Gemeenteblad van Leiderdorp
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Leiderdorp | Gemeenteblad 2025, 466015 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Leiderdorp | Gemeenteblad 2025, 466015 | beleidsregel |
Participatiebeleid Leiderdorp ‘Samen denken. Samen doen. Voor Leiderdorp.’
De raad van de gemeente Leiderdorp;
gelezen het voorstel van 17 juli 2025 , nr. Z/25/180233/414963;
gezien het advies van het Politiek Forum van 8 september 2025;
gelet op het bepaalde in artikel 110 en 111 van de Gemeentewet;
Het Participatiebeleid Leiderdorp ‘Samen denken. Samen doen. Voor Leiderdorp.’ vast te stellen.
Samen maken we Leiderdorp mooier.
In Leiderdorp vind ik het belangrijk dat we dingen samen doen. Of je nu inwoner bent, ondernemer of actief in een vereniging: jouw ideeën en inzet maken het verschil. Ik geloof dat we alleen samen kunnen bouwen aan een gemeente waar het fijn wonen, werken en leven is.
De wereld om ons heen verandert. We krijgen te maken met nieuwe wetten, zoals de Omgevingswet. Deze wet zegt dat mensen vroeg betrokken moeten worden bij plannen voor hun buurt of stad. Dat geldt niet alleen voor gebouwen of wegen, maar ook voor ideeën over hoe we met elkaar omgaan in de samenleving. Ik zie dit niet als iets dat "moet", maar als iets dat we juist graag willen. Want als we naar elkaar luisteren, komen we tot betere plannen. Plannen die echt passen bij wat er nodig is in Leiderdorp.
Met dit nieuwe participatiebeleid maken we duidelijke afspraken. We laten zien hoe inwoners en andere betrokkenen kunnen meedenken en meedoen. Dit beleid past bij hoe we met elkaar willen omgaan in Leiderdorp en vervangt tegelijkertijd ons huidige beleid. Mijn droom is een gemeente waar mensen zich gehoord voelen. Waar we open en eerlijk met elkaar praten. En waar we niet alleen praten, maar ook doen. Laten we samen bouwen aan een sterk Leiderdorp!
Samen denken. Samen doen. Voor Leiderdorp.
Wethouder bestuurlijke vernieuwing en participatie
1. Wat is participatie en waarom is het belangrijk?
Participatie betekent: meedoen en meepraten. De gemeente Leiderdorp vindt het belangrijk dat inwoners, ondernemers, verenigingen en andere organisaties kunnen meedenken over plannen en ideeën die invloed hebben op hun buurt of dorp. Participatie betekent niet alleen dat je je mening kunt geven, maar ook dat je actief wordt betrokken bij het maken van plannen of het nemen van besluiten. De gemeente wil samen met de mensen in Leiderdorp werken aan een prettige en leefbare omgeving. Want mensen die ergens wonen of werken, weten vaak het beste wat er speelt in hun buurt.
Participatie kan op veel verschillende manieren. Bijvoorbeeld:
Door dit samen te doen, worden plannen vaak beter. Er komen ideeën op tafel waar nog niet aan was gedacht. Soms worden knelpunten of zorgen eerder zichtbaar. En ook als mensen het niet overal over eens zijn, helpt het gesprek om elkaar beter te begrijpen. Participatie is dus geen verplichting of doel op zich, maar een manier om samen betere keuzes te maken. Het zorgt ervoor dat beleid beter past bij wat mensen belangrijk vinden. En het vergroot het vertrouwen tussen inwoners en de gemeente. De gemeente maakt uiteindelijk de beslissingen, maar luistert daarbij goed naar wat er leeft in de samenleving.
2. Welke vormen van participatie zijn er?
In Leiderdorp onderscheiden we drie soorten participatie, elk met een eigen dynamiek en rolverdeling tussen gemeente, inwoners en andere betrokkenen. Dit hoofdstuk legt uit wat inwonersparticipatie, overheidsparticipatie of privaat georganiseerde participatie is. In bijlage 1 staat hoe het werkt.
