|
Deze tarieventabel is, qua artikelnummering, gebaseerd op het model van de VNG.
|
|
|
Artikelen waarvoor geen leges worden geheven zijn hierin niet opgenomen.
|
|
|
|
|
|
|
|
HOOFDSTUK 1 ALGEMENE DIENSTVERLENING
|
|
|
|
|
|
|
|
Paragraaf 1.1 Burgerlijke stand
|
|
|
|
Paragraaf 1.2 Reisdocumenten en Nederlandse identiteitskaart
|
|
|
|
Paragraaf 1.3 Rijbewijzen
|
|
|
|
Paragraaf 1.4 Verstrekkingen in het kader van de basisregistratie persoonsgegevens
|
|
|
|
Paragraaf 1.5
Bestuursstukken
|
|
|
|
Paragraaf 1.6 Vastgoedinformatie
|
|
|
|
Paragraaf 1.7 Overige publiekszaken
|
|
|
|
Paragraaf 1.8 Gemeentearchief
|
|
|
|
Paragraaf 1.9 Bijzondere wetten
|
|
|
|
Paragraaf 1.10 Diversen
|
|
|
|
|
|
|
|
HOOFDSTUK 2 DIENSTVERLENING EN BESLUITEN IN HET KADER VAN DE OMGEVINGSWET
|
|
|
|
|
|
|
|
Paragraaf 2.1 Algemene bepalingen
|
|
|
|
Paragraaf 2.2 Voorfase
|
|
|
|
Paragraaf 2.3 Activiteiten met betrekking tot bouwwerken
|
|
|
|
Paragraaf 2.4 Activiteiten met betrekking tot cultureel erfgoed en werelderfgoed
|
|
|
|
Paragraaf 2.5 Milieubelastende activiteiten
|
|
|
|
Paragraaf 2.6 Lozingsactiviteiten
|
|
|
|
Paragraaf 2.7 Aanlegactiviteiten
|
|
|
|
Paragraaf 2.8 Overige activiteiten
|
|
|
|
Paragraaf 2.9 Maatwerkvoorschriften
|
|
|
|
Paragraaf 2.10 Gelijkwaardigheid
|
|
|
|
Paragraaf 2.11 Overige tarieven
|
|
|
|
Paragraaf 2.12 Modaliteiten
|
|
|
|
Paragraaf 2.13 Vermindering
|
|
|
|
Paragraaf 2.14 Teruggaaf
|
|
|
|
|
|
|
|
HOOFDSTUK 3 DIENSTVERLENING VALLEND ONDER DE DIENSTENRICHTLIJN EN NIET VALLEND ONDER HOOFDSTUK 2
|
|
|
|
|
|
|
|
Paragraaf 3.1 Horeca
|
|
|
|
Paragraaf 3.2 Seksbedrijven
|
|
|
|
Paragraaf 3.3 Winkeltijdenwet
|
|
|
|
Paragraaf 3.4 Organiseren evenement of markt
|
|
|
|
Paragraaf 3.5 Standplaatsen
|
|
|
|
Paragraaf 3.6 Huisvestingswet 2014 [en Wet goed
verhuurderschap
]
|
|
|
|
Paragraaf 3.7 In dit hoofdstuk niet benoemd besluit
|
|
|
|
|
|
|
|
HOOFDSTUK 1 ALGEMENE DIENSTVERLENING
|
|
|
|
|
|
|
|
Paragraaf 1.1 Burgerlijke stand
|
€ / %
|
€ / %
|
|
|
2024
|
2025
|
|
Artikel 1.1 Huwelijksvoltrekking of registratie partnerschap
|
|
|
|
Het tarief bedraagt voor de voltrekking van een huwelijk of registratie van een partnerschap op:
|
|
|
|
a. maandag tot en met vrijdag tussen 9.00 en 12.00 uur
|
€ 161,10
|
€ 168
|
|
b. maandag om 9.00 en dinsdag om 9.00 uur
|
nihil
|
nihil
|
|
c. maandag tot en met vrijdag tussen 12.00 uur en 16.00 uur
|
€ 417,95
|
€ 438
|
|
d. zaterdag tussen 10.00 en 16.00 uur
|
€ 649,85
|
€ 681
|
|
e. zondag tussen 10.00 uur en 16.00 uur
|
€ 738,80
|
€ 774
|
|
indien het huwelijk wordt gesloten tussen 16.00 en 22.00 uur wordt het tarief bedoeld bij c, d en e verhoogd met:
|
20%
|
20%
|
|
Artikel 1.2 Omzetten geregistreerd partnerschap in huwelijk
|
|
|
|
Het tarief bedraagt voor het omzetten van een geregistreerd partnerschap in een huwelijk als daarbij gebruik gemaakt wordt van de trouwzaal of een andere door de gemeente hiertoe aangewezen ruimte op:
|
|
|
|
a. maandag tot en met vrijdag tussen 9.00 en 12.00 uur
|
€ 161,10
|
€ 168
|
|
b. maandag om 9.00 en dinsdag om 9.00 uur
|
nihil
|
nihil
|
|
c. maandag tot en met vrijdag tussen 12.00 uur en 16.00 uur
|
€ 417,95
|
€ 438
|
|
d. zaterdag tussen 10.00 en 16.00 uur
|
€ 649,85
|
€ 681
|
|
e. zondag tussen 10.00 uur en 16.00 uur
|
€ 738,80
|
€ 774
|
|
indien het huwelijk wordt gesloten tussen 16.00 en 22.00 uur wordt het tarief bedoeld bij c, d en e verhoogd met:
|
20%
|
20%
|
|
Artikel 1.3 Huwelijksvoltrekking of registratie partnerschap in bijzonder huis
|
|
|
|
Het tarief bedraagt voor de voltrekking van een huwelijk of registratie van een partnerschap in een bijzonder huis op grond van artikel 64, Boek 1, van het Burgerlijk Wetboek:
|
|
|
|
a. maandag tot en met vrijdag tussen 9.00 en 16.00 uur
|
€ 417,95
|
€ 438
|
|
b. zaterdag tussen 10.00 en 16.00 uur
|
€ 649,85
|
€ 681
|
|
c. zondag tussen 10.00 uur en 16.00 uur
|
€ 738,80
|
€ 774
|
|
indien het huwelijk wordt gesloten tussen 16.00 en 22.00 uur wordt het tarief bedoeld bij a, b en c verhoogd met:
|
20%
|
20%
|
|
Artikel 1.4 Omzetten geregistreerd partnerschap in huwelijk in bijzonder huis
|
|
|
|
Het tarief bedraagt voor het omzetten van een geregistreerd partnerschap in een huwelijk in een bijzonder huis op grond van artikel 64, Boek 1, van het Burgerlijk Wetboek:
|
|
|
|
a. maandag tot en met vrijdag tussen 9.00 en 16.00 uur
|
€ 417,95
|
€ 438
|
|
b. zaterdag tussen 10.00 en 16.00 uur
|
€ 649,85
|
€ 681
|
|
c. zondag tussen 10.00 uur en 16.00 uur
|
€ 738,80
|
€ 774
|
|
indien het huwelijk wordt gesloten tussen 16.00 en 22.00 uur wordt het tarief bedoeld bij a, b en c verhoogd met:
