Gemeenteblad van Soest
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Soest | Gemeenteblad 2025, 454253 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Soest | Gemeenteblad 2025, 454253 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Nadere subsidieregels gemeente Soest 2027
De Nadere subsidieregels gemeente Soest 2027 zijn algemeen verbindende voorschriften die zijn vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders op grond van artikel 3 van de Algemene Subsidieverordening Soest 2020 (hierna: ASV) en artikel 156 van de Gemeentewet. De ASV is van toepassing, tenzij in deze nadere subsidieregels daarvan uitdrukkelijk wordt afgeweken.
Deze subsidieregels beschrijven per beleidsterrein de beleidsdoelstellingen, subsidiabele activiteiten, specifieke voorwaarden, hoogte van de subsidie, wijze van verdeling en bijbehorende subsidieplafonds. De specifieke voorwaarden zijn aanvullend op de weigeringsgronden zoals opgenomen in artikel 9 ASV. De subsidie wordt uitsluitend verstrekt aan activiteiten die bijdragen aan gemeentelijk beleid; aanvragers dienen in hun subsidieaanvraag expliciet toe te lichten op welke wijze zij bijdragen aan deze beleidsdoelen.
Het college stelt begin 2026 de voorlopige subsidieplafonds vast. Organisaties dienen hun aanvragen uiterlijk 1 juli 2026 in op basis van deze plafonds. Vervolgens beoordeelt een ambtelijke wegingstafel de aanvragen en wordt een ontwerp-subsidieprogramma opgesteld. Nadat de gemeenteraad in november 2026 de begroting voor 2027 heeft vastgesteld, stelt het college de definitieve subsidieplafonds en het subsidieprogramma vast. Op basis daarvan worden uiterlijk 31 december 2026 de subsidiebeschikkingen voor het jaar 2027 verzonden. Dit proces herhaalt zich vervolgens jaarlijks voor de daaropvolgende subsidieperioden.
De nadere subsidieregels sluiten inhoudelijk aan op de in december 2023 vastgestelde Integrale Visie Sociaal Domein 2024–2028, de cultuurvisie “Cultuur, podium van ontmoeting 2024–2028” en de nota “Sport en bewegen 2024–2028”. Ter ondersteuning van de uitvoering van deze visies wordt jaarlijks een uitvoeringsplan opgesteld met daarin bijbehorende raads- en uitvoeringsindicatoren. Het doel is om subsidies doelgerichter in te zetten ten gunste van activiteiten die effectief bijdragen aan de vijf opgaven uit de integrale visie.
Voor professionele maatschappelijke organisaties die deel uitmaken van de Sociale Basis Infrastructuur (SBI) geldt een gezamenlijke subsidievorm binnen een vast subsidieplafond. Het college stelt jaarlijks voorlopige subsidieplafonds vast, onder voorbehoud van de begroting. Vervolgens vindt een integrale ambtelijke beoordeling plaats door een multidisciplinaire wegingstafel, waarin aanvragen worden beoordeeld op:
Het resultaat van deze beoordeling vormt input voor het subsidieprogramma. Het college neemt uiteindelijk het definitieve besluit over de subsidieplafonds en het subsidieprogramma, na vaststelling van de begroting in november. Daarmee behoudt het college de regie over de inzet van middelen per project of partner.
Bij de beoordeling wordt gebruik gemaakt van een afwegingskader en gestandaardiseerde kostenberekeningen. Voor alle aanvragers gelden uniforme richtlijnen voor het aanleggen van voorzieningen en reserves.
Sociale Basis Infrastructuur (SBI) en toelating
De Sociale Basis Infrastructuur (SBI) vormt het samenhangende geheel van professionele maatschappelijke organisaties die structureel bijdragen aan de uitvoering van gemeentelijk beleid in het sociaal domein. Om de toegang tot de SBI transparant en eerlijk te laten verlopen, hanteert het college een set toelatingscriteria die in deze regeling zijn vastgelegd. Alleen organisaties die voldoen aan deze criteria en door het college als SBI-partner zijn aangewezen, kunnen in aanmerking komen voor structurele subsidiëring binnen de SBI. Hiermee wordt geborgd dat toelating plaatsvindt op objectieve, toetsbare en non-discriminatoire gronden, in overeenstemming met het gelijkheidsbeginsel en de algemene beginselen van behoorlijk bestuur.
