Besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Nissewaard, tot aanwijzing en gebruik van voorwerpen op een openbare plaats anders dan overeenkomstig de publieke functie daarvan (Aanwijzingsbesluit en nadere regels voor ander gebruik van openbare plaatsen Nissewaard)

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Nissewaard;

 

gelet op artikel 2:10, vierde en vijfde lid, van de Algemene plaatselijke verordening Nissewaard;

 

besluit het Aanwijzingsbesluit en de nadere regels voor ander gebruik van openbare plaatsen Nissewaard vast te stellen als volgt:

Artikel 1 Reikwijdte

Een openbare plaats is vrij toegankelijk voor het publiek. Iedereen is vrij om er te komen, te verblijven en te gaan. Een openbare plaats moet doelmatig en veilig kunnen worden gebruikt. Daarom is het verboden een openbare plaats anders te gebruiken dan overeenkomstig de publieke functie daarvan. Dat staat in artikel 2:10 van de Algemene plaatselijke verordening Nissewaard. Er kan wel een vergunning worden verleend voor ander gebruik.

Er hoeft geen vergunning te worden gevraagd voor het plaatsen en gebruiken van voorwerpen die in artikel 2:10 worden genoemd. In dit besluit worden daar enkele voorwerpen aan toegevoegd. De plaatsing en het gebruik hiervan is alleen toegestaan voor zover de volgende regels in acht worden genomen.

Artikel 2 Zorgplicht bij het plaatsen van een voorwerp op een openbare plaats

Degene die een voorwerp op een openbare plaats zet of daarvoor opdracht geeft, zorgt ervoor:

  • a.

    dat een minimale vrije doorgang van 3,5 meter voor hulpdiensten overblijft;

  • b.

    dat een minimale vrije doorgang van 1,2 meter op trottoirs en voetpaden voor het publiek overblijft;

  • c.

    dat de vrije toegang tot brandputten en vluchtroutedeuren is geborgd;

  • d.

    dat het voorwerp voldoende zichtbaar is;

  • e.

    dat het voorwerp stabiel wordt geplaatst;

  • f.

    dat de plaatsing of het gebruik van het voorwerp geen schade toebrengt aan de openbare plaats en geen gevaar oplevert voor de veiligheid.

Artikel 3 Mogelijkheid om vergunningvrij gebruik te beperken

De plaatsing en het gebruik van de in dit besluit genoemde voorwerpen kan worden beperkt:

  • a.

    als dat noodzakelijk is voor het doelmatig gebruik, dan wel voor het doelmatig beheer en onderhoud van de openbare plaats;

  • b.

    als het voorwerp of het gebruik op zichzelf of in verband met de omgeving niet voldoet aan redelijke eisen van welstand;

  • c.

    in het belang van het voorkomen of beperken van overlast voor gebruikers van de in de nabijheid gelegen onroerende zaak;

  • d.

    als dat noodzakelijk is om een evenement of markt doorgang te laten vinden.

Artikel 4 Bouwobjecten

  • 1.

    Onder een bouwobject wordt verstaan: een voorwerp dat tijdens bouwwerkzaamheden op een bouwplaats staat, zoals een betonmixer, bouwmateriaal, een bouwsteiger, gereedschap, machines, een sanitaire voorziening, een schaftkeet en een voorziening voor de afvoer van afval.

  • 2.

    Een bouwobject mag alleen worden geplaatst als minimaal vijf werkdagen voor de dag van plaatsing bij de gemeente melding is gedaan van de plaats waar en de data waarop het object wordt geplaatst.

  • 3.

    Het is alleen toegestaan om een bouwobject te plaatsen op een bouwplaats ter grootte van twee parkeervakken of maximaal 25 vierkante meter.

  • 4.

    Het is alleen toegestaan om een bouwobject te plaatsen en een bouwplaats te gebruiken gedurende maximaal 30 dagen aaneengesloten.

Artikel 5 Containers

  • 1.

    Onder een container wordt verstaan: een metalen bak of kist, bestemd voor:

    • a.

      het inzamelen van afval, anders dan een in de Afvalstoffenverordening aangewezen inzamelmiddel of -voorziening;

    • b.

      het opslaan van materialen.

  • 2.

    Een container mag alleen worden geplaatst:

    • a.

      als minimaal vijf werkdagen voor de dag van plaatsing bij de gemeente melding is gedaan van de plaats waar en de data waarop de container wordt geplaatst;

    • b.

      als de container is voorzien van de naam en het telefoonnummer van de eigenaar;

    • c.

      als de container is voorzien van een duidelijk herkenbare markering, bedoeld in de uitgave van het CROW, nr. 130, onder het opschrift: “markering onverlichte obstakels”;

  • 3.

    Buiten de tijden waarop afvalstoffen of materialen in of uit de container worden gebracht, wordt de container afgesloten. Een container zonder dak wordt aan de bovenzijde afgedekt.

  • 4.

    Het is alleen toegestaan om een container te plaatsen op maximaal twee parkeervakken of een plaats van maximaal 25 vierkante meter.

  • 5.

    Het is alleen toegestaan om een container te plaatsen en te gebruiken gedurende maximaal 30 dagen aaneengesloten.

Artikel 6 Banken en plantenbakken

Een bank of een plantenbak mag alleen worden geplaatst:

  • a.

    als deze zodanig van afmetingen en gewicht is dat deze gemakkelijk is te verplaatsen;

  • b.

    op het voor voetgangers bestemde deel van een openbare plaats;

  • c.

    in de onmiddellijke nabijheid van de woning van de bezitter.

