‘bouwkosten’ betreffen de in die omschrijving:
|
|
|
|
- onder a genoemde Uniforme administratieve voorwaarden voor de uitvoering van werken en van technische installatiewerken 2012 de voorwaarden die bekendgemaakt zijn in Staatscourant 2012, 1567;
|
|
|
|
- onder b bedoelde bouwkosten de kosten voor de fysieke realisatie (het bouwen) van het bouwwerk;
|
|
|
|
- onder c bedoelde prijs de prijs exclusief omzetbelasting.
|
|
|
5.
|
|
In afwijking van bijlage I bij de Omgevingsregeling worden onder bouwkosten verstaan: de door de aanvrager bij de aanvraag opgegeven bouwkosten, met dien verstande dat deze bouwkosten niet lager mogen worden vastgesteld dan de door Casadata vastgestelde basisbedragen per gebouwsoort voor de provincie Overijssel, zoals opgenomen in het rapport Basisbedragen Bouwleges 2025, 4e kwartaal. Dit rapport is als bijlage bij deze tarieventabel opgenomen.
|
|
|
|
Artikel 2.2 Dienstverlening en besluiten waarvoor leges worden geheven
|
|
|
|
Leges worden geheven voor het in behandeling nemen van een aanvraag om:
|
|
|
|
a.
|
omgevingsoverleg;
|
|
|
b.
|
een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 5.1 of artikel 22.8 van de Omgevingswet in samenhang met artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit
|
|
|
c.
|
een of meer maatwerkvoorschriften als bedoeld in artikel 4.5 van de Omgevingswet;
|
|
|
d.
|
toestemming voor het treffen van een gelijkwaardige maatregel als bedoeld in artikel 4.7 van de Omgevingswet;
|
|
|
e.
|
een wijziging van voorschriften van een omgevingsvergunning;
|
|
|
f.
|
intrekking van een omgevingsvergunning;
|
|
|
g.
|
wijziging van een besluit als bedoeld in de onderdelen b, c en d;
|
|
|
h.
|
een besluit in het kader van de Omgevingswet, anders dan bedoeld in de onderdelen b tot en met g.
|
|
|
|
Artikel 2.3 Bepalen tarief
|
|
|
1.
|
|
De in artikel 2.2 bedoelde leges worden geheven naar de tarieven zoals opgenomen in de volgende paragrafen van dit hoofdstuk.
|
|
|
2.
|
|
Als een aanvraag betrekking heeft op meerdere activiteiten, is het tarief opgebouwd uit de som van de verschuldigde leges behorend bij die activiteiten.
|
|
|
3.
|
|
Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag wordt in voorkomend geval verhoogd met het tarief voor een of meer modaliteiten bedoeld in paragraaf 2.11.
|
|
|
4.
|
|
Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag wordt in voorkomend geval verminderd overeenkomstig het bepaalde in paragraaf 2.12.
|
|
|
5.
|
|
Het tarief behorend bij een aanvraag om een maatwerkvoorschrift of bij een aanvraag om toestemming om een gelijkwaardige maatregel te treffen is niet van toepassing als het onderwerp waarop het maatwerkvoorschrift betrekking heeft of de gelijkwaardige maatregel onderdeel is van een aanvraag om een omgevingsvergunning.
|
|
|
6.
|
|
In afwijking van het tweede en derde lid kan ook per activiteit of andere grondslag een legesbedrag worden gevorderd.
|
|
|
|
|
|
|
Paragraaf 2.2 Voorfase
|
|
|
|
Artikel 2.4 Omgevingsoverleg
|
|
|
a.
|
Klantvraag: Het leveren van een eerste indicatie over de haalbaarheid van het plan, zonder verder onderzoek:
|
€ 0,00
|
|
b.
|
Vooroverleg: Het tarief betreft voor het in behandeling nemen van een conceptverzoek met als doel een eerste inschatting te geven van de haalbaarheid van één of meer voorgenomen activiteiten die gevolgen kunnen hebben voor de fysieke leefomgeving.
|
€ 100,00
|
|
c.
