Projectenregeling Cultuur Apeldoorn

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Apeldoorn,

 

Gelet op titel 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht, de Algemene subsidieverordening gemeente Apeldoorn, de strategische visie zoals omschreven in het bestuursakkoord en de cultuur- en erfgoednota.

 

BESLUIT: vast te stellen de volgende subsidieregeling: Projectenregeling Cultuur Apeldoorn

Artikel 1 Definities

  • 1.

    Tenzij in deze regeling uitdrukkelijk anders wordt vermeld, gelden de voorwaarden en bepalingen in de Asv.

  • 2.

    In deze regeling wordt verstaan onder:

    • -

      Asv: Algemene subsidieverordening gemeente Apeldoorn;

    • -

      Awb: Algemene wet bestuursrecht;

    • -

      college: college van burgemeester en wethouders van de gemeente Apeldoorn;

    • -

      maatschappelijke organisatie: semi-publieke organisatie met een maatschappelijke doelstelling die op bedrijfsmatige wijze diensten aanbieden zonder winstoogmerk en waarvan elke mogelijke waardeontwikkeling 100% ingezet wordt voor het maatschappelijke doel;

    • -

      organisatie: rechtspersoon ingeschreven bij de Kamer van Koophandel;

    • -

      project: activiteit of een samenhangend geheel van activiteiten passend bij de organisatie met een culturele doelstelling met een duidelijk begin en einde en met een maximale tijdsduur van 2 jaar, behoudens fondsenverwerving. De oplevering van een fysiek product wanneer van toepassing (zoals een audiotour of kunstwerk) markeert het einde van het project. Onderhoud en verdere exploitatie vallen buiten de subsidieduur;

    • -

      ROCA: Regeling Ondersteuning Cultuurorganisaties Apeldoorn;

    • -

      stichting: rechtspersoon zonder winstoogmerk ingeschreven bij de Kamer van Koophandel;

    • -

      structureel: een subsidie die gedurende drie of meer opeenvolgende jaren wordt verstrekt;

    • -

      vereniging: rechtspersoon met volledige of beperkte rechtsbevoegdheid zonder winstoogmerk ingeschreven bij de Kamer van Koophandel.

Artikel 2 Doelstelling

Deze subsidieregeling heeft als doel het bevorderen van zowel passieve als actieve deelname van inwoners aan culturele activiteiten in Apeldoorn door financiële ondersteuning van culturele projecten georganiseerd door lokale, regionale of nationale organisaties.

Artikel 3 Subsidieplafond en verdeelregels

  • 1.

    Het college stelt jaarlijks het subsidieplafond vast.

  • 2.

    Het college stelt de in het eerste lid van dit artikel genoemde plafond vast onder voorbehoud van het als zodanig vaststellen van de Meerjarenprogrammabegroting door de gemeenteraad van Apeldoorn.

  • 3.

    Het college kan meerdere keren per jaar nieuwe plafonds publiceren.

  • 4.

    Subsidie wordt verdeeld op volgorde van binnenkomst van de subsidieaanvragen.

  • 5.

    Indien een subsidieaanvraag nog niet volledig is, geldt voor het bepalen van de onderlinge rangschikking voor de verdeling van de subsidie, de dag waarop de subsidieaanvraag volledig is als datum van binnenkomst.

  • 6.

    Dreigt het subsidieplafond op enige dag te worden overschreden, dan vindt rangschikking van de op die dag binnengekomen volledige subsidieaanvragen plaats door middel van loting. Daarbij gelden de volgende voorwaarden:

    • a.

      de eerst getrokken aanvraag wordt dan als hoogste gerangschikt;

    • b.

      de hoogst gerangschikte aanvraag komt het eerst in aanmerking voor subsidie;

    • c.

      subsidie wordt verdeeld over opeenvolgende aanvragen die volledig gehonoreerd kunnen worden.

Artikel 4 Subsidievereisten

  • 1.

    Per kalenderjaar kan een aanvrager maximaal eenmaal subsidie ontvangen via deze regeling.

  • 2.

    Om voor subsidie in aanmerking te komen, wordt voldaan aan de volgende vereisten:

    • a.

      het project komt niet op grond van enig ander voorschrift van het gemeentebestuur voor subsidie in aanmerking, behoudens de begrotingssubsidie onder de voorwaarden zoals beschreven in sub g van dit artikel of de ROCA;

    • b.

      het project past in de strategische visie zoals omschreven in het bestuursakkoord;

    • c.

      het project past binnen het cultuurbeleid van de gemeente Apeldoorn;

    • d.

      het project kent geen louter persoonlijk, individueel of bedrijfsmatig oogmerk;

    • e.

      het project vindt plaats in de gemeente Apeldoorn;

    • f.

      het project start niet eerder dan zes weken na indiening van de aanvraag;

    • g.