|
20%
|
20%
|
|
Artikel 1.5 Aanwijzing buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand voor één dag
|
|
|
|
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om bij besluit een buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand aan te wijzen voor één dag:
|
|
|
|
a. als beëdiging bij de rechtbank al heeft plaatsgevonden:
|
€ 62,90
|
€ 65
|
|
b. als beëdiging bij de rechtbank nog niet heeft plaatsgevonden:
|
€ 188,85
|
€ 197
|
|
Artikel 1.6 a Beschikbaar stellen getuige door gemeente
|
|
|
|
Het tarief bedraagt voor het door de gemeente beschikbaar stellen van een getuige voor de huwelijksvoltrekking of de registratie van een partnerschap, per getuige:
|
€ 38,60
|
€ 40
|
|
Artikel 1.6 b Alternatieve locatie
|
|
|
|
Het tarief bedraagt ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag voor een huwelijkslocatie, niet zijnde het gemeentehuis
|
€ 125,90
|
€ 131
|
|
Artikel 1.7 Annuleren of wijzigen datum
|
|
|
|
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een gereserveerde datum voor de huwelijksvoltrekking, registratie van het partnerschap of omzetting van het geregistreerd partnerschap in een huwelijk te annuleren of te wijzigen binnen een periode van [veertien] dagen voorafgaand aan die gereserveerde datum:
|
nvt
|
nvt
|
|
Artikel 1.8 Trouwboekje of partnerschapsboekje
|
|
|
|
Het tarief bedraagt voor het verstrekken van:
|
|
|
|
a. een trouwboekje of partnerschapsboekje in een normale uitvoering:
|
€ 15,55
|
€ 16
|
|
b. een trouwboekje of partnerschapsboekje in een luxe uitvoering:
|
€ 37,80
|
€ 39
|
|
|
|
|
|
Paragraaf 1.2 Reisdocumenten en Nederlandse identiteitskaart
|
|
|
|
|
|
|
|
Artikel 1.9 Paspoorten of andere reisdocumenten
|
|
|
|
Het tarief bedraagt voor het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag van:
|
|
|
|
a. een nationaal paspoort:
|
|
|
|
1. voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is:
|
€ 83,85
|
€ 86*
|
|
2. voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt:
|
€ 63,40
|
€ 65*
|
|
b. een nationaal paspoort, een groter aantal bladzijden bevattende dan een nationaal paspoort als bedoeld in onderdeel a (zakenpaspoort):
|
|
|
|
1. voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is:
|
€ 83,85
|
€ 86*
|
|
2. voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt:
|
€ 63,40
|
€ 65*
|
|
c. een reisdocument ten behoeve van een persoon die op grond van de Wet betreffende de positie van Molukkers als Nederlander wordt behandeld (faciliteitenpaspoort):
|
|
|
|
1. voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is:
|
€ 83,85
|
€ 86*
|
|
2. voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt:
|
€ 63,40
|
€ 65*
|
|
d. een reisdocument voor vluchtelingen of een reisdocument voor vreemdelingen:
|
€ 63,40
|
€ 65*
|
|
Artikel 1.10 Nederlandse identiteitskaart
|
|
|
|
Het tarief bedraagt voor het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag van:
|
|
|
|
a. een Nederlandse identiteitskaart:
|
|
|
|
1. voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is:
|
€ 75,80
|
€ 78*
|
|
2. voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt:
|
€ 40,90
|
€ 42*
|
|
b. een vervangende Nederlandse identiteitskaart voor een persoon met een uitreisverbod, ongeacht de leeftijd van de betrokken persoon:
|
€ 36,90
|
€ 38*
|
|
Artikel 1.11 Modaliteiten
|
|
|
|
Het tarief bedraagt voor het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag:
|
|
|
|
a. voor de versnelde uitreiking van een in de artikelen 1.9 en 1.10, onder a, genoemd document, zijnde een toeslag op de in die artikelen genoemde bedragen
|
€ 57,05
|
€ 59*
|
|
b. voor het bezorgen van een in de artikelen 1.9 en 1.10 genoemd document, zijnde een toeslag op de in de artikelen 1.9 en 1.10 en onder a genoemde bedragen
|
nvt
|
nvt
|
|
|
|
|
|
Paragraaf 1.3 Rijbewijzen
|
|
|
|
|
|
|
|
Artikel 1.12 Rijbewijzen
|
|
|
|
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het afgeven, vernieuwen of omwisselen van een rijbewijs:
|
€ 51,11
|
€ 52
|
|
Artikel 1.13 Modaliteiten
|
|
|
|
1.Het tarief genoemd in artikel 1.12 word
|
|
|
|
a. bij een spoedlevering vermeerderd met:
|
€ 39,65
|
€ 39
|
|
*hiervoor gelden maximum tarieven
|
|
|
|
|
|
|
|
Paragraaf 1.4 Verstrekkingen in het kader van de basisregistratie persoonsgegevens
|
|
|
|
|
|
|
|
Artikel 1.14 Definities
|
|
|
|
1. Voor de toepassing van artikel 1.15 wordt onder één verstrekking verstaan verstrekking van een of meer gegevens over één persoon waarvoor de basisregistratie personen moet worden geraadpleegd.
