Verordening werkzaamheden telecommunicatiekabels 2025 Gemeente Ommen

De raad van de gemeente Ommen;

 

gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders 22 juli 2025;

 

Artikel 149 van de GemeentewetArtikel 5.4, vierde lid, van de Telecommunicatiewet

 

Besluit:

 

  • 1.

    De verordening werkzaamheden telecommunicatiekabels 2025 gemeente Ommen vast te stellen.

  • 2.

    De Algemene verordening Ondergrondse Infrastructuur 2017 gemeente Ommen in te trekken.

  • 3.

    Te bepalen dat deze intrekking in werking treedt gelijktijdig met het in werking treden van het "Wijzigingsbesluit omgevingsplan Ommen, omzetten verordeningsregels".

 

Besluit van de raad van de gemeente Ommen tot vaststelling van de Verordening werkzaamheden telecommunicatiekabels 2025 Gemeente Ommen.

 

De raad van de gemeente Ommen;

gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 22 juli 2025, met zaaknummer 968973;

gelet op artikel 149 van de Gemeentewet en artikel 5.4, vierde lid, van de Telecommunicatiewet;

 

Besluit

Vast te stellen de Verordening werkzaamheden telecommunicatiekabels 2025 Gemeente Ommen.

 

Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen

Artikel 1. Definities

In deze verordening en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

  • college : college van burgemeester en wethouders;

  • openbaar elektronisch communicatienetwerk : openbaar elektronisch communicatienetwerk als bedoeld in artikel 1.1 van de Telecommunicatiewet;

  • openbare gronden : gronden als bedoeld in artikel 1.1 van de Telecommunicatiewet;

  • telecommunicatiekabels : één of meer kabels als bedoeld in artikel 1.1 van de Telecommunicatiewet, daaronder mede begrepen alle ondergrondse en bovengrondse ondersteunings- en beschermingswerken, ten dienste van een openbaar elektronisch communicatienetwerk;

  • werkzaamheden van niet-ingrijpende aard : werkzaamheden inzake de aanleg, instandhouding of opruiming van een netwerkaansluitpunt als bedoeld in artikel 1.1 van de Telecommunicatiewet met geringe impact op de bereikbaarheid, leefbaarheid en veiligheid en de inrichting van de ondergrondse en bovengrondse infrastructuur.

Artikel 2. Coördinatie van werkzaamheden

  • 1.

    Het college is belast met de coördinatie van werkzaamheden in of op openbare gronden in verband met de aanleg, instandhouding en opruiming van telecommunicatiekabels.

  • 2.

    Het college betrekt mede de inpassing in de openbare ruimte en andere werkzaamheden in of op openbare gronden bij zijn taak.

  • 3.

    Het college bevordert het medegebruik van voorzieningen, waarbij in ieder geval de technische mogelijkheden in acht worden genomen.

Artikel 3. Nadere regels

Het college stelt in ieder geval nadere regels vast met betrekking tot:

  • a.

    de eisen aan de uitvoering van werkzaamheden in verband met de aanleg, instandhouding en opruiming van telecommunicatiekabels;

  • b.

    ordening, planning en coördinatie van werkzaamheden in verband met de aanleg, instandhouding en opruiming van telecommunicatiekabels;

  • c.

    de omgang met telecommunicatiekabels in verontreinigde gronden, rond watergangen en stedelijk groen, en op verhardingen boven telecommunicatiekabels.

Hoofdstuk 2. Werkzaamheden inzake telecommunicatiekabels

Artikel 4. Termijnen

  • 1.

    Het voornemen, bedoeld in artikel 5.4, eerste lid, onder a, van de Telecommunicatiewet, wordt tenminste acht weken voor de voorgenomen aanvang van de werkzaamheden schriftelijk bij het college gemeld.

  • 2.

    Als het werkzaamheden van niet-ingrijpende aard betreft, wordt, in afwijking van het eerste lid, het voornemen tenminste vijf werkdagen voor de voorgenomen aanvang van de werkzaamheden schriftelijk bij het college gemeld.

  • 3.

    Als het werkzaamheden van niet-ingrijpende aard betreft, beslist het college, in afwijking van artikel 5.4, het tweede lid, van de Telecommunicatiewet binnen vijf werkdagen na de datum van ontvangst van de aanvraag.

Artikel 5. Gegevensverstrekking

  • 1.

