Gemeenteblad van Deurne
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Deurne | Gemeenteblad 2025, 482801 | gemeenschappelijke regeling |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Deurne | Gemeenteblad 2025, 482801 | gemeenschappelijke regeling |
Gemeenschappelijke regeling Jeugdregio Een 10 voor de Jeugd
De colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten Asten, Deurne, Geldrop-Mierlo, Gemert-Bakel, Helmond, Laarbeek, Nuenen c.a., Someren, Son en Breugel, Veldhoven en Waalre ieder voor zover het betreft zijn bevoegdheden;
de vijf Peelgemeenten (gemeenten Asten, Deurne, Gemert-Bakel, Laarbeek en Someren) de inkooptaak op het gebied van jeugdzorg hebben gemandateerd aan het openbaar lichaam Gemeenschappelijke regeling Peelgemeenten. Om deze reden zal het openbaar lichaam Gemeenschappelijke regeling Peelgemeenten namens de vijf Peelgemeenten personele inzet en financiële middelen leveren aan het openbaar lichaam Jeugdregio Een 10 voor de Jeugd;
vanuit de ontvangen zienswijzen op het ontwerp van de regeling enkele gemeenteraden hebben aangegeven dat door aanpassing in de financieringssystematiek de gemeenten minder bijdragen ontvangen vanuit het Rijk. Dit betekent dat gemeenten kritisch moeten zijn op hun uitgaven en dit ook van de te vormen Gemeenschappelijke regeling Jeugdregio Een 10 voor de Jeugd verwachten;
De gemeenschappelijke regeling “Jeugdregio Een 10 voor de Jeugd” te treffen waarvan de tekst komt te luiden als volgt:
HOOFDSTUK 1. Algemene bepalingen
In deze gemeenschappelijke regeling en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
deelnemende gemeenten: de rechtspersoon als bedoeld in artikel 1:1 Algemene wet bestuursrecht waartoe onderscheidenlijk de colleges van burgemeester en wethouders Asten, Deurne, Geldrop-Mierlo, Gemert-Bakel, Helmond, Laarbeek, Nuenen c.a., Someren, Son en Breugel, Veldhoven en Waalre behoren;
Daar waar in de regeling artikelen van de Gemeentewet of van enige andere wet of wettelijke regeling van overeenkomstige toepassing worden verklaard, komen in die artikelen in de plaats van de gemeente, de raad, het college, de burgemeester en de griffier, onderscheidenlijk: het openbaar lichaam, het Algemeen bestuur, het Dagelijks bestuur, de voorzitter en de secretaris.
HOOFDSTUK 2. Belang, doel, taken en bevoegdheden
De colleges richten een gezamenlijke uitvoeringsorganisatie op in de vorm van een openbaar lichaam ter behartiging van het belang als bedoeld in het eerste lid, dragen tezamen zorg voor de besturing ervan en houden daarbij rekening met de bevoegdhedenverdeling over de gemeentelijke organen en de zelfstandigheid van ieder van de deelnemende gemeenten.
Het Algemeen bestuur respectievelijk het Dagelijks bestuur kunnen afzonderlijk of samen, ieder voor zover zij bevoegd zijn, een gemeenschappelijke regeling, waarvan uitgezonderd het instellen van een openbaar lichaam, treffen ter behartiging van een of meer bepaalde belangen van het openbaar lichaam. Het Algemeen bestuur respectievelijk het Dagelijks bestuur gaan niet over tot het treffen van een gemeenschappelijke regeling dan nadat zij hierover vooraf de raden van de deelnemende gemeenten in de gelegenheid hebben gesteld hun zienswijzen kenbaar te maken.
Het Algemeen bestuur is bevoegd te besluiten tot de oprichting van en de deelneming in stichtingen, maatschappen, vennootschappen, coöperaties en verenigingen, op voorwaarde dat de raden van de deelnemende gemeenten vooraf in de gelegenheid zijn gesteld hun wensen en bedenkingen met betrekking tot het voorgenomen besluit aan het Algemeen bestuur kenbaar te maken.
HOOFDSTUK 3. Inrichting van het openbaar lichaam
Het Dagelijks bestuur stelt voor de uitvoering van zijn taken een reglement van orde vast. Op het houden van de orde van de vergadering van het Dagelijks bestuur zijn de artikelen 52 tot en met 60 van de Gemeentewet van overeenkomstige toepassing.
Artikel 10. Bestuurscommissies
Het Algemeen bestuur kan, conform artikel 25 van de wet commissies instellen met het oog op de behartiging van bepaalde belangen. Het Algemeen bestuur gaat niet over tot het instellen dan nadat zij hierover vooraf de raden van de deelnemende gemeenten in de gelegenheid hebben gesteld hun wensen en bedenkingen kenbaar te maken.
Artikel 13. Dienstverleningsovereenkomst uitvoering bedrijfsvoeringstaken
Om uitvoering te geven aan de samenwerking sluit het openbaar lichaam een overeenkomst met één of meerdere partijen langs de lijn van publiek-publieke samenwerking ter ondersteuning van de taken waarmee het openbaar lichaam is belast.
Artikel 14. Organisatiebesluit
Het bestuur kan een organisatiebesluit vaststellen. In het organisatiebesluit worden die zaken geregeld die toezien op de organisatie binnen het openbaar lichaam welke gericht zijn op het goed doelmatig, rechtmatig en efficiënt functioneren van de samenwerking.