|
|
|
|
2. Voor de toepassing van artikel 1.16 wordt onder één verstrekking verstaan verstrekking van een of meer gegevens over één persoon die niet zijn opgenomen in de basisregistratie personen.
|
|
|
|
Artikel 1.15 Verstrekking van gegevens uit de basisregistratie personen
|
|
|
|
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:
|
|
|
|
a. tot het verstrekken van gegevens, per verstrekking:
|
€ 16,60
|
€ 17
|
|
|
|
|
|
Artikel 1.17 Schriftelijke verstrekking
|
|
|
|
In afwijking van de artikelen 1.15 en 1.16 bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het schriftelijk verstrekken van gegevens bedoeld in artikel 17, tweede lid, van het Besluit basisregistratie personen:
|
€ 8,40
|
€ 8
|
|
Artikel 1.18 Op aanvraag doornemen basisregistratie personen
|
|
|
|
1. Het tarief bedraagt voor het op aanvraag doornemen van de basisregistratie personen, voor ieder daaraan te besteden kwartier:
|
€ 17,00
|
€ 18
|
|
2. Het op grond van het eerste lid verschuldigde bedrag wordt voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag aan de aanvrager meegedeeld. De aanvraag wordt dan in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop het verschuldigde bedrag aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.
|
|
|
|
|
|
|
|
Paragraaf 1.5
Bestuursstukken
|
|
|
|
|
|
|
|
Artikel 1.19 Afschriften van
bestuursstukken
|
|
|
|
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van:
|
|
|
|
a. een afschrift van de gemeentebegroting
|
€ 63,30
|
€ 66
|
|
b. een afschrift van de gemeenterekening:
|
€ 37,20
|
€ 38
|
|
c. een afschrift van de perspectiefnota/bestuursrapportage:
|
€ 12,40
|
€ 13
|
|
|
|
|
|
Paragraaf 1.6 Vastgoedinformatie
|
|
|
|
|
|
|
|
Artikel 1.21 Plan- of kaartinformatie
|
|
|
|
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een kopie van een ruimtelijk plan of deel daarvan, zoals omgevingsvisie, omgevingsplan, wegenkaart behorende bij de legger bedoeld in artikel 1.22, onderdeel b:
|
|
|
|
a. in formaat A4 of kleiner, per bladzijde:
|
€ 0,40
|
€ 0,45
|
|
b. in formaat A3, per bladzijde:
|
€ 0,40
|
€ 0,45
|
|
c. in formaat A2 of groter, per bladzijde:
|
€ 10,55
|
€ 11
|
|
d. in digitale vorm:
|
€ -
|
€ -
|
|
|
|
|
|
Paragraaf 1.7 Overige publiekszaken
|
|
|
|
|
|
|
|
Artikel 1.24 Gemeentegarantie
|
|
|
|
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:
|
|
|
|
a. tot het verstrekken van een gemeentegarantie:
|
€ 115,75
|
€ 121
|
|
b. tot het instemmen met het wijzigen of omzetten van een door de gemeente gegarandeerde hypothecaire geldlening:
|
€ 115,75
|
€ 121
|
|
Artikel 1.25 Overige publiekszaken
|
|
|
|
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:
|
|
|
|
a. tot het verstrekken van een verklaring omtrent het gedrag:
|
€ 41,35
|
€ 41,35
|
|
b. tot het legaliseren van een handtekening:
|
€ 6,25
|
€ 7,00
|
|
c. tot een verklaring van huwelijksbevoegdheid:
|
€ 29,00
|
€ 30
|
|
d. tot het verkrijgen van een bewijs van in leven zijn (attestatie de vita):
|
€ 16,60
|
€ 17
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Paragraaf 1.8 Gemeentearchief
|
|
|
|
|
|
|
|
Artikel 1.26 Naspeuringen in gemeentearchief
|
|
|
|
1. Het tarief bedraagt voor het op aanvraag doen van naspeuringen in de in het gemeentearchief berustende stukken, voor ieder daaraan te besteden kwartier:
|
€ 17,00
|
€ 18
|
|
2. Het op grond van het eerste lid verschuldigde bedrag wordt voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag aan de aanvrager meegedeeld.
|
|
|
|
Artikel 1.27 Afschrift of uittreksel uit gemeentearchief
|
|
|
|
1. Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een afschrift van of uittreksel uit een in het gemeentearchief berustend stuk: het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.
|
|
|
|
2. Als een begroting als bedoeld in het eerste lid is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.
|
|
|
|
|
|
|
|
Paragraaf 1.9 Bijzondere wetten
|
|
|
|
|
|
|
|
Artikel 1.29 Huisvestingswet 2014
|
|
|
|
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om:
|
|
|
|
1. een huisvestingsvergunning als bedoeld in artikel 8, eerste lid, van de Huisvestingswet 2014:
|
€ 26,85
|
€ 28
|
|
2. indeling in een urgentiecategorie als bedoeld in artikel 13, tweede lid, van de Huisvestingswet 2014:
|
€ 98,45
|
€ 103
|
|
Artikel 1.30 Leegstandwet
|
|
|
|
1. Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om:
|
|
|
|
a. een vergunning tot tijdelijke verhuur van leegstaande woonruimte als bedoeld in artikel 15, eerste lid, van de Leegstandwet:
|
€ 334,70
|
€ 350
|
|
b. verlenging van een vergunning tot tijdelijke verhuur van woonruimte als bedoeld in artikel 15, negende lid, van de Leegstandwet:
|
€ -
|
€ -
|
|
2. Als aanvragen als bedoeld in het eerste lid, onderdelen a en b, gelijktijdig worden ingediend en woonruimten in hetzelfde gebouw, zoals een flat, een school of een kantoor betreffen, worden de in die onderdelen bedoelde leges slechts eenmaal geheven. [Dit geldt ook als het gaat om een geheel van huurwoningen bestemd voor sloop of renovatie waarvoor gelijktijdig aanvragen worden ingediend.]