|
Intaketafel: Het tarief betreft voor het in behandeling nemen van een conceptverzoek dat wordt voorgelegd aan de intaketafel, met als doel het geven van een integraal inhoudelijk afgestemd en onderbouwd advies over één of meer activiteiten die gevolgen kunnen hebben voor de fysieke leefomgeving.
|
€ 241,00
|
|
d.
|
Regionale omgevingstafel: Het tarief voor de behandeling van het conceptverzoek door de regionale omgevingstafel, indien de activiteiten daartoe aanleiding geven, bedraagt:
|
€ 544,00
|
|
e.
|
Principebesluit: Het tarief voor het innemen van een bestuurlijk standpunt ten aanzien van een of meer activiteiten die gevolgen kunnen hebben voor de fysieke leefomgeving in de voorfase bedraagt :
|
€ 629,00
|
|
|
Het tarief voor het principebesluit wordt in voorkomend geval verminderd met het bedrag als genoemd onder sub c.
|
|
|
f.
|
Voor de betrokkenheid en advisering door de omgevingsdienst gedurende de voorfase, waaronder het verstrekken van informatie en het beoordelen van een conceptverzoek, wordt het volgende tarief gehanteerd:
|
€ 801,81
|
|
g.
|
Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een dienst als bedoeld in a tot en met e, wordt in voorkomend geval verhoogd met het tarief voor een of meer modaliteiten bedoeld in paragraaf 2.11.
|
|
|
Paragraaf 2.3 Activiteiten met betrekking tot bouwwerken
|
|
|
|
Artikel 2.5 Bouwactiviteit (bouwtechnische deel)
|
|
|
1.
|
|
Wanneer een bouwactiviteit vergunningplichtig is op basis van paragraaf 2.3.2 van het Besluit bouwwerken leefomgeving, wordt het tarief als volgt berekend. In de eerste plaats wordt het tarief aan de hand van de onderstaande tabel berekent op basis van de hoogte van de bouwkosten. Daar wordt het tarief van andere activiteit(en), die in dit hoofdstuk 2 mogelijk van toepassing zijn, bij opgeteld.
|
|
|
|
Als de bouwactiviteit uitsluitend betrekking heeft op de bouwtechnische bouwactiviteit, geldt het tarief volgens het percentage en het minimumbedrag in de kolom Individuele aanvraag.
Wordt in de aanvraag een gecombineerde bouwactiviteit opgenomen – dat wil zeggen een combinatie van een bouwtechnische en een omgevingsplanactiviteit – dan geldt het tarief volgens het percentage en het minimumbedrag in de kolom Gecombineerde aanvraag.
|
|
|
|
Bouwkosten
|
Individuele aanvraag
|
Gecombineerde aanvraag
|
|
Individuele aanvraag
|
Gecombineerde aanvraag
|
|
|
|
€0 tot € 100.000
|
0,94%
|
0,74%
|
Met een minimum van
|
€ 200,00
|
€ 200,00
|
|
|
|
€ 100.000 tot
€ 1.000.000
|
0,88%
|
0,68%
|
Met een minimum van
|
€ 940,00
|
€ 740,00
|
|
|
|
€ 1.000.000 of meer
|
0,79%
|
0,59%
|
Met een minimum van
|
€ 8.800,00
|
€ 6.800,00
|
|
|
|
|
|
|
Met een maximum van
|
€ 317.150,00
|
€ 232.575,00
|
|
|
|
Artikel 2.6 Omgevingsplanactiviteit: bouwactiviteit, in stand houden of gebruiken bouwwerk en/of percelen (ruimtelijke deel)
|
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit een bouwactiviteit, het in stand houden of gebruiken van het te bouwen bouwwerk, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
|
|
|
1.
|
|
voor een binnenplanse omgevingsplanactiviteit:
|
|
|
a.
|
binnenplanse omgevingsplanactiviteit bestaande uit een bouwactiviteit (inclusief welstandbeoordeling) met bouwkosten als aangegeven in de onderstaande tabel
|
|
|
|
€0 tot €100.000
|
2,23%
|
met een minimum van
|
€ 290,00
|
|
|
|
€100.000 tot
€ 1.000.000
|
2,03%
|
met een minimum van
|
€ 2.230,00
|
|
|
|
€1.000.000 of meer
|
1,77%
|
met een minimum van
|
€ 20.300,00
|
|
|
|
|
|
met een maximum van
|
€ 730.000
|
|
|
b.
