Subsidieregeling impuls nachtcultuur Den Haag 2025

Toelichting

 

Op 28 november 2024 heeft de gemeenteraad de Nachtvisie Den Haag vastgesteld. Onderdeel daarvan is een impulsregeling voor nachtcultuur. Daarnaast is in de Cultuurvisie kenbaar gemaakt dat de ambitie is dat de stad 365 dagen én nachten per jaar cultureel aantrekkelijk is voor zowel bewoners als bezoekers. Voortkomend uit de Nachtvisie en de Cultuurvisie wil het college onder andere de nachtcultuur binnen de stad verlevendigen. Daarom is de Subsidieregeling impuls nachtcultuur Den Haag 2025 opgesteld, zodat nieuwe initiatieven om de nachtcultuur te verlevendigen tijdens de opstartfase financieel kunnen worden ondersteund. De regeling biedt daarbij ruimte om te experimenteren. De regeling voorziet in subsidie voor zowel initiatieven van rechtspersonen als van natuurlijke personen. Verder stimuleert de regeling dat bestaande podia ruimtes ter beschikking stellen aan nieuwe initiatieven en dat bestaande initiatieven worden vergroot.

 

Besluitvorming

 

Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag,

 

gelet op artikel 5 van de Algemene subsidieverordening Den Haag 2020,

 

besluit vast te stellen de Subsidieregeling impuls nachtcultuur Den Haag 2025:

 

Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen

 

Artikel 1:1 Begripsomschrijvingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

- ASV:

Algemene subsidieverordening Den Haag 2020;

- Awb:

Algemene wet bestuursrecht;

- college

College van burgemeester en wethouders van Den Haag;

- Haagse maker:

cultuurbeoefenaar die in Den Haag woont en werkzaam is in de beeldende kunst, muziek, theater, mode, literatuur, film, dans, design, games of een mix hiervan;

- nachtcultuur:

beeldende kunst, muziek, theater, mode, literatuur, film, dans, design, games of een mix hiervan die tussen 22:00 en 6:00 uur wordt aangeboden in nachtclubs, muziekpodia, cafés, bars en andere ontmoetingsplaatsen die voornamelijk een sociale rol vervullen in het nachtleven.

 

Artikel 1:2 Toepassingsbereik

Deze subsidieregeling is van toepassing op de verstrekking van subsidies door het college voor de in artikel 1:4 bedoelde activiteiten.

 

Artikel 1:3 Doel van de subsidie

  • 1.

    Het doel van de subsidieregeling is het vernieuwen de nachtcultuur, het faciliteren van groei van het aantal bezoekers van het huidige aanbod van nachtcultuur en het stimuleren van locaties waar nachtcultuur kan plaatsvinden.

  • 2.

    Het achterliggende maatschappelijke doel van de subsidieregeling is het bijdragen aan de vernieuwing van het cultureel aanbod in het nachtleven van Den Haag, zodat de stad 365 dagen en nachten per jaar cultureel aantrekkelijk is.

 

Artikel 1:4 Activiteiten

  • 1.

    Subsidie wordt uitsluitend verstrekt voor activiteiten die:

    a. het huidige aanbod van nachtcultuur vernieuwen of aanvullen;

    b. het huidige aanbod van nachtcultuur laten doorgroeien naar een locatie met capaciteit voor meer bezoekers; of

    c. actief ruimte bieden aan nachtcultuur voor een gemeenschap die op een formeel of informeel georganiseerde manier samenkomt rond een bepaalde plek, cultuur, subcultuur of kunstvorm.

  • 2.

    De activiteiten onder het eerste lid dienen:

    a. met Haagse makers of in Den Haag gevestigde ondernemingen tot stand te komen;

    b. in te spelen op actuele of opkomende ontwikkelingen in de kunst, (nacht)cultuur, of subcultuur;

    c. gericht zijn op het bereiken van nieuw of divers publiek binnen de Haagse nachtcultuur; en

    d. bij te dragen aan een langdurige versterking van de nachtcultuur door middel van het ontwikkelen van een terugkerend evenement, het opzetten van een structurele samenwerking, het versterken van een bestaande locatie of het opleiden van Haagse makers voor toekomstige projecten.