|
|
|
|
Artikel 1.31 Wet op de kansspelen
|
2024
|
2025
|
|
1. Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een aanwezigheidsvergunning als bedoeld in artikel 30b van de Wet op de kansspelen:
|
|
|
|
a. voor een periode van twaalf maanden voor één kansspelautomaat:
|
€ 56,00
|
€ 56
|
|
b. voor een periode van twaalf maanden voor twee of meer kansspelautomaten, voor de eerste kansspelautomaat:
|
€ 56,00
|
€ 56
|
|
en voor iedere volgende kansspelautomaat:
|
€ 34,00
|
€ 34
|
|
c. voor één kansspelautomaat, welke vergunning geldt voor een periode van meer dan vier jaar of voor onbepaalde tijd:
|
€ 226,00
|
€ 226
|
|
d. voor twee of meer kansspelautomaten, welke vergunning geldt voor een periode van meer dan vier jaar of voor onbepaalde tijd, voor de eerste kansspelautomaat:
|
€ 226,00
|
€ 226
|
|
en voor iedere volgende kansspelautomaat:
|
€ 136,00
|
€ 136
|
|
2. Het eerste lid, onderdelen a en b, is van overeenkomstige toepassing als de vergunning geldt voor een tijdvak korter dan twaalf maanden of langer dan twaalf maanden maar ten hoogste vier jaar, met dien verstande dat de daar genoemde bedragen naar evenredigheid van het verschil in looptijd van de vergunning verlaagd respectievelijk verhoogd worden.
|
|
|
|
3. Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning als bedoeld in artikel 3 van de Wet op de kansspelen (loterijvergunning):
|
€ 34,75
|
€ 36
|
|
4. Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning tot het exploiteren of doen exploiteren van een speelgelegenheid als bedoeld in [artikel 2:39 van de Algemene plaatselijke verordening]:
|
€ -
|
€ -
|
|
* Dit is het maximumtarief.
|
|
|
|
|
|
|
|
Artikel 1.32 Telecommunicatiewet
|
|
|
|
1. Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een melding in verband met het verkrijgen van instemming omtrent plaats, tijdstip en wijze van uitvoering van werkzaamheden als bedoeld in artikel 5.4, eerste lid, van de Telecommunicatiewet Of art 2.1 lid 1 Algemene verordening ondergrondse infrastructuur Landsmeer 2017
|
€ 450,60
|
€ 472
|
|
a. als het betreft werkzaamheden in tegel-, klinker- en sierbestratingen, alsmede gesloten verhardingen, voor zover de werkzaamheden plaatsvinden in of op openbare gemeentegrond, per strekkende meter sleuf verhoogd met:
|
-
|
-
|
|
b. als het betreft werkzaamheden in bermen, groenstroken en dergelijke, voor zover de werkzaamheden plaatsvinden in of op openbare gemeentegrond, per strekkende meter sleuf verhoogd met:
|
-
|
-
|
|
c. als met betrekking tot een melding overleg moet plaatsvinden tussen gemeente, andere beheerders van openbare grond en de aanbieder van het netwerk, verhoogd met:
|
€ 885,80
|
€ 928
|
|
d. als de melder verzoekt om een inhoudelijke afstemming bij de beoordeling van aanvragen als bedoeld in artikel 5.5 van de Telecommunicatiewet, verhoogd met:
|
-
|
-
|
|
e. als met betrekking tot een melding onderzoek naar de status van de kabel plaatsvindt, verhoogd met het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de melding aan de melder meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.
|
|
|
|
2. Als een begroting als bedoeld in het eerste lid, onderdeel e, is uitgebracht, wordt een melding in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de melder ter kennis is gebracht, tenzij de melding voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.
|
|
|
|
|
|
|
|
Artikel 1.33 Wegenverkeerswetgeving
|
|
|
|
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om:
|
|
|
|
1A. een ontheffing als bedoeld in artikel 87 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 en tevens registratie in het register van ontheffingen van het inrijverbod:
|
|
|
|
a. Purmerland per jaar
|
€ 123,90
|
€ 129
|
|
b. Purmerland per maand
|
€ 10,40
|
€ 10
|
|
c. Den Ilp per jaar
|
€ 123,90
|
€ 129
|
|
d. Den Ilp per maand
|
€ 10,40
|
€ 10
|
|
e. Purmerland als Den Ilp per jaar
|
€ 205,85
|
€ 215
|
|
f. Purmerland als Den Ilp per maand
|
€ 17,10
|
€ 17
|
|
1B. ontheffing (naar tijdgsgelang) per kenteken als bedoeld in artikel 87 van het RVV 1990 en tevens registratie in het register van ontheffingen van het inrijverbod:
|
|
|
|
Purmerland/Den Ilp voor een zo kort mogelijke periode: per dag
|
€ 22,20
|
€ 23
|
|
met een maximum voor een aaneengesloten periode van meerdere dagen per ontheffing van
|
€ 205,85
|
€ 215
|
|
1C. registratie van een kenteken behorend bij een inwoner van Landsmeer in het register van ontheffingen van het inrijverbod Purmerland en/of van het inrijverbod Den Ilp
|
€ 11,95
|
€ 12
|
|
1D. ontheffing per kenteken bedoeld in artikel 87 van het RVV 1990 en tevens registratie in het register ontheffingen van het inrijverbod Purmerland en/of Den Ilp, indie n het gaat om een bedrijfsvoertuig behorende bij het bedrijf of instelling zoals genoemd in artikel 3 onder c van de 'Verordening op het verlenen van ontheffingen van het inrijverbod Purmerland en/of Den Ilp 2016' vastgesteld d.d. 25 februari 2016
|
€ 11,95
|
€ 12
|
|
1E. Leges worden geheven voor een ontheffing zoals bedoeld in 1A, indien het gaat om bedrijfsvoertuigen zoals bedoeld in artikel 3 onder d van de ‘Verordening op het verlenen van ontheffingen van het inrijverbod Purmerland en/of Den Ilp 2016’ vastgesteld d.d. 25 februari 2016, alsmede de mantelzorger zoals bedoeld in artikel 4 , lid 2 onder f van de "Verordening op het verlenen van ontheffingen van het inrijverbod
|
€ 11,95
|
€ 12
|
|
1F. Leges worden geheven voor een ontheffing zoals bedoeld in 1A, indien het gaat om voertuigen van personeel dat werkzaam is bij de gemeente Landsmeer, of werkzaam is bij een andere gemeente of dienst die, ten behoeve van een voorgenomen en/of afgesloten samenwerkingsverband werkzaamheden moet verrichten voor de gemeente Landsmeer