|
binnenplanse omgevingsplanactiviteit voor afwijken van het omgevingsplan gecombineerd met bouwactiviteit
|
10%
|
|
|
van de onder lid 1 sub a verschuldigde leges met een minimum van
|
€ 567,00
|
|
c.
|
binnenplanse omgevingsplanactiviteit voor afwijken van het omgevingsplan (zonder bouwactiviteit)
|
€ 567,00
|
|
2.
|
|
voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit:
|
|
|
a.
|
buitenplanse omgevingsplanactiviteit voor afwijken van het omgevingsplan gecombineerd met bouwactiviteit
|
10%
|
|
|
van de onder lid 1 sub a verschuldigde leges met een minimum van
|
€ 873,00
|
|
b.
|
buitenplanse omgevingsplanactiviteit voor afwijken van het omgevingsplan (zonder bouw)
|
€ 1.164,00
|
|
|
Artikel 2.7 Omgevingsplanactiviteit: slopen van een bouwwerk
|
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit een sloopactiviteit, niet zijnde een sloopactiviteit met betrekking tot een monument of beschermd stads- en dorpsgezicht, als bedoeld in paragraaf 2.4, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
|
|
|
1.
|
|
voor een binnenplanse omgevingsplanactiviteit:
|
€ 453,00
|
|
2.
|
|
voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit:
|
€ 453,00
|
|
|
|
|
|
Paragraaf 2.4 Activiteiten met betrekking tot cultureel erfgoed en werelderfgoed
|
|
|
|
Artikel 2.8 Omgevingsplanactiviteit: monumenten
|
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, met betrekking tot een gemeentelijk monument, provinciaal monument, rijksmonument, voorbeschermd gemeentelijk monument, voorbeschermd provinciaal monument of voorbeschermd rijksmonument, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
|
€ 0,00
|
|
|
Artikel 2.9 Rijksmonumentenactiviteiten
|
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een rijksmonumentenactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, met uitzondering van een rijksmonumentenactiviteit met betrekking tot een archeologisch monument, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
|
€ 0,00
|
|
|
|
|
|
Paragraaf 2.5 Milieubelastende activiteiten
|
|
|
|
Artikel 2.10 Omgevingsplanactiviteit: milieubelastende activiteit
|
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit een milieubelastende activiteit als bedoeld in paragraaf 22.3.26 van het tijdelijke deel van het omgevingsplan zoals opgenomen in artikel 7.1 van het Invoeringsbesluit Omgevingswet, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
|
€ 2675,28
|
|
|
Artikel 2.11 Overige milieubelastende activiteiten (afdeling 3.2 tot en met 3.9 Besluiten activiteiten leefomgeving
|
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een of meer milieubelastende activiteiten, als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
|
€ 2675,28
|
|
|
|
|
|
Paragraaf 2.6 Aanlegactiviteiten
|
|
|
|
Artikel 2.12 Omgevingsplanactiviteit: uitvoeren werk of werkzaamheden
|
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijde, of werkzaamheden in gevallen waarin dat in het (tijdelijk) omgevingsplan is bepaald op:
Per hectare of strekkende kilometer bij leidingtracés
|
€ 940,00
|
|
|
Artikel 2.13 Omgevingsplanactiviteit: uitweg/uitrit
|
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit het maken, hebben, veranderen of veranderen van het gebruik van een uitweg, bedoeld artikel [2:12] van de Algemene plaatselijke verordening in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
|
€ 462,00
|
|
|
De aanlegkosten worden afzonderlijk in rekening gebracht.
|
|
|
|
|
|
|
Paragraaf 2.7 Overige activiteiten
|
|
|
|
Artikel 2.14 Omgevingsplanactiviteit: kappen van bomen of vellen van houtopstanden
|
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit het vellen van een houtopstand, bedoeld in artikel 2 van de gemeentelijke Bomenverordening in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
|
|
|
1.
