Gemeenteblad van Rheden
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Rheden | Gemeenteblad 2025, 462029 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Rheden | Gemeenteblad 2025, 462029 | beleidsregel |
Beleidsregel Toepassing Uniforme Openbare Voorbereidingsprocedure (UOV) bij BOPA’s
Het college van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Rheden;
overwegende dat het wenselijk is om een beleidsregel vast te stellen voor het van toepassing verklaren van de uniforme openbare voorbereidingsprocedure van afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht bij de verlening van een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit op basis van artikel 16.65, vierde lid van de Omgevingswet;
gelet op het bepaalde in artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 16.65, vierde lid van de Omgevingswet en het Aanwijzingsbesluit adviesrecht Omgevingswet van de gemeente Rheden;
de volgende Beleidsregel Toepassing Uniforme Openbare Voorbereidingsprocedure (UOV) bij BOPA’s inclusief toelichting met bijlagen vast te stellen.
In deze beleidsreel en de daarop berustende bepalingen verstaan we onder:
Alle andere begrippen die in deze beleidsregel worden gebruikt en die hierboven niet nader zijn omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Omgevingswet, Omgevingsbesluit en de Algemene wet bestuursrecht.
Artikel 2 UOV van toepassing bij bindend advies raad
Het college zal de UOV van toepassing verklaren bij een BOPA die ziet op een categorie zoals opgenomen op de lijst van categorieën van gevallen van BOPA’s waarvoor de raad als adviseur optreedt zoals bedoeld in artikel 16.15a en 16.15b van de Omgevingswet en zoals de raad dit heeft vastgesteld bij aanwijsbesluit van 29 november 2022. Deze beleidsregels zijn ook van toepassing op toekomstige wijzigingen van dit aanwijsbesluit waarin de raad een aangepaste lijst vaststelt.
Vastgesteld bij besluit van burgemeester en wethouders d.d. 23 september 2025.
De Steeg, 23 september 2025
Het college voornoemd,
burgemeester.
secretaris.
Schema besluiten via uitgebreide voorbereidingsprocedure
|
Besluit dat het bestuursorgaan met de uitgebreide procedure voorbereidt |
|
|
Aanwijzing van een Natura 2000-gebied of een bijzonder nationaal natuurgebied |
|
|
Alle in de Omgevingswet aangewezen programma's en de documenten die voor het opstellen van die programma's afzonderlijk worden vastgesteld |
|
|
Bepaalde gedoogplichtbeschikkingen, behalve als het gaat om intrekking van een gedoogplichtbeschikking |
|
|
Een besluit tot het tijdelijk in gebruik geven van tot een herverkavelingsblok behorende percelen |
|
|
Een plan of programma dat het kader vormt voor te nemen besluiten waarvoor een milieueffectrapport (MER) moet worden gemaakt |
|
|
Een besluit waarvoor een milieueffectrapport (MER) moet worden gemaakt |
|
|
Een projectbesluit en een voorkeursbeslissing voor een projectbesluit |
|
|
Een besluit tot vaststelling van een geluidproductieplafond als omgevingswaarde in bepaalde gevallen |
|
|
Bepaalde omgevingsvergunningen, opgesomd in artikel 10.24 van het Omgevingsbesluit. Dit zijn onder andere omgevingsvergunningen voor de volgende activiteiten:
Vraagt iemand in 1 aanvraag een omgevingsvergunning aan voor meerdere activiteiten? Dan geldt de uitgebreide procedure zodra voor 1 van de activiteiten de uitgebreide procedure geldt |
|
|
Een aanvraag om een omgevingsvergunning, waarbij de aanvrager heeft verzocht of ingestemd met het toepassen van de uitgebreide procedure |
|
|
Een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit, als het bevoegd gezag hier de uitgebreide procedure op van toepassing heeft verklaard. Er is geen andere omgevingsvergunning waarbij het bevoegd gezag de uitgebreide procedure ambtshalve van toepassing kan verklaren |
Bijlage 2: verdieping beleidsregels toepassing Uniforme Openbare Voorbereidingsprocedure (UOV) bij buitenplanse omgevingsplanactiviteiten
Het college van burgemeester en wethouders kan afwijken van de regels van het Omgevingsplan via een buitenplanse omgevingsplan activiteit (BOPA). Het kan gaan om kleine projecten en hele grote projecten. De korte procedure is het uitgangspunt in de Omgevingswet. De beslistermijn is normaliter maximaal 8 weken. Daarna is bezwaar en beroep mogelijk. In afwijking hiervan is in bepaalde gevallen de uniforme openbare voorbereidingsprocedure van afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing.
Op diverse plaatsen in de Omgevingswet en in artikel 10.24 van het Omgevingsbesluit staat wanneer de uitgebreide procedure geldt (zie bijlage 2). In artikel 3.10 van de Algemene wet bestuursrecht staat dat het bevoegd gezag de uitgebreide procedure van toepassing mag verklaren. Dat mag in bepaalde gevallen bij een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een BOPA of indien de aanvrager heeft verzocht om het toepassen van de uitgebreide procedure.