Artikel 7 Geveltuintjes

  • 1.

    Het is toegestaan om een deel van de weg te gebruiken als tuin. Dit mag alleen voor dat deel van de weg:

    • a.

      dat direct grenst aan een gevel, een muur of afscheiding;

    • b.

      dat maximaal 45 centimeter breed is;

    • c.

      dat minimaal 1,6 meter en maximaal 4,6 meter lang is.

  • 2.

    De gemeente verwijdert de bestrating, brengt opsluitbanden aan, haalt zand weg en brengt teelaarde aan, op aanwijzing van de exacte locatie langs de gevel, muur of afscheiding door de eigenaar daarvan.

  • 3.

    Degene die de geveltuin gebruikt, richt deze in en onderhoudt deze op zodanige wijze dat geen hinder ontstaat. Het is niet toegestaan:

    • a.

      om een hekje of muurtje als afscheiding aan te brengen;

    • b.

      om boomvormende struiken of bomen aan te planten.

  • 4.

    Degene die de geveltuin gebruikt, zorgt ervoor:

    • a.

      dat overhangende of gedoornde takken tijdig worden gesnoeid en op zodanige wijze dat eenieder het geveltuintje ongehinderd kan passeren;

    • b.

      dat hoog opschietend groen de zichtbaarheid van openbare verlichting, straatnaambordjes, huisnummers en dergelijke niet belemmert;

    • c.

      dat kabels en leidingen niet beschadigd raken;

    • d.

      dat werkzaamheden door nutsbedrijven te allen tijde kunnen plaatsvinden.

  • 5.

    Bij verwaarlozing of hinder kan de gemeente het gebruik van de geveltuin overnemen.

  • 6.

    Bij het einde van het gebruik verwijdert de gemeente de geveltuin en legt bestrating aan.

Artikel 8 Laadkabels met kabelmatten

  • 1.

    Het is toegestaan om een kabel op de stoep te leggen voor het opladen van de accu van een voertuig. Dit mag alleen als de kabel op de stoep volledig is afgedekt met een kabelmat.

  • 2.

    De laadkabel mag alleen worden aangebracht tussen een oplaadpunt op eigen terrein en een auto die op de weg is geparkeerd.

  • 3.

    De laadkabel en kabelmat worden in een rechte lijn tussen het laadpunt en de auto neergelegd. De kabel en kabelmat die op de stoep liggen, zijn maximaal 10 meter lang.

  • 4.

    De laadkabel heeft een CE-markering en is niet beschadigd.

  • 5.

    Er mag alleen een kabelmat worden gebruikt, die:

    • a.

      van rubber is;

    • b.

      een antislipprofiel heeft;

    • c.

      maximaal vijf millimeter hoog is;

    • d.

      voorzien is van een aflooprand en van geelzwarte strepen.

  • 6.

    De laadkabel en kabelmat mogen niet op openbaar groen, een rijbaan of fietspad worden gelegd.

  • 7.

    Degene die de laadkabel en kabelmat heeft neergelegd, zorgt ervoor dat deze tijdens het gebruik zodanig blijven liggen dat eenieder de laadkabel en kabelmat te allen tijde veilig kan passeren.

  • 8.

    Direct na het opladen van de accu worden de laadkabel en kabelmat opgeruimd.

Artikel 9 Reclameborden

  • 1.

    Onder een reclamebord wordt verstaan: een voorwerp met daarop een aanprijzing van een goed of een dienst wat dient om de afzet daarvan te bevorderen.

  • 2.

    Het is alleen toegestaan om een reclamebord te hebben:

    • a.

      op het voor voetgangers bestemde deel van een openbare plaats;

    • b.

      in de onmiddellijke nabijheid van de onderneming waarop de aanprijzing betrekking heeft.

  • 3.

    Het is alleen toegestaan om een reclamebord te hebben tijdens de openingstijden van de onderneming.

Artikel 10 Uitstallingen

  • 1.

    Onder een uitstalling wordt verstaan: een tentoonstelling van een of meer voorwerpen bij een gebouw, welke voorwerpen een onmiskenbare relatie hebben met de bedrijfsactiviteiten van de in dat gebouw gevestigde onderneming. Onder deze voorwerpen wordt een speelattractie met een oppervlakte van maximaal 1 vierkante meter begrepen.

  • 2.

    Het is alleen toegestaan om een uitstalling te hebben:

    • a.

      op het voor voetgangers bestemde deel van een openbare plaats;

    • b.

      in de onmiddellijke nabijheid van de ingang van het gebouw;

    • c.

      die niet breder is dan de gevel van de in dat gebouw gevestigde onderneming.

  • 3.

    Het is alleen toegestaan om een uitstalling te hebben tijdens de openingstijden van de onderneming.

Artikel 11 Intrekking oude regeling

Het Aanwijzingsbesluit en regels voor ander gebruik van openbare plaatsen Nissewaard, bekendgemaakt in Gemeenteblad 2025, 215105, wordt ingetrokken.

Artikel 12 Inwerkingtreding

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het gemeenteblad waarin het wordt geplaatst.

Artikel 13 Citeertitel

Dit besluit wordt aangehaald als: Aanwijzingsbesluit en nadere regels voor ander gebruik van openbare plaatsen Nissewaard.

Aldus vastgesteld in vergadering van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Nissewaard van 28 oktober 2025.

De secretaris,

De burgemeester,

Naar boven