    Bij de melding van een voornemen als bedoeld in artikel 5.4, eerste lid, onder a, van de Telecommunicatiewet, wordt een uitvoeringsplan gevoegd.

  • 2.

    Het uitvoeringsplan omvat in ieder geval:

    • a.

      een omschrijving van de telecommunicatiekabels die worden aangelegd, in stand gehouden of opgeruimd, alsmede een omschrijving van de voorzieningen die worden mede gebruikt of voor medegebruik worden aangelegd;

    • b.

      een omschrijving van de werkzaamheden die worden uitgevoerd;

    • c.

      de contactgegevens van degene onder wiens verantwoordelijkheid de werkzaamheden worden verricht, alsmede de contactgegevens van degene die gedurende de uitvoering van de werkzaamheden de gehele dag bereikbaar zal zijn;

    • d.

      een opgave van het voorgenomen tijdvak waarbinnen de werkzaamheden zullen plaatsvinden en, indien van toepassing, een opgave van de fasering binnen dit tijdvak;

    • e.

      een aanduiding van de belanghebbenden die vooraf in kennis worden gesteld van de werkzaamheden en de wijze waarop zij in kennis worden gesteld;

    • f.

      een omschrijving van de maatregelen die om reden van openbare orde, veiligheid, het voorkomen of beperken van overlast, de bereikbaarheid van gronden of gebouwen, dan wel ondergrondse en bovengrondse ordening zijn voorgenomen;

  • 3.

    Het uitvoeringsplan wordt voorzien van één of meerdere tekeningen waarop in ieder geval de aan te leggen, in stand te houden of te verwijderen telecommunicatiekabels en de daartoe te verrichten werkzaamheden staan aangeduid.

Artikel 6. Financiële bepalingen

  • 1.

    Voor het afhandelen van een aanvraag brengt de gemeente Ommen leges in rekening op basis van de legesverordening en bijbehorende legestabel.

  • 2.

    Openbare gronden worden na beëindiging van de werkzaamheden in de oude staat teruggebracht, tenzij het college anders heeft besloten. Zo nodig kunnen degeneratiekosten in rekening worden gebracht.

Artikel 7. Ernstige belemmeringen en storingen

  • 1.

    Artikel 5.6 van de Telecommunicatiewet is niet van toepassing op de door het college aan te wijzen gebieden.

  • 2.

    Degene die spoedeisende werkzaamheden als bedoeld in artikel 5.6, eerste lid, van de Telecommunicatiewet heeft uitgevoerd verstrekt binnen acht weken na beëindiging van de werkzaamheden een uitvoeringsverslag aan het college.

  • 3.

    Het uitvoeringsverslag omvat in ieder geval:

    • a.

      een omschrijving van de telecommunicatiekabels die zijn aangelegd, in stand gehouden of opgeruimd;

    • b.

      een omschrijving van de werkzaamheden die zijn uitgevoerd; en

    • c.

      een aanduiding van de spoedeisende aard van de werkzaamheden.

Hoofdstuk 3. Toezicht

Artikel 8. Toezicht

Met het toezicht op de naleving van het bij of krachtens deze verordening bepaalde zijn belast de door het college aangewezen personen.

Hoofdstuk 4. Overgangs- en slotbepalingen

Artikel 9. Intrekken oude regeling en overgangsrecht

  • 1.

    De Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuur 2017 gemeente Ommen (AVOI 2017) wordt ingetrokken.

  • 2.

    De [Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuur 2017 gemeente Ommen (AVOI 2017) blijft van toepassing ten aanzien van aanvragen die zijn ingediend voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening.

Artikel 10. Inwerkingtreding en citeertitel

  • 1.

    Deze verordening treedt in werking op 25 september 2025.

  • 2.

    Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening werkzaamheden telecommunicatiekabels 2025 Gemeente Ommen.

Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 25 september 2025.

De griffier,

S.G.M. Dijk-Horenberg

Voorzitter,

mr. drs. J.M. Vroomen

Toelichting

Algemeen

 

Inleiding

Deze verordening bevat regels met betrekking tot de uitvoering van werkzaamheden in verband met de aanleg, instandhouding en opruiming van kabels ten dienste van een openbaar elektronisch telecommunicatienetwerk. Denk aan een netwerk dat geschikt is voor het aanbieden van internet, vaste of mobiele telefonie en televisie.