|
a.
|
voor het kappen van 1 tot en met 3 bomen:
|
€ 103,00
|
|
b
|
voor het kappen van 4 tot en met 10 bomen:
|
€ 206,00
|
|
c
|
voor het kappen van meer dan 10 bomen, per 10 bomen:
|
€ 309,00
|
|
|
|
|
|
|
Artikel 2.15 Omgevingsplanactiviteit: opslag van roerende zaken of objecten plaatsen op de weg
|
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit het plaatsen van voorwerpen op of aan de weg of een openbare plaats in strijd met de publieke functie ervan, bedoeld in artikel 2:10A van de Algemene plaatselijke verordening in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
|
|
|
1.
|
|
indien 50m2 of minder gemeentegrond in gebruik wordt genomen
|
€ 0
|
|
2.
|
|
indien meer dan 50m2 gemeentegrond in gebruik wordt genomen
|
€ 0
|
|
|
Artikel 2.16 Omgevingsplanactiviteit: standplaatsen
|
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit het innemen of hebben van een standplaats, bedoeld in artikel 5:18 van de Algemene plaatselijke verordening in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
|
|
|
1.
|
|
voor het verkrijgen van een vergunning voor een standplaats van één tot maximaal 5 dagen per kalenderjaar
|
€ 0
|
|
2.
|
|
voor het verkrijgen van een vergunning voor een standplaats van vijf dagen of meer per kalenderjaar
|
€ 0
|
|
|
Artikel 2.17 Andere activiteiten
|
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het verrichten van een andere activiteit dan in deze paragraaf en voorgaande paragrafen van dit hoofdstuk bedoeld en die activiteit betreft een bij of krachtens artikel 5.1 van de Omgevingswet aangewezen vergunningplichtige activiteit, uitgezonderd de activiteit bedoeld in onderdeel b, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
|
€ 130,00
|
|
|
|
|
|
|
Artikel 2.18 Fiscale vrijstellingsbepaling
|
|
|
|
Voor aanvragen om een omgevingsvergunning voor een milieubelastende activiteit zoals bedoeld in artikel 2.10 van deze verordening, waarbij de milieubelastende activiteit betrekking heeft op het mogen ontsteken van een paas- of vreugdevuur en die leiden tot het verlenen van de vergunning, geldt een vrijstelling van de legesheffing.
|
|
|
Paragraaf 2.8 Maatwerkvoorschriften
|
|
|
|
Artikel 2.18 Maatwerkvoorschriften bij bouwactiviteiten
|
|
|
|
Als de aanvraag om een of meer maatwerkvoorschriften betrekking heeft op een bouw- of sloopactiviteit, bedraagt het tarief:
|
|
|
1.
|
|
voor een maatwerkvoorschrift dat betrekking heeft op:
|
|
|
a.
|
het in stand houden van een bestaand bouwwerk, bedoeld in artikel 3.1 van het Besluit bouwwerken leefomgeving;
|
|
|
b.
|
bouwactiviteiten die het bouwen van nieuwe bouwwerken betreffen als bedoeld in artikel 4.1 van het Besluit bouwwerken leefomgeving;
|
|
|
c.
|
het gebruik van een bouwwerk, bedoeld in artikel 6.1 van het Besluit bouwwerken leefomgeving; of
|
|
|
d.
|
het verrichten van bouw- of sloopwerkzaamheden als bedoeld in artikel 7.1 van het Besluit bouwwerken leefomgeving;
|
|
|
|
per maatwerkvoorschrift:
|
€ 1.551,00
|
|
2.
|
|
in andere gevallen dan bedoeld in onderdeel a, per maatwerkvoorschrift:
|
€ 1.551,00
|
|
|
Artikel 2.19 Maatwerkvoorschriften bij milieubelastende activiteiten
|
|
|
1.
|
|
Als de aanvraag om één of meer maatwerkvoorschriften als bedoeld in hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving betrekking heeft op: één of meer milieubelastende activiteiten als bedoeld in hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief:
|
€ 1363,08
|
|
2.