Bij inwonersparticipatie neemt de gemeente het initiatief, bijvoorbeeld bij het ontwikkelen van beleid, het herinrichten van een wijk of het opstellen van een visie. Inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties worden actief betrokken om mee te denken, advies te geven of samen te werken aan een oplossing.
De gemeente organiseert het participatieproces en weegt de inbreng van deelnemers zorgvuldig mee. Deze vorm is belangrijk voor het creëren van begrip, het benutten van lokale kennis en het verbeteren van de kwaliteit van besluiten.
Overheidsparticipatie betekent dat de samenleving of een inwoner zelf het initiatief neemt. Denk aan een initiatief van buurtbewoners, verenigingen of maatschappelijke organisaties. En de gemeente sluit daarop aan, faciliteert, denkt mee en ondersteunt waar nodig.
Dit vraagt van de gemeente een open houding en het vermogen om ruimte te geven. Overheidsparticipatie past goed bij initiatieven van onderop en bij vormen zoals het uitdaagrecht, waarbij inwoners taken van de gemeente (deels) overnemen.
Bij het uitdaagrecht vragen inwoners of maatschappelijke partijen de gemeente om de uitvoering van een taak van de gemeente over te nemen. Soms is hier ook geld voor nodig. Dit gebeurt onder andere als inwoners of organisaties denken deze taak beter uit te kunnen voeren.
c. Privaat georganiseerde participatie
Bij privaat georganiseerde participatie gaat het om een externe initiatiefnemer, zoals een projectontwikkelaar. De verantwoordelijkheid voor het betrekken van de omgeving ligt bij deze partij. De gemeente stelt kaders en toetst of de participatie zorgvuldig is georganiseerd.
De gemeente kijkt of de omgeving voldoende is geïnformeerd en betrokken, en of signalen en wensen goed zijn meegenomen in het uiteindelijke voorstel. Dit is vooral relevant bij gebiedsontwikkeling of woningbouw. Ook commerciële projecten zoals een zendmast willen plaatsen of een commerciële sportvoorziening realiseren vallen onder privaat georganiseerde participatie. De manier waarop privaat georganiseerde participatie vorm krijg is anders dan bij inwonersparticipatie of overheidsparticipatie. De initiatiefnemer organiseert dit. Een hulpmiddel hierbij is de Handreiking participatie bij (bouw)plannen1. Hiermee kan de initiatiefnemer vorm geven aan de participatie bij dergelijke initiatieven (zie ook bijlage 1).
Door deze drie vormen van participatie te onderscheiden, zorgen we in Leiderdorp voor duidelijkheid en wederzijdse verwachtingen. We geloven dat een goed ingericht participatieproces bijdraagt aan betere resultaten, meer vertrouwen in de overheid en een samenleving waarin iedereen een stem heeft en ook weet waarover geparticipeerd kan worden.
Soms heeft een inwoner een idee en noemen we het toch geen participatie. Voorbeelden zijn een subsidieaanvraag, of de organisatie van een evenement. Hiervoor hebben we andere regels. Dit staat uitgelegd op de website van Leiderdorp.
Participeren, ideeën melden, meedenken, meepraten en meedoen kan op allerlei manieren. De meest gebruikte vormen zijn bijeenkomsten, het invullen van een vragenlijst, inspreken tijdens de gemeenteraad, bezoeken van een collegespreekuur. Deze vormen brengen we met nieuwe vormen bij elkaar in een participatie gereedschapskist (‘toolbox’). De inhoud verandert in de loop van de tijd. Er komen nieuwe instrumenten bij of we laten participatievormen los.
3. Welke doelen heeft de gemeente
Participatie is waardevol voor iedereen die betrokken is bij Leiderdorp. Door met elkaar in gesprek te gaan, inwoners, ondernemers, organisaties én de gemeente, komen we tot betere plannen en oplossingen voor onze leefomgeving.
De gemeente ziet participatie niet als een verplicht nummer, maar juist als een kans om beleid en uitvoering te verbeteren en het vertrouwen in de overheid te versterken. Door met elkaar te praten, leren we elkaars belangen, zorgen en ideeën beter begrijpen.