|
€ 11,95
|
€ 12
|
|
1G. Wijziging van een kenteken doorvoeren door een medewerker
|
€ 11,95
|
€ 12
|
|
|
|
|
|
1H. ontheffing voor het berijden van voet en/of fietspaden voor een:
|
|
|
|
dag
|
€ 5,75
|
€ 6
|
|
week
|
€ 11,55
|
€ 12
|
|
maand
|
€ 23,00
|
€ 24
|
|
half jaar
|
€ 32,65
|
€ 34
|
|
jaar
|
€ 41,45
|
€ 43
|
|
I1. ontheffing voor het berijden van wegen waarvoor een breedte- of wiel(as)drukbeperking geldt voor een:
|
|
|
|
dag
|
€ 16,45
|
€ 17
|
|
week
|
€ 32,70
|
€ 34
|
|
maand
|
€ 65,40
|
€ 68
|
|
half jaar
|
€ 98,05
|
€ 102
|
|
jaar
|
€ 127,65
|
€ 133
|
|
J1. duplicaatkaart ex artikel 7 van de Ministeriële Beschikking
|
€ 55,45
|
€ 58
|
|
K1. parkeervergunning als bedoeld in artikel 9 van de Parkeerverordening
|
€ 55,45
|
€ 58
|
|
2. een ontheffing als bedoeld in artikel 9.1 van de Regeling voertuigen:
|
€ -
|
€ -
|
|
3. een verstrekking van een gehandicaptenparkeerkaart als bedoeld in artikel 49 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW):
|
€ 85,40
|
€ 89
|
|
4. een duplicaat gehandicaptenparkeerkaart
|
€ 25,45
|
€ 26
|
|
5. een autoruitetui (zelfklevend) ten behoeve van een gehandicaptenparkeerkaart
|
€ 1,20
|
€ 1,25
|
|
|
|
|
|
Paragraaf 1.10 Diversen
|
|
|
|
|
|
|
|
Artikel 1.34 Gewaarmerkte afschriften, kopieën, stukken of uittreksels
|
|
|
|
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van:
|
|
|
|
a. gewaarmerkte afschriften van stukken, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen, per pagina:
|
€ 0,50
|
€ 0,50
|
|
b. een beschikking op aanvraag, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen:
|
€ 43,25
|
€ 45
|
|
c. stukken of uittreksels, welke op aanvraag van de aanvrager moeten worden opgemaakt, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen, per pagina:
|
€ 5,60
|
€ 6
|
|
d. kopieën van stukken, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen:
|
|
|
|
1. in formaat A4 of kleiner, per bladzijde:
|
€ 0,50
|
€ 0,50
|
|
2. in formaat A3, per bladzijde:
|
€ 0,50
|
€ 0,50
|
|
3. in formaat A2 of groter, per bladzijde:
|
€ 15,80
|
€ 16
|
|
4.in digitale vorm:
|
€ -
|
€ -
|
|
Artikel 1.35 Diverse vergunningen of beschikkingen
|
|
|
|
1. Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:
|
|
|
|
a. voor een lozingsvergunning:
|
€ 427,05
|
€ 447
|
|
b. Indien na het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een lozingsvergunning doch voor het verlenen van de vergunning deze aanvraag wordt ingetrokken, bedragen de leges
|
€ 111,05
|
€ 116
|
|
2. Het tarief bedraagt voor het verstrekken van formulieren ter verkrijging van een bijdrage voor woningverbetering en/of verbetering woonbuurten:
|
€ 7,75
|
€ 8
|
|
3. Het tarief bedraagt ter zake van:
|
|
|
|
a. het in behandeling nemen van een aanvraag voor een vergunning tot het laten liggen van een vaartuig in openbaar gemeentewater
|
€ 10,40
|
€ 10
|
|
b. het verstrekken van twee registratiestickers voor vaartuigen
|
€ 1,75
|
€ 2
|
|
4. Het tarief bedraagt ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een uittreksel uit het register van kinderopvangorganisaties, per pagina:
|
€ 5,60
|
€ 6
|
|
5. Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag ter verkrijging van een vergunning voor het aanleggen van een weg op grond van artikel 2.11 van de Algemene plaatselijke verordening, niet zijnde een omgevingsvergunning
|
€ 1.451,55
|
€ 1.521
|
|
|
|
|
|
HOOFDSTUK 2 DIENSTVERLENING EN BESLUITEN IN HET KADER VAN DE OMGEVINGSWET
|
|
|
|
|
|
|
|
Paragraaf 2.1 Algemene bepalingen
|
|
|
|
|
|
|
|
Artikel 2.1 Definities
|
|
|
|
1. Begripsbepalingen die zijn opgenomen in de bijlage bij de Omgevingswet, in bijlage I bij het Besluit activiteiten leefomgeving, bijlage I bij het Besluit bouwwerken leefomgeving, bijlage I bij het Besluit kwaliteit leefomgeving, bijlage I bij het Omgevingsbesluit en bijlage I bij de Omgevingsregeling en in de bijlagen bij het gemeentelijke omgevingsplan, zijn van toepassing op dit hoofdstuk, tenzij in de legesverordening of deze tarieventabel anders is bepaald.
|
|
|
|
2. In dit hoofdstuk voorkomende begrippen die betrekking hebben op activiteiten waarvoor het toetsingskader in een ander dan een in het eerste lid bedoeld wettelijk voorschrift is uitgewerkt, hebben dezelfde betekenis als in dat wettelijk voorschrift bedoeld, tenzij in de legesverordening of deze tarieventabel anders is bepaald.
|
|
|
|
3. In dit hoofdstuk wordt verstaan onder:
|
|
|
|
- binnenplanse omgevingsplanactiviteit: een activiteit waarvoor in het omgevingsplan is bepaald dat het is verboden deze zonder omgevingsvergunning te verrichten en die niet in strijd is met het omgevingsplan;
|
|
|
|
- binnenplanse omgevingsplanactiviteit bij wijzigingsbevoegdheid of uitwerkingsplicht: een activiteit waarvoor in het omgevingsplan is bepaald dat het is verboden deze zonder omgevingsvergunning te verrichten en die in strijd is met het omgevingsplan, maar die niet in strijd is met regels voor de toepassing van een wijzigingsbevoegdheid of het voldoen aan een uitwerkingsplicht in het tijdelijke deel van het omgevingsplan, bedoeld in artikel 22.1, aanhef en onder a, van de Omgevingswet;
|
|
|
|
4. In aanvulling op de in bijlage I bij de Omgevingsregeling opgenomen omschrijving van het begrip ‘bouwkosten’ betreffen de in die omschrijving:
|
|
|
|
- onder a genoemde Uniforme administratieve voorwaarden voor de uitvoering van werken en van technische installatiewerken 2012 de voorwaarden die bekendgemaakt zijn in Staatscourant 2012, 1567;
|
|
|
|
- onder b bedoelde bouwkosten de kosten voor de fysieke realisatie (het bouwen) van het bouwwerk;
|
|
|
|
- onder c bedoelde prijs de prijs exclusief omzetbelasting.