      Culturele organisaties die € 75.000,00 of meer subsidie ontvangen van de gemeente Apeldoorn, werken in het project samen met een maatschappelijke organisatie, waarbij deze maatschappelijke organisatie minstens een gelijkwaardige rol heeft binnen het project. Bovendien toont het projectplan aan dat het project buiten de prestatieafspraken valt van de organisatie die reeds die € 75.000,00 of meer subsidie ontvangt.

Artikel 5 Beoordelingscriteria

  • 1.

    De aanvraag wordt beoordeeld op basis van de volgende criteria:

    • a.

      Artistieke kwaliteit

      Binnen dit criterium wordt de artistieke kwaliteit van het project beoordeeld. Een voorwaarde is dat de aanvrager of uitvoerende partij inhoudelijk beschikt over voldoende vaardigheden en inzicht in de betreffende discipline, gebaseerd op bijvoorbeeld kennis, ervaring en/of soortgelijke projecten in het verleden. Beoordeeld wordt of er voldoende artistieke visie van de organisatie en binnen het project is en welke bijdrage het project inhoudelijk levert aan het artistieke aanbod in Apeldoorn.

    • b.

      Betekenis voor Apeldoorn

      Binnen dit criterium wordt beoordeeld of er sprake is van toegevoegde waarde aan de diversiteit, continuïteit en actualiteit van het totale aanbod in de gemeente Apeldoorn. Er wordt gekeken in hoeverre het project direct bijdraagt aan de doelstellingen zoals beschreven in de geldende nota Cultuur en Erfgoed. Er wordt getoetst of de activiteiten voldoende bijdragen aan de hoofddoelstellingen en de daaronder beschreven uitwerking. Uit het projectplan blijkt welke Apeldoornse samenwerkingspartners betrokken worden, welke doelgroepen in Apeldoorn worden bereikt voor passieve of actieve deelname aan het project. Hierbij is het streven niet om zoveel mogelijk betrokkenen te bereiken, maar wel om passende activiteiten voor de beoogde betrokkenen te organiseren. Ook blijkt uit de aanvraag op welke wijze het project past binnen de Apeldoornse context, op basis van bijvoorbeeld thematiek, onderwerp, doelgroep en/of samenwerkingspartners.

    • c.

      Organisatorische kwaliteit

      Binnen dit criterium wordt beoordeeld of het projectplan haalbaar en realistisch is. Dit heeft betrekking op de doelstelling(en), de planning, marketing & communicatie en de financiën. Er wordt getoetst of de activiteiten zijn opgezet vanuit een helder en meetbaar doel en ambitie. Een voorwaarde is dat de aanvrager of samenwerkingspartner beschikt over voldoende vaardigheden, inzicht en eventueel ervaring om het proces en de activiteiten uit te voeren. Er wordt getoetst of de begroting in verhouding staat tot het gewenste resultaat en het projectplan of begrotingstoelichting de begrotingsposten voldoende en concreet beschrijven. Uit de begroting moet duidelijk blijken hoe de cofinanciering tot stand komt. Daarnaast wordt getoetst of er sprake is van draagvlak voor de activiteiten, hetgeen kan blijken uit bijvoorbeeld relevante samenwerkingspartners, de te verwachten belangstelling van publiek en de financiële bijdragen van derden.

  • 2.

    Elke aanvraag wordt ambtelijk individueel getoetst aan de drie hierboven genoemde beoordelingscriteria.

  • 3.

    De drie criteria wegen even zwaar. Per criterium wordt een beoordeling gegeven in termen van voldoende of onvoldoende.

  • 4.

    Een aanvraag komt uitsluitend voor subsidie in aanmerking als op alle drie de beoordelingscriteria een voldoende wordt gescoord.

Artikel 6 De aanvraag

  • 1.

    Subsidie kan worden aangevraagd door een stichting, vereniging of een organisatie die een gemeentelijke begrotingssubsidie ontvangt, mits de aanvrager geen structurele rijkssubsidie ontvangt met een gemiddeld jaarbedrag van meer dan € 5.000.000,00.

  • 2.

    Subsidieaanvragen kunnen worden ingediend van 1 januari tot en met 31 december op een door het college vastgesteld formulier.

  • 3.

    De aanvraag gaat in ieder geval vergezeld van een projectplan waarin het volgende beschreven staat:

    • a.

      het doel, de activiteit(en), een marketingparagraaf en de planning van het project;

    • b.

      de wijze waarop het project voldoet aan de in artikel 5 benoemde beoordelingscriteria;

    • c.

      een sluitende begroting met toelichting op de posten;

    • d.

      in geval van publicatie van geluidsdragers, publicaties of film een vermelding van de oplage en de verspreidingswijze.

  • 4.

    Als de aanvrager voor de eerste keer subsidie aanvraagt of als er wijzigingen zijn in de gegevens worden de volgende gegevens overgelegd: kopie van een bankafschrift met IBAN, uittreksel KvK en de statuten van de organisatie.

  • 5.

    Het college beslist op een volledige aanvraag binnen 12 weken.

Artikel 7 Subsidiehoogte en subsidiabele kosten

  • 1.