 

De verordening is gebaseerd op artikel 5.4 van de Telecommunicatiewet (hierna: Tw). In dat artikel is bepaald dat voor het uitvoeren van werkzaamheden in verband met de aanleg, instandhouding en opruiming van telecommunicatiekabels de instemming van het college van burgemeester en wethouders (hierna: college) nodig is (artikel 5.4, eerste lid, Tw). Verder is geregeld dat de gemeenteraad met betrekking tot het verrichten van deze werkzaamheden bij verordening regels vaststelt (artikel 5.4, vierde lid, Tw). Doel van zowel de instemming als de verordening is dat het college de werkzaamheden kan coördineren en het medegebruik van voorzieningen kan bevorderen.

 

In het algemeen deel van deze toelichting wordt tegen die achtergrond nader ingegaan op hetgeen in de wet ten aanzien van de instemming geregeld is. Daarna komt het doel van de verordening nader aan de orde. In de artikelsgewijze toelichting worden tot slot de afzonderlijke bepalingen toegelicht.

 

Instemming werkzaamheden

Voor de uitvoering van werkzaamheden in verband met de aanleg, instandhouding en opruiming van telecommunicatiekabels is van belang dat in de Telecommunicatiewet (hierna: Tw) staat dat de aanbieder van een openbaar elektronisch communicatienetwerk, die het voornemen heeft de werkzaamheden uit te voeren, slechts overgaat tot het verrichten van deze werkzaamheden als het voornemen daartoe schriftelijk is gemeld aan het college. Het college moet op grond van de wet vervolgens met de werkzaamheden instemmen (artikel 5.4, eerste lid, Tw).

 

De wet bepaalt daarbij dat het college moet instemmen met de plaats, het tijdstip en de wijze van uitvoering van de werkzaamheden (artikel 5.4, eerste lid, onder b, Tw). Het college dient het instemmingsbesluit binnen acht weken, of na verdaging 16 weken, na de melding te nemen (artikel 5.4, tweede lid, Tw). In het instemmingsbesluit kan het college bijzondere voorschriften aan de instemming verbinden. Bijvoorbeeld om overlast te voorkomen of te beperken of in verband met de bereikbaarheid van gronden of gebouwen (artikel 5.4, tweede en derde lid, Tw).

 

Het instemmingsbesluit is overigens alleen publiekrechtelijk van aard en geeft dus geen privaatrechtelijke toestemming om de werkzaamheden uit te voeren. Daarvoor is nog de toestemming van de eigenaar van de openbare gronden nodig. Dat kan de gemeente zijn, maar ook bijvoorbeeld een provincie, instelling, bedrijf of privépersoon. De Autoriteit Consument en Markt kan een eventueel geschil over de privaatrechtelijke toestemming beslechten (artikel 12.2, eerste lid, van de Tw).

 

Doel verordening

Doel van de bepalingen in de Telecommunicatiewet en deze verordening is, zoals gezegd, dat het college de werkzaamheden kan coördineren en het medegebruik van zowel ondergrondse als bovengrondse voorzieningen kan bevorderen. Zowel het coördineren als het medegebruik van voorzieningen is ook expliciet als taak voor het college in de verordening benoemd. Daarbij wordt wel opgemerkt dat niet elke voorziening zich voor medegebruik leent. Wat onder mede te gebruiken voorzieningen moet worden verstaan kan afgeleid worden uit de volgende passage uit de memorie van toelichting bij wijziging van de Telecommunicatiewet (Kamerstukken II 2004/05, 29 834, nr.3, pp.60-61):

 

“Het gaat hierbij om medegebruik van de voorzieningen ter zake van de aanleg en instandhouding van telecommunicatiekabels; daaronder kunnen de bij de kabel behorende ondersteunings- en beschermingswerken worden verstaan. Het medegebruik betreft niet de kabeldraad of glasvezel zelf. Onder bij de kabel behorende ondersteunings- en beschermingswerken worden in dit verband ondermeer verstaan de kabelgoten en telecommunicatiekabelsleuven. Ook vallen mantelbuizen ter bescherming van telecommunicatiekabels en de handholes, lasdozen en duikers onder de voor medegebruik in aanmerking komende voorzieningen”.