|
|
|
|
[5. In afwijking van bijlage I bij de Omgevingsregeling wordt onder bouwkosten verstaan de normbouwkosten voor de bouwactiviteit, als daarin is voorzien in de bij deze tarieventabel behorende [citeertitel gemeentelijke of regionale normbouwkostenregeling] en de bij de aanvraag opgegeven bouwkosten meer dan [10]% afwijken van deze normbouwkosten.]
|
|
|
|
Artikel 2.2 Dienstverlening en besluiten waarvoor leges worden geheven
|
|
|
|
Leges worden geheven voor het in behandeling nemen van een aanvraag om:
|
|
|
|
a. omgevingsoverleg;
|
|
|
|
b. een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 5.1 of artikel 22.8 van de Omgevingswet in samenhang met artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit;
|
|
|
|
c. een of meer maatwerkvoorschriften als bedoeld in artikel 4.5 van de Omgevingswet;
|
|
|
|
d. toestemming voor het treffen van een gelijkwaardige maatregel als bedoeld in artikel 4.7 van de Omgevingswet;
|
|
|
|
e. een wijziging van voorschriften van een omgevingsvergunning;
|
|
|
|
f. intrekking van een omgevingsvergunning;
|
|
|
|
g. wijziging van een besluit als bedoeld in de onderdelen b, c en d;
|
|
|
|
h. een besluit in het kader van de Omgevingswet, anders dan bedoeld in de onderdelen b tot en met g.
|
|
|
|
Artikel 2.3 Bepalen tarief
|
|
|
|
1. De in artikel 2.2 bedoelde leges worden geheven naar de tarieven zoals opgenomen in de volgende paragrafen van dit hoofdstuk.
|
|
|
|
2. Als een aanvraag betrekking heeft op meerdere activiteiten, is het tarief opgebouwd uit de som van de verschuldigde leges behorend bij die activiteiten.
|
|
|
|
3. Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag wordt in voorkomend geval verhoogd met het tarief voor een of meer modaliteiten bedoeld in paragraaf 2.12.
|
|
|
|
4. Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag wordt in voorkomend geval verminderd overeenkomstig het bepaalde in paragraaf 2.13.
|
|
|
|
5. Het tarief behorend bij een aanvraag om een maatwerkvoorschrift of bij een aanvraag om toestemming om een gelijkwaardige maatregel te treffen is niet van toepassing als het onderwerp waarop het maatwerkvoorschrift betrekking heeft of de gelijkwaardige maatregel onderdeel is van een aanvraag om een omgevingsvergunning.
|
|
|
|
6. In afwijking van het tweede en derde lid kan ook per activiteit of andere grondslag een legesbedrag worden gevorderd.
|
|
|
|
|
|
|
|
Paragraaf 2.2 Voorfase
|
|
|
|
|
|
|
|
Artikel 2.4 Conceptaanvraag c.q. omgevingsoverleg
|
|
|
|
1. Als de aanvraag betrekking heeft op het houden van omgevingsoverleg over een of meer activiteiten die gevolgen kunnen hebben voor de fysieke leefomgeving, bedraagt het tarief:
|
|
|
|
a. voor een binnenplanse omgevingsactiviteit (intaketafel)
|
€ 916
|
€ 870
|
|
b. voor een eenvoudige buitenplanse omgevingsactiviteit (omgevingstafel eenvoudig)
|
€ 3.665
|
€ 5.136
|
|
c. voor een complexe buitenplanse omgevingsactiviteit (omgevingstafel complex)
|
-
|
€ 10.272
|
|
d. voor een advies van een ketenpartner (buiten de omgevingstafel)
|
-
|
€ 692
|
|
e. voor een informatievraag
|
€ 0
|
€ 0
|
|
|
|
|
|
Paragraaf 2.3 Activiteiten met betrekking tot bouwwerken
|
|
|
|
|
|
|
|
Artikel 2.5 Bouwactiviteit (bouwtechnische deel)
|
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een bouwactiviteit als bedoeld in paragraaf 2.3.2 van het Besluit bouwwerken leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
|
|
|
|
a. over het deel van de bouwkosten vanaf € 0 tot € 25.000:
|
0,90%
|
0,90%
|
|
van de bouwkosten, met een minimum van:
|
€ 125,00
|
€ 131
|
|
b. over het deel van de bouwkosten vanaf € 25.000 tot € 50.000:
|
0,90%
|
0,90%
|
|
van de bouwkosten;
|
|
|
|
c. over het deel van de bouwkosten vanaf € 50.000 tot € 200.000:
|
0,90%
|
0,90%
|
|
van de bouwkosten;
|
|
|
|
d. over het deel van de bouwkosten vanaf € 200.000 tot € 2.500.000:
|
0,89%
|
0,89%
|
|
van de bouwkosten;
|
|
|
|
e. over het deel van de bouwkosten vanaf € 2.500.000:
|
0,88%
|
0,88%
|
|
van de bouwkosten;
|
|
|
|
Artikel 2.6 Omgevingsplanactiviteit: bouwactiviteit, in stand houden of gebruiken bouwwerk (ruimtelijke deel)
|
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit een bouwactiviteit, het in stand houden of gebruiken van het te bouwen bouwwerk, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
|
|
|
|
voor een binnenplanse omgevingsplanactiviteit:
|
|
|
|
a. indien de bouwkosten minder dan € 500.000 bedragen:
|
2,70%
|
2,70%
|
|
van de bouwkosten, met een minimum van:
|
€ 293,40
|
€ 0
|
|
b. indien de bouwkosten € 500.000 tot € 1.000.000 bedragen:
|
2,66%
|
2,66%
|
|
van de bouwkosten, met een minimum van:
|
€ 13.489,50
|
€ 0
|
|
c. indien de bouwkosten meer dan € 1.000.000 bedragen:
|
2,62%
|
2,62%
|
|
van de bouwkosten, met een minimum van:
|
€ 26.565,75
|
€ 0
|
|
d. voor een binnenplanse omgevingsplanactiviteit bij wijzigingsbevoegdheid of uitwerkingsplicht en binnenplans afwijken van het omgevingsplan:
|
€ 391,20
|
€ 0
|
|
voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit:
|
|
|
|
e. voor een omgevingsplanactiviteit waarvoor in het omgevingsplan is bepaald dat het is verboden deze zonder omgevingsvergunning te verrichten en die in strijd is met het omgevingsplan (kleine buitenplanse omgevingsplanactiviteit):
|
€ 391,20
|
€ 0
|
|