Naast de structurele subsidierelaties met vaste maatschappelijke partners, erkent het college de behoefte aan bestuurlijke flexibiliteit bij het ondersteunen van vernieuwende en kansrijke initiatieven. Het college behoudt, op grond van artikel 2 van de Algemene subsidieverordening Soest 2020, de bevoegdheid om in voorkomende gevallen incidenteel subsidie te verlenen conform de uitgangspunten van artikel 4:23 derde lid van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
Deze nadere subsidieregels zijn thematisch opgebouwd:
NADERE SUBSIDIEREGELS GEMEENTE SOEST 2027
Hoofdstuk 1 - Algemene bepalingen
Hoofdstuk 2 - Professionele maatschappelijke organisaties
Hoofdstuk 1 - Algemene bepalingen
Artikel 1 – Algemene begripsomschrijvingen
Accommodatiekosten: kosten voor huur, gebruik, onderhoud en instandhouding van basisvoorzieningen die noodzakelijk zijn voor het faciliteren van de activiteit (inclusief gebouwen en velden); uitgesloten zijn kosten die gemaakt worden voor onderhoud van basisvoorzieningen door geprivatiseerde verenigingen die een privatiseringsbudget ontvingen.
Subsidieplafond: het maximumbedrag dat door het college per beleidsterrein of subsidieregeling beschikbaar wordt gesteld voor het verstrekken van subsidies in een bepaald tijdvak. Het vaststellen van een subsidieplafond betekent dat geen subsidie wordt verstrekt boven het daarvoor beschikbare bedrag. Het subsidieplafond wordt vastgesteld op grond van artikel 4:25 en 4:26 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en artikel 5 van de Algemene Subsidieverordening Soest.
Cultuurnota: De door de gemeenteraad vastgestelde nota “Cultuur, podium van ontmoeting 2024–2028”, waarin de visie, doelstellingen en speerpunten van het cultuurbeleid van de gemeente Soest voor de periode 2024–2028 zijn opgenomen. De nota vormt het beleidsinhoudelijk kader voor subsidiering van culturele activiteiten, instellingen en initiatieven in Soest en Soesterberg.
Sportnota: De door het college vastgestelde nota “Sport en bewegen in Soest en Soesterberg – nota 2024–2028”, waarin de ambities, beleidslijnen en uitvoeringsafspraken van het gemeentelijk sportbeleid zijn vastgelegd. Deze nota dient als leidraad voor de ontwikkeling en ondersteuning van sport- en beweegactiviteiten binnen de gemeente Soest.
Subsidie wordt in ieder geval geweigerd voor activiteiten die een politiek of religieus karakter hebben. Hieronder wordt verstaan: activiteiten die primair zijn gericht op politieke meningsvorming of religieuze overtuiging, zonder dat sprake is van een overwegende bijdrage aan de gemeentelijke beleidsdoelen.
Hoofdstuk 2 - Professionele maatschappelijke organisaties
Artikel 1 - Methodiek subsidiering professionele maatschappelijke organisaties
Het college stelt voorlopige subsidieplafonds vast onder voorbehoud van de aanwezigheid van voldoende middelen in de gemeentelijke begroting. Een ambtelijke wegingstafel beoordeelt de aanvragen en stelt het subsidieprogramma op. Kort na definitieve vaststelling van de begroting door de gemeenteraad, neemt het college vervolgens het definitieve besluit over de subsidieplafonds via het subsidieprogramma, waarna de subsidiebeschikkingen op uiterlijk 31 december van het jaar van indiening van de aanvraag worden verzonden.
Binnen dit plafond worden aanvragen integraal beoordeeld door de ambtelijke commissie. Deze commissie hanteert een gezamenlijke weging op basis van de bijdrage aan de vijf opgaven uit de Integrale Visie Sociaal Domein, de Cultuurnota (voor culturele subsidies), de Sportnota (indien van toepassing), overige toepasselijke regelgeving, de kwaliteit van de aanvraag en de samenwerking met andere partijen.
Overgangsbepaling (continuïteit): ter waarborging van voorzieningen kunnen lopende subsidies tijdelijk worden voortgezet tot het nieuwe besluit op basis van de in dit artikel bedoelde procedure; deze voorlopige voortzetting vervalt van rechtswege zodra het collegebesluit tot (her)vaststelling van de SBI-lijst is genomen.
De subsidie borgt de continuïteit van kernactiviteiten van professionele maatschappelijke organisaties die bijdragen aan gemeentelijke beleidsdoelen op het gebied van cultuur, sport en sociaal domein. Deze activiteiten dragen in samenhang bij aan de vijf opgaven van de Integrale Visie Sociaal Domein:
Artikel 4 – Subsidieplafond en verdeling
De subsidieaanvragen worden gewogen en verdeeld op basis van hun bijdrage aan de vijf opgaven van de Integrale Visie Sociaal Domein. Voor activiteiten die primair gericht zijn op cultuur of sport, wordt tevens de bijdrage aan de uitgangspunten en/of pijlers uit respectievelijk de Cultuurnota of de vigerende Sportnota meegewogen in de beoordeling.