Ook als participatie niet verplicht is, kiest Leiderdorp er bewust voor om in gesprek te gaan met de samenleving. Want een goed idee kan overal vandaan komen.
Wel is het belangrijk om duidelijk te zijn: niet elk idee kan worden uitgevoerd. Soms zijn er juridische of financiële grenzen, of zitten er grote risico’s aan een voorstel. En soms maakt de gemeenteraad een afweging die niet met de meerderheid van reacties overeenkomt. Dat betekent niet dat participatie zinloos is, integendeel: het helpt om betere keuzes te maken én om die keuzes beter uit te leggen.
Daarom geldt: wie meepraat, wordt gehoord. En wie vragen heeft over een besluit of het participatieproces, kan die altijd stellen. We leggen dan graag uit wat er is gebeurd en waarom.
Participatie heeft vijf belangrijke doelen:
Serieus en zorgvuldig afwegen van belangen. Participatie is geen vrijblijvende activiteit. In sommige gevallen is participatie zelfs wettelijk verplicht, zoals bij de Omgevingsvisie. De gemeente moet aangeven hoe inwoners zijn betrokken en wat de resultaten zijn. Of bij een verkeersbesluit. Publicatie is verplicht. Inwoners mogen dan gedurende zes weken reageren, en de gemeente moet dit besluit openbaar delen.
Participatie betekent niet dat we het altijd met elkaar eens zijn – en dat hoeft ook niet. In een diverse samenleving bestaan verschillende belangen, ideeën en wensen. Soms staat dat zelfs haaks op elkaar. Het doel van participatie is dan ook niet om iedereen tevreden te stellen, maar om met elkaar in gesprek te gaan, verschillende perspectieven zichtbaar te maken. Om oog en oor te hebben voor de opvattingen van de meerderheid én van de minderheid, begrip te creëren voor elkaars standpunten en uiteindelijk tot een goed afgewogen besluit te komen.
Participatie is dus geen garantie op gelijk krijgen – maar wél op een eerlijk proces waarin alle stemmen gehoord worden en waarin het uiteindelijke besluit goed wordt onderbouwd. Zo werken we aan beter beleid, en aan wederzijds begrip en vertrouwen.
4. Wat gebeurt er al en welke ambities heeft de gemeente?
In Leiderdorp vinden we het vanzelfsprekend dat we in gesprek gaan met inwoners, organisaties en andere betrokkenen bij plannen en projecten. Samen maken we onze gemeente sterker, leefbaarder en groener.
We doen dit al op veel plekken. Zo hebben we bij het opstellen van de Sociale Agenda inwoners en maatschappelijke organisaties gevraagd om hun ideeën in te brengen. En in 2025 praatten we met inwoners over allerlei onderwerpen die er toe doen; zoals de verbetering van de fietsveiligheid op de Baanderij, de toekomstvisie op onze leefomgeving (de Omgevingsvisie) en het biodiversiteitsplan.
Participatie gaat ook over het ondersteunen van goede ideeën van inwoners zelf. Een mooi voorbeeld is het project om boomspiegels, de open grond rond bomen in straten, samen te vergroenen. Hier leren we van als gemeente. Bijvoorbeeld wat beter kan qua participatie en uitvoeren van ideeën. Dat is meegenomen in dit beleidsplan.
Participatie in Leiderdorp is essentieel en wordt continue versterkt en vormgegeven. Daarom zetten we in de komende jaren in op drie ambities:
Een stem voor de zwijgende meerderheid
De meningen van alle inwoners en andere betrokkenen zijn belangrijk, ook van de groep die zich niet uitspreekt. De redenen waarom iemand zwijgt, verschillen. Bijvoorbeeld geen interesse, een gevoel dat meningen niet meetellen of uit bescheidenheid. Wij willen deze groep aanmoedigen om zich uit te spreken en naar manieren zoeken om deze inwoners ook een stem te geven.
Inwoners hebben vaak mooie ideeën voor hun wijk, straat of vereniging. We willen het makkelijker maken om die ideeën met de gemeente te delen en samen te kijken wat mogelijk is.