|
|
Als de aanvraag om één of meer maatwerkvoorschriften betrekking heeft op een andere milieubelastende activiteit dan bedoeld in het eerste lid, bedraagt het tarief:
|
€1363,08
|
|
|
Artikel 2.20 Maatwerkvoorschriften bij overige activiteiten
|
|
|
|
Als de aanvraag om een of meer maatwerkvoorschriften betrekking heeft op een andere activiteit dan genoemd in de artikelen 2.18 en 2.19, bedraagt het tarief per maatwerkvoorschrift:
|
€ 1.080,00
|
|
|
|
|
|
Paragraaf 2.9 Gelijkwaardigheid
|
|
|
|
Artikel 2.21 Gelijkwaardige maatregel
|
|
|
1.
|
|
Als de aanvraag om toestemming voor een gelijkwaardige maatregel als bedoeld in artikel 4.7 van de Omgevingswet betrekking heeft op:
|
|
|
a.
|
een milieubelastende activiteit, bedraagt het tarief, per uur:
|
€ 113,59
|
|
2.
|
|
Het op grond van het eerste lid verschuldigde bedrag wordt voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag aan de aanvrager meegedeeld. De aanvraag wordt dan in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop het verschuldigde bedrag aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.
|
|
|
|
|
|
|
Paragraaf 2.10 Overige tarieven
|
|
|
|
Artikel 2.22 Verlengen tijdelijke omgevingsvergunning bouwactiviteit
|
|
|
|
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om verlenging van de in een omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit gestelde termijn, bedoeld in artikel 10.23, tweede lid, van het Omgevingsbesluit:
|
€ 200,00
|
|
|
Artikel 2.23 Wijzigen omgevingsvergunning
|
|
|
|
Voor het in behandeling nemen van een aanvraag om wijziging van een omgevingsvergunning is hetzelfde tarief verschuldigd als op grond van dit hoofdstuk verschuldigd is voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een omgevingsvergunning voor de activiteit of activiteiten waarop de aanvraag tot wijziging betrekking heeft.
|
€ 148,00
|
|
|
Artikel 2.24 Wijzigen voorschriften omgevingsvergunning
|
|
|
|
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om wijziging van voorschriften van een omgevingsvergunning:
|
€ 148,00
|
|
|
Artikel 2.25 Intrekken omgevingsvergunning
|
|
|
|
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om gehele of gedeeltelijke intrekking van een omgevingsvergunning
|
|
|
1.
|
|
voor één of meer milieubelastende activiteiten, tenzij artikel 2.39 van toepassing is
|
€ 1.080,00
|
|
2.
|
|
voor andere activiteiten, behalve kappen/vellen van houtopstanden
|
€ 100,00
|
|
3.
|
|
activiteit voor kappen/vellen van houtopstanden
|
€ 0,00
|
|
|
Artikel 2.26 Beoordeling onderzoeksrapporten
|
|
|
|
De in artikel 2.31 opgenomen tarieven zijn van overeenkomstige toepassing op het in behandeling nemen van een aanvraag tot het beoordelen van een onderzoeksrapport, zonder dat sprake is van een aanvraag om een omgevingsvergunning of ander besluit.
|
|
|
|
Artikel 2.27 Wijzigen van het omgevingsplan
|
|
|
1.
|
|
Krachtens hoofdstuk 12 van de Omgevingswet middels een exploitatieplan of anterieure overeenkomst verhaald, vanaf het moment van indienen, tot het vaststellen van een omgevingsplan (beoordelen aanvraag, opstellen omgevingsplan en volgen procedure) vermeerderd met:
|
|
|
a.
|
minimaal
|
€ 6.509,00
|
|
b.