 

Artikel 1:5 Doelgroep

Subsidie wordt verstrekt aan rechtspersonen en natuurlijke personen.

 

Artikel 1:6 Kosten die voor subsidie in aanmerking komen

  • 1.

    De subsidie heeft uitsluitend betrekking op de redelijkerwijs gemaakte kosten die resteren na aftrek van bijdragen van derden en die naar het oordeel van het college direct zijn verbonden met en noodzakelijk zijn voor de uitvoering van een activiteit als bedoeld in artikel 1:4.

  • 2.

    Voor subsidie in aanmerking komen:

    a. de btw over de gesubsidieerde kosten voor zover die btw niet teruggevorderd, verrekend of anderszins in mindering kan worden gebracht;

    b. kosten voor nieuwe initiatieven gericht op de nachtcultuur en de doorgroei van bestaande initiatieven naar een grotere locatie;

    c. kosten voor een nieuwe locatie of het geschikt maken van een bestaande locatie voor nachtcultuur.

  • 3.

    Niet voor subsidie in aanmerking komen:

    a. de kosten die eerder door het college op basis van deze subsidieregeling of anderszins zijn gesubsidieerd;

    b. de voor de subsidiabele activiteiten aangeschafte apparatuur zoals laptops, telefoons en soortgelijke producten die ook voor andere doeleinden gebruikt worden.

 

Artikel 1:7 Subsidieplafond

Voor subsidieverlening op grond van deze regeling geldt voor het jaar 2025 een subsidieplafond van € 100.000,00,-.

 

Artikel 1:8 Hoogte van de subsidie

Een subsidie bedraagt per aanvraag, per kalenderjaar maximaal:

  • a. € 3.000,00,- voor een natuurlijk persoon;

    b. € 10.000,00,- een voor een rechtspersoon.

 

Artikel 1:9 Wijze van verdeling

  • 1.

    Het college verleent de subsidie in volgorde van ontvangst van de aanvraag bij het college, totdat het vastgestelde subsidieplafond is bereikt.

  • 2.

    Als de aanvrager op grond van artikel 4:5 van de Awb de gelegenheid heeft gehad de aanvraag aan te vullen, geldt als datum van indiening van de aanvraag de datum waarop de aanvraag volledig is aangevuld.

  • 3.

    Indien het college op de dag dat het subsidieplafond wordt bereikt, meer dan één aanvraag ontvangt, stelt het de onderlinge rangschikking van die aanvragen vast door middel van loting.

 

Hoofdstuk 2 Aanvraag subsidie en termijnen

 

Artikel 2:1 Aanvraag subsidie

Onverminderd artikel 8, tweede en derde lid, van de ASV legt een aanvrager de volgende gegevens over:

  • a. een activiteitenplan en begroting van maximaal vier A4 waarin een toelichting wordt gegeven op:

    1° de doelgroep, inclusief omvang, kenmerken en hoe deze worden bereikt; de geplande activiteiten, inclusief locaties, data en tijdspad; de betrokken samenwerkingspartners en hun rol; en de begroting en organisatie;

    2° de mate waarin het initiatief vernieuwend is binnen het bestaande Haagse nachtelijke cultuuraanbod en inspeelt op actuele of opkomende ontwikkelingen in kunst, (nacht)cultuur of subcultuur;

    3° de mate waarin het initiatief gericht is op het bereiken van nieuw of divers publiek binnen de Haagse nachtcultuur, inclusief het vergroten van de toegankelijkheid en inclusiviteit;

    4° de mate waarin de aanvraag bijdraagt aan een langdurige versterking van de Haagse nachtcultuur, bijvoorbeeld door middel van het ontwikkelen van een terugkerend evenement, het opzetten van een structurele samenwerking, het versterken van een bestaande locatie of scene of het opleiden van Haagse makers voor toekomstige projecten;

    b. indien van toepassing: een uittreksel uit het Handelsregister van de Kamer van Koophandel; en

    c. een verklaring waaruit blijkt in hoeverre de aanvrager als btw-belaste ondernemer is aan te merken.