De uiteindelijke beleidskeuzes liggen bij de colleges en raden van de deelnemende gemeenten. Daarom kunnen ingezetenen van de deelnemende gemeenten en belanghebbenden via de reguliere procedures van de colleges en raden van de deelnemende gemeenten betrokken worden bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van beleid.
HOOFDSTUK 4. Verantwoording en informatievoorziening
Artikel 17. Verantwoordingsplicht lid Algemeen bestuur
Het lid van het Algemeen bestuur dat door een deelnemende gemeente is afgevaardigd is aan het college en de raad van die gemeente verantwoording schuldig over het door hem in het Algemeen bestuur gevoerde beleid. Hij legt deze verantwoording bij eerste gelegenheid mondeling of schriftelijk af nadat het college of de raad hem daarom heeft gevraagd.
Artikel 18. Interne informatievoorziening
Het Dagelijks bestuur geeft het Algemeen bestuur alle inlichtingen die het Algemeen bestuur voor de uitoefening van zijn taak nodig heeft.
Artikel 19. Externe informatievoorziening
In afwijking van het vierde lid verschaffen het Algemeen bestuur, het Dagelijks bestuur en de voorzitter geen informatie rechtstreeks aan de raden over zaken waaromtrent geheimhouding is opgelegd. Indien de raden deze informatie wel nodig hebben voor de uitoefening van hun taken, wordt deze informatie via de colleges met de raden gedeeld onder de voorwaarde dat de colleges krachtens artikel 87 Gemeentewet geheimhouding hebben opgelegd.
HOOFDSTUK 5. Zienswijze gemeenteraden
Artikel 20. Zienswijze gemeenteraden
Als de zienswijzeprocedure wordt toegepast, dan geldt daarbij de zienswijzeprocedure van artikel 35 eerste tot en met vierde lid van de wet met dien verstande dat de termijn twaalf weken bedraagt.
HOOFDSTUK 6. Financiële bepalingen
Artikel 23. Financiële gegoedheid
Indien aan het Algemeen bestuur blijkt dat een deelnemer weigert deze uitgaven op de begroting te zetten, doet het Algemeen bestuur onverwijld aan gedeputeerde staten het verzoek over te gaan tot toepassing van de artikelen 194 en 195 Gemeentewet.
Het Dagelijks bestuur is belast met de zorg voor de archiefbescheiden van de organen van het openbaar lichaam. Dit overeenkomstig een door het Algemeen bestuur, met inachtneming van artikel 40 van de Archiefwet 1995, vast te stellen archiefverordening, die aan Gedeputeerde Staten moet worden medegedeeld.
De beheerder is belast met het beheer van de archiefbescheiden van de organen van het openbaar lichaam, voor zover deze niet zijn overgebracht naar de archiefbewaarplaats.
HOOFDSTUK 8. Toetreding, uittreding, wijziging en opheffing
Onder desintegratiekosten wordt verstaan alle kosten direct, dan wel toekomstig, te maken dan wel te dragen door het openbaar lichaam die samenhangen met de afbouw van overcapaciteit en andere verplichtingen, de afbouw van risico’s daarbij ingegrepen, ontstaan als direct gevolg van de uittreding berekend over een periode van maximaal twee jaar.
De in het tweede lid bedoelde systematiek wordt gebaseerd op:
Feiten en omstandigheden die bekend waren op het moment van de daadwerkelijke uittreding. Beleidswijzigingen, wijziging van economische omstandigheden en wijziging van inzichten die zich voordoen of opkomen na het moment van de daadwerkelijke uittreding kunnen niet worden betrokken bij de bepaling van de hoogte van de uittreedsom.
Feiten en omstandigheden die zich hebben voorgedaan na het moment van daadwerkelijke uittreding kunnen niet leiden tot wijziging van de hoogte van de uittreedsom, tenzij de uitgetreden deelnemer dan wel het Algemeen bestuur kan aantonen dat de hoogte van de uittreedsom onjuist werd bepaald als gevolg van een of beide hierna benoemde omstandigheden:
een uittredende gemeente dan wel het Algemeen bestuur inlichtingen die hem op het moment van het bepalen van de uittreedsom bekend waren niet heeft verstrekt waarvan deze redelijkerwijs had moeten aannemen dat deze inlichtingen van invloed zouden kunnen zijn op de bepaling van de hoogte van de uittreedsom.
Het openbaar lichaam is gehouden redelijkerwijs al het mogelijke te doen om de uittredingskosten zo laag mogelijk te houden. Het voorgaande hoeft niet te leiden tot wijziging van overeenkomsten met en verplichtingen jegens derden die zijn aangegaan respectievelijk betaald voorafgaand aan het tijdstip van ontvangst door het Algemeen bestuur van het besluit tot uittreding.
HOOFDSTUK 9. Geschillen en klachten
Voordat over een geschil, als bedoeld in artikel 28 van de wet, de beslissing van Gedeputeerde Staten wordt ingeroepen, legt het Algemeen bestuur het geschil voor aan een geschillencommissie.
Voor de behandeling van klachten over de wijze waarop het openbaar lichaam zich gedraagt als bedoeld in titel 9.1 van de Algemene wet bestuursrecht, wordt door het Algemeen bestuur een voorziening getroffen.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2025-482801.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.