 

Voor wat betreft medegebruik van voorzieningen geldt in de eerste plaats dat degene die de voorziening ter beschikking stelt en degene die de kabel wil aanleggen tot overeenstemming moeten komen. De Autoriteit Consument en Markt kan daarbij verzocht worden om een eventueel geschil hierover te beslechten (op grond van artikel 12.2, eerste lid, Tw).

 

De gemeente is bevoegd te bevorderen dat voorzieningen mede gebruikt worden. Voor het onderzoeken van het medegebruik kan degene die voornemens is werkzaamheden uit te voeren gebruik maken van reeds aanwezige informatie bij de gemeente. Als het voornemen tot werkzaamheden voldoende uitgewerkt is – bekend is bijvoorbeeld langs welk tracé de telecommunicatiekabels zullen lopen – dan kan de gemeente naar degene die over de voorziening beschikt doorverwijzen of, als de gemeente zelf degene is die de voorziening ter beschikking kan stellen, daarover in gesprek gaan.

 

Artikelsgewijze toelichting

 

Artikel 1. Definities

Definitie ‘openbare gronden’

Het begrip openbare gronden is hetzelfde als de begripsbepaling zoals deze in artikel 1.1 Tw opgenomen is. Door te spreken over “werkzaamheden in of op openbare gronden” behoort duidelijk te zijn, dat het hier gaat om zowel werkzaamheden onder het maaiveld alsook werkzaamheden boven het maaiveld.

 

Definitie ‘telecommunicatiekabels’

Voor de definitie van telecommunicatiekabels is in de eerste plaats aangesloten bij hetgeen in de Tw onder ‘kabels’ wordt verstaan. Het gaat dan om fysieke geleidingsdraden, maar ook om de bijbehorende ondersteuningswerken, beschermingswerken en signaalinrichtingen die er in die definitie van ‘kabels’ in de Tw worden genoemd. Verder is kenbaar gemaakt dat er ook andere ondergrondse en bovengrondse ondersteunings- en beschermingswerken onder worden verstaan. Het gaat dan bijvoorbeeld om de ondersteunings- en beschermingswerken die genoemd zijn in artikel 5.15 Tw, maar ook bijvoorbeeld om kabelgoten, telecommunicatiekabelsleuven, mantelbuizen, kabelgoten, handholes en lasdozen en duikers. Tot slot is in de definitie kenbaar gemaakt dat het om kabels ‘ten dienste’ van een openbaar elektronisch communicatienetwerk gaat. Dit betekent dat de verordening ook van toepassing is als de aanbieder de werkzaamheden niet zelf uitvoert maar een derde dit voor zijn rekening neemt. Beslissend is of de voorzieningen uiteindelijk voor een openbaar elektronisch communicatienetwerk worden gebruikt.

 

Artikel 2. Coördinatie van werkzaamheden

Het college is onder andere verantwoordelijk voor de bereikbaarheid en de leefbaarheid van de openbare ruimte alsmede voor de veiligheid en duurzame inrichting daarvan. Dit betekent dat het college rekening moet houden met de belangen van al diegenen die van deze openbare ruimte, en dus ook de openbare gronden, gebruik maken. Om invulling te kunnen geven aan die verantwoordelijkheden is het college belast met de coördinatie van de binnen zijn grondgebied uit te voeren werkzaamheden in verband met de aanleg, instandhouding en opruiming van telecommunicatiekabels. Degene die voornemens is om werkzaamheden uit te voeren moet een instemming van het college hebben. Deze instemming betreft het tijdstip, de plaats en de wijze van uitvoering van de werkzaamheden. Het college kan bij het instemmingsbesluit zo nodig in afwijking van het gemelde voornemen voorwaarden stellen aan het tijdstip en de werkwijze van de werkzaamheden. Door deze coördinatie kan de overlast van graafwerkzaamheden voor burgers en bedrijfsleven beperkt worden en kan de ordening van ondergrond en bovengrond en het goed inpassen van de voorzieningen in de openbare ruimte bevorderd worden. Verder moet het college ook het medegebruik van voorzieningen bevorderen. Dit rekening houdend met de technische mogelijkheden daarvoor.

 

Artikel 3. Nadere regels

Het college heeft op grond van de verordening de bevoegdheid om nadere regels vast te stellen. Bijvoorbeeld om invulling te geven aan zijn taak om werkzaamheden te coördineren en het medegebruik van voorzieningen te bevorderen, maar bijvoorbeeld ook om de overlast te beperken of stedelijk groen te beschermen.

