Besluit van de gemeenteraad van de gemeente Den Helder, houdende regels over de Tijdelijke verordening commissie ambtelijke organisatie gemeente Den Helder 2025.

 

De raad van de gemeente Den Helder;

 

gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 12 augustus 2025 met kenmerk 479222;

 

gelet op artikel 84 van de Gemeentewet;

 

overwegende dat de raad op 10 juni 2025 een motie heeft aangenomen waarbij aangegeven is dat een commissie vanuit de raad gewenst is voor de begeleiding van de efficiency van de ambtelijke organisatie;

 

besluit de volgende verordening vast te stellen:

 

Tijdelijke verordening commissie ambtelijke organisatie gemeente Den Helder 2025.

 

HOOFDSTUK 1 Taak van de begeleidingscommissie

Artikel 1  

  • 1.

    De begeleidingscommissie (verder te noemen: commissie) heeft tot taak het voeren van de dialoog met burgemeester en wethouders over de organisatieontwikkeling van de ambtelijke organsiatie van de gemeente Den Helder.

  • 2.

    De taak van de commissie kan gedurende de periode, al dan niet op verzoek van de commissie, door de gemeenteraad worden gewijzigd.

Artikel 2  

  • 1.

    De commissie voert het gesprek met het college van burgemeester en wethouders over

    • a.

      De uitvoering van de vervolgstappen uit het organisatieontwikkelplan 1.0 (OOP1)

    • b.

      De aanbevelingen uit het vervolgonderzoek van Rijnconsult 2025 (OOP2)

    • c.

      De voortgang van de aanbevelingen uit het onderzoeksrapport OOP2

    • d.

      De uitkomsten van het medewerkersonderzoek, gehouden in oktober 2025

  • 2.

    De commissie doet verslag aan de gemeenteraad over de uitvoering van haar werkzaamheden.

     

HOOFDSTUK 2 Samenstelling van de commissie

Artikel 3  

  • 1.

    De commissie bestaat uit maximaal vijf raadsleden.

  • 2.

    De commissie kiest uit haar midden een voorzitter en een vicevoorzitter en doet hiervan zo spoedig mogelijk mededeling aan de gemeenteraad.

  • 3.

    De griffier draagt zorg voor ondersteuning van de commissie en kan daarvoor tevens medewerkers van de raadsgriffie aanwijzen.

Artikel 4  

De voorzitter is belast met:

  • a.

    het leiden van de beraadslagingen en zittingen;

  • b.

    het handhaven van de orde;

  • c.

    het doen naleven van bij of krachtens deze verordening gestelde regels;

  • d.

    de woordvoering namens de commissie;

  • e.

    hetgeen deze verordening hem verder opdraagt.

Artikel 5  

  • 1.

    Het lidmaatschap van de commissie eindigt, indien:

    • a.

      de raad besluit tot opheffing van de commissie;

    • b.

      een lid ophoudt lid te zijn van de raad;

    • c.

      een lid ontslag neemt.

  • 2.

    Een lid van de commissie kan op elk moment ontslag nemen. Hiervan brengt hij de raad en de voorzitter van de commissie zo spoedig mogelijk schriftelijk op de hoogte.

  • 3.

    In openstaande vacatures wordt zo spoedig mogelijk voorzien.

Artikel 6  

De commissie wordt geacht te zijn ontbonden na afloop van het tweede kwartaal 2026.

 

HOOFDSTUK 3 Werkwijze van de commissie

Artikel 7  

  • 1.

    De griffier draagt zorg voor de verslaglegging van de zittingen.

  • 2.

    Het verslag vermeldt de namen van de aanwezigen en hun hoedanigheid voor zover van belang.

  • 3.

    Het verslag houdt een zakelijke vermelding in van wat over en weer is gezegd en wat verder ter zitting is voorgevallen.

  • 4.

    Het verslag verwijst naar de op de zitting overgelegde bescheiden, die aan het verslag kunnen worden gehecht.

  • 5.

    Het verslag wordt ondertekend door de voorzitter en de griffier.

Artikel 8  

  • 1.

    De commissie vergadert zo vaak als de voorzitter dit nodig oordeelt of tenminste twee leden van de commissie hem dit schriftelijk en met opgaaf van redenen verzoeken.

  • 2.

    De voorzitter bepaalt dag en uur van de vergadering en zorgt voor de tijdige oproeping van de leden en andere genodigden.

Artikel 9  

  • 1.

    De commissie kan niet beraadslagen of besluiten, indien niet meer dan de helft van het aantal van haar leden aanwezig is.

  • 2.

    Wanneer het vereiste aantal leden niet is opgekomen, kan de voorzitter met een tussentijd van tenminste 48 uren een nieuwe vergadering beleggen, waarin de aanwezige leden beraadslagen of besluiten over de aanhangige onderwerpen, tenzij hiertegen door de meerderheid van het aantal leden van de commissie schriftelijk bezwaar is gemaakt;

  • 3.

    De commissie besluit met meerderheid van stemmen.

Artikel 10  

  • 1.

    De vergaderingen van de commissie zijn besloten en zijn alleen toegankelijk voor leden van de commissie en andere genodigden.

  • 2.

    De commissie beslist over de openbaarmaking van de in die vergadering aan de orde komende stukken, voor zover die niet als geheim stuk ter hand zijn gesteld.

  • 3.

    De leden en andere genodigden bewaren geheimhouding omtrent de inhoud van de bescheiden of gedeelten daarvan, die ingevolge een besluit bedoeld in het tweede lid, niet openbaar worden gemaakt.

  • 4.

    Voor zover de in het derde lid bedoelde bescheiden deel uitmaken van het onderzoeksrapport, worden deze onder geheimhouding ter inzage gelegd bij de griffier.

Artikel 11  

  • 1.

    De commissie is bevoegd tot het opvragen en inzien van gegevens in schriftelijke hetzij digitale vorm welke zij voor haar opdracht nodig acht.

  • 2.

    De commissie is bevoegd schriftelijke of mondelinge inlichtingen te vragen aan de burgemeester, het college van burgemeester en wethouders, een lid van dat college, andere leden van de gemeenteraad of aan ambtenaren in dienst van de gemeente.

  • 3.

    Voor het verkrijgen van mondelinge inlichtingen kan de commissie de burgemeester, het college van burgemeester en wethouders, een lid van dat college, andere leden van de gemeenteraad, een ambtenaar in dienst van de gemeente of derden ter vergadering uitnodigen.

  • 4.

    Van de uitnodiging van een ambtenaar geeft de commissie schriftelijk kennis aan het college van burgemeester en wethouders.

     

HOOFDSTUK 4 Slotbepalingen.

Artikel 12  

Ingeval van twijfel over de toepassing of de uitleg van een bepaling in deze verordening, en in gevallen waarin deze verordening niet voorziet, raadpleegt de voorzitter het presidium, dat een beslissing neemt.

Artikel 13  

  • 1.

    Deze verordening treedt in werking op de dag na de bekendmaking.

  • 2.

    Deze verordening kan worden aangehaald als Tijdelijke verordening commissie ambtelijke organisatie gemeente Den Helder 2025.

  • 3.

    Deze verordening geldt met ingang van de dag van haar inwerkingtreding tot de dag dat de commissie wordt geacht te zijn ontbonden overeenkomstig artikel 6 van deze verordening.

Aldus besloten in de raadsvergadering van 6 oktober 2025.

voorzitter,

J.A. (Jan) de Boer MSc.

griffier,

mr. drs. M (Menno) Huisman

Naar boven