Artikel 6 – Vorming van voorzieningen en reserves
Het college kan bij de verlening van een subsidie die per kalender- of boekjaar wordt verstrekt en meer dan € 50.000 bedraagt, bepalen dat de subsidieontvanger een egalisatiereserve vormt als bedoeld in artikel 4:72, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht, in samenhang met artikel 12a van de Algemene Subsidieverordening gemeente Soest 2020.
Indien het totaal van de aangevraagde subsidies het voor het betreffende jaar vastgestelde subsidieplafond overschrijdt, vindt de verdeling van het beschikbare budget plaats naar rato van het aantal leden per ouderenbond, op basis van het totaal aantal leden van alle in aanmerking komende ouderenbonden. Hierbij wordt eerst de vaste bijdrage per bond in mindering gebracht op het subsidieplafond; het resterende bedrag wordt vervolgens evenredig verdeeld over de bondsleden.
Artikel 3 – Sociaal-juridische dienstverlening
Op basis van dit artikel kan subsidie worden aangevraagd voor het uitvoeren van sociaal-juridische dienstverlening voor inwoners van de gemeente Soest. De dienstverlening omvat onder andere onafhankelijke ondersteuning bij hulpvragen, het geven van voorlichting, juridische advisering en het begeleiden van inwoners bij het vinden van passende zorg of hulpverlening.
Indien het subsidieplafond dreigt te worden overschreden, vindt toekenning plaats op basis van de kwaliteit van de aanvraag. Hierbij wordt in het bijzonder gelet op: de mate waarin de activiteiten bijdragen aan de beleidsopgaven zoals verwoord in de Integrale Visie en de verhouding tussen kosten en het beoogde maatschappelijk effect.
Artikel 4 – Schulddienstverlening
De subsidie is bedoeld voor organisaties die (regionaal) zijn gespecialiseerd in schulddienstverlening en onder meer invulling geven aan aanmelding en intake, crisisinterventie en stabilisatie, schuldregelingen zoals schuldbemiddeling, saneringskredieten, verzoekschrift dwangakkoord en WSNP-begeleiding, inkomensbeheer, budgetcoaching, nazorg en evaluatie.
Indien het subsidieplafond dreigt te worden overschreden, vindt toekenning plaats op basis van de kwaliteit van de aanvraag. Hierbij wordt in het bijzonder gelet op: de mate waarin de activiteiten bijdragen aan de beleidsopgaven zoals verwoord in de integrale visie van het sociaal domein, de verhouding tussen kosten en het beoogde maatschappelijk effect en de mate waarin de aanvraag aansluit bij gemeentelijke beleidsdoelen op het gebied van schulddienstverlening.
Artikel 10 – Exploitatie sociaal-culturele voorziening Soesterberg
Het college kan subsidie verstrekken ter ondersteuning van de exploitatie van een sociaal-culturele voorziening in Soesterberg, met als doel het bieden van een laagdrempelige ontmoetingsplek voor inwoners, het faciliteren van sociaal-culturele activiteiten en het versterken van de sociale samenhang in de wijk.
De vereniging of stichting houdt zich bezig met actieve cultuurparticipatie in een vast groepsverband, zoals koren, muziekverenigingen, toneelverenigingen of vergelijkbare culturele organisaties en heeft minimaal 10 actieve leden. Per aanvrager wordt maximaal één subsidie verstrekt voor één vaste groep.
Bij de bepaling van het subsidiebedrag per aanvrager wordt uitgegaan van een richtlijn van acht uur repetitietijd per maand, verspreid over wekelijkse repetities. Indien de feitelijke repetitietijd lager is, wordt het subsidiebedrag naar rato aangepast op basis van de totale maandelijkse repetitietijd.
Artikel 2 – Projectsubsidies cultuur
De subsidiabele culturele activiteiten dienen in belangrijke mate bij te dragen aan de volgende opgaven uit de cultuurnota 2024-2028 ('Cultuur, podium van ontmoeting'):
Cultuur is voor iedereen (meedoen en inclusie): Door het bevorderen van de toegankelijkheid van kunst en cultuur voor alle inwoners, waaronder het verlagen van drempels voor deelname voor personen met fysieke of mentale beperkingen, financiële beperkingen, of laaggeletterdheid, en het gericht bereiken van deze doelgroepen.
Voor overige culturele activiteiten die aantoonbaar bijdragen aan de culturele identiteit van Soest, doch niet primair aan de in lid 2 genoemde doelstellingen, bedraagt de subsidie maximaal € 1.000. Voor het uitgeven van boeken over de historie van Soest of Soesterberg bedraagt de subsidie maximaal € 500.
Aanvragen kunnen in afwijking van artikel 7 ASV gedurende het gehele jaar worden ingediend en dienen te bestaan uit een projectplan en een sluitende begroting waarin de gevraagde subsidiebijdrage en de wijze van cofinanciering uit andere inkomstenbronnen (zoals kaartverkoop, fondsen, sponsoring of eigen inbreng) zijn opgenomen. De activiteiten mogen op het moment van indiening van de aanvraag niet reeds zijn uitgevoerd.