|
en maximaal
|
€ 51.512,00
|
|
|
Artikel 2.28 Niet genoemd besluit op aanvraag
|
|
|
|
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het nemen van een ander, in dit hoofdstuk niet benoemd besluit op grond van de Omgevingswet, de op die wet gebaseerde algemene maatregelen van bestuur of het omgevingsplan:
|
€ 130,00
|
|
|
|
|
|
Paragraaf 2.11 Modaliteiten
|
|
|
|
Artikel 2.29 Achteraf ingediende aanvraag
|
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning voor een activiteit wordt ingediend na aanvang of gereedkomen van de activiteit, worden de op grond van de paragrafen 2.3 tot en met 2.8 verschuldigde leges verhoogd met:
|
50%
|
|
|
|
|
|
|
Artikel 2.30 Uitgebreide voorbereidingsprocedure
|
|
|
|
Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is op de voorbereiding van het besluit:
|
|
|
1.
|
|
als sprake is van een milieubelastende activiteit:
|
€ 2.430,83
|
|
2.
|
|
als sprake is van een buitenplanse omgevingsplanactiviteit gecombineerd met een bouwactiviteit:
|
€ 4.182,00
|
|
3.
|
|
als sprake is van andere activiteiten:
|
€ 4.181,00
|
|
|
Artikel 2.31 Beoordeling onderzoeksrapporten en advisering
|
|
|
1.
|
|
Voor de beoordeling van:
|
|
|
a.
|
een milieukundig bodemrapport:
|
€ 795,13
|
|
b.
|
een archeologisch bodemrapport:
|
€ 385,00
|
|
c.
|
een ecologisch onderzoeksrapport:
|
€ 385,00
|
|
d.
|
een landschapsinrichtingsplan
|
€ 385,00
|
|
e.
|
een milieueffectrapportage (MER): het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van het verzoek voor beoordeling van een MER aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door of vanwege het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.
|
€ 2271,80
|
|
|
Het verzoek wordt in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken
|
|
|
f.
|
voor de beoordeling van een niet in de voorgaande onderdelen genoemd rapport:
|
€ 385,00
|
|
2.
|
|
Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als een daartoe aangewezen bestuursorgaan of andere instantie advies moet uitbrengen over de aanvraag om een omgevingsvergunning of een ander besluit op grond van de Omgevingswet:
|
|
|
a.
|
Voor een advies van de gemeentelijke adviescommissie als bedoeld in de Verordening adviescommissie omgevingskwaliteit Borne 2023 bedraagt het tarief de werkelijke kosten die door het adviserend orgaan en/of derden in rekening worden gebracht.
|
|
|
b.
|
Als voor de aanvraag om een omgevingsvergunning een raadsadvies nodig is op basis van artikel 16.15 en 16.15a Omgevingswet, worden de op grond van de paragrafen 2.3 tot en met 2.8 verschuldigde leges verhoogd met:
|
€1.000,00
|
|
c.
|
voor een advies van de omgevingsdienst dat betrekking heeft op geluid, geur, licht en lucht:
|
€ 1.673,94
|
|
d.
|
voor een advies van de omgevingsdienst in overige gevallen:
|
€ 720,15
|
|
e.
|
voor een advies in andere gevallen dan bedoeld in de onderdelen a tot en met b: het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.
|
|
|
3.
|
|
Als een begroting als bedoeld in het eerste lid, onderdeel c, is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.
|
|
|
Paragraaf 2.12 Vermindering
|
|
|
|
Artikel 2.32 Vermindering na omgevingsoverleg
|
|
|
1.
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning bedoeld in artikel 2.2, aanhef en onderdeel b, en zoals nader omschreven in de paragrafen 2.3 tot en met 2.8, is voorafgegaan door een aanvraag om omgevingsoverleg als bedoeld in artikel 2.2, aanhef en onderdeel a, en zoals nader omschreven in paragraaf 2.2, waarop de aanvraag om de omgevingsvergunning betrekking heeft, worden de geheven leges voor het omgevingsoverleg in mindering gebracht op de leges voor het in behandeling nemen van de aanvraag om een omgevingsvergunning.
|
100%
|
|
2.
|
|
Voor de toepassing van het eerste lid is vereist dat de aanvraag om een omgevingsvergunning wordt gedaan:
|
|
|
a.
|
voor dezelfde activiteit of activiteiten als waarop het omgevingsoverleg betrekking had;
|
|
|
b.
|
in overeenstemming met de uitkomsten van het omgevingsoverleg; en
|
|
|
c.