Naast bijeenkomsten en vragenlijsten willen we ook andere participatie-instrumenten gebruiken, zoals sociale media, digitale platforms of tijdelijke proeven in de wijk. Zo sluiten we beter aan op wat mensen nodig hebben en hoe ze het liefst meedoen. We hopen ook mensen die nu nog niet zo vaak mee doen, te bereiken en te enthousiasmeren.
5. Wat is belangrijk bij inwonersparticipatie?
Voor de gemeente zijn vier principes belangrijk bij inwonersparticipatie:
Iedere inwoner die mee wil praten of mee wil doen, moet mee kunnen doen. Dat betekent dat we op tijd vertellen wat het plan of idee is. En dat de participatie toegankelijk en inclusief is. Dat betekent bijvoorbeeld dat bijeenkomsten op plaatsen zijn waar rolstoelen of rollators naar binnen kunnen. En dat de website van de gemeente ook bereikbaar is voor inwoners die niet goed kunnen zien. Door op verschillende manieren en momenten te praten, zorgen we dat onze boodschap aankomt bij een brede groep mensen. Soms heeft project van de gemeente gevolgen voor een groep inwoners die niet gewend is om mee te denken. Dan zet de gemeente extra stappen om deze groep te bereiken.
We leggen uit wat het project is waar de inwoners over mee kunnen denken. Bij elk project leggen we uit waar men wel en niet over kan meedenken en wie uiteindelijk een beslissing neemt. Soms zijn eerder al beslissingen genomen. Of het gaat om een idee waarin inwoners niet of nog niet mee kunnen doen. Dan zijn er grenzen aan de participatie. Door het toe te lichten weten inwoners wat zij kunnen verwachten van de gemeente.
We luisteren naar alle meningen. Daardoor weten we wat belangrijk is voor inwoners. Meningen verschillen. De gemeente kan niet alle meningen en ideeën uitvoeren. Weten welke meningen er zijn helpt wel om goede beslissingen te nemen. Dan kunnen we ook beter uitleggen wat de redenen voor een beslissing zijn.
6. Wat is belangrijk bij overheidsparticipatie?
Bij overheidsparticipatie let de gemeente op drie principes:
We leggen uit wat de gemeente met het idee gaat doen en waarom. Als het idee bij de gemeente binnenkomt, bekijkt de gemeente het idee. Als de gemeente positief is over het idee, krijgt de inwoner een contactpersoon en vertellen we wat de rol van de gemeente is. Soms vindt de gemeente iets wel een goed idee, maar kan de gemeente het niet uitvoeren. Dat leggen we dan uit.
7. Wat is belangrijk bij privaat georganiseerde participatie?
De Handreiking participatie bij (bouw)plannen noemt vijf punten die voor initiatiefnemers belangrijk zijn bij alle initiatieven:
De gemeente kijkt naar de kwaliteit van de participatie en kan maatregelen nemen als het niet voldoende is geweest. De gemeente kan bijvoorbeeld een aanvraag buiten behandeling laten als participatie verplicht was en de initiatiefnemer heeft niets gedaan. We werken aan meer regels en uitleg hierover.
8. Meedenken, meepraten, meedoen: hoeveel en hoe?
Bij een project of een plan van de gemeente vraagt de gemeente inwoners, ondernemers en andere betrokkenen om mee te denken, te praten of te doen. Hoe dit kan en hoeveel ruimte er is, verschilt per project en dit wordt ook per project aangegeven, ook aan de gemeenteraad. Soms bestaan al regels en afspraken, dan zijn die leidend.
Voordat participatie begint, maken we duidelijk waarover inwoners wel én niet mee kunnen denken.
Om uit te leggen hoe inwoners kunnen meedenken, gebruiken we een ladder, de participatieladder, met zes treden. Op een hoge trede van de ladder kunnen inwoners of andere betrokkenen veel meedenken of meedoen en zelfs mee beslissen. Dan hebben ze een grote rol. Op een lage trede is hun rol kleiner en kan participatie bestaan uit het informeren via een brief.