De aanvrager is verplicht de gesubsidieerde activiteit aan te melden op de culturele agenda van de gemeente (www.cultuurinsoest.nl).
Indien het subsidieplafond wordt overschreden, geeft het college voorrang aan aanvragen die voldoen aan de criteria in deze regeling en die naar het oordeel van het college de meest effectieve bijdrage leveren aan het realiseren van de beleidsdoelstellingen, zoals geformuleerd in de integrale visie sociaal domein, het cultuurbeleid of het sportbeleid van de gemeente Soest.
Op basis van dit artikel kan subsidie worden aangevraagd voor de regeling KHI Kies je Kunst. Deze regeling is bedoeld om leerlingen in het voortgezet onderwijs op een laagdrempelige manier kennis te laten maken met een breed cultureel aanbod in Soest. Leerlingen kiezen zelfstandig uit het regionale aanbod van culturele activiteiten en bezoeken deze individueel of in kleine groepjes.
De regeling ondersteunt de doelstellingen uit de cultuurnota “Cultuur, podium van ontmoeting 2024–2028”, in het bijzonder: a. het vergroten van de toegankelijkheid tot kunst en cultuur voor jongeren; b. het stimuleren van culturele zelfstandigheid en oriëntatie; c. het versterken van de verbinding tussen jongeren en lokale culturele aanbieders.
De subsidie wordt uitsluitend ingezet ten behoeve van leerlingen van scholen voor voortgezet onderwijs in Soest. Activiteiten dienen plaats te vinden in Soest of de directe regio en vallen binnen de culturele pijlers van de cultuurnota. Culturele aanbieders dienen aangesloten te zijn bij het programma KHI Kies je Kunst.
Indien het subsidieplafond wordt overschreden, geeft het college voorrang aan aanvragen die voldoen aan de criteria in deze regeling en die naar het oordeel van het college de meest effectieve bijdrage leveren aan het realiseren van de beleidsdoelstellingen, zoals geformuleerd in de integrale visie sociaal domein, het cultuurbeleid of het sportbeleid van de gemeente Soest.
Indien het subsidieplafond wordt overschreden, geeft het college voorrang aan aanvragen die voldoen aan de criteria in deze regeling en die naar het oordeel van het college de meest effectieve bijdrage leveren aan het realiseren van de beleidsdoelstellingen, zoals geformuleerd in de integrale visie sociaal domein, het cultuurbeleid of het sportbeleid van de gemeente Soest.
Artikel 13 – Lokale publieke media-instelling
Indien meerdere instellingen zich aanmelden als lokale publieke media-instelling, wordt de subsidie toegekend aan de partij die door het Commissariaat voor de Media is aangewezen in de gemeente Soest én die, naar oordeel van het college, de hoogste kwaliteit van dienstverlening biedt aan de gemeenschap van Soest.
Hoofdstuk 5 – Sport en evenementen
Artikel 3 – Herdenkings- en vieringsactiviteiten 4 en 5 mei
Op basis van dit artikel kan subsidie worden aangevraagd voor de jaarlijkse organisatie van activiteiten in het kader van 4 mei (dodenherdenking) en 5 mei (bevrijdingsdag). Deze activiteiten hebben tot doel de herinnering aan oorlog en bevrijding levend te houden en het besef van vrijheid te versterken onder inwoners van de gemeente Soest.
Indien het subsidieplafond wordt overschreden, geeft het college voorrang aan aanvragen die voldoen aan de criteria in deze regeling en die naar het oordeel van het college de meest effectieve bijdrage leveren aan het realiseren van de beleidsdoelstellingen, zoals geformuleerd in de integrale visie sociaal domein, het cultuurbeleid of het sportbeleid van de gemeente Soest.
Deze regeling treedt in werking op 1 januari 2026 en is van toepassing op subsidies die worden verstrekt vanaf het subsidiejaar 2027.
Artikel 2 – Intrekking oude beleidsregels
De Beleidsregels Welzijn, Cultuur en Sport 2024 blijven van toepassing op subsidies die worden verstrekt voor het subsidiejaar 2026 en worden ingetrokken met ingang van 1 januari 2027.
Het college stelt jaarlijks de subsidieplafonds vast overeenkomstig artikel 4:25 en 4:26 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 5 van de ASV. Deze plafonds worden bekendgemaakt voorafgaand aan het subsidiejaar waarop zij betrekking hebben.
Artikel 4 – Hardheidsclausule - Onvoorziene gevallen
In gevallen waarin deze regeling niet voorziet, beslist het college van burgemeester en wethouders. Daarbij kan het college gemotiveerd afwijken van de bepalingen in deze regeling indien strikte toepassing leidt tot onbillijkheden van overwegende aard.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2025-454253.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.