 

Artikel 4. Termijnen

Dit artikel voorziet in termijnen voor het melden van het voornemen om werkzaamheden in verband met de aanleg, instandhouding en opruiming van telecommunicatiekabels uit te voeren. Op grond van artikel 5.4, vijfde lid, Tw is daarbij een onderscheid gemaakt tussen reguliere werkzaamheden en werkzaamheden van niet-ingrijpende aard. In de definities is kenbaar gemaakt wanneer van niet-ingrijpende werkzaamheden sprake is. Dit is bijvoorbeeld het geval als het om de aanleg, instandhouding of opruiming van een netwerk-aansluitpunt gaat met geringe impact op de bereikbaarheid, leefbaarheid en veiligheid en de inrichting van de ondergrondse en bovengrondse infrastructuur. Dat is een aansluitpunt voor een individuele eindgebruiker waarvan de aanleg, instandhouding of opruiming alleen gevolgen heeft voor die eindgebruiker of in ieder geval heel beperkte gevolgen heeft voor anderen.

 

Artikel 5. Gegevensverstrekking

In artikel 5.4, vierde lid, onder b, Tw staat dat de gemeenteraad in de verordening in elk geval regels moet opnemen die betrekking hebben op de gegevens die bij de melding moeten worden verstrekt. Dit artikel geeft daar invulling aan en werkt daarbij ook uit welke informatie het uitvoeringsplan moet bevatten.

 

Artikel 6. Financiële bepalingen

De gemeente brengt voor de behandeling van een aanvraag leges in rekening. De hoogte van de leges zijn vastgesteld in de legesverordening van de gemeente Ommen en bijbehorende legestabel.

 

Voor het herstraten geldt dat de vraagstukken hieromtrent in eerste instantie een kwestie zijn tussen degene die de grond ter beschikking stelt en degene die de werkzaamheden wil uitvoeren. Bij overeenkomst worden in beginsel dan ook afspraken gemaakt over welke partij tot herstraten overgaat, tegen welke kosten en met welke kwaliteit (als onderdeel van de privaatrechtelijke toestemming). De gemeente heeft vanuit haar verordenende bevoegdheid en vanuit de belangen die met deze verordening zijn gegeven, hier echter wel een belang bij. Dit belang houdt niet direct verband met de vraag wie herstraat en tegen welke kosten, maar met het kwaliteitsniveau van de openbare gronden na beëindiging van de werkzaamheden. Om die reden is dit artikel opgenomen. Deze bepaling biedt de gemeente ruimte om op te treden bij een slechte oplevering na de werkzaamheden. Zo nodig worden degeneratiekosten in rekening gebracht. Overigens volgt uit artikel 5.2 Tw dat de aanbieder verplicht is om telecommunicatiekabels, die gedurende tien jaar niet zijn gebruikt, op te ruimen als daarom wordt verzocht. Dit stelt de gemeente in staat de ruimte die de ongebruikte telecommunicatiekabels in beslag nemen voor andere doeleinden te gebruiken. Het verzoek volgt in beginsel de Uitvoeringsafspraken Verwijderen Ongebruikte Telecomkabels (UVOT), maar aanvullend daarop bestaat ook in die gevallen de verplichting om voor herstel te zorgen en is artikel 6 dus ook van toepassing.

 

Artikel 7. Ernstige belemmeringen en storingen

In dit artikel wordt aan de artikelen 5.4, vierde lid, onder f, en 5.6 Tw voldaan. In het geval van spoedeisende werkzaamheden in verband met ernstige belemmeringen en storingen aan een openbaar elektronisch netwerk kan worden volstaan met een melding aan de burgemeester of een door hem of haar aan te stellen ambtenaar. Ernstige belemmeringen of storingen in de communicatie zijn in de wet niet nader omschreven, maar in de memorie van toelichting is wel de situatie van een kabelbreuk als voorbeeld gegeven (Kamerstukken II 2004/05, 29 834, nr.3, p.55). Het gemeentebestuur zal moeten beoordelen of een ernstige belemmering of storing in de communicatie voor één individuele aansluiting voldoende reden is om als spoedeisend te worden aangemerkt. Het regime voor spoedeisende werkzaamheden geldt niet in de aangewezen gebieden.

Naar boven