Het gaat hier om een bevoegdheid waarvan het college gebruik kan maken onder de volgende criteria:
In het geval de UOV wordt gevolgd, wordt eerst een ontwerp van het voorgenomen besluit ter inzage gelegd. Gedurende de periode van ter inzagelegging kunnen belanghebbenden een zienswijze indienen. Deze zienswijzen worden verwerkt in een zienswijzenota en kunnen aanleiding geven tot aanpassing van het ontwerp besluit. Vervolgens wordt een definitief besluit genomen. De termijn van vergunningverlening bedraagt 26 weken. Dan staat de mogelijkheid van beroep open bij de rechtbank en vervolgens hoger beroep bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Als het college voornemens is de UOV van toepassing te verklaren, dan wordt de initiatiefnemer hierover geïnformeerd. De initiatiefnemer krijgt de gelegenheid om tegen dit voornemen een zienswijze in te dienen.
Elk initiatief moet individueel worden getoetst en voor ieder initiatief moet een apart besluit worden genomen over het van toepassing verklaren van de UOV. Dat besluit moet goed worden gemotiveerd. Dat blijft zo, ook als hiervoor beleidsregels worden vastgesteld. Maar het geeft wel duidelijkheid vooraf aan zowel de initiatiefnemer als de organisatie als met beleidsregels wordt bepaald in welke situaties de UOV wordt toegepast. Op een voorspelbare en consequente wijze. Omdat sprake is van beleid kan hier altijd, met een goede motivering, van worden afgeweken. Maar het beleid geeft wel een kader voor de besluitvorming hierover. De behoefte aan beleidsregels met betrekking tot de procedure voor de BOPA wordt verder ook veroorzaakt door de grote diversiteit aan ontwikkelingen die met een BOPA kunnen worden gerealiseerd.
UOV bij projecten waarvoor het bindend adviesrecht geldt
De raad heeft op 20 november 2022 besloten in welke gevallen om bindend advies gevraagd moet worden voordat het college de vergunning kan verlenen. Gevallen waarvoor de raad het bindend adviesrecht heeft, zijn zonder uitzondering grote ontwikkelingen met mogelijk aanzienlijke gevolgen voor de fysieke leefomgeving. De UOV wordt dan ook toegepast bij projecten waarvoor het bindend adviesrecht geldt van de raad. Bijkomend voordeel hierbij is ook dat in de UOV het raadsproces met betrekking tot het bindend adviesrecht beter is in te passen. Andersom is het zeker niet zo dat als het bindend adviesrecht niet van toepassing is, er per definitie geen sprake is van ‘aanzienlijke gevolgen voor de fysieke leefomgeving’. Indien sprake is van een BOPA waarvoor het bindend adviesrecht geldt en het betreft een BOPA in twee fasen, wordt de UOV uitsluitend in de eerste fase toegepast.
UOV bij projecten met een grote maatschappelijke impact en een hoge mate van inbreuk op het geldende planologisch regiem
Verder zijn er projecten die op zich niet zo heel groot zijn, maar waarbij de maatschappelijke impact het project complex maakt. Bijvoorbeeld stedelijke herstructureringslocaties die omringd worden door veel belanghebbenden en waarbij het project ook impact kan hebben op de fysieke leefomgeving in een wat groter gebied. Vanwege de maatschappelijke impact van dit soort projecten is een uitgebreide procedure hier gerechtvaardigd.
De beoordeling of verschillende belanghebbenden bedenkingen zullen hebben tegen een ontwikkeling is alleen aan de orde wanneer de beoordeling van de eerstgenoemde voorwaarde (aanzienlijke gevolgen voor de fysieke leefomgeving) positief is. De twee voorwaarden uit artikel 16.65, vierde lid, gelden namelijk cumulatief. Als er aan één van de twee niet wordt voldaan is er geen bevoegdheid om afdeling 3.4 Awb van toepassing te verklaren en geldt de reguliere voorbereidingsprocedure.
Onze verwachting is dat bij een ontwikkeling die aanzienlijke gevolgen heeft of kan hebben voor de fysieke leefomgeving er vrijwel altijd belanghebbenden zijn die reageren op deze voorgenomen ontwikkeling. Het aantal reacties zal veelal afnemen wanneer de initiatiefnemer in het voortraject mogelijke belanghebbenden informeert en, zo mogelijk, bij de ontwikkeling rekening houdt met de inbreng van deze belanghebbenden.
Ons uitgangspunt is daarom dat bij een ontwikkeling die aanzienlijke gevolgen heeft of kan hebben voor de fysieke leefomgeving we in beginsel verwachten dat verschillende belanghebbenden bedenkingen zullen hebben tegen de betreffende ontwikkeling. Van dit uitgangspunt kan worden afgeweken wanneer de initiatiefnemer aantoonbaar maakt dat er bij de betreffende ontwikkeling in principe géén bedenkingen van belanghebbenden te verwachten zijn.
Voor de beoordeling hiervan wordt door ons college mede gebruik gemaakt van de opbrengst van de participatie die de initiatiefnemer heeft verricht. De opbrengst van de participatie is niet doorslaggevend voor de beoordeling of artikel 3.4 Awb van toepassing moet worden verklaard, maar levert input. Het is en blijft een afweging die ons college zelfstandig zal maken.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2025-462029.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.