De zes treden op de participatieladder voor inwonersparticipatie zijn:
|
Voorbeeld – treden van participatie Stel de gemeente richt een park opnieuw in. Dan kan de gemeente inwoners op verschillende manieren laten meedenken of meedoen:
|
Meedoen is ook zelf ideeën voor Leiderdorp bedenken. Een inwoner of een groep inwoners met een idee kan zich melden bij de gemeente. Op de website staat een formulier hoe dat moet. Een voorbeeld in Leiderdorp is dat inwoners samen met de gemeente een speeltuin hebben ontworpen. De inwoners zorgen voor deze speeltuin. Bij ieder idee besluit het gemeentebestuur eerst of het idee goed voor Leiderdorp is. Als dat zo is, onderzoekt de gemeente wat zij in dit idee voor de inwoners kan doen. De gemeente kan verschillende rollen kiezen, van luisteren tot adviseren tot en met alles regelen.
De vijf treden op de participatieladder voor overheidsparticipatie zijn:
De gemeente vraagt inwoners om mee te praten over een project. Of inwoners hebben een idee en vragen of de gemeente kan helpen. Dan wordt uitgewerkt hoe inwoners en andere betrokkenen kunnen mee doen.
Wie meedoet, verschilt per idee. En hoe meegedaan wordt, verschilt ook per idee of project. Belangrijkste is dat duidelijk is wie wat doet en welke rol iedereen heeft. Dan weet iedereen wat hij of zij kan verwachten. Dit wordt vooraf helder uiteengezet.
Inwoners, ondernemers, maatschappelijke partijen, verenigingen en alle andere groepen zijn samen de samenleving. Voor de gemeente is de samenleving in projecten belangrijk, omdat de samenleving veel kennis heeft. Inwoners en alle andere groepen zijn ervaringsdeskundig. Dit betekent dat zij veel weten van Leiderdorp, omdat zij wonen, werken en leven in Leiderdorp. Of zij hebben ervaring op andere gebieden, zoals uit hun werk, vrijwilligerswerk of de tijd waarin zij nog niet in Leiderdorp woonden. Dit helpt de gemeente bij het bedenken van plannen voor Leiderdorp.
De samenleving heeft zelf ook wensen en ideeën. Een groep inwoners of een enkele inwoner kan met een idee naar de gemeente gaan. Dan onderzoekt de inwoner zelf wat anderen van het idee vinden. Bijvoorbeeld bij een idee om de straat op te knappen. Een ander voorbeeld is als een inwoner een aanbouw aan zijn woning wil maken. Dan moet een vergunning worden aangevraagd. Daarbij moet de inwoner ook in gesprek gaan over of omwonenden informeren over de plannen.
Gemeenteraad, college van burgemeester en wethouders en ambtenaren
Het bestuur van een gemeente bestaat uit drie bestuursorganen. Een bestuursorgaan is een groep of een functie die namens de overheid beslissingen mag nemen. In een gemeente zijn dit 1. de gemeenteraad, 2. het college van burgemeester en wethouders en 3. de burgemeester.
De inwoners kiezen de gemeenteraad. Namens deze inwoners stelt de gemeenteraad algemene regels en doelen vast. Deze regels gaan bijvoorbeeld over wonen en de omgeving. Het college van burgemeester en wethouders werkt deze algemene regels uit in projecten. En de gemeenteraad controleert hoe dit gaat. De gemeenteraad neemt ook beslissingen over de verdeling van het geld van de gemeente
Als deze algemene regels en het geld van de raad er zijn, krijgt het college van burgemeester en wethouders ruimte om met plannen aan de slag te gaan. De ambtenaren adviseren het college hierover en voeren de plannen uit.
De gemeenteraad stelt ook regels vast over hoe inwoners kunnen meepraten in de gemeente en wat er belangrijk is bij participatie. Dit staat in dit participatiebeleidsdocument en in de participatieverordening. In de participatieverordening staan de officiële regels. Dit beleidsdocument legt verder uit welke afspraken en werkwijzen in Leiderdorp gelden.
Werken volgens de participatieverordening en het participatiebeleid helpt de gemeenteraad bij het maken van eigen afwegingen in de beoordeling van de kwaliteit van participatieprocessen.