    De hoogte van de subsidie bedraagt maximaal 50% van de subsidiabele kosten tot een maximum van € 30.000,00.

  • 2.

    Alle kosten die redelijkerwijs direct zijn toe te rekenen aan een project en die noodzakelijk zijn in relatie tot het doel zijn subsidiabel.

  • 3.

    In afwijking van het tweede lid komen de volgende kosten niet voor subsidie in aanmerking:

    • a.

      structurele kosten voor bijvoorbeeld huisvesting, beheer en onderhoud van onroerend goed, instrumenten en uniformen;

    • b.

      niet noodzakelijke en bovenmatige kosten;

    • c.

      investeringen en niet-projectgebonden materiaalkosten;

    • d.

      niet-openbare projecten;

    • e.

      productie van publicaties, geluidsdragers en films ten behoeve van fysieke of digitale verkoop.

Artikel 8 Verplichtingen

Onverminderd het bepaalde in de artikelen 11 en 12 van de Asv heeft de subsidieontvanger in ieder geval de volgende verplichtingen:

  • 1.

    de subsidieontvanger draagt zorg voor de vergunningen, ontheffingen en overige toestemmingen die nodig zijn voor de uitvoering van de activiteit van het project;

  • 2.

    bij de publiciteit over het project wordt vermeld dat het initiatief (mede) tot stand is gekomen met een bijdrage van de gemeente Apeldoorn;

  • 3.

    het project start binnen 12 maanden na subsidieverlening;

  • 4.

    binnen twee maanden na afloop van het project dient de subsidieontvanger een evaluatieformulier en een met de begroting in overeenstemming zijnde balans in;

  • 5.

    het niet of slechts gedeeltelijk doorgaan van de activiteit of een andere wijziging van het project waarvoor subsidie is verstrekt, wordt door de subsidieontvanger onmiddellijk bij het college gemeld.

Artikel 9 Weigeringsgronden

Onverminderd de artikelen 4:25, tweede lid, 4:35 van de Awb en artikel 9 van de Asv wordt geen subsidie verstrekt als:

  • 1.

    de aangevraagde subsidie minder dan € 500,00 bedraagt;

  • 2.

    de aanvraag niet voldoet aan de doelstelling van de regeling en/of geen betrekking heeft op projecten waarvoor subsidie kan worden aangevraagd;

  • 3.

    voor het project al subsidie van de gemeente Apeldoorn is ontvangen;

  • 4.

    een onvoldoende gescoord wordt op één of meerdere beoordelingscriteria als bedoeld in artikel 5;

  • 5.

    het project leidt tot winst voor (een van) de aanvragende organisatie(s);

  • 6.

    aannemelijk is dat het project ook zonder subsidie zonder belangrijke vertraging kan worden uitgevoerd;

  • 7.

    aanvrager in hetzelfde kalenderjaar reeds via deze regeling subsidie ontvangen heeft.

Artikel 10 Subsidievaststelling en betaling

  • 1.

    De subsidie wordt bij een subsidiebedrag tot en met € 10.000,00 direct vastgesteld.

  • 2.

    Bij een subsidie van meer dan € 10.000,00 geldt:

    • a.

      de subsidieontvanger dient binnen 12 weken na afronding van het project een aanvraag tot subsidievaststelling in op het door het college vastgestelde formulier, tenzij in de beschikking tot subsidieverlening een andere termijn is bepaald;

    • b.

      voor vaststelling komen alleen de daadwerkelijk gemaakte en betaalde kosten in aanmerking.

  • 3.

    De subsidie wordt in één keer en als voorschot van 100% uitbetaald, tenzij de beschikking tot subsidieverlening anders bepaalt.

Artikel 11 Mandatering

Het college mandateert de bevoegdheden voor uitvoering van deze regeling, met uitzondering van de bevoegdheden genoemd in artikel 12, aan het afdelingshoofd Vitaal en Ondernemend Apeldoorn (VOA).

Artikel 12 Hardheidsclausule

Het college kan bepalingen in deze regeling buiten toepassing verklaren of daarvan afwijken voor zover van toepassing gelet op het doel van de regeling leidt tot een onbillijkheid van overwegende aard.

Artikel 13 Inwerkingtreding, overgangsrecht en citeertitel

  • 1.

    Deze regeling treedt in werking op 1 januari 2026.

  • 2.

    De regelingen Projectenregeling Cultuur (klein) en Projectenregeling Cultuur (groot) worden ingetrokken per 31 december 2025.

  • 3.

    Op subsidies die zijn verleend voor de in het tweede lid genoemde datum, maar op die datum nog niet zijn afgerond, blijven de in het tweede lid genoemde regelingen van kracht.

  • 4.

    Deze regeling wordt aangehaald als: Projectenregeling Cultuur Apeldoorn.

Aldus vastgesteld op 29 september 2025.

Het college van burgemeester en wethouders

de secretaris,

de burgemeester,

Naar boven