 

Artikel 2:2 Aanvraagtermijn

In afwijking van artikel 9, tweede lid, van de ASV wordt een aanvraag voor subsidie uiterlijk 19 november 2025 ingediend.

 

Artikel 2:3 Beslistermijn

Het college beslist, in afwijking van artikel 10, tweede lid, van de ASV, binnen zes weken nadat de volledige aanvraag om subsidie is ingediend.

 

Hoofdstuk 3 Weigeringsgronden

 

Artikel 3:1 Weigeringsgronden

Onverminderd de artikelen 4:25, tweede lid en 4:35 van de Awb en artikel 11, eerste, tweede en derde lid, van de ASV weigert het college een subsidie als:

  • a. aan een aanvrager al één keer subsidie op grond van deze subsidieregeling is toegekend;

    b. de activiteiten niet of deels plaatsvinden in het culturele seizoen dat loopt van 1 september van het kalenderjaar waarvoor subsidie wordt aangevraagd tot 31 augustus in het daaropvolgende kalenderjaar waarvoor de subsidie wordt aangevraagd; of

    c. de activiteiten al zijn gestart vóórdat de subsidie is aangevraagd.

 

Hoofdstuk 4 Verplichtingen en betaling

 

Artikel 4:1 Verplichtingen

Onverminderd de artikelen 12 en 13 van de ASV, is de subsidieontvanger verplicht kenbaar te maken hoe eventuele geluidsoverlast voor omwonenden wordt beperkt;

 

Artikel 4:2 Bevoorschotting

Bevoorschotting vindt plaats met 100% van de verleende subsidie in één keer.

 

Hoofdstuk 5 Eindverantwoording en vaststelling na verlening vooraf

 

Artikel 5:1 Indieningstermijn aanvraag tot vaststelling

In afwijking van artikel 17, eerste lid, van de ASV dient de subsidieontvanger de aanvraag tot vaststelling in uiterlijk 12 weken nadat de gesubsidieerde activiteiten zijn verricht.

 

Artikel 5:2 Wijze van verantwoorden

  • 1.

    De aanvraag tot vaststelling bevat:

    a. een voor openbaarmaking geschikt inhoudelijk verslag conform artikel 17, vierde lid, van de ASV;

    b. een voor openbaarmaking geschikt financieel verslag conform artikel 17, vijfde lid, van de ASV; en

    c. een verklaring dat de verantwoording juist en volledig is. Bij verantwoording door een rechtspersoon wordt hiervoor een bestuursverklaring of directieverklaring ingediend volgens het door het college vastgestelde model.

  • 2.

    Het inhoudelijk verslag bevat:

    a. een overzicht van de gesubsidieerde activiteiten en de gerealiseerde activiteiten;

    b. een beschrijving van de uitvoering van de gerealiseerde activiteiten waaruit blijkt of en in hoeverre aan de subsidievoorschriften is voldaan; en

    c. een beknopte beschrijving van de mate waarin de resultaten en doelstellingen zijn gehaald.

  • 3.

    Het financieel verslag bevat:

    a. een overzicht van de inkomsten en uitgaven die aansluiten bij de posten in de begroting;

    b. een toelichting wanneer er afwijkingen op de begroting zijn die groter dan 10% zijn.

 

Hoofdstuk 6 Overige bepalingen

 

Artikel 6:1 Evaluatie

Het college evalueert deze subsidieregeling uiterlijk op 31 december 2026.

 

Artikel 6:2 Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Gemeenteblad waarin zij wordt geplaatst en vervalt op 31 december 2027.

 

Artikel 6:3 Citeertitel

Deze subsidieregeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling impuls nachtcultuur Den Haag 2025.

 

Den Haag, 28 oktober 2025

Het college van burgemeester en wethouders,

 

de secretaris,

Ilma Merx

 

de burgemeester,

Jan van Zanen

 

 

 

Naar boven