In een aantal situaties stuurt het college een brief over de participatieaanpak aan de gemeenteraad. Bijvoorbeeld als het onderwerp of het project helemaal nieuw is voor Leiderdorp. Of als de kosten hoger dan verwacht zijn. Of als iets veranderd is waar de raad een besluit over moet nemen. Soms vindt de gemeenteraad een plan zo belangrijk dat zij van te voren willen weten hoe het college inwoners mee laat praten.
Inwoners kunnen deze brieven ook lezen. Die zijn te vinden via de webpagina van de gemeenteraad.
Soms hebben inwoners een idee dat niet past bij de algemene regels. Of er is geen geld voor gereserveerd. Dan beoordeelt het college dit. Als het college het een goed idee vindt, kan het college een voorstel maken voor de gemeenteraad.
De gemeentewet geeft de burgemeester een eigen taak op het gebied van participatie2. De burgemeester moet opletten of de gemeente hiervoor goede werkwijzen heeft. Loopt het proces goed? Kan iedereen meedenken of meedoen?
|
Leiderdorp heeft een eigen panel Wij willen graag weten wat onze inwoners belangrijk vinden. Daarom hebben wij een Leiderdorppanel, waar alle inwoners van Leiderdorp aan deel kunnen nemen. Wie deelneemt aan het Leiderdorppanel ontvangt af en toe een uitnodiging om via internet een vragenlijst in te vullen. Per e-mail krijgt u bericht wanneer een nieuwe peiling start. Na afloop van elke peiling wordt u per e-mail geïnformeerd over de belangrijkste uitkomsten. Wilt u meedoen aan het Leiderdorppanel? Meldt u zich dan aan via www.leiderdorppanel.nl. |
In dit beleidsdocument staan de afspraken en werkwijze van participatie in Leiderdorp. Die helpen in het samenwerken tussen inwoners, ondernemers, maatschappelijke organisaties, gemeenteraad, college van burgemeester en wethouders en ambtenaren. Hierdoor kennen we elkaars rol en weten we wat we kunnen verwachten.
Participatie is vooral ook: doen. En leren van de praktijk. Voor dit beleid hebben ook geleerd van ervaringen.
En daarom kijken we ook steeds terug als een project klaar is. Daarvoor maken we een evaluatiemethode. Daarin sluiten we aan bij onze doelen van participatie. Die vertalen we in punten, zoals:
Op de website van Leiderdorp staat waar inwoners of andere betrokkenen vragen of klachten over het proces van participatie kunnen stellen.
Iedere vijf jaar kijken we of de participatieverordening en het participatiebeleid goed werken. Zijn de regels duidelijk? Wat hebben we geleerd van de praktijk? Wat kan er beter? Hiervan maken we een verslag. We zetten dit ook op de website. Zo werken we samen aan participatie en leren we samen van participatie.
Vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van Leiderdorp op 15 september 2025,
de griffier,
mevrouw H.K.B. Fobler
de voorzitter,
mevrouw T.C.M. Struik
Hoe meedenken, meepraten of meedoen werkt, hangt af van wie met het idee start. Hieronder leggen we eerst uit hoe het gaat als een inwoner of een groep inwoners een idee heeft. Daarna beschrijven we de werkwijze bij een idee of een plan van de gemeente. Tot slot bespreken we de privaat georganiseerde participatie.
Stappenplan overheidsparticipatie
Op de website van Leiderdorp staat een formulier om het idee bij de gemeente te melden. Dit formulier helpt om te bekijken wat de goede route is. Bijvoorbeeld, als het een aanvraag voor een subsidie is of voor een omgevingsvergunning, is er een andere aanvraagroute. Ook voor een evenement is een andere werkwijze.
Het idee mag niet als doel hebben om geld te verdienen en winst te maken.
Als de gemeente het idee goed vindt, moet de gemeente besluiten hoe inwoners en gemeente het idee gaan uitvoeren. In dit beleidsplan is uitgelegd wat de gemeente kan doen : Loslaten, steunen, stimuleren, leiden of regelen.
Vaak zijn afspraken nodig of sluiten de gemeente en de inwoners een overeenkomst. Ze denken bijvoorbeeld na over de verdeling van rollen. En ook hoe gemeten wordt of het idee werkt.