|
binnen 12 maanden na dagtekening van de kennisgeving op het omgevingsoverleg.
|
|
|
|
Artikel 2.33 Vermindering bij meervoudige aanvraag
|
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op vijf of meer activiteiten, bestaat aanspraak op vermindering van leges, met uitzondering van leges voor de milieubelastende activiteiten als bedoeld in paragraaf 2.5 en het legesdeel dat betrekking heeft op de modaliteiten genoemd in paragraaf 2.12. De vermindering bedraagt:
|
|
|
a.
|
bij 5 tot 10 activiteiten
|
5%
|
|
|
van de voor die activiteiten verschuldigde leges
|
|
|
b.
|
bij 10 tot 15 activiteiten
|
7%
|
|
|
van de voor die activiteiten verschuldigde leges
|
|
|
c.
|
bij 15 of meer activiteiten
|
10%
|
|
|
van de voor die activiteiten verschuldigde leges
|
|
|
|
|
|
|
Paragraaf 2.13 Teruggaaf
|
|
|
|
Artikel 2.34 Teruggaaf bij aanvraag en oordeel geen omgevingsvergunning nodig
|
|
|
|
Als het college van burgemeester en wethouders op grond van een aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning oordeelt dat voor de voorgenomen activiteit geen omgevingsvergunning is vereist, bestaat aanspraak op teruggaaf. De teruggaaf bedraagt:
|
85%
|
|
|
van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is gedaan verschuldigde leges
|
|
|
|
Artikel 2.35 Teruggaaf als aanvraag verder buiten behandeling wordt gelaten
|
|
|
|
Als na toepassing van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht een aanvraag buiten behandeling wordt gelaten, bestaat aanspraak op teruggaaf. De teruggaaf bedraagt:
|
75%
|
|
|
van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is gedaan verschuldigde leges.
|
|
|
|
|
|
|
|
Artikel 2.36 Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag omgevingsvergunning of maatwerkvoorschrift
|
|
|
|
Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning of aanvraag om een maatwerkvoorschrift op de voorbereiding waarvan afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing is geheel of gedeeltelijk intrekt terwijl het college van burgemeester en wethouders daarover nog geen besluit heeft genomen, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt:
|
|
|
1.
|
|
bij gehele of gedeeltelijke intrekking voordat de aanvraag naar de inhoud is beoordeeld en getoetst aan de daarvoor geldende wet- en regelgeving van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges:
|
100%
|
|
2.
|
|
bij gehele of gedeeltelijke intrekking nadat deze naar de inhoud is beoordeeld en getoetst aan de daarvoor geldende wet - en regelgeving, maar voordat daarop een besluit is genomen. De teruggaaf bedraagt:
|
25%
|
|
|
Artikel 2.37 Teruggaaf als gevolg van intrekking verleende omgevingsvergunning
|
|
|
|
Als het college van burgemeester en wethouders een verleende omgevingsvergunning voor een bouw- of milieubelastende activiteit intrekt op aanvraag van de vergunninghouder, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges, mits deze aanvraag is ingediend binnen 12 maanden na verlening van de vergunning en van de vergunning geen gebruik is gemaakt. De teruggaaf bedraagt van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges:
|
10%
|
|
|
Artikel 2.38 Teruggaaf als gevolg van het weigeren van een omgevingsvergunning
|
|
|
1.
|
|
Als het college van burgemeester en wethouders een omgevingsvergunning voor een bouw- of milieubelastende activiteit weigert, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt:
|
0%
|
|
|
van de voor de activiteit waarvoor de omgevingsvergunning is geweigerd verschuldigde leges.
|
|
|
2.
|
|
Onder een weigering bedoeld in onderdeel a wordt mede verstaan een vernietiging van de beschikking waarbij de vergunning is verleend bij rechterlijke uitspraak.
|
0%
|
|
|
Artikel 2.39 Geen teruggaaf legesdeel modaliteiten
|
|
|
|
In afwijking van de voorgaande artikelen van deze paragraaf wordt geen teruggaaf verleend van het legesdeel dat betrekking heeft op de modaliteiten genoemd in paragraaf 2.12.
|
|