f. voor een omgevingsplanactiviteit waarvoor in het omgevingsplan is bepaald dat het is verboden deze zonder omgevingsvergunning te verrichten en die in strijd is met het omgevingsplan (buitenplanse omgevingsplanactiviteit):
|
€ 7.831,48
|
€ 0
|
|
Artikel 2.7 Omgevingsplanactiviteit: slopen van een bouwwerk
|
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit een sloopactiviteit, niet zijnde een sloopactiviteit met betrekking tot een monument of beschermd stads- en dorpsgezicht, als bedoeld in paragraaf 2.4, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
|
|
|
|
a. voor een binnenplanse omgevingsplanactiviteit:
|
€ 1.305,30
|
€ 1.367
|
|
|
|
|
|
Paragraaf 2.4 Activiteiten met betrekking tot cultureel erfgoed en werelderfgoed
|
|
|
|
|
|
|
|
Artikel 2.8 Omgevingsplanactiviteit: monumenten
|
|
|
|
1. Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, met betrekking tot een gemeentelijk monument, provinciaal monument, voorbeschermd gemeentelijk monument of voorbeschermd provinciaal monument, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
|
|
|
|
a. voor een binnenplanse omgevingsplanactiviteit of bij toepassing van artikel [14] van de [citeertitel gemeentelijke erfgoedverordening] in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit:
|
|
|
|
1. voor het slopen, verstoren, verplaatsen of wijzigen van een monument of voorbeschermd monument:
|
€ 391,20
|
€ 409
|
|
2. voor het herstellen of gebruiken van een monument of voorbeschermd monument op een wijze waardoor het wordt ontsierd of in gevaar gebracht:
|
€ 391,20
|
€ 409
|
|
b. voor een binnenplanse omgevingsplanactiviteit bij wijzigingsbevoegdheid of uitwerkingsplicht:
|
|
|
|
1. voor het slopen, verstoren, verplaatsen of wijzigen van een monument of voorbeschermd monument:
|
€ 391,20
|
€ 409
|
|
2. voor het herstellen of gebruiken van een monument of voorbeschermd monument op een wijze waardoor het wordt ontsierd of in gevaar gebracht:
|
€ 391,20
|
€ 409
|
|
c. voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit:
|
|
|
|
1. voor het slopen, verstoren, verplaatsen of wijzigen van een monument of voorbeschermd monument:
|
€ 391,20
|
€ 409
|
|
2. voor het herstellen of gebruiken van een monument of voorbeschermd monument op een wijze waardoor het wordt ontsierd of in gevaar gebracht:
|
€ 391,20
|
€ 409
|
|
2. Als de in het eerste lid bedoelde aanvraag een archeologisch monument betreft, worden de in het eerste lid genoemde tarieven verhoogd met:.
|
-
|
-
|
|
3. Het eerste lid, aanhef en onder a, en tweede lid, is van overeenkomstige toepassing op een aanvraag om een omgevingsvergunning met betrekking tot een monument of archeologisch monument dat op grond van de [citeertitel gemeentelijke Erfgoedverordening] is aangewezen respectievelijk waarop, voordat het is aangewezen, die verordening van overeenkomstige toepassing is. De vorige volzin is van toepassing:
|
|
|
|
a. als het gaat om een aangewezen monument of archeologisch monument: zolang in het omgevingsplan daaraan nog niet de functie-aanduiding gemeentelijk monument is gegeven; en
|
|
|
|
b. als het gaat om een monument of archeologisch monument waarop voordat het is aangewezen de verordening van overeenkomstige toepassing is: zolang in het omgevingsplan daaraan nog niet de functie-aanduiding gemeentelijk monument is gegeven of het omgevingsplan nog geen voorbeschermingsregel bevat vanwege het voornemen om die functie-aanduiding te geven.
|
|
|
|
Artikel 2.9 Rijksmonumentenactiviteit
|
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een rijksmonumentenactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, met uitzondering van een rijksmonumentenactiviteit met betrekking tot een archeologisch monument, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
|
|
|
|
a. voor het slopen, verstoren, verplaatsen of wijzigen van een monument of voorbeschermd monument:
|
€ 391,20
|
€ 409
|
|
b. voor het herstellen of gebruiken van een monument of voorbeschermd monument op een wijze waardoor het wordt ontsierd of in gevaar gebracht:
|
€ 391,20
|
€ 409
|
|
Artikel 2.10 Omgevingsplanactiviteit: sloopactiviteit in beschermd stads- of dorpsgezicht
|
|
|
|
1. Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit een sloopactiviteit in een rijksbeschermd, provinciaal beschermd of gemeentelijk beschermd stads- of dorpsgezicht, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
|
|
|
|
a. voor een binnenplanse omgevingsplanactiviteit of bij toepassing van artikel [20] van de [citeertitel gemeentelijke erfgoedverordening] in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit:
|
€ 391,20
|
€ 409
|
|
b. voor een binnenplanse omgevingsplanactiviteit bij wijzigingsbevoegdheid of uitwerkingsplicht:
|
€ 391,20
|
€ 409
|
|
c. voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit:
|
€ 391,20
|
€ 409
|
|
2. Het eerste lid, aanhef en onder a, is van overeenkomstige toepassing op een sloopactiviteit die wordt verricht op een locatie waarvoor een op grond van artikel 4.35, eerste lid, van de Invoeringswet Omgevingswet als instructie geldende aanwijzing als beschermd stads- of dorpsgezicht als bedoeld in artikel 35, eerste lid, van de Monumentenwet 1988 zoals die wet luidde voor de inwerkingtreding van de Erfgoedwet van kracht is, zolang in het omgevingsplan aan die locatie nog niet de functie-aanduiding rijksbeschermd stads- of dorpsgezicht is gegeven.