De gemeente bedenkt ook wie een besluit over het idee moet nemen. Dat kan het college van burgemeester en wethouders zijn. Of de gemeenteraad. Soms past het idee ook binnen afspraken die al bestaan.
Stappenplan inwonersparticipatie
Als de gemeente start met een idee is de werkwijze iets anders.
De gemeente heeft een idee, maakt een plan of start een project. Hierin staat meestal ook al iets over hoe de gemeente inwoners en andere betrokkenen wil laten meedenken of meedoen. Vaak is er een webpagina op de website van de gemeente over het plan. Hierop schrijft de gemeente ook hoe inwoners kunnen mee denken.
Soms kunnen inwoners niet meedenken over een plan. In de officiële regels, de participatieverordening, staan situaties waarin meedenken niet mag. Voorbeelden: als er een crisis is, als de gemeente voor de rijksoverheid een wet uitvoert. Dan heeft de gemeente geen ruimte om hiervan af te wijken. Als inwoners niet kunnen meedenken, legt de gemeente dit uit.
Ook verplicht de wet soms dat de gemeente inwoners vraagt om inwoners om mee te denken. Een voorbeeld is de Omgevingsvisie, het toekomstplan voor het de fysieke leefomgeving van Leiderdorp.
Als inwoners kunnen meedenken of meedoen, maakt de gemeente hier een aanpak voor. Dit heet een participatieaanpak. Soms is de aanpak een apart plan. Soms is dit een tekst in een projectplan. In het participatieaanpak staat de trede van de participatieladder die we kiezen: informeren, raadplegen, adviseren, coproduceren, beslissen, meebeslissen (zie hoofdstuk 8 voor meer uitleg over de participatieladder). In een project dat lang duurt en uit verschillende stappen bestaat, is de trede in de ene stap soms anders dan in de andere
Daarvoor kijkt de gemeente naar allerlei vragen. Voorbeelden zijn:
De participatieaanpak beschrijft welke participatie-instrumenten de gemeente wil gebruiken: bijeenkomst, brieven, vragenlijst, burgerpanel. De gemeente heeft een gereedschapskist (toolbox) met instrumenten. Daar komen telkens vormen bij en gaan vormen af. We leren van de praktijk en van andere gemeenten.
Ook besteedt de aanpak aandacht aan de vraag wanneer we de kwaliteit van het participatieproces goed vinden. Bijvoorbeeld als groepen inwoners hebben meegepraat. Of als een bepaald aantal inwoners mee heeft gedaan. Dat noemen we kwaliteitscriteria.
De gemeente bedenkt daarbij ook hoe zij deze aanpak bekend maakt bij de inwoners en andere betrokkenen. Soms is het bijvoorbeeld nodig om een brief aan de gemeenteraad of aan bewoners te sturen. Of een nieuwsbericht op de website en de socials te plaatsen.
Het is belangrijk dat inwoners en andere betrokkenen weten hoe en wanneer ze mee kunnen doen. Dit noemen we een communicatieplan.
Stappenplan privaat georganiseerde participatie
Op 1 januari 2024 is de Omgevingswet gaan gelden. Vanaf dat moment is de initiatiefnemer voor een bouwplan ook verantwoordelijk voor het betrekken van de omgeving bij het plan.
Hoe de initiatiefnemer de omgeving wil laten meedenken of meedoen mag de initiatiefnemer zelf weten. Als gemeente hebben we hiervoor de Handreiking3 participatie bij (bouw)plannen gemaakt die hierbij kan helpen. We werken aan meer uitwerking van regels rond privaat georganiseerde participatie.
Initiatieven zijn verschillend. Een bouwplan kan effect op één gebouw hebben maar ook een hele andere functie krijgen. Dan merkt de omgeving er ook veel van. De handreiking noemt drie soorten:
In de Handreiking staan voor ieder soort initiatief ideeën voor de vormgeving van de participatie-aanpak. Bijvoorbeeld voor stap 2 In gesprek gaan: Bij een verbouwing van één woning een gesprek met de directe buren. Bij een complex initiatief meerdere informatiebijeenkomsten met belanghebbenden.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2025-466015.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.