|
|
|
|
Artikel 2.11 Omgevingsplanactiviteit: overig cultureel erfgoed en werelderfgoed
|
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een andere activiteit dan die genoemd in de artikelen 2.8, 2.9 en 2.10 en cultureel erfgoed of werelderfgoed betreft, waarvoor in het omgevingsplan met het oog op het behoud van cultureel erfgoed of van de uitzonderlijke universele waarde van werelderfgoed een verbod is opgenomen om zonder omgevingsvergunning deze activiteit te verrichten, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
|
-
|
-
|
|
Artikel 2.13 Activiteiten die bedrijfstakken overstijgen (afdeling 3.2 Besluit activiteiten leefomgeving)
|
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een of meer milieubelastende activiteiten, als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit een of meer activiteiten die bedrijfstakken overstijgen als bedoeld in de paragrafen 3.2.1, 3.2.3 tot en met 3.2.15, 3.2.17 tot en met 3.2.19 en 3.2.24 van afdeling 3.2 van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
|
|
|
|
a. voor één milieubelastende activiteit:
|
€ 2.132
|
€ 2.234
|
|
b. voor twee tot vijf milieubelastende activiteiten, [in afwijking van artikel 2.3, tweede lid OF per milieubelastende activiteit]:
|
€ 4.264
|
€ 4.468
|
|
c. voor vijf of meer milieubelastende activiteiten, [in afwijking van artikel 2.3, tweede lid OF per milieubelastende activiteit]:
|
€ 6.396
|
€ 6.703
|
|
Artikel 2.14 Nutssector en industrie (afdeling 3.4 Besluit activiteiten leefomgeving)
|
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een of meer milieubelastende activiteiten, als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit een of meer activiteiten in de categorie nutssector en industrie als bedoeld in de paragrafen 3.4.2, 3.4.4 tot en met 3.4.9 en 3.4.11 van afdeling 3.4 van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
|
|
|
|
a. voor één milieubelastende activiteit:
|
€ 4.264
|
€ 4.468
|
|
b. voor twee tot vijf milieubelastende activiteiten, [in afwijking van artikel 2.3, tweede lid OF per milieubelastende activiteit]:
|
€ 8.528
|
€ 8.937
|
|
c. voor vijf of meer milieubelastende activiteiten, [in afwijking van artikel 2.3, tweede lid OF per milieubelastende activiteit]:
|
€ 12.792
|
€ 13.406
|
|
|
|
|
|
Paragraaf 2.6 Lozingsactiviteiten
|
|
|
|
|
|
|
|
Artikel 2.21 Lozingsactiviteit niet afkomstig van milieubelastende activiteit
|
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een lozingsactiviteit op een oppervlaktewaterlichaam in beheer bij de gemeente, als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder c, onder 1, van de Omgevingswet, en het gaat niet om het lozen van water of stoffen afkomstig van een milieubelastende activiteit als bedoeld in hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
|
€ 391,20
|
€ 409
|
|
Artikel 2.22 Lozingsactiviteit afkomstig van milieubelastende activiteit
|
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een lozingsactiviteit op een oppervlaktelichaam in beheer bij de gemeente, als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder c, onder 1, van de Omgevingswet, bestaande uit het lozen van afvalwater, koelwater of stoffen afkomstig van een milieubelastende activiteit als bedoeld in hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
|
€ 1.100,00
|
€ 1.152
|
|
|
|
|
|
Paragraaf 2.7 Aanlegactiviteiten
|
|
|
|
|
|
|
|
Artikel 2.25 Omgevingsplanactiviteit: geluid weg
|
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit het aanleggen of wijzigen van een weg als op grond van het omgevingsplan of bij omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit een geluidgevoelig gebouw is toegelaten binnen het aandachtsgebied van die weg, als bedoeld in artikel 22.272 van het tijdelijke deel van het omgevingsplan zoals opgenomen in artikel 7.1 van het Invoeringsbesluit Omgevingswet, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
|
|
|
|
a. voor een binnenplanse omgevingsplanactiviteit:
|
€ 391,20
|
€ 409
|
|
b. voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit:
|
€ 391,20
|
€ 409
|
|
Artikel 2.26 Omgevingsplanactiviteit: aanleggen of veranderen weg
|
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit het aanleggen van een weg of verandering brengen in de wijze van aanleg van een weg, bedoeld in artikel 2:11 van de Algemene plaatselijke verordening in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
|
€ 391,20
|
€ 409
|
|
Artikel 2.27 Omgevingsplanactiviteit: uitweg/uitrit
|
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit het maken, hebben, veranderen of veranderen van het gebruik van een uitweg, bedoeld artikel 2:12 van de Algemene plaatselijke verordening in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
|
€ 391,20
|
€ 409
|
|
Artikel 2.28 Omgevingsplanactiviteit: overige aanlegactiviteiten
|
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of een werkzaamheid (aanlegactiviteit), niet zijnde een activiteit die in de voorgaande artikelen van deze paragraaf is benoemd, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
|
|
|
|
a. voor een binnenplanse omgevingsplanactiviteit:
|
€ 391,20
|
€ 409
|
|
en als moet worden beoordeeld of de in het tijdelijke deel van het omgevingsplan bedoelde aanlegactiviteit niet in strijd is met het in voorbereiding zijnde omgevingsplan respectievelijk het in voorbereiding zijnde omgevingsplan dat voorziet in de bescherming van het stads- of dorpsgezicht, als bedoeld in artikel 22.278, tweede lid, van het tijdelijke deel van het omgevingsplan zoals opgenomen in artikel 7.1 van het Invoeringsbesluit Omgevingswet, verhoogd met:
|
€ 391,20
|
€ 409
|
|
b. voor een binnenplanse omgevingsplanactiviteit bij wijzigingsbevoegdheid of uitwerkingsplicht:
|
€ 391,20
|
€ 409
|
|
c. voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit:
|
€ 391,